The RoSE – sessie 14

The ROSE sessie 14 – 29 maart 2012

Drie geplande aanslagen worden door de stadswacht verijdeld. Het nieuws dat één van de Lesser Drums demonenaanhanger was, gaat als een lopend vuurtje door de stad. ’s Avonds blijken in diverse buurten milities gevormd te worden – een beetje mosterd na de maaltijd vinden we.
We doen de volgende dag rustig aan om onze krachten te sparen. Ghurkan hoopt dat zijn schaduw weer aangroeit door een goede nacht slaap, maar hij heeft teveel nachtmerries. We doen inkopen en regelen paarden. Ze zijn een beetje vreemd, wit en zwart gestreept, maar goed geschikt voor mensen met een klein beetje rij-ervaring. ’s Avonds proberen we Ghurkan te helpen. Door de beschadigde schaduw is zijn lagere ziel beschadigd en kunnen zijn negatieve kanten zich alleen in zijn dromen uiten. We kopen opium; hopelijk compenseren de opiumdromen voor de nachtmerries. Het plan blijkt te werken: als we a een week bij het dorpje aankomen, is zijn schaduw weer aangegroeid en zijn de nachtmerries over.
Het dorp blijkt onbewoond. Veel huizen zijn half verwoest. We besluiten de paarden niet in een wei te zetten, maar één van de grotere huizen te betrekken. Met wat inspanning kunnen we een muur provisorisch herstellen.
Atis en Sarina gaan op verkenning. Op een heuvel buiten het dorp ligt een villa, compleet met binnenplaats met baobab. Eromheen liggen geomantisch gevormde tuinen. Sarina kijkt wat beter en ziet dat de tuin de energie van deze plek helemaal verdraait en corrumpeert. Heel knap dat ze iets wat een formele tuin met normale planten lijkt de indruk kunnen laten wekken dat he de hel is – of tenminste het zo te laten voelen. Het huis is een Manse. Sarina kijkt of ze geesten ziet, maar het complex maakt een lege indruk. Ze houdt haar Spirit Sight aan. Ook als ze dichterbij komen lijkt het huis leeg. De luiken gesloten. De laatste sporen zijn een dag of vier oud en leiden het perceel uit. Sarina besluit het pand in de gaten te houden vanaf een huis er tegenover in het dorp, maar ze ziet de hele dag niets. Sango doet een poging om de sporen te volgen voordat de motregen ze uitwist. Er zijn ongeveer 25 personen vertrokken, die opgesplitst zijn in vijf groepjes die allemaal een andere kant op zijn gegaan. Alle groepjes hebben de “grote weg” gemeden.
Sango rekent voor dat iemand die met grote haast vanuit Harborhead vertrok zodra de arrestatie van de Lesser Drum bekend werd, hier ongeveer vier dagen geleden kon zijn. Het kan zijn dat ze gevlucht zijn. En de villa zit vast vol met vallen. We moeten denken als de villa-eigenaar. Atis verwacht dat een dergelijke structuur een geheime uitgang heeft, dus we gaan zoeken. Rondom de villa is er niets. Maar in het dorp valt het Atis en Sarina op dat de waterput nog steeds functioneert. Ze onderzoekt de fontein, maar realiseert zich dan dat een fontein midden op een plein geen goede uitweg van een onopvallende vluchtgang is… Ze onderzoekt het huis ernaast, het dorpshuis. De kelder staat tot schouderhoogte vol water. Achterin de kelder ziet ze een half-ingestort gewelf met een gangetje erachter. Atis fluit om de anderen erbij te roepen.
De gang is laat en halfvol water, maar hij is begaanbaar. Sarina gaat vooprop, want we verwachten valstrikken. Maar ze vindt niks. Na een kwartier ploeteren zien we licht, dus Ghurkan dooft zijn aura (onze lichtbron). Voorzichtig gaan we verder. Het zijn watergaten waardoor nu licht schijnt. Erachter zien we de binnenplaats van de villa. Details zijn niet zichtbaar door het stromende water heen. Sarina vraagt zich af of dit niet gewoon een waterleiding is, maar Atis vindt een luik in het plafond. W komen uit in een gang. Die is niet mooi afgewerkt: ruw hout en steen. We luisteren, maar horen nog steeds niets. De gang heeft een aantal deuren. Sarina doet haar Spirit Detecting Glance aan en laat hem aanstaan.
We proberen een deur van een ruimte die aan de binneplaats grenst. Hij leidt naar een parallelle gang met ramen naar de binnenplaats, en vanuit deze gang, die wel fraai is afgewerkt, is de deur niet te zien. We zaten dus in een geheime gang. We proberen de deur ertegenover, verder de villa in. Daar zit een heel grote zaal, ongeveer net zo groot als de binnenplaats, met zuilen en een groot beeld van Sondok. Ook deze deur was verborgen, achter een wandtapijt.
Het valt Sarina op dat de atmosfeer minder kwalijk is dan je in een demonentempel zou verwachten. Waarschijnlijk is hij nog niet zo lang in gebruik. Maar tegen de zuilen hangen wel de resten van mensen die geofferd zijn. Aan twaalf van de zestien pilaren, in zeer verschillende staat van ontbinding. De oudste is zo’n tien jaar oud, de jongste hangt hooguit een paar maanden. Waarschijnlijk is er elk jaar iemand geofferd. Aan de aura te oordelen is Sondok hier ook echt een paar maal verschenen. De oproepcirkel is van het type dat door niet-exalts gebruikt wordt. Sango zoekt naar andere geheime deuren, maar die zijn er niet.
