The RoSE – 39

The Roseblack is nu van haar compulsie af, maar de dynastieke banden zijn er nog. We vertellen dat er een charm tegen bestaat, die (onder andere) Mnemon kan. “Mnemon was mijn rivale om Shogun te worden, maar ik denk dat we nu toch moeten samenwerken.” Dat denken wij ook. Ze vertelt dat de keizerin zichzelf niet meer is. Ze vertelt ook dat de keizerin bezig is de Imperial Manse om te bouwen. Naarmate ze zelf demonischer wordt, kan ze hem niet meer bedienen. Ze wil vannacht de twee derde cirkel zielen van Autochthon, die de primordial in de Manse heeft ingebouwd, vervangen door derde cirkel demonen van de Ebben Draak. Dat moeten we dus voorkomen! De Imperial Manse opblazen en het Sword of Creation vernietigen is geen optie, want dan heeft Creatie geen verdediging meer tegen de Wyld.

Maar eerst moet ze nog iets anders doen. Ze legt haar handen op twee stenen in de console en zendt een rijksbrede boodschap uit, waarin ze de keizerin tot demonisch verklaart, Mnemon als gerechtvaardigd, en zichzelf tot shogun uitroept. Daarin laat ze ook gebeurtenissen zien, zoals de keizerin die Chejob Kejak de keel afsnijdt. Als laatste beeld breekt de Ebben Draak in die gniffelend monkelt: “Het Derde Tijdperk is begonnen.” Roseblack laat de stenen meteen los: “Dat laatste kwam niet van mij!”

Atis laat zijn pattern spider cloack herprogrammeren. Wij hebben intussen bedacht dat we plannen van de keizerin kunnen dwarsbomen als we een van de demonische zielen verslaan. Roseblack neemt ons mee naar de kluis waar de twee subzielen van Autochthon staan: de Babbage Machine die alle berekeningen uitvoert voor de Manse, en het Creativiteit Apparaat waarmee de Grote Maker continu nieuwe dingen bedenkt. We staan de ingang te inspecteren om te kijken hoe we een hinderlaag kunnen leggen, als de kluisdeur wordt weggeblazen door een grote straat zwarte energie.

1. we kijken in een dojo. Wapens, een scroll met een zwarte draak die om een bolletje duisternis zit gewikkeld (daar komt de energie vandaan), een demon in een strijdwagen met een tweehoofdig paard en een zweep met weerhaken. Hij slaat met zijn zweep, de wagen rijdt onze zaal binnen en vliegt in brand. De hele structuur bonst mee. “Opzij!” zegt hij en haalt uit om de Creativity Engine kapot te slaan. Wezien dat paard en wagen een geheel zijn. Atis is het snelst: hij valt aan met Cascade of Cutting Terror. Zijn aura licht op. De Creativity Engine verandert in een maanzilveren krijger die met een kristallen chakram uithaalt naar de strijdwagen. Sarina schiet ook op de wagen, met Solar Flare. De ruimte waar we in zijn, verandert nu in de dojo. Vanuit de schaduwen komen tien ninja’s tevoorschijn. Sango duikt op de zweep en grijpt hem vast. Roseblack haalt uit met haar Grand Daiklave en slaat op et paard. Ghurkan doet een martial arts beweging, waardoor aanvallen minder efficiënt zijn. Hij gaat de ninja’s aanvallen. Het valt hem op dat elke ninja het symbool van een Celestial Martial Arts stijl op zijn borst heeft. Die met het symbool van de Snake Style groet Ghurkan, hij herkent de vorm en daagt hem uit. Ghurkan slaat hem neer. Een andere ninja gebaart met een waaier dat hij de slag wint. Master Snake buigt. “Welkom in de Infinite Dojo.” De Babbage Machine verandert in een man in een tweed pak met een hoge hoed en grote bakkebaarden. Hij tovert de vloer vol met koperen kogeltjes. Wij hebben daar geen last van maar onze tegenstanders wel.

2. De demon probeert de zweep los te trekken, maar Sango weet hem vast te blijven houden. De demon kijkt met licht verbaasd respect naar haar. Ais hakt op het paard in en geeft zijn mantel de opdracht om de strijdwagen te demonteren. De maanzilveren krijger had desoriënterende magie gebruikt. Die houdt hij in stand. Daarnaast haalt hij opnieuw uit maar mist. “Hm. Dat kan beter. Dat idee met die spinnen is beter.” Hij werpt zijn kristallen chakram naar het paard, daar verandert het in kristallen spinnetjes die ook de paardenwagen gaan aanvallen. Sarina schiet op de demon. Met behulp van de Ghost Eating Technique snoept ze essence van de demon af. “Mooie charm,” zegt Sango, “maar vernietig hem niet. Wie weet breken we weer een voorwaarde van het regenboog verbond!” De demon mompelt: “Hm, misschien hebben jullie toch wat bijgeleerd.” The Roseblack doet Threshing Floor Technique, waardoor we beter samen kunnen werken. Sango probeert met Sledgehammer Fist Punch de zweep kapot te slaan en ze slaagt er in om hem te beschadigen. Malphean staal met je blote hand krom slaan … de demon lijkt bijna onder de indruk. De ninja met het Tiger symbool daagt Ghurkan uit. Master Snake is gewond en neemt de rol van scheidsrechter op. De andere ninja’s dagen meneer Babbage uit. Babbage trekt een pistool uit zijn binnenzak en schiet er een overhoop. Ghurkan en Master Tiger loeren op elkaar tot de ninja opeens uithaalt. Raak! Ghurkan slaat terug maar mist. De ninja’s springen op Mr. Babbage die opeens net zoveel armen heeft als er nodig zijn om alle aanvallen af te weren. Hij is beter dan zeven van hen samen. Van alle tien had hij niet kunnen winnen, maar nu wel.

3. De demon probeert weer de zweep los te trekken, maar Sango zet zich schrap tegen de de wagen zijn heup en ze weet de zweep nog steeds vast te houden. Tegelijk gooit hij een straal zwarte energie naar Sarina met zijn ogen. Maar ze springt weg. De dojo is wel beschadigd. Atis activeert zij Autochthonian heartstone de Consumption Cog en verteert daarmee de zweep. Door Roseblack’s charm wist Sango dat dit zou komen, ze laat los en duikt met een radslag weg. De Creative Engine geeft Ghurkan een Silksteel Armor, Sango God-kicking Boots, Atis’ Daiklave is opeens een Grand Daiklave, en Sarina wordt onzichtbaar. Sarina schiet weer en gebruikt daar weer de God Eating Technique bij. De demon verandert in een bloedrode vogel. Hij spoort ons aan om op te geven. Wij doen hetzelfde. Maar hij is gebonden om tot de dood te strijden. Sango valt aan, schopt, maar mist. Babbage is bezig de ninja’s uit te schakelen. Roseblack schiet en raakt. Ghurkan wordt gemist door de tijger-meester, maar raakt hem wel. De scheidsrechter wijst Ghurkan als winnaar aan en de tijger-meester trekt zich terug. Mr. Babbage realiseert zich dat Sango geen charm heeft om schop-aanvallen te doen. Met terugwerkende kracht veranderen de Boots in Smashfists. De uitkomst van het gevecht verandert overigens niet. “Sorry collega!” “Geeft niet. U kunt tenminste vechten.” “Och, onderschat u zich vooral zelf niet.” We krijgen de indruk dat dit beleefde gebabbel een social attack op de dojo zelf is.

4. De vogeldemon spreidt zijn vleugels en vat vlam. De strijdwagen verandert in een vitale oude man in maliën, met een ivoren boog. De feniks strijkt neer op zijn rechterarm. Hij schiet een pijl af op Atis en raakt. De ‘banter’ gaat door. Atis doet mee. Hij complimenteert de demon met zijn schot en geeft toe dat het gevangen zetten van Malpheas verkeerd was. Ook de Creative Engin en Mr. Babbage spreken een woordje mee. Het  gesprek gaat steeds sneller tot het niet meer te volgen is. Opeens zegt Babbage hard: “Boe!” Er volgt een gigantische explosie, die ons gek genoeg niet raakt. Het effect is ueberhaupt niet zo groot. “Hm.” zegt Babbage, “Dat was wat minder dan ik me had voorgesteld.” Sarina schiet weer. Ze laat de Dagger of Heaven op zijn punt op haar arm balanceren, om de tegenstander te spiegelen, die schiet met een vogel op zijn arm. Ze raakt weer en eet essence. Sango vraagt naar de namen van de demonen: “U bent waardige tegenstanders,” zegt ze. De man antwoordt: “De Infinite Dojo heeft niet echt een naam. Ik ben Ferant/Elara, de Chariot of Embers. Als u ooit derde cirkel demonen kunt oproepen, zal ik komen. Ik kan twaalf personen duizenden kilometers vervoeren. Wat heet, ik zal toch komen als u mij roept, ook al heeft u die vaardigheid niet.” De dojo heeft last van de sociale aanvallen en begint in een herensocieteit te veranderen. Sommige meesters veranderen in obers die port, cognac en sigaren serveren. Deze demon zegt bij monde van een ober: “Mocht u oit in Malpheas zijn, dan kunt u een keer bij mij trainen zonder tegenprestatie.” Roseblack schiet opnieuw, raakt de oude man en velt hem. De feniks zegt: “Het is genoeg geweest. Wie geeft de genadeklap?” Ghurkan slaat en raakt. De feniks verbrandt en laat alleen as na. Atis schept het op.

Sango kijkt naar de ninja’s, of er een meester van de Sprinkhaan stijl bij is. Ja, maar die is nu een ober. Hij vraagt wat ze wil. “Ooit wil ik de Mantis Style leren, maar nu graag een witte port.” Hij geeft haar een glaasje. Ze bedankt hem, en drinkt. Daarmee leert ze inderdaad de eerste charm van de stijl.

We hebben gewonen. Maar de Roseblack herinnert ons er aan dat we nog maar 10 minuten hebben totdat de keizerin terug komt. Ghurkan vraag een drankje (en kennis) aan de Slangenmeester. Sango vraagt of we de keizerin kunnen blokkeren. Nee. Zij heeft de heartstone en is dus de meester van deze Manse. Atis en Sarina vragen waar het Oog van Autochthon is. Dat is in Chiaroscuro, in de oude glasfabriek. Als subzielen van de primordial kunnen Babbage en de Creativity Engine voelen waar de andere subzielen zijn. Al is dit een rare, zonder persoonlijkheid. “Oeps! Nu hebben we verklapt dat het Oog ook een ziel van Autochthon is.” “Geeft niet,” zegt Ghurkan.

De Roseblack trappelt van ongeduld. Ook Mr. Babbage wil van ons af. We herinneren de Infinite Dojo teveel aan zijn eigenlijke bestemming.

7 Xp

Tanais – 51

14-ii-R2

We overleven de vloedgolf omdat we in een bootje zitten, maar de tsunami verwoest de hele rivierdelta, alles tot 5 meter boven de vloedlijn wordt weggevaagd. Risha overlegt hoe hij de intocht moet doen. Om 11 uur varen we weg, richting Groath. We gaan toch maar niet eerst naar de hobbits, dan kunnen we lekker op ongemak reizen en onderweg nog wat uitrusten. Af en toe passeren we ene dooie goblin in het water. We passeren een vlot met drie overlevenden. We nemen ze aan boord, maar zijn blij als we ze aan de kust weer af kunnen zetten, want het zijn nare jochies. Om 7 uur ’s avonds komen we aan. In Groath wordt opgeruimd en getimmerd. Wij worden niet herkend. We trekken de catamaran op het strand en Claude maakt hem weer onklaar. De haven is gesloten en heeft schade, maar de hoger gelegen gebieden zijn nog intact. Het water begint al schoner te worden. We checken in in herberg “De Verdwenen Koning”. De goblins slapen in de stal. We boeken een aparte kamer voor de ambassadrice. De herbergier kijkt twijfelend naar de verfomfaaide dame, maar Risha’s geld maakt hem vriendelijker en het eten is goed. En dan een lang bad! Daarna gaan we weer naar de gelagzaal. Er is goed nieuws: de ontploffing van de vulkaan heeft een stroming doen ontstaan in het water. Over een week, op de 21e, is de officiële opening van de haven. Ze hopen dat heer Arend tevreden is als hij de macht overneemt. Gwan herkent de oude voorman maar gaat geen praatje maken.

15-ii-R2

De volgende ochtend slapen we uit tot 10 uur, dan gaan we naar de markt. Daar kopen we eenvoudige werkmanskleren (beter is er niet) en gooien de oude vodden weg. Dan regelen we paarden en om 11 uur rijden we naar Soul stad. De weg is inmiddels  goed geplaveid en om de zoveel kilometer is er een rustplek. Als we door Dampet rijden zien we dat dit dorpje ook welvarend aan het worden is.Halverwege de middag komen we aan in Ashcroft. We stoppen niet, maar overnachten in een herberg aan de voorde waar de weg de rivier Sheila kruist.

16-ii-R2

Om 8 uur vertrekken we na een snel ontbijt en om 2 uur zijn we in Soul. We rijden door welvarende akkers. Er lijkt niks te zijn veranderd behalve een betere weg. Soul zelf is rustiger dan voorheen, het is niet langer de hoofdstad. Hier kopen we sjieke kleding, zelfs voor de goblins, maar schoenen willen ze niet. Risha gaat kijken bij het qartiaanse handelshuis. Dat is dichtgetimmerd, verhuisd naar Bronwe. Chang zoekt een houtbewerker en bestelt een paar heel deftige nieuwe chopsticks met eigen ontwerp snijwerk – voor in zijn haar. Claude krijgt ook een setje van zijn eigen design.  Ondertussen leest Gwan de krant. Hoofdartikel: Binnenkort zijn er chariot races bij Bronwe, het team van Cyrion tegen het team van MacArthur (Selene tegen Vixen). Celeste leest mee, ze is verbaasd dat Vixen hier aan meedoet. Nieuws over de troonswisseling: Deze zal plaats vinden in het nieuwe stadium na de races. Ingezonden brief: Bezorgde Soulfielders willen de Hoogzetel terug. Overig nieuws: Indringer van Eenoog geexecuteerd. Er is een dreiging aan de grens met het quarantainegebied (Shearton en Chetwood). Bewoners van de Gnat Swamp zijn zich met hun longhouses en koeien in de Sheila vallei aan het vestigen. Risha komt terug en leest ook wat er zoal gebeurt. Hij krijgt het gevoel dat Arend een betere koning is dan hij. Hij legt aan de anderen uit dat zijn idee om koning te worden nog uit de tijd komt dat hij bij Eenoog sekte zat. Daar gaat alles om macht, en de koning heeft de hoogste macht. Nu vindt hij die macht eigenlijk helemaal niet meer zo belangrijk.

We gaan nog even naar Steddle. De man van Sarah doet open. Hij verbleekt als hij ons ziet en probeert de deur dicht te slaan. Als we blijven, komt Sarah er aan. Ze is heel kwaad. Maar kalmeert als Risha zijn geld laat zien. Hij betaalt de schuld met rente. “Iedereen dacht dat jullie dood waren…” Het is een ongemakkelijke conversatie, zomaar de koning aan je keukentafel. Ze geven uiteindelijk wel hun mening en de roddels over de stand van zaken aan het hof. De Soulsteel Chariot Races zijn geïnspireerd op de race tussen Risha en de dode koning. Maar het doorbreken van het verbod op racewagens ligt nog gevoelig bij de gewone mensen. Heer Arend bestuurt het land prima, maar de ambassadeurs hebben zichzelf wat privileges aangemeten en Arend heeft heel veel geld geleend van Silver’s ambassadeur Barkast Krambach de dwerg. En Bambi van Sesklo, daar moet je echt voor uitkijken. Die laatste vertegenwoordigt ook de zuidelijke landen Ghiobhann en Rhea Silvia. Zij heeft op kosten van Arend bouwmeesters ingehuurd voor de arena en ze speelt Cirion tegen MacArthur uit. De roden tegen de blauwen. Kofkof heeft een rijschool geopend, hij is wel zuiver op de graat. Bronwe is vol en de mensen gaan aan de voet van de heuvel wonen, niet in het magische bos gelukkig. De priesterstad is leeg en verlaten. Risha zegt dat daar toch ook mensen kunnen wonen. Ja, maar dan moet je de tempels afbreken en dat is vast geen goed idee, anders had heer Arend het allang gedaan.  Chang vraagt naar het leger. Er is een goed getrainde militie en uitwisseling met legers van de Noordelijke Liga. 3/4 van het leger is van hier. Langs de grens zijn veel huurlingen gelegerd, dat zal heer Arend een lieve duit kosten. We filosoferen wat over de man die op het eiland kwam. Die kwam van Targon. De boot kwam en ging zuidwaarts. Dus, bauchliet van Targon naar het eiland en van het eiland naar het zuiden. Dus dat flesje is bauchliet? Of de betaling voor het spul (was het schip nou  voor of na de man?) Dan gaan we slapen. (De ambassadrice, Adrarn en de goblins zijn nog in Soul.)

17-ii-R2

We worden gewekt met de geuren van een heerlijk ontbijt. Dan terug naar Soul. Daar staan Eensteen en Plateau op de markt in het schavot. “Groping” staat er op de beschuldiging … “Tja, dat mag dus niet!” grinnikt Risha. We halen de chopsticks op, die echt prachtig zijn geworden. Dan verzamelen we onze spullen en als ’s middags de goblins vrijgelaten worden, gaan we naar Bronwe. Tegen het vallen van de avond komen we aan. Het is druk. De benedenstad is een rommelige shantytown met een hek tussen de krottenen en het bos. Soldaten houden mensen tegen bij de tempelstad en vragen naar pasjes bij de ambassadestad. Gwan scry’t. 1. de geheime gang vanuit het bos naar het kasteel is niet ontdekt. 2. Chantal is in het kasteel bezig om kleding uit te zoeken voor de kroonsoverdracht.  3. De ambassadestad is zeer welvarend. Hier zit het grote geld. Het is druk en helemaal volgebouwd.

Dan wil Celeste even wat zeggen. Zij is de koningin van Vixen en ze staat voor hetzelfde dilemma als Risha. Niks leukers dan te doen alsof je ambassadrice bent. Het jongetje heeft haar leven gered en wat haar betreft wordt Soul een volwaardig lid van de Liga en niet een doorvoerhaven. Ze denkt dat heer Arend voornamelijk banden zal hebben met zijn thuisland Selene en nu dus ook financiële verplichtingen aan Silver. Waarschijnlijk in ruil voor het niets doen aan de vervuiling. Ze adviseert Risha om  zelf de teugels in handen te nemen. Chantal tot regentes te maken en heer Arend eerste minister.

Ze besluiten samen in het openbaar de stad in te gaan. Het is 10 uur ’s avonds en donker. Celeste in haar netste kleren, Risha draagt zijn magische harnas, we hadden geen tijd meer om zijn groene paard te zoeken. Bonk-Bonk op de poort. Een wachter schuift een luikje open, zijn mond valt open. “Leve de koning!!!” De poort wordt open geworpen. De wachters binnen juichen: “Heil de koning!”  het geroep wordt overgenomen, de straten stromen weer vol. We lopen naar het plein, 24 soldaten vormen een impromptu koninklijke wacht. “Maak plaats voor de koning. De koning is terug!” De mensen juichen en maken eerbiedig plaats.

Op het plein komt Kadier in avondkleding naar buiten. Hij is heel blij ons te zien. “Goedenavond. Welkom terug!” ‘Zoals de afspraak was,’ zegt Chang. “De rechtmatige koning is aanwezig,” intoneert de qartiaan. Enkelen vallen stil. Risha zegt vrij luid: “Ik stel u de koningin van Vixen voor.” Dan wordt het nog stiller. We gaan Ye Olde Magick Shoppe binnen. Kadier serveert thee en koekjes, en bier voor Chang. “Een snelle bespreking,” zegt Kadier, “het is een puinhoop. Heer Arend heeft meer geld uitgegeven dan hij heeft, en dat is uitgegeven door de andere ambassadeurs. De qartiaanse bank is buitenspel gezet. Arend kan prima organiseren, maar hij geeft geld uit als water. Er gaat veel geld om, maar het komt niet hier.

Dan komt Bambi binnen. “Wat onverwacht,” zegt ze. ‘Hoezo onverwacht?’ vraagt Risha, ‘Dit hadden we toch afgesproken?’ “U heeft mijn onvoorwaardelijke steun.”

Vervolgens komt Kofkof binnen: “Vriend!” Chang wil rijles op een pegasus. Dat kan.

Na een paar minuten wordt de deur opengegooid en komen Chantal en Arend zelf binnen. Arend kijkt vuil, maar Chantal lijkt oprecht blij om ons te zien en ze geeft Risha een knuffel. Chang is helemaal ‘nederige dienaar’ en negeert heer Arend totaal.

Arend zegt: “Welkom terug, wie had dat verwacht … laten we de flauwekul overslaan.” Risha steekt van wal. Hij stelt zich voor en zegt dat hij oprecht blij is dat Chantal iemand heeft gevonden waarvan ze houdt. Maar hij heeft ook gehoord dat Arend alles bekostigt met geleend geld. Heer Arend denkt even na. Dan legt hij de deal uit van het bauchliet. Silver huurt het eiland in ruil voor een maandelijkse grote som geld. Gwan krijgt de voorwaarden ter inzage. Chang ziet wel punten voor verbetering: in dit verdrag zijn we geen natie maar een vazalstaat. Arend zegt dat in zijn ogen de Noordelijke Liga groter en belangrijker moet zijn dan de kleine landjes. De handelsbelasting is 2%. We leggen uit dat het eiland is ontploft en Arend gelooft Risha als die zegt dat hij daar op dat moment niet was.

Risha stelt voor dat Chantal zijn regentes wordt, “Ik ben tenslotte pas 14 en in het afgelopen jaar ben ik maar twee weken ouder geworden.” Tot zijn verrassing stemt Arend daar meteen mee in. :Laten we er het beste van maken.” Risha zegt nog: “Ik ben benieuwd naar mijn lunar mate, ik hoop dat zij net zo lief voor mij is als jij voor Chantal.” Arend mompelt: “het zal toch niet …”

Om het gesprek te beëindigen, stelt Risha de koningin van Vixen voor. Er volgen wat kille beleefdheden en daarna komt MacArthur naar voren. Hij knielt. Ze trekt hem omhoog en zegt: “We zullen morgen overleggen.” Hij kijkt betrapt. Claude wordt ingefluisterd dat hij moet gaan afluisteren.

3 xp

The RoSE – 38

We denken na over manieren om in de Imperial Manse te komen. Tawuz en Marina realiseren zich dat Lachende Wolf ook een neef van hun is. Hij gaat met Wijsheid en White Owl mee naar het Heptagram. Dit is dus siderial magie: hij heeft zijn lotsbestemming zodanig veranderd dat hij nu familie is en ingeschreven staat bij het Heptagram.

Vuurvos en Ten Stripes gaan naar het westen. Onze lunars gaan mee.

In de ruimte van het Deliberative gaan tien mountain folk Artisans aan de slag om de verbeteringen van Quicksand Skipper te bestuderen.

Onze solars vragen zich af waar de Imperial Manse is. Volgens Atis bevindt die zich in de heilige berg. “Nee die informatie is verouderd. Hij bevindt zich nu in de Imperial City.” We kijken verbaasd om. Een man in een rood gewaad met een roze tuniek er onder stelt zich voor als Meester Heron.  Hij legt uit dat hij bezoek heeft gehad van de Maiden of Secrets. Die vindt het heel belangrijk dat wij dit gaan doen, want wij zijn de enigen die ueberhaupt een kans maken om daar levend binnen te geraken. Hij geeft ons een boekje met aantekeningen van iemand die de Manse heeft bestudeerd, maar we kunnen er niet van uitgaan dat alles wat er in staat klopt. “Ik heb de ergste fouten er uitgehaald. In een vorige incarnatie heb ik nog meegeholpen met de verplaatsing. Dus ik weet nog een beetje van hoe het er daar binnen uitziet. Die verplaatsing was overigens nog een hele klus! ” De keizerin gaat binnenkort nog eens toeslaan, nu om Nexus te vernietigen. We moeten naar de hoofdstad en dan hebben we twee dagen om ons voor te bereiden, voorraden in te slaan en dergelijke. In die nacht staat er iets vreselijks te gebeuren waarbij heel veel doden zullen vallen. Dat zal de soldaten uit de Manse naar de stad trekken en dat is precies het moment dat wij kunnen toeslaan. De interne verdediging van de Manse zal dan enkele uren op halve kracht werken. De keizerin zal er niet zijn, maar de Minister van Reclamatie wel. Haar lot is met het onze verweven. Ze is voorbestemd om een blijvende vrede te brengen, maar ze wordt nu bedreigd door iets van voorbij het Noodlot. “Neem genoeg touw mee!” Als hij uitgesproken is springt Meester Heron van het plateau, gooit een handje goudstof voor zich in de lucht en zwemt erdoorheen in het niets.

Atis stapt op een artisan af en vraagt naar de magische mantel die hij van zijn vorige incarnatie geërfd heeft. Dat is een pattern spider cloack, die kan uiteen vallen in pattern spiders. Hij is gemaakt door Autochthon. Atis’ theorie dat dit zijn ‘achterdeur’ de Imperial Manse in is, zou volgens de artisan kunnen kloppen. Ze raadt hem aan om de mantel pas in de Manse aan te trekken.

Sarina wil nog even terug naar haar tombe. Daar lag destijds erg weinig. Ze denk dat ze nu wat beter kan zoeken nu ze wat meer in haar krachten is gegroeid. Vanaf hier is ze er zo. Een uur later komt ze weer terug, druipend nat.

Sango gooit intussen vermommingsspreuken. Ghurkan kan twee dingen wijzigen: zijn anima banjer wordt vuur en zijn uiterlijk wordt roodachtig. Little Shu kan ook twee dingen wijzigen. Hij kiest een wood-type aura en vermomt zijn orichalcum boog. Ook Sango vermomt haar aura en uiterlijk. Zij kiest voor water dragonblooded.

Na enig overleg besluiten we het Haslanti luchtschip te nemen. Daarop is ook al de Private Plaza spreuk gedaan. We laten een briefje achter voor de lunars. De reis is voorspoedig. De wind zit mee. Onder ons zien we brandende manses, maar soms ook rustige dorpjes waar mensen naar ons zwaaien. Voor we Imperial City ingaan, landen we op de rivier en gaan we verder als gewoon zeilschip. Sango stuurt. Als we bij de haven aankomen, treedt Ghurkan de havenmeester tegemoet. Voor drie obolen aan leges, hebben we geldige identiteitsbewijzen en een label aan het ankertouw. Ze raden ons ook een hotel aan.

De volgende dag zit de eetzaal vol zakenlui die voor een congres in de stad zijn. Omdat wij er uitzien als dragonblooded worden we met veel egards behandeld. Dan gaan we de stad verkennen. Rondom de Imperial Manse ligt een prachtig park, dat wordt nu ontsierd door een grote muur met wachthokjes en prikkeldraad. Sarina wordt onstoffelijk en doet haar vliegcharm. Achter de muur ziet ze een grote gracht, waar demonische arbeiders in werken. Ze metselen elkaar in. Het stinkt er naar vitriool. Er lopen buizen de stad in, die laten ze met rust. Diep onderin zij gaten gemaakt waar demonische machinerie naar binnen wordt gereden. De Imperial Manse zelf is een grijze monoliet, ongeveer zo groot als het pantheon. De top ligt op straatniveau, maar in de greppel kan je zien dat het honderden meters de grond in gaat. Overleggen doen we op het schip.Tegen vitriooldampen kopen we twee vlindermaskers voor Sango en Sarina, Atis en Ghurkan hebben ademfilters in hun harnas en Little Shu heeft een charm. We vinden het een beetje jammer dat we de dragonfly communicator niet van Tawuz hebben geleend.

Tegen de avond gaan we picknicken in het park. Een tijdlang gebeurt er niks, totdat er opeens twee grote ontploffingen zijn, met enorme zuilen hemelsblauwe essence. De wachters reageren blasé. Maar dat verandert als er elders in de stad ook van dat soort ontploffingen optreden. Alle ley-lijnen staan in brand. In de stad breekt paniek uit en al snel wordt er geplunderd. Dan gaan de poorten van de manse open en stromen er troepen naar buiten. Er zijn ook bataljons blood-apes bij. Na een kwartier is de muur onbewaakt. We klimmen er overheen. Binnen zien we dat de demonische werkers er nog steeds zijn. Het stinkt ongenadig. Er zijn vuren, poelen vitriool en duizenden demonen. Eigenlijk is het de hel. Atis pleit er voor om via een van de nieuwe gaten te gaan, want dan sla je een heleboel valstrikken over. Sarina wil liever door de hoofdingang, daar zit de AI en Ghurkan heeft de toegangscode. De hoofdingang is nu wel op slot. Atis doet een Lock Opening Touch, maar is niet bekwaam genoeg om het slot te openen, ook Sarina kan het niet en zelfs samen komen ze er niet uit. Maar Ghurkan’s toegangscode werkt wel.

Binnen komen we in een dim verlichte ruimte met symbolen van zonnen en tandraderen. Een stem in Old Realm zegt dat onze huidige incarnaties niet geautoriseerd zijn om naar het Panopticum te teleporteren. Little Shu en Sarina gaan op zoek naar de looproute. Ze vinden achterin de zaal een kristal dat toegang geeft tot een wenteltrap omlaag. We dalen af, de night-castes voorop, en komen uit in eengrote ruimte vol machinerie. Voor ons gevoel is de zaal te groot voor de breedte van de Manse. Alles is prachtig versierd. “Raak niets aan!”

Atis stopt ons en trekt de pattern spider cloack aan. Die valt als een mantel om hem heen. Er komt een dun lijntje spinnetjes vanaf die tussen de machines door naar een opening in de wand gaan. Sarina vertrouwt het niet. Ze ontdekt dat er een energiegordijn over het pad tussen de twee machines hangt. Sango klimt omhoog en knipt een draadje door, waardoor het veld verdwijnt. We gaan snel verder. Intussen komen er al gouden krekeltjes aanhoppen om de schade te repareren. In de volgende zaal zijn liften zowel omhoog als omlaag. De Imperial Manse is van binnen echt veel groter dan van buiten. In de schachten hangen gekleurde lichtbundels, rood, geel, blauw en groen. De pattern spiders blijven in het midden staan wachten. De keuze is aan ons. Vier soorten exalteer energie? Vier deugden? Het boekje geeft aan dat de kleurcodes voor de arbeiders waren. Geel en blauw gaan omlaag. We stappen in de blauwe. Onze aura licht op. Voor 1 mote essence worden we vier verdiepingen naar beneden getransporteerd. Als we door de een-na-onderste komen, zien we demonen een monsterlijke machine aan de bestaande machinerie vastbouwen. De spinnetjes leiden ons weer een gang in. We lopen tussen allerlei tandraderen en zuigers en bliksembogen door. Met Magitech kennis en Athletics loodst Sango, met wat hulp van Atis en Sarina, ons erdoorheen. Alleen Ghurkan komt met zijn arm tussen twee tandwielen, maar zijn harnas beschermt hem en hij loopt alleen een blauwe plek op. De spinnen gaan rechtdoor, maar maken opeens een zigzag. Sarina en Atis zien dat hun pad een val ontwijkt, maar dat de vloer wrijvingsloos is. Als je er op stapt, glijd je door. Little Shu gaat met zijn windblade, Ghurkan heeft er ook een. Sarina en Atis kunnen vliegen, Atis draagt Sango. Als Atis passeert, verdwijnt de lijn spinnen, dus hij moet als laatste. We komen uit bij een schacht. De spinnetjes laten zich er in zakken, maar worden door kleine bliksemflitsjes in druppels veranderd.

Sarina herkent het: “Dit is er een van mijn vorige incanatie!” Ze blijkt een staf te hebben die dit effect uitzet. De bliksem veranderd levende wezens in vloeistof, maar laat dode materie intact. We hijsen elkaar naar beneden, steeds met haar staf in de hand. Beneden dweilt Atis de restjes van zijn spinnen op in zijn mantel.

We komen nu in het deel dat door Autochthon is gemaakt. De valstrikken zijn meer puzzels hier. Na een paar kamers verschijnt een kristallen automaten die ons vraagt om aan te tonen dat we het recht hebben om door te gaan. Gurkan identificeert zich als voorzitter van het Deliberative. “Bewijs dat.”  Sango roept: “AI-1 kan dit aantonen!” De gestalte wisselt informatie uit. “Het is waar. Welkom meneer de voorzitter.” Hij legt zijn handen op Ghurkan en die krijgt een aura om zijn hoofd. “Is uw gezelschap ook geautoriseerd?” “Ja.” Hij legt bij ons 1 hand op en we krijgen een vlam boven ons hoofd. Hij heet ons welkom. Als we doorlopen staan we in een lege ruimte op een kristallen plateau. Als we roepen: “Interface!” horen we de stem in Old Realm zeggen: “Deze zaal heet Leap of Fate.”  Little Shu springt als eerste en de rest volgt.

We komen uit in een zaal die op de ingang lijkt, maar dan veel mooier. Mozaieken van roemruchte daden op de muren en van verslagen primordials op de vloer, en dergelijke. Er zijn allerlei werkruimtes, bibliotheken, simulatoren, schietbanen en – een ziekenhuis. Maar dat is heel anders dan die in de reserve-pool. Het is een zeshoekig kamertje met vijf bedden langs de wanden. Verder groeit er alleen een boompje uit het plafond omlaag, dat ons met grote ogen aankijkt. Als we verder willen lopen is ze teleurgesteld. Gelukkig heeft Ghurkan een blauwe plek. Ze geeft hem een druifje, waardoor hij meteen geneest. “Jammer dat jullie haast hebben. Dat had Autochthon ook altijd. Ik heb hem al vaak genezen, maar de kanker blijft terugkomen.” Ze stelt zich voor als Elyande, de dochter van Gaia. Ze geeft ons wel preventieve vruchtjes mee.

Volgens het boekje zijn hier vijf niveaus: de Artillerie, de Barakken, de Appartementen, de Basilica Of Final Victory en helemaal onderaan de Hartkamer. We pakken de lift. Niveau 4 is niet verlicht en leeg. Niveau 3 is luxueuzer en wel in gebruik. De welkomstmatjes zijn van onsterfelijk mos, wat blij verrast opleeft omdat er solars langslopen.  Vogeltjes zingen. Het plafond vertoont de lucht zoals je hem zelf graag ziet. Er zijn 700 appartementen: 300 solars, 300 lunars en 100 siderials. Die van de solars zijn het mooist. E’en appartement is anders, het is open, stoffig en er hangt een rode mantel. Sarina en Atis gaan op onderzoek. Ze ontdekken dat de lokale siprits sidderend van angst achter een kast zitten. Sarina kan met ze praten en stelt ze gerust : alle overtredingen zijn de schuld van de dragonblooded. De geesten vertellen dat er op deze verdieping nu geen dragonblooded is, die moet in de Basilica zijn.

Dat is een grote controlekamer, op het formaat van Autochthon. Je kunt de status van Creatie zien. De hoogste alarmcode, groen, staat bij allerlei kronkels die over het centrale eiland lopen. Ook allerlei Wyld area’s, Shadowlands en dergelijke staan aangegeven. In de centrale put staat Roseblack en vier gloeiende zwarte humanoide figuren die consoles bedienen. Atis realiseert zich dat er een geheime lift is. Sango wil de gedaantes identificeren als tweede cirkel demonen. Maar volgens Sarina zijn het automaat, die direct zullen aanvallen.

Dat blijkt mee te vallen: we zijn geautoriseerd. Alleen Roseblack valt ons aan, en niet van harte. Ze heeft een Compulsie. Sango pakt een van de vruchtjes van Elysande en duwt dat in haar mond. Het geneest de ergste schade eerst: de compulsie wordt opgeheven. Ze is heel blij dat we haar genezen hebben, ok al zijn we anathema. We moeten snel naar beneden, om ergere schade te voorkomen.

The RoSE – 37

Wat doet iedereen tot aan de vergadering van het Deliberative?

His mediteert bovenop de heilige berg voor Essence.
Sarina ook, en ze leert Celestial Circle Sorcery. Daarvoor geeft ze haar absolute haat tegen de dragonblooded op.
Eye of Autumn heeft door het verslaan van de luchtdraak een nieuwe ‘diervorm’: Doldrum, dat is een luchtelementaal die …
Sango stuurt Mnemon een boodschap: ze is anathema verklaard; een legioen van de Immaculate Order heeft het Blessed Isle tot Cursed Isle verklaard, maar wacht op een signaal van hun Speaker; en de vraag of ze ‘lost eggs’ wil trainen.Ook heeft ze onze troepen, en de dragonblooded van Gethamane, de optie voor van trainen in het Heptagram. Ze krijgt ongeveer 100 rekruten. De eigen troepen worden teruggebracht naar Gethamane. De bovenste verdieping van de stad, het tempelniveau, zitten nu vijf dragon kings. Ze werken samen aan een luchtschip.
Atis krijgt een jade ibis met een gecodeerd bericht van Roseblack. Er staat dat ze minister van wederopbouw is, maar de verborgen boodschap is: ‘ik zit gevangen in de Imperial Manse. De keizerin is gek geworden, ze wil de heilige berg opblazen’. Hij zet het bevrijden van Roseblack hoog op de agenda, niet alleen omdat hij haar wel ziet zitten maar ook omdat ze veel informatie heeft over de plannen van de keizerin.

Mnemon komt met Wijsheid langs bij Sango en Atis in Nexus. Ze vertelt dat al haar sideraal docenten zijn weggeroepen. Dus als Sango aan het Book of Circles kan komen, is dat meer dan welkom. Ze geeft AI1 terug want ze is er klaar mee. Verder meldt ze dat er een grote greppel rondom de Imperial Manse wordt gegraven, met demonen in de muren. Atis gaat op zoek naar meer informatie over de Manse. De Clay Man weet er niets over. In de oude notulen van het Deliberative vindt hij wel wat discussies over. Er zijn heel veel lagen beveiliging. Hij wordt bewaakt door een AI. Hij bedenkt dat als de nightcaste solars indertijd allemaal meegewerkt aan de valstrikken van de Imperial Manse, dan zullen ze er ook allemaal een persoonlijke achterdeur in hebben aangebracht. Zijn vorige incarnatie heeft hem een mantel van pattern spiders nagelaten, misschien is dat wel zijn eigen sleutel. Maar helaas weet hij niet hoe het ding te bedienen.
Wijsheid geeft ons een stoel die door zijn kat verruineerd is. De lunars herkennen clawspeak. Er staat dat de siderials zijn weggeroepen omdat er een enorme knoop in het Loom of Fate zit, iedereen moet komen helpen.

Als de tijd voor de Deliberative aanbreekt, gaat iedereen naar de Heilige Berg. Er komen steeds meer lunars en solars aan. De solars zijn vooral in vijftallen. Er zijn zelfs vijf beastmen, die blijken ook solars te zijn. Vier zijn afstammelingen van lunars, maar eentje behoort tot het uitgestorven gewaande vogelvolk. Sango herinnert zich dat Mnemon zei dat er een obelisk van het vogelvolk op het eiland van het Heptagram staat, onaangetast door demonische energie en dat het ding onlangs licht is gaan geven. De vogelmens is heel erg geïnteresseerd en het vijftal gaat er na de Deliberative naar toe. Misschien kan hun tovenaar er ook in de leer.
Er arriveert ook een jongen op een vliegend paard uit Marukhan. Hij weet niet wat hij is; als hij zijn kasteteken aanzet, zien we het signaal van de Maiden of Travel. Sango roept: “Kes!” Nee, zijn naam is Lachende Wolf. Hij is pas vandaag geëxalteerd en een meisje zei hem dat hij naar de Heilige Berg moest en dan moest vragen naar ene White Owl.
Er zijn veel lunars en solars, maar geen abyssals en afgezien van Lachende Wolf geen siderials. Syd is er ook, met vijf lunars die er uit zien als Immaculate Monks. Een ervan ziet er hoogbejaard uit. Hij heeft ook een jonge dragonblooded mee uit Lookshy, die heet Max. De stad wordt belegerd, de 100 koninkrijken worden een voor een opgerold. Vuurvos is er. De dragon-king priester is er, Wijsheid is er met zijn familiar.

De vergadering begint. a
1. Opening door voorzitter Ghurkan en vaststellen van de agenda
2. Max vertelt dat Lookshy wordt belegerd. De vijf Immaculate lunars stellen zich voor als de leiders van de 100 koninkrijken. Zij stellen voor om de stad te overtuigen dat de Immaculate Order onzin vertelt. Dan durven ze de lokale goden weer te aanbidden. De vijf lunars vertellen dat zij nog van de oude Immaculate Order zijn, zij waren de boodschappers van de First Age en onderhielden I AM, het internet. Maar dat weten zelfs de meeste siderials niet meer. “Nou!”, zegt iemand die komt binnenstormen, “er zijn nauwelijks siderials meer!” Hij is van de Maiden of Secrets. “Er is een hinderlaag geweest in Yu Shan, waarbij zo’n 90 siderials, waaronder de beste martial artists van creation, kansloos afgeslacht zijn door 40 Green Sun Princes. En de Loom of Faith is kapot.
3. De Clay Man stelt zich voor. Sango vraagt waarom de Great Gease is opgelegd. De AI van de zaal weet het: de solars vonden het vervelend dat er intelligentere wezens waren dan hun Twilight kaste en dat die bovendien hun kennis niet wilden delen. De vergadering is verbijsterd door de arrogantie die uit de notulen spreekt. Iedereen is voor het opheffen van de Great Gease. De motie wordt bij acclamatie aangenomen. De Clay Man loopt naar buiten en Ghurkan schort de vergadering even op.
3a. Het plein blijkt vol te staan met Mountain Folk. Als hij de Great Gease opheft kijken de artisans verheugd. De krijgers en de werkers kijken opeens een stuk helderder uit hun ogen. Ze beginnen licht te geven, ze kunnen nu ook Essence gebruiken. “Wij vertrekken,” zegt de Clay Man. In het keizerlijk paleis in de hoofdstad pakken de mountain folk soldaten hun biezen. Bij de poorten naar Autochthon ontstaan lange rijen. Op het plein worden 10 vrijwilligers gevraagd om achter te blijven en de Great Curse op te heffen. Ze gaan direct na de vergadering aan de slag met de wijzigingen die Quicksand Skipper in de Deliberative heeft aangebracht.
4. Het volgende punt zijn de dragon kings. Atis wil het mandaat uitbreiden. “Maar om hen stemrecht te geven zou je tegen het mandaat van de Hemel in moeten gaan”, zegt een oude lunar. Hij demonstreert dit door aan de AI te vragen de Crown of Thunders te tonen, die zit in het spreekgestoelte. “Dit is de kroon die door Sol op het hoofd van de solar koningin is geplaatst en die zij weer heeft overgedragen aan het Deliberative. Het mandaat is door Sol persoonlijk van de dragon kings overgedragen op de celestial exalted. Willen jullie tegen de wil van de Incarnae ingaan?” Sol heeft geen rekening gehouden met dit soort gevallen en ons mandaat houdt in om creatie te beschermen en in dit geval betekent dat ook dat je kunt besluiten om mandaat te delen en uittebreiden. Nu is de tijd voor samenwerking, steeds komen we erachter dat we alleen met samenwerkign ergens komen en dat fragmetnatie en arrogantie ons tegenwerkt. De manier om de Zwaarte Draak te verslaan is met vertrouwen, respect en samenwerking, alles waar hij niet voor staat, e.d. – een riante meerderheid is voor stemrecht van de Dragonkings’afgevaardigde. De Dragonkings , aldus de hoge priester, voelde zich vereerd met het gegeven vertrouwen en zij dat ze het feit dat de Dragonkings gefragmenteerd zijn (verschillende groepen en dus dat de afgevaradigede voor alle groepen kan spreken) binnen de Dragonkings op zouden lossen. Het voorstel voor Dragonblooded stemrecht is opgeschort omdat het op dit moment teveel chaos is binnen hun gelederen: er is niemand die voor hen kan spreken.
5. Dan komt het probleem van de abyssals en de green sun princes ter sprake. Een andere oude lunar meldt dat hier een procedure voor bestond. Solars die een deal met demonen hadden gesloten raakten hun stemrecht kwijt totdat ze zich gerehabiliteerd hadden. De vergadering besluit dat alle abyssals en green sun princes van deelname aan het Deliberative uitgesloten zijn tot ze zich individueel hebben gerehabiliteerd. Wij stellen dat de Kapelaan der Zee en Ebon Rhime zich volledig hebben gerehabiliteerd. Drie abyssals van de Bisschop hebben zich ook actief ingezet voor de Deliberative. Deze vijf worden geaccepteerd als lid van de vergadering.
6. Nieuws uit de windstreken.
6a. Het Rijk. Vorige week was de nacht van de 10.000 vlammen. Overal in het Rijk zijn dynasten vermoord, legioenen in hinderlagen gelokt en dergelijke. Mnemon heeft de schuld gekregen. Ze is op het plein in de hoofdstad verschenen en heeft verklaard dat de keizerin de bruid van de Ebben Draak en de keizerin van de Hel is. Dit was op exact hetzelfde moment als de overval op de siderials. Besloten wordt dat met voorrang het Astrolabium van de dragon kings moet worden gerepareerd.
6b. Zuiden. Paragon is ontzet. Er heerst vrede in An Teng. Maar er is een Locust Crusade aan de gang, wezens van buiten Creation die in de nacht alles kaal plunderen. Eye weet dat het hier om de stad van een van de subroutines van Autochthon gaat, degene die over oorlog gaat. Deze is gevoelig voor eervolle uitdagingen. Maar het zal veel moeite gaan kosten om te winnen. De lokale lunars kunnen daar wel wat mee. Sango biedt haar Magnetic Metrocore aan. Dat is een Autochthoonse heartstone die wijst naar de dichtstbijzijnde alchemical stad. Ze krijgt er de Jewel of the Gracefull Courtier voor terug.
6c. Oosten. Thorns is vernietigd. Waarschijnlijk door de keizerin: vuur uit de hemel. Dit brengt de vraag weer op hoe overtuigen we Lookshy? Lachende Wolf biedt zich aan. Syd vertelt dat hij Max heeft meegenomen om te laten zien wat de ‘anathema’ echt doen en zijn.
6d. Noorden. Wij vertellen wat er allemaal is gebeurd. We horen dat Hanta op dezelfde manier is vernietigd als Thorns. Daarbij zijn Bull of the North en zijn lunars omgekomen.
6e. De Lintha vallen Coral aan, maar het eiland vraagt niet om hulp. Het Rijk heeft er desondanks een vloot op afgestuurd en vindt schepen van een death lord die zich Silver Prince noemt. Vuurvos doet een oproep wie een eiland wil helpen waar mensen in een factory cathedral als slaven te werk worden gesteld. We kunnen vertellen over Kimberi. Hij is verrast dat er twee Yozi en een deathlord om het Westen vechten. Ja, en we willen de verzonken stad Luthe. Vuurvos geeft ons zijn zegen.
7. Het verdelen van queesten. Voor de vergadering is de belangrijkste queeste om om de reïncarnerende siderials te vinden en om het astrolabium van de dragon kings te helpen repareren. De vijf oude lunars gaan naar de Speaker van de Immaculate Order. Wij hebben ver queesten:
– Leviathan (lunars)
– Roseblack (solars
– Book of Circles (samen)
– “Mamma” (de reincarnatie-node van de Green Sun Princes) doden.
(Sarina wil graag nog langs haar tombe)
8. Vaststellen volgende vergadering en sluiting.

XP: 7

Tanais – 50

11-ii-R2

We lopen naar de tweesprong. Daar is nog een overwoekerd paadje naar het strand aan de andere kant van het eiland. Aan het strand vinden we een vermolmde steiger en idem vissershuisjes in de stijl van Zuid-Soul. Er is niemand te zien en het ziet er uit alsof het dorp een jaar of drie geleden is verlaten. De meeste huisjes zijn leeg, maar in eentje liggen goblin-skeletten.  Daar vinden we ook een soort ijzeren fles waar een sterk zuur in gezeten heeft. De skeletten laten sporen van zuur zien. Iemand heeft de goblins ongeveer een jaar geleden verdelgd! 

Chang vindt een verborgen paadje, dat zo te zien nog af en toe wordt gebruikt. In een van de hutten vindt Claude bebloede vrouwenkleding. Hij herkent dat het van Selene is geweest. Redelijk goed verstopt is ook een schriftje, een soort dagboek. Daarin lezen we dat ze eerst het eiland heeft verkend, ze heeft na drie dagen voorgewend weg te gaan en hield zich verborgen in dit verlaten dorp. Ze heeft ontdekt dat eens in de maand een belangrijk iemand van het vasteland met de vegers kwam praten. Er leggen ook regelmatig zeilboten aan die uit het Zuiden komen en daar weer naar terug gaan. Het roet is volgens haar een afleidingsmanoeuvre. (Die conclusie hadden wij ook al getrokken.) Na twee maanden eindigt het dagboek plots met: “Er sluipen hier goblins rond.” De rest laat zich raden.

Als we klaar zijn met zoeken in het dorpje, volgen we het paadje. Aan de sporen zien we dat wat hier loopt niet groter is dan een goblin. Als we een eindje gelopen hebben, gaat er een alarm af. We horen 20 meter verderop lieden wegrennen. Twee goblins. We grijpen ze en ze geven zich zonder gevecht over. De twee heten Eensteen en Plateau. De goblins blijken te zijn gevlucht voor de opzichters. Als we beloven om ze vrij te laten, willen ze ons alles vertellen. Ze vertellen dat hier niks gedolven wordt. Het is wel belangrijk dat het roet uit de vulkaan wordt weggehaald, maar waarom dat moet gebeuren weten ze niet. Het is in ieder geval geen handelswaar. De dwergen hebben een mijn op het vasteland van Targon, het land van de goblins. Drie jaar geleden is daar iets gebeurd en sindsdien wordt er een of ander spul gedolven, een lijn glanzende rots die de grond in loopt. De dwergen hebben met de hoofdgoblins afgesproken dat ze slaven krijgen om hier op dit eiland te werken en in ruil wordt de opbrengst van de echte mijn gedeeld. De meeste goblins kan het niets schelen wat er met hun soortgenoten gebeurt, totdat ze zelf worden weggehaald. Hier zijn ze ongelukkig en alle goblinslaven willen weer vrij zijn. Eensteen en Plateau zijn veel intelligenter dan de meeste slaven. Ze hebben elkaar in de mijn ontmoet en besloten om samen te vluchten. Ze hadden een bootje gemaakt, maar dat is door een andere groep ontvluchte goblins gestolen. Die hebben ook de mensenvrouw gevangen genomen en ze hebben haar meegenomen. Ze denken dat die nu waarschijnlijk dient als koningin. Dat betekent niet dat ze goed behandeld wordt, integendeel! Ze wordt in de rituele kuil van het hoofddorp vastgehouden en wat Targonians met hun koninginnen doen is helemaal niet plezierig. Risha vindt dat ze gered moet worden. We spreken met de twee af dat we ze naar hun thuisland Targon zullen brengen. Vannacht halen we ze met de catamaran op bij het melaatsendorp. 

Het is maar twee uur varen naar de kust van Targon. Onderweg vertellen de goblins dat ze eigenijk wel uitgekeken zijn op hun simpele soortgenoten. Ze adviseren ons om niet gezien te worden, want Targonians zijn een agressief volk dat niet altijd aardig is tegen vreemde soortgenoten en al helemaal niet tegen buitenstaanders. Ze willen wat meer van de wereld zien. We beloven om ze mee te nemen op onze reizen en dan willen ze ons wel helpen om de mensenvrouw te bevrijden. Risha is vrij klein voor zijn leeftijd en kan wel voor een forse goblin doorgaan. Claude vermomt hem vakkundig. 

 

12-ii-R2

Om 3 uur ’s ochtends leggen we aan bij de kust. Risha gaat samen met de twee goblins aan land. De anderen blijven aan boord en gaan buiten zicht voor de rede liggen om te gaan slapen. Het drietal gaat naar een goblindorpje aan de kust. Het is er buitengewoon smerig en het stinkt. Risha’s vermomming is zo goed dat hij zonder moeite geaccepteerd wordt. Hij hoeft zelfs geen naam te verzinnen. ‘Huh’ (zijn antwoord op de vraag “Wie ben jij?”) is genoeg. Maar hij ruikt wel erg naar mensen. Het Targoniaanse dorpsleven is een soort commune en iedereen moet met de nieuwkomers knuffelen want zo krijgen zij de geur van het nest. Voor de twee goblins is dit gewoon leuk, maar voor Risha is het een onvergetelijke ervaring. Pas als de jonge koning tegen zonsopgang genoeg naar goblinzweet stinkt, kan hij doen alsof hij in slaap valt en dan laten ze hem eindelijk met rust. 

Aan boord van het scheepje wordt er in de glazen bol gekeken. Gwan ziet een erg snel zeilscheepje naar het eiland varen. Een vrij lange man ontscheept en gaat het roetpakhuis in. Het is niet duidelijk wat hij daar doet. Maar als hij weer naar buiten komt, geeft hij een zak met goud aan de lokalen en gaat hij weer weg. Ze zetten de achtervolging in en varen naar de Zuidpunt van het eiland. Daar meent Claude iets aan de horizon te zien. Het is inderdaad het zeilscheepje.  Maar het is onnatuurlijk snel en zonder Risha heeft de catamaran niet genoeg van de hobbitmagie aan boord om het in te kunnen halen.

Ze keren om een gaan naar het dorp op het eiland. Iets buiten de haven leggen ze aan.

Tegen de avond wordt Risha weer wakker. Het is een uur of zeven. Hij eet wat met Eensteen en Plateau en dan gaan ze op pad. Na drie kwartier zien ze barakken. Hier is geen slavenarbeid. De goblins die hier werken vormen een bovenklasse. De mijn volgt de ertsader de berg in. Er wordt ’s nachts niet gewerkt. De dwergen wonen in een soort villa. Er staan twee man op wacht en er  liggen twaalf goblins te snurken. Die twaalf ruiken anders dan zij, dus ze kunnen niet onopgemerkt naar binnen. Na een kort overleg besluiten ze de mijn links te laten liggen en ze gaan verder naar Hoofddorp. Risha vindt het een originele naam voor een hoofdstad. 

De rest van het gezelschap wacht de duisternis af. Dan gaan ze naar het pakhuis. Claude maakt het alarm onklaar. Binnen vinden ze dat het pakhuis leeg is, op een laagje roet na. Daar staan verse voetstappen die naar een tegel in de achtermuur leiden. Achter de tegel vinden ze in een kleine geheime ruimte een flesje vol met goudkleurige stroop. Het flesje is van zeer goede kwaliteit Zuiderlijk glas. Zeker niet van hier. Ze nemen het mee en gaan terug naar het schip.

 

13.ii-R2

Negen uur later komen Risha en de twee goblins vermoeid aan. Het stadje ligt op een goed verdedigbare plek, bovenop een 20 meter hoge klif, met een smal en kronkelig toegangspad. Ze verwachten blijkbaar geen aanval, want er staat niemand op wacht. Het is 5 uur ’s ochtends en nog donker. Risha komt bij de rituele kuil. HIj ziet Selene liggen. Ze is naakt en vastgeketend op een plaat steen. Ze ziet er slecht uit. Niet mager, maar halfdood. Ze kermt zacht. In een hut naast de kuil zijn vrouwtjesgoblins een serig brouwsel voor haar aan het klaarmaken. Een leren trechter en een grote soeplepel hangen naast de deur. Zijn plan is simpel. Hij stuurt Eensteen en Plateau naar de voet van de klif en gaat dan zelf, vlak voordat de vrouwtjes klaar, zijn de kuil in. Met Lock Opening Touch maakt hij de ketenen open en dan neemt hij Selene op de schouder. De goblinvrouwen komen net naar buiten met de pan, trechter en soeplepel. Ze kijken met open mond toe hoe een grote goblin met hun koningin op zijn rug door het dorp rent en de afgrond inspringt. De enige reden dat Risha deze sprong overleeft is de charm Ox Body Technique, waardoor hij tweemaal zo veel schade kan weerstaan als een ‘normale’ exalt. Hij weet Selene ongedeerd bovenop zich te laten vallen, maar zelf heeft hij van alles verzwikt en verstuikt en hij zit onder de schaafwonden. Met hulp van de twee goblins weten ze aan de achtervolgers te ontkomen. Een eind verder naar het zuiden bouwen Eensteen en Plateau een vlot. Het gehavende gezelschap kan de rivier afzakken en 24 uur later komen ze aan bij de kust. Deze uren gebruikt Risha voor Body Mending Meditation. Zijn wonden genezen daardoor tienmaal zo snel, maar hij is nog goed gemangeld. Selene herstelt veel langzamer. Ze is het drietal enorm dankbaar voor de redding.

Op het zelfde moment dat Risha aankomt bij de rituele kuil, gaan Claude, Chang en Gwan weer van boord. Ze klimmen omhoog tegen de actieve vulkaan met natte lappen om hun hoofd tegen de giftige gassen. Op twee derde kan Gwan er toch niet meer tegen. Hij blijft achter. De andere twee komen boven en proberen de wand van de vulkaan kapot te slaan en in de krater te laten storten. De opkomende zon projecteert hun schaduw op de rook, dat ziet er heel indrukwekkend uit. Samen slaan ze een forse muur om. Grote wolken gifgas komen omhoog als het gesteente in de lava verdwijnt. Chang valt flauw en het duurt een half uur voordat ze verder kunnen gaan. Dan is Claude aan de beurt. Dat schiet niet op. Om en om gaan ze neer totdat Chang zich een charm tegen vergif herinnert! Dan gaat het snel. De vulkaan raakt verstopt en begint te rommelen. Het gaat knallen. De drie solars rennen de berg af, gaan snel aan boord en varen zo snel mogelijk weg. Chang geeft licht. De vulkaan barst uit, waarmee alle werkers in de berg ten dode zijn opgeschreven. Een kleine tsunami slaat een paar uur later over de kusten van Soul, Vixen en Targon. 

Vanaf het vlot zien Risha en zjjn metgezellen een enorme rookwolk in het westen. Wat later horen ze een enorme knal en daarna begint er een regen van as. 

 

14-ii-R2

De volgende dag ligt de catamaran om negen uur ’s ochtends in de moerassige monding van de rivier op het vlot te wachten. Zo’n kristallen bol is erg handig. Chang ontfermt zich over de zieke Selene en Risha gaat verder met zijn Meditatie. Hij heeft er nog niet aan gedacht om zich af te schminken. 

Als we nog naar Albion willen om van de hobbits magie te leren waarmee naar de witte stad van de solars kunnen, hebben we daar maar weinig tijd voor. Risha heeft beloofd om op de eerste dag van de herfst (19-ii) in Bronwe te zijn, het is twee dagen varen naar Albion en twee dagen terug, en dan moeten we nog van de kust naar de Bronwe. 

 

4 xp

Tanais – 49

In de catamaran, boven de witte stad. Dag 8 van maand 2, jaar R2.

We willen naar de tabletten gaan duiken in de duikklok van Claude. Adrarn kan hem gemakkelijk bedienen. Maar Risha maakt zich zorgen dat we eer een aantal maanden zullen kwijtraken. We gaan toch naar beneden.
Er zit geen raam in de duikklok, dus in eerste instantie weten we niet waar na tien minuten afdalen het gebonk vandaan komt. Er zwemt iets tegen de klok aan. Risha steekt zijn hoofd onder de opening door en ziet iets groens en leerachtigs. Drie humanoide gestaltes met lang haar en klauwen, sea hags! Claude laat de klok snel weer ophijsen. We worden niet gevolgd. Ze komen niet hoger dan de diepte waarop we ze aantroffen. Boven zien we knaagsporen aan het touw.
Bij de volgende poging nemen we wapens mee. De barrière boven de witte stad flonkert een beetje en wat daar voorbij ligt ziet er verwrongen uit. De hags komen weer. Het zijn echt wel creaturen of darkness. Chang en Risha schieten, maar pijl en boog doet het onder water vrij slecht dus ze missen. Zij missen ons ook en zwemmen dan buiten ons bereik. Risha en Chang zwemmen er achteraan. Risha raakt in gevecht met een hag, die raakt hem en hij begint te bloeden. Hij slaat de hag ook en die begint ook te bloeden. Chang raakt er ook eentje. Al dat bloed in de zee trekt en heleboel extra hags aan. De overmacht is te groot en we stijgen snel weer op. De gewonde hags worden met rust gelaten, ze komen op Risha’s mensenbloed af.
Weer boven scry’t Gwan het lichaam van Brandaris. Hij ziet een marmeren plaat, maar kan hem niet lezen. We besluiten om de stad voor later te bewaren, als we sterker zijn. Nu eerst maar naar het vervuilende eiland.

’s Avonds om 11 uur komen we daar aan en we leggen stilletjes aan. Het eiland heeft drie bergen, waarvan de eerste twee vulkanen zijn en de middelste rookt. Claude verkent het baaitje. Er is een moerasbos. We klimmen omhoog. Vlak voor de hoogvlakte komen we aan een weg die oost-west loopt. Aan de westkant van het plateau branden lichtjes. Claude sluipt er op af. Er staan vijftien barakken, de honden slaan niet aan. Hij hoort spreken in het dialect van Silver. Niets bijzonders. Hier zit de leiding van het eiland. Dan gaan we naar het oosten, daarna is er een tweesprong. Het pad blijft op dezelfde hoogte en loopt om de berg heen. De hoofdweg gaat naar beneden naar een dorpje met een aanlegsteiger. We volgen het pad en komen bij een stenen gebouw op de derde bergtop. De ruwe steen is goed beklimbaar. Het eindigt met een 30 meter hoge metalen pin. Bovengronds is geen ingang te vinden. We slaan kamp op, goed verborgen. Slapen en Body Mending Meditation.

dag 9 en 10
De volgende nacht gaan we naar de lichtjes onderaan deze berg. Daar staan drie keten. Het ziet er behoorlijk vervallen uit, wel bewoond maar slecht onderhouden en heel vies.
“Wie is daar?”
‘Een paar reizigers.’
“Jullie zijn hier verkeerd, hier heerst de ziekte Ga terug!”
‘We hebben een genezer bij ons.’
“Wij zijn niet meer te genezen, en als jullie ook besmet raken kom je hier niet meer weg. Wij zijn vervloekt.”
We zien een man met allemaal zweren. Een hand is nog maar een stompje. Hij is melaats, met een vleugje Eenoog. Dit kan Chang helaas inderdaad niet genezen. De zieke man vertelt ons dat er op dit eiland wordt gewerkt. Schatzoekers zijn hier al lang niet meer geweest. Een op de honderd dwergen krijgt deze ziekte. De Targonians (ondergrondse dwergen – goblins) zijn immuun. Wij van Silver wonen bovengronds en geven de bevelen, de Targonians zijn halfwits die we van het platteland hebben geroofd. Hij adviseert ons nogmaals dringend om weg te gaan.
Over het strand lopen we naar het gewone dorp. De huizen en de steiger zijn verlicht. Als Claude met Lock Opening Touch in een pakhuis wil kijken, gaat er een alarm af. We gaan snel terug richting de leprozen. De dorpelingen volgen ons niet. We gaan terug naar de slaapplek bij de toren en brengen daar de volgende dag door. ’s nachts gaan we terug naar het schip. We varen via een omweg naar de aanlegsteiger.

dag 11
Om 11 uur ’s ochtends komen we aan. Claude doet zich voor als de schipper. Chang en Risha als soldaten en Gwan en Adrarn zijn de matrozen. Claude vertelt dat hij Celene Grandchere komt ophalen. De havenmeester is verbaasd. De ambassadrice is hier al een maand of vijf niet meer. Er is dus iets misgegaan. Volgens hem is Selene gewoon naar het hoofdkamp gegaan en hij adviseert ons ook om bij het vegerskamp, de leiding, langs te gaan. Dat is goed, maar eerst willen we bier. Er is niet echt een kroeg, maar we kunnen wel ergens wat drinken en daar praten we met lokale dwergen. Ja, er komen wel eens ongure lieden, gisteren nog heeft iemand geprobeerd in te breken.
Vroeg in de avond gaan we naar het hoofdkampement. Er komen dwergen uit de eerste berg, een krater, en die voegen zich bij ons. Er is geen aanvoerder, ze zijn samen de baas. Claude zegt dat we Selene komen ophalen. Nou, die is hier niet meer. Het is hier een vrij komen en gaan, behalve in de mijn. En ze hebben haar handel en wandel niet bijgehouden. Ze heeft hier overnacht, de mijn bezichtigd en is weer weggegaan. En ze heeft geen boodschap achtergelaten. Risha zet zijn Presence Excellency aan. Dan mogen wij ook wel in de mijn kijken. De doorgang is in de eerste krater, er staat een heel sterke luchtstroomm omlaag. . We lopen eerst over een brug met een illusie van vlakke grond er omheen zodat het er vanuit de lucht uitziet alsof er geen doorgang is. Het is rare magie, net als die metalen pin op de derde top. Halverwege is een heel lange ladder omlaag. Het is eng om in een sterke wind een kilometer omlaag te klauteren. Het licht wordt roodachtig en dat komt uit de richting van de tweede krater. In het noordwesten zijn slaapcellen uitgehouwen voor de goblins, een barbaars en primitief volkje. De dwergen opzichters hebben zwepen.
“Hier zijn de Thargarians, daar is het vuur,” zegt onze begeleider. We gaan de gang naar het vuur is. Het wordt steeds heter en het is een enorme windtunnel. Men brengt rugzakken vol roet omhoog. Het wordt hier schoongeveegd. Risha vraagt: “Wat is die drab in het water?” Onbevredigend antwoord: “Dat weet ik niet, daar ga ik niet over.”
Het pad loopt door. De hitte wordt onverdraaglijk, kolkende magma is chemisch aan het reageren. Als ze daar in is gelopen, is dat stiekem gegaan. Chang vraagt naar de ijzeren naald. “Daar gaan wij niet over. Eens per jaar komt een ploeg die er naar kijkt.”
Hij liegt wanneer hij zegt dat het roet het waardevolle product is. Helaas is de handel gemonopoliseerd en wordt alles door Silver opgekocht. Selene is voor het laatst gezien drie dagen nadat ze door Claude afgezet was.
Dit is de dekmantel. de waardevolle spullen worden elders weggehaald.

Plan: De 19e van deze maand moet Risha terug zijn voor het begin van de herfst.
– Eerst gaan we dit spoor volgen naar de derde aanlegplaats
– dan naar de hobbits voor spreuken te leren
– en als er nog tijd over is misschien weer naar de witte stad.

3xp

The Rose – 36

We zijn ruim een etmaal bezig geweest met het tot rust brengen van de doden. Het is intussen een mooie nacht. Scarlet Whisper brengt ons naar de Clay Man in de krochten onder het paleis. Er zijn krachtige zegels. De kerkers zijn oud – First Age of misschien zelfs uit de tijd van de Dragon Kings. Scarlet Whisper concentreert zich, en een blok basalt schuift opzij.

We zien een grijze reus in kleermakerszit. Hij zit met ogen dicht te mediteren. Zittend is hij net zo hoog als wij. Er komt een gesprek waarin we vertellen dat we de Great Gease willen opheffen. Hij heeft geen grote liefde voor mensen of solars. Is het opheffen van de Gease wel een goed idee? Hij zit 1723 jaar opgesloten. Is dat rond de tijd dat de solars gedood zijn? Hij vertelt terloops ook dat wij niet het eerste ras zijn dat in opstand is gekomen tegen de primordials, wel het eerste dat succes had. Hij is een ‘behemot’, een unieke schepping.

Sango gaat de anti-scrying spreuk ‘Private Plaza of Downcast Eyes’ gooien. Intussen regelen de anderen dat we de Clay Man meekrijgen. Onderweg kijkt niemand er van op. De stad is rustig en ordelijk. Aan boord doet Scarlet Flow hem de boeien af, we mogen ze houden. Hij is heel geïnteresseerd in het schip van de Haslanti League. “Dus dit gebeurt er als je mensen aan zichzelf overlaat! Er is inderdaad veel veranderd. Ja, ik zal helpen om die Great Gease en dus ook de Great Curse op het heffen.”

Intussen bespreken we ook wat we gaan doen om de vijandelijke vloot tegen te houden. We gebruiken de strategietafel en proberen diverse invallen. Ghurkan en Sango hebben ideeën, Atis is tactisch briljant. We leggen riffen aan, in overleg met de loodsen; dragonblooded, lucht en watertypes, beïnvloeden het weer en de zeestromingen, de lunars gaan als waterwezens en regelen watermonsters. His gaat in beastman vorm officieren uitschakelen. Sarina gaat schieten, SML gaat als siaka (reuzenhaai), Ghurkan neemt zijn autochthoonse lichaam van een draak en gaat een schip richting de kliffen duwen. Sango neemt ook haar aftochtoonse lichaam, van een vogel, en gaat met brandende projectielen gooien, Tawuz hetzelfde in beastman vorm. Atis zit in een luchtschip te schieten en Eye gaat als siaka.

(In de twee voorgaande dagen hebben we ook de anti-scrying spreuk op de cockpit van het grote schip gegooid. We hebben de spreuk ook aan een paar van onze dragonblooded geleerd.)

De strijd is hevig. De vijandige admiraal is kundig en heeft een aantal van onze manoeuvres voorzien. Ons houten luchtschip krijgt een treffer en vliegt in brand, dus we moeten op water landen. Het is een flinke strijd, maar we winnen. Degenen die zich overgeven worden met de scepter en de bol trouwe onderdanen van Paragon. Een deel van de keizerlijke troepen komt bij hun zinnen. De eed is sterker dan de bloedtover van de keizerin. Het is alsof ze daardoor hun ‘virtues’ kwijt waren, en die nu weer terug hebben. We herinneren ons dat we het er ooit over gehad hebben dat je de deugden (virtues) nodig hebt om de Ebon dragon te verslaan – hij is de antithese van alles.

Ons schip wordt gerepareerd door de clay man. Hij kan het niet alleen zonder gereedschap, hij kan te zelfs zonder materiaal! We hebben nog 2 1/2 maand tot de vergadering van het Deliberative.

Eye of Autumn moest nog op haar elementaire draak jagen. De lunars gaan mee, die hebben ook die ‘boon’ en Atis wil ook mee. “Dat doen mates voor mekaar.”  Eye mediteert geruime tijd. Als de avond valt, roept ze de draak op. Aan de hemel verschijnen sterrenbeelden die langzaam beginnen te roteren. Ze materialiseren tot een grote draak. Hij spuwt vuur, maar Eye heeft een stenen huid en het doet haar niets. “Zo, tijd om de boon in te lossen?” ‘Ja!’ De draak spreekt in Old High Realm. “Sinds het breken van de elementalen is deze weg afgesloten. Solars, jullie hebben veel kapot gemaakt, maar dit is de schuld van de primordials. Ik voel mijn geest al breken. En vergis je niet Ik ben nu al te groot om door een lunair bevat te kunnen worden. Daarom heb ik de boon aan jullie allemaal gegeven.” Hij vliegt weg, richting de maan, sneller dan een vogel.

1. Atis grijpt Eye en vliegt achter de draak aan. His gaat als roofvogel bovenlangs. Tawuz gaat in beastman vorm en valt aan met twee daiklaves. maar mist. De draak slaat en raakt Tawuz, ook Atis krijgt een klauw. Shi Mei Lan doet de spreuk Flying Guillotine maar de draak ontwijkt de aanval. Eye verandert Shulgero’s Pride in een ketting die ze om een poot van draak slingert. Atis laat Eye los. Zij laat de ketting inkorten.

2. Atis gebruikt de essence lash in zijn harnas en schiet, maar mist. His verandert in beastman form en laat zich met zilveren wavecleaver en zwart jade daiklave op de draak vallen. De zilveren cleaver raakt. De draak doet een flurry aan charms, hij legt ons allemaal een Gease op. Hiermee hebben we de verplichting om hem binnen een maand te verslaan. Maar effectief kunnen we nu niet meer stoppen met dit gevecht tot hij of wij dood zijn. Tawuz ziet de draak de aanval ontwijken en zorgt dat hij op de goede plek is. Hij raakt maar komt niet door de huid heen. Shi Mei Lan gooit nog een Flying Guillotine. Die raakt en doet erg veel schade, maar de draak leeft nog.

3. Eye verandert een deel van haar wapen in een lans en prikt, raak. Ze verandert hem in een weerhaak. Shi Mei Lan is nauwelijks meer te zien. Haar anima – een sluier van donkere kleuren – hangt om haar heen. Atis activeert de geneesfunctie van zijn harnas. His slaat weer, en verandert daarna in een adelaar. Hij houdt zijn hoofd koel en raakt (dat wil zeggen: hij zet Temperance in). De draak begint uit balans te raken. Tawuz grijpt de hoorns en probeert hem gecontroleerd te laten landen. SML rent erheen in kat-mens vorm, springt vanaf de grond en bijt zich vast. Maar haar tanden komen niet door de huid. Eye gebruikt Octopus And Spider Barrage en verandert tegelijk Shalgero’s Pride in een klimharnas. Ze klimt als een razende naar de hartstreek, grijpt met een Tigerclaw naar het hart en krijgt het te pakken. De draak valt op de grond. Dood.

Eye drink van het hartenbloed, onder dankzegging. Ze deelt het met de andere lunars, en – zeldzaam voorrecht – met Atis. Alleen Eye heeft een knack om Elementals als gedaante te nemen. Maar ook de anderen hebben nu het potentieel om, als ze die knack ooit leren, een Air Elemental van hun eigen Essence-niveau aan te nemen.  Na dankzegging aan onze prooi bekijken we het karkas. De poot waar Shalgero’s Pride omheen zat, heeft nu vijf zilveren nagels. Verder nemen we tanden, pezen, schubben, bloed, gal mee. Als we met de zilveren klauw in de boon-tatouage prikken, stroomt de tattoo vol: de boon is vervuld. De Gease is ook weg.

In de tussentijd hoort Sango de Clay Man uit om Magitech Craft te leren. Die kennis wil hij graag met haar delen. Ghurkan kijkt naar Scarlet Whisper’s bestuursstijl. Ze is goed, maar kan nog wat tips gebruiken. Sarina mediteert voor Essence. Hierna nemen we rust tot het Deliberative. Ghurkan trekt zich terug op de Heilige Berg om te mediteren voor Essence.

XP: 7 voor de lunars en Atis, 5 voor de andere solars

Tanais – 48

10 iii R2

Consternatie alom. Alweer zijn Claude , Risha, Chang en Gwan uit de tijd gestapt! Wat moet er nu gedaan worden? Chang is duidelijk:”Vanaf nu moeten we niet onszelf bekend maken!”.Gwan wil nog wel iemand in vertrouwen nemen, echter Claude is ervoor om low profile te blijven. Ze gaan de boot ophalen . Adrarn gaat mee.Hij heeft een paard . Hij is blij de schoolbank van de strenge Kadier te verlaten.

Vanuit Bronwë word het lopen geblazen richting Arjan’s Abode. De mannen hebben geen geld op zak en paarden nodig. Het is Augustus net na het hoogtepunt van de zomer . De velden zijn groot en gezond. De zon schijnt.

Om 2 uur ’s middags komen ze aan bij Arjan’s Abode.

Claude stelt voor om paarden te stelen. Weer consternatie:Gwan is tegen wegens slechte handel en naam,Claude en Chang zijn voor.

Claude klimt met Spiderklim over de stal en steekt het stro ernaast in brand. De stalknechten worden weggelokt en gaan het blussen. Ongemerkt gaat Claude de stal binnen en opent 4 stallen. Daar komen 4 paarden uit . Drie daarvan worden gezadeld. Maar dan moet Claude wegwezen, want de stalknechten komen eraan. Hij rijdt weg met de paarden onder de grofste verwensingen mogelijk:”Klootzak!”. Snel zijn de knechten uit zicht. Na 1 kilometer de anderen stappen op.Er kan gereden worden.

De volgende stop is een herberg in “Staddle”. Het is een Hobbitfamilie, die een keurige maal geven.De bedden zijn wat klein,maar iedereen slaapt. Na een keurig ontbijt verwacht het hoofd Sara een ordentelijke beloning. De gasten zien er sterk en betrouwbaar uit. Maar helaas het geld is op. Sara is sip. Adrarn wordt naar voren geschoven als een Qartsiaans symbool van betrouwbaarheid met een IOU. Ze krijgt nog van Gwan een paar koperstukken met de belofte, dat hij het niet zal vergeten. Nu  is Sara pas echt beteuterd!

Op weg naar Shield-Nah-Gig worden er wat vogels geschoten en genuttigd:Ekster,merel en Lijster. Na een kampement volgt een tocht door de moerassen. ’S Middags komt iedereen aan in Shield-Nah-Gig. Gwan verkoopt de paarden. Eindelijk is er geld.”Eerlijke handel. Dat voelt goed ,hè.”provoceert Claude naar Gwan. De herberg kan nu wel betaald worden.

13-iii-R2

’s Ochtends vertrekt iedereen  te voet richting de monding van de rivier. Sinds Claude de boot verstopt heeft in de delta, is er veel veranderd. Toen was het nacht en winter en nu dag en zomer. Veel meer begroeiing maakt de oude route moeilijk herkenbaar.  Er wordt een vlot gebouwd en door de mangroven gevaren. Elke aftakking van de rivier wordt bekekenen een huis wordt overgeslagen. Uiteindelijk vind men de juiste aftakking, al moet iedereen wel door het water waden.

Bij de boot zit een man met een pijp geduldig te wachten. Op zijn rug is een gele cirkel geborduurd. Duidelijk is hij een zeemanstype. Hij stelt zich voor:”Brandarus is de naam. Ik had een droom,dat mensen zouden komen.”Hij begeleid iedereen naar zijn huis, dat eerder overgeslagen was.

In zijn huis staat een altaar met een gouden schijf. Het staat voor een cultus, die duizenden jaren oud is. Alleen Brandarus vertegenwoordigt hem. Hij heeft het van een voorganger geleerd. “De mensen komen van de sterren,maar zijn dit vergeten. De resten liggen nog in de witte stad(plaats Brandain), die door de golven is verzwolgen.” Dit horende  besluiten Claude en Chang om te laten zien wie ze zijn en zetten hun goddelijke lichten aan.

Dit is te veel voor Brandarus:”Akapé!”en ligt op apegapen. Sterke drank krikt hem op. Hij zit vol verering. Alle puzzelstukjes van zijn leven vallen op hun plaats.

Hij vertelt over de witte stad, die hij in zijn dromen ziet. Elk jaar maakt hij een marmeren plaat met een verslag van, wat er dat jaar gebeurd is. Dit jaar kwamen er bij voorbeeld 8,9 maanden geleden lichtplekken uit de stad onder water. Het geheugen moet worden bijgehouden. De plaat laat hij naar de plek van de stad zakken. Hij is astroloog.

De stad is één van de 5 steden:

De stad van de zonnekinderen,gelegen voor de kust, Brandain.

De stad van de sterrenkinderen, mount Paradise.

De stad van de draken, Waldheim.

De stad van de duisterlingen, Haran.

De stad van de zonden,maankinderen, Salish

Chang betwijfelt of de stad het bericht ontvangen heeft, echter Brandarus ontkent dat. Claude wil weten,wat de tabletten te melden hebben ten tijde van ontploffing in de tombe. Na een levendige avond wordt er afgesproken, dat Brandarus morgen met de  catamaran een bezoek te brengen aan de stad.

’s Nachts ziet Gwan , dat er licht uit Brandarus hoofd stijgt en door het plafond verdwijnt. De boodschap is duidelijk. ’s Ochtends ligt Brandarus dood in bed. “Hij heeft zijn taak volbracht.”zegt Gwan. Waarop Claude repliceert”Als eerste.”

Brandarus krijgt nu een zeemansgraf. Hij wordt met altaar ingewikkeld. Als de boot Brandain bereikt, wordt hij te water gelaten. Ondanks de turbulentie bereikt het lichaam de plek van de Witte stad. Die ligt onder het zand en heeft een schild om zich heen. Het schild laat Brandarus en  altaar door en er is een kleine tinteling van licht……..

The RoSE – 35

The Rose – 35

11 april 2013
We vragen ons af of we de Immaculate Order te zijner tijd aan onze kant kunnen krijgen. Tawuz probeert een gesprek aan te knopen, maar dit is het type dragonblooded dat niet gewend s om met mortals, of zelfs ook maar gewone dragonblooded om te gaan. Tawuz beslui zich voor te doen als aarde-dragonblooded en om hun zegen te vragen. Die zegen voelt goed. De man raadt hem aan om Air Dragon Style martial arts te leren. Marina komt er bij staan. Die raadt hijd e Water Dragon Style aan: zijn orakelbotjes geven alleen maar visjes, inktvissen en dergelijke aan. We praten ook nog even over de toestand in het Rijk. Zij zijn er van overtuigd dat deze keizerin niet de echte is. Ze gaan te zijner tijd tegen haar strijden, maar pas als de Spreker (het hoofd van de Immaculate Order) dat beveelt. Mnemon is inmiddels anathema verklaard. Het is hun ook opgevallen dat verder iedereen die niet via bloed verwant is aan de keizerin weggestuurd wordt.
We willen graag met Sid spreken, want we hopen via hem de monniken aan onze kant te kunnen krijgen. Helaas kost zijn reis naar de shapeshifters normaal een maand. Hij heeft wel een boodschap achtergelaten in claw speak. SML zet er een boodschap onder, met de vraag of hij contact met haar wil opnemen. Daarna vertrekken we.

Op weg terug naar Paragon activeren Sarina en Little Shu de tafel. Als ze afstemmen op Paragon, zien ze dat de schepen nog op enige afstand liggen. Maar de hordes uit het Zuiden komen erg dichtbij. Het zijn er zo’n tienduizend. De meesten mensen, maar in de voorhoede is een demonische aanwezigheid. Achterin, op een yeddim in een paviljoen, is ook nog een machtige aanwezigheid. Op enige afstand van de stad is een pas die goed geschikt is voor een hinderlaag. Sango laadt de twee spreukenstaven op met drie Sapphire Circle Banishments.

Als we arriveren, stellen we aan de Perfect voor om aan hinderlaag in de bergpas te leggen. We hebben zijn zegen. Sarina tovert een aantal fortificaties uit de grond. Sango stelt voor om ons troepenschip op te laden met grieks vuur (kerosine, terpentine, o.i.d.) en stenen. Leuk idee, maar de aanvoerder van het leger kan het weer beïnvloeden, ze kan het zelfs stenen laten regenen. En we willen het luchtschip niet kwijt … ! EoA stelt voor om een nep-aanval vanuit de flank te doen. Ze zullen een verrassingsaanval verwachten, dus kunnen we met stropoppen een reactie uitlokken. Daarna kan het luchtschip van achteren een snelle aanval doen. Met behulp van de tafel testen we deze strategie en passen we hem aan. Daarna verdelen we de rollen. Sarina gaat de roepen aanvoeren, Little Shu gaat op zijn hoverboard als losse eenheid, EoA gaat bij de hinderlaag, Atis in de achterhoede bij de Perfect, His, Sango en Marina gaan in het luchtschip.
Het gaat regenen. Aan het einde van de dag bereiken de hordes ons. Achterin sjokt een yeddim met een paviljoen van versleten zijde en botten. Erin zit een gevleugelde, gehoornde gestalte met een bol bestaande uit concentrische cirkels, in de hand.
1. Als de hordes dichtbij genoeg zijn, laat Eye haar hinderlaag afgaan. Eye schiet zelf ook. Little Shu ook, maar dan met de Dazzling Flare. De echte boogschutters schuilen nog onder hun schilden. De aanval doet behoorlijk schade, LS heeft een demon verwond. Daarna vliegen LS en Atis snel weg. Zodra de voorhoede aankomt, zetten ze ladders tegen de bolwerken. Onze hoofdmacht schiet eerst met de boog en begint dan met de hand-to-hand combat. De aanval is behoorlijk effectief. Op hetzelfde moment gooit SML de Hound of the Five Winds-spreuk en richt die op de gestalte in de koets. Tegelijkertijd gaat bij dat wezen de anima banner aan. Dat is een grote versie van het demonische wezen. Op de flanken, waar onze nepschutters zitten, regent het stenen. In het midden regenen bliksemschichten neer in de eigen troepen. Ze raken niemand, maar er ontstaan lavaputten. In het luchtschip merken we dat de vijand ook luchttroepen heeft. Sango geeft het door via de messenger-boubles. We voelen ook dat iemand countermagic op onze versperringen doet, maar dat heeft geen effect. His verandert in zijn extra versterkte beastman vorm. Tegelijk gooit iemand een andere spreuk: The Violent Opening of Closed Portals. We hebben geen poort, dus die slaat een bres. We zien en stuk of vier sorcerors. Er wordt druk met spreuken gegooid: Obsidian Butterflies op de hinderlaag en dergelijke.
2. Sarina laat de troepen willekeurig vuren, alsof ze geschrokken zijn. Ze doet wat minder schade dan de eerste aanval. Atis en Little Shu vuren op de demonen. Atis verwondt een demon met de Cascade of Cutting Terror. LS raakt er negen met de Arrow Storm Technique. Bij de muur staat een klein meisje te dansen. Als ze stampt schudt de grond. SML stuurt de Hound er op af. De meute probeert door de bres heen te breken. De persoon op de yeddim nadert, veel sneller dan normaal. Ze gebruikt duidelijk sorcery. De lucht kolkt om haar heen, bliksems, regens van kikkers en vissen, de vliegende demonen hebben er flink last van. De Hound raakt het meisje. Het blijkt geen spreuk te zijn die ze doet, maar een eigen kracht. Waar haar bloed de aarde raakt, gaan bloemen bloeien. Marina gooit vanuit het luchtschip brandbommetjes naar de vliegende demonen. Als ze mist, komt het nog altijd op de grondtroepen. Ze gebruikt de Octopus and Spider barrage zodat ze op tien kan mikken, ze raakt er zes. Onder ons ontstaan diverse brandhaarden. Gecombineerd met de lavapoelen, wordt het landschap steeds ontoegankelijker.
De demonische gestalte staat op en werpt de bol in de richting van de bres. EoA vliegt daarboven en laat zich naar beneden storten. Op het laatste moment verandert ze in een vogel en grijpt de bol. Onder zich ziet ze de Perfect van de bolwerken af springen en naar de plaats rennen waar het ding zou zijn neergekomen. Tawuz dekt hem. SML gooit een banishment op het kleine meisje. Ze kijkt verbaasd en verdwijnt. Vanaf de yeddim duiken nog vijf vliegende demonen op, van een ander type, die de gevleugelde gestalte grijpen om met haar in de vortex te verdwijnen. His zet zijn demonische oog aan. Hij ziet twaalf demonen in de lucht en onder zich vier sorcerors die de Hound proberen te Banishen en Flying Guillotines in de bres gooien. Marina doet een Devil Restraining Grip op de gevleugelde gestalte. Dat werkt niet: het is inderdaad een Green Sun Prince. Duidelijk van de demonen-oproepende variëteit.
3. EoA kijkt naar het voorwerp wat ze gevangen heeft. Het is niet het Oog van Autochthon, het is een bom! Ze verandert in war-form en gooit het in de achterhoede. De Perfect wil er achteraan, maar Tawuz houdt hem tegen: “Het gaat vast ontploffen, anders had ze hem niet naar ons gegooid.” We trekken ons terug en zorgen dat we dekking krijgen van de bergketen. Na twee minuten gaat hij af, en hij heeft een range van vijf mijl. Wij overleven het, maar Kes overlijdt.Van de 300 manschappen overleeft het grootste deel, We zijn er maar 20 kwijt. Aan de andere kant is, op een verdwaasde dragonblooded na, iedereen dood. De Perfect is dood de scepter in zijn riem.
TAWOEMP! De Green Sun Prince is er weer, met vier demonen. Atis is het snelst. Hij valt zonder aarzeling vol aan met de Cascade of Cutting Terror, met zijn blauw jade chakram. Dat komt door haar wapenrusting heen en ze zakt in elkaar. Shi Mei Lan banish’t de demonen. Ze verdwijnen. Sarina pakt haar Dagger of Heaven en offert het hart op rituele wijze aan Sol. Marina helpt. Tawuz pakt snel de scepter van de Perfect. Atis onderzoekt de bezittingen van de GSP. De vleugels blijken een voorwerp te zijn, een soort jasje. De hoorntjes zijn onderdeel van een hoofdtooi. Ze draagt ook een soort bodysuit van een heel fijn materiaal. De Perfect heeft de scepter en een zegelring. Op het offer van het hart komt geen reactie.
De dragonblooded beginnen hun gewonden te verzorgen. De gevangen dragonblooded van de tegenstanders blijkt gek te zijn geworden. Als de scepter e de bol bij elkaar gebracht worden, lichten ze allebei even op en gaat er een rimpeling door het land. We vragen Scarlet Whisper of er een opvolger is, maar die was er niet. Hij heeft 600 jaar geregeerd. Kan zij het niet overnemen? Het is een grote verantwoordelijkheid, maarze neemt hem op zich.
Naast ons ligt het lichaam van Kes. Het kasteteken licht op, zijn exaltatie is er nog – hij is voor zijn tijd overleden. Scarlet Whisper realiseert zich dat er hier een shadowland aan het ontstaan is, een hoop machtige angry ghosts zullen ontstaan door al die dode exalts. Shi Mei Lan pakt haar heartstone of Final Rest, waarmee ze de doden tot rust kan brengen, en raakt Kes er mee aan. Het kasteteken dooft uit. Ze gaat met de steen alle lichamen af aan onze kant en daarna gaat ze aan de andere kant van de berg verder. De anderen helpen zoeken. Na 2000 lichamen is ze doodop, maar het shadowland is duidelijk geslonken.De anderen nemen de taak over, tot we alle lichamen hebben gehad. Het shadowland is geslonken tot een kleine plek in de bres in de muur. Sarina vormt er met Raising The Earth’s Bones een koepel overheen. Scarlet Whisper zegt dat we wat haar betreft genoeg hebben gedaan om onze beloning – de Clay Man – mee te mogen nemen. We gaan uitrusten.

XP: 7

Tanais – 47

Tanais 47

 

Het is de 9e dag van maand 11 R1, 12 uur ’s middags.

 

Risha probeert nog wat ghee aan Ganesh te offeren, zonder moeilijke vragen, maar het begint heel lokaal te regenen en de vlam dooft gelijk weer uit. 

Gwan en Chang zijn bij de poort naar de ambassadeursstad. Ze worden ingehaald door Claude en Risha. Bij de poort worden we niet herkend. Chang zegt te zijn uitgenodigd door kader Halali, de Qartiaan. Er wordt een boodschapper gestuurd. Na een uur en een kwartier komt er iemand van diens huishouden om ons af te schepen. Risha zegt in keurig Qartiaans dat Kadier ons wel degelijk verwacht en dat hij een vriend van Adrarn is. Dat verwart hem, dus hij haalt die jongen er bij. 

“Wat leuk! Zijn jullie er weer? We dachten dat jullie dood waren!” 

Hij neemt ons mee de stad in. Het is allemaal nieuwbouw, totdat we bij de binnenstad komen. De straten rondom het plein zijn mooi gerestaureerd. In Ye Olde Magick Shoppe worden we een achterkamertje binnengeleid, en daar vertellen we over onze ervaring in de onderwereld. Adrarn verveelt zich hier. Zijn oom heeft zijn opleiding op zich genomen en die is heel traditioneel. Bij ons was het veel leuker. Hij gaat liever weer met ons mee. 

Daarna gaan we bij Daguerre langs. Aan de zijkant van het stadspaleis is de ‘werkingang’. Twee mooie, schaarsgeklede dames ontvangen ons. Er is een bar, maar het is nog vroeg, we zijn de enige klanten. Chang gaat aan het bier en Risha vermaakt zich met de meisjes. Na het eerste rondje vraagt Claude naar Daguerre. Een meisje gaat voor hem kijken. “Maar het is op jouw verantwoording!” zegt ze.

Even later komt ze terug. Daguerre wil niemand zien. Claude geeft haar een fooi en een bout van de boot om aan Daguerre te laten zien. Dan duurt het niet lang meer. Ze komt binnen met een man en vraagt aan Claude (die nog steeds vermomd is): “Ken ik u?”

“We hebben met elkaar opgetrokken aan de kust.” 

Ze handelt het even af met haar klant en vraagt ons mee te gaan naar een sjieke zijkamer. Ze komt meteen ter zake: “Doe die vermomming maar af. Jullie horen dood te zijn…” “Nee, maar we waren wel in het dodenrijk.” “Nou, fijn dat je terug bent. Wat is er gebeurd? Er is een nieuwe koning, of eigenlijk prins. Ik voorzie wel wat problemen tussen Risha en hem. Het gifgas in het Zuiden krijgen we niet weg. Verder is alles eigenlijk goed. De haven en de weg er naar toe zijn goed aangelegd. Ik ben de provincie welvarend aan het maken en  aan de posiie van de vrouwen wordt verbeterd. Die oude wijven heb ik er uitgeknikkerd. Officieel is Shearton in quarantaine. Eenoog heeft zijn aandacht verlegd naar Vixen en Selene. Mensen zijn bang voor ‘het grauw’.”

Ze is bereid om Chantal te halen. Risha geeft een van zijn orichalcum zwaarden mee om te bewijzen dat we het echt zijn. Onderwijl wordt er een luxe diner aangericht. Wanneer Chantal aankomt, valt haar mond open. “Wat leuk!” ze meent het nog ook! 

Risha spreekt met haar af dat hij zich nog even gedeist houdt en aan het begin van de herfst officieel uit de dood zal opstaan, mooi conform de legendes. Zij regeert de lente en de zomer, hij gaat over de herfst en de winter. Daar zal heer Arend zich ook wel in kunnen vinden.

Wij leggen uit over de grauwe pest uit de voortijd. Zij vertelt dat ze in de lunair stad is geweest. Het is mooi, maar nep. Een ruïne die ze hebben heropgebouwd. Claude zegt de heilige stad van de solars te hebben gezien. En Risha vertelt van het witte hert. Ze is bedroefd dat zij niet mee heeft kunnen doen met het eten van het hart. Maar: “Blijkbaar hebben we verschillende wegen te gaan.” Ze vindt het leuk om te horen dat ook de solars ouder zijn dan de goden. En ze vertelt dat de lunars minder kennis hebben dan  de siderials, en vooral veel minder weten van het begin en einde van de vorige wereld. Het interesseert ze ook niet zo. 

Chang uit zijn zorgen over mogelijke infiltratie door eenoog aanhang. Die zorgen deelt Chantal. Claude vraagt naar onze eigendommen die Vixen zou teruggeven. “Hmmm, die heeft heer Arend. Ik regel wel wat. Ik laat het lijken alsof Claude ze heeft gestolen vanuit het dodenrijk.”  Risha vraagt naar Sandra en Florence. Zij zijn met de brahmanen mee naar Farfields. Chantal mist haar vriendinnen wel. 

Dan komt Kadier binnen. Hij schrikt wat als hij de koningin in het bordeel ziet zitten. Op vraag van Risha vertelt hij dat de Qartianen twee bronnen van magie kennen: hun schrift en de goden, en hij adviseert om veel te blijven oefenen en aan alle goden te offeren (oeps…). Claude zegt in de bibliotheek van Geb te hebben gelezen over Eenoog. Kan Kadier ons meer vertellen? Die adviseert ons om daarheen te gaan. Hij geeft ons introductiebrieven voor de bibliotheek van Warka. En voor kennis over het begin van de wereld moet je te rade gaan bij de wezens die daar toen waren: de goden. Maar er zijn ook ‘donkere rassen’: Vuur, IJs en Water. En de Animal People in de diepste wouden, ver van de beschaving – die gaan dood als beschaafde mensen te dichtbij komen. Hij adviseert Risha te blijven offeren om weer in de gunst van de goden te komen. Dan verexcuseert Chantal zich. Risha krijgt bankbrieven om in den vreemde bij zijn vermogen te kunnen en Adrarn krijgt toestemming om weer met ons mee te reizen. Het wordt nog een gezellige nacht. Risha laat zich verwennen. 

 

10-xi-R1

Chang heeft een kater. Risha gaat naar zijn eigen tempeltje en verleent aan Malice in een plechtig ritueel de investituur. Hij investeert daar 12 motes dedicated essence in, waardoor Malice voortaan een Essence van 2 heeft en toegang krijgt tot Solar charms. Dit is een life changing event voor de jonge priester: hij kan nu wonderen verrichten in naam van koning Risha en hij gaat de god van de verloren kinderen invoegen in de rang der goden. 

We willen nog even langs bij de bron. Hij is heel mooi opgeknapt, met fraai metselwerk en beelden van de Qartiaanse goden. Het is een prima meditatieplek. Chang en Claude stemmen zich af en voelen dat het hier heel oud is. Er is een verbondenheid met alles, magisch vitaliserend. Ze voelen de drie-eenheid van Bracken Moors, Sorceror’s Well en Bronwe. Het is als een thuiskomen. Claude zit te genieten. Risha kleedt zich uit en stapt voorzichtig in het water. Chang gaat geheel gekleed. Ook Gwan steekt een voet in het water en dan duikt Claude er vanaf de kant in. Op het moment dat hij helemaal onder is, worden de anderen meegezogen. 

We krijgen weer een visioen, een mind-meld: De epidemie is volledig uit de hand gelopen. De mensheid is verdoemd. Gwan en Chantal hebben stasis-tombes gemaakt. Bommen slaan overal in. Chang drukt zelf ook op de knoppen. En dan gaan wij naar de stasistombes. Epiloog Claude en Bonaire leveren chemicaliën af bij een metalen wand. Er komt een paas goedje naar buiten. Claude voelt een verrukking alsof hij de jackpot heeft gewonnen. Hij proeft ervan, ziet sterren, extase! 

We komen weer boven drijven. Risha’s kleren liggen er niet meer en opeens zit Adrarn daar te mediteren. Op ons geproest schrikt hij op. Hij is heel blij ons te zien; we zijn weer vier maanden weggeweest. Hij neemt ons snel mee naar boven, naar Kadier. Voor Kadier klinkt het alsof Eenoog ons misleid heeft, al vanaf Sorceror’s Well. Het is waarschijnlijk in Eenoogs voordeel als wij die bronnen ingaan en steeds maanden weg zijn!