We proberen nog een deur aan het andere einde van de geheime gang en vinden een in haast ontruimd kantoor, met nog drie aangrenzende kantoren. De meeste papieren zijn weg, maar achter kasten vinden we nog wel wat papieren die er op wijzen dat een zekere Mattan Othiéno hier kantoor heeft gehouden. Hij was de abt. Sarin a vindt nog een lege envelop met een lakzegel met het teken van de yozi Cecelyne (de eindeloze woestijn).
Achter de vierde xb4geheimexb4 deur zit een woonvertrek. Hier heeft een vrouw met een luxe smaak gewoond. De achtergelaten kleding is allemaal zwart en rood en nogal onpraktisch. Reiskleren en persoonlijke eigendommen zijn niet te vinden.
De geheime gang eindigt in een trap die uitkomt op een hogere verdieping. Er is een deur. Daarachter zit een kleiner tempeltje. Sarina ziet ook een gedematerialiseerde demon. Er staat ook een beeld van Sondok. De demon, een Blood Ape, denkt dat hij onzichtbaar is en wacht af. Sarina zegt: “Ik zie het al, hier is niets.” en doet de deur weer dicht. Ze pakt haar boog. We begrijpen de hint en pakken ook onze wapens. Maar op dat moment begint het gebouw te schudden en te kraken: de demon probeert het gebouw in te laten storten. Sango activeert haar Subtle Essence Armor, maar krijgt desondanks een brok steen op haar schouder.Zodra sarina de deur weer open doet, gooit ze een Sapphire Circle Banishment.
Ons vervloekend, verdwijnt de inmiddels gematerialiseerde demon naar de hel, maar het gebouw is al zo beschadigt dat het instort. Uit het sanctum komt een pluim van paarse vlammen. Het instorten van het gebouw verstoort de geomantie, waardoor deze villa vervalt van Manse naar Demesne.
In de ruxefnes is niets meer te vinden. We concluderen wel dat dit klooster aan het opleiden van priesters was gewijd. Degenen die op deze Manse afgestemd waren, moeten ook de vernietiging ervan gevoeld hebben. Ze weten dus dat hun val afgegaan is. En ze waren machtig genoeg om een Blood Ape op te roepen.
Het spoor is hier koud. Atis stelt voor om terug te gaan naar de stad en daar het lek te zoeken. Op de terugweg reizen we wat sneller. We vermommen ons vóór we terig zijn in Harborhead. Atis en sarina kunnen dat zelf, Sango doet Disguise of the New Face op Ghurkan, Little Shu en zichzelf. Bij het binnen komen van de stad worden we door een witchfinder onderzocht: rode en zwarte kledij is taboe (Atis looft Ahlat en kleedt zich snel om), honden zijn verdacht, paddestoelen kunnen ook niet. Er heerst een vreemde sfeer in de stad. Een oud vrouwtje wordt gestenigd onder reten van “Heks!” We horen onderweg dat er zelfs een van de Brides of Ahlat betrapt is. Zij heeft andere Brides vermoord!
Atis neemt zijn eigen gedaante weer aan en meldt zich bij zijn vriend Naquena. Die zit met zijn handen in het haar. Hij vertelt dat drie dagen na de terechtstelling van de priester de eerste heksenvinder aankwam. Die heeft ook echt een paar aanhangers van Sondok aangewezen. Maar al snel kwam er een tweede, en een derde, enzovoorts. Nu vertrouwt niemand elkaar meer. De naam van heksenvinder één weet hij helaas niet.
We vragen of hij een idee heeft wie de trainingstempel zou kunnen hebben ingelicht. Als hij hoort hoe snel het is gegaan, denkt hij meteen aan een Dragonblooded.
Sango vermoedt dat dit plan B is van Sondok, om de stad te ontwrichten met paranoia. Een deel van de heksenvinders zou zelf aanhanger van Sondok kunnen zijn. De priester veert op: dat zou kunnen verklaren waarom de Bruid van Ahlat bij haar arrestatie wel drie van haar Zusters kon verslaan maar niet de bejaarde heksenvinder. Hij herinnert zich ook hoe de betreffende heksenvinder heette: Mattan Othiéno. Bingo! We laten hem geheimhouding beloven.
Hij heeft ook gedroomd dat Ahlat tegen hem sprak en zei dat er een complot tegen hem is, waardoor hij zich niet in zijn eigen stad kan manifersteren. Atis drukt Naquena op he hart dat hij echt een ritueel voor Ahlat moet doen. Dat kost 99 koeien en een aurochstier. Ghurkan geeft de hogepriester zijn mina (een rechthoekige jaden munt van één pond). De priester is enigszins beduusd en bedankt hem.
Ghurkan vraagt of er ooit Bruiden van Ahlat exalteren. “Bij mijn weten is er nooit een Dragonblooded Bruid geworden,” antwoordt de priester.
“En hoe denk je over anathema?”
“Wij vechten tégen demonen!”
We nemen afscheid van hem, we hebben een abt van Sondok te ontmaskeren.

5 Xp

The RoSE 13

The ROSE sessie 13 – 15 maart 2012

Sango tikt de muis van de zon aan: “Zeg, op welke termijn hadden we dat memory crystal nodig? De komende paar dagen? Of over een paar maanden of jaren?”
“Middellange termijn, hoogstens een paar jaar.”
Atis vraagt wat er op het kristal staat, maar dat herinnert de muis zich niet meer.
Daarmee is de beslissing duidelijk: de cultus van Sondok is dringender dan naar de satraap gaan om een crystal reader te regelen. We lopen terug naar de verborgen deur en door het aquaduct, en daarna door naar het havenkwartier in de oude stad. Huizen van adobe en hout, blote kindertjes, een putdeksel. Sarina leidt ons wat verder richting de haven, waar een uitgang van het riool is. Ze frutselt wat en heeft het hekwerk snel open. Het is goed onderhouden en er is ook een looppad. Ze helpt ons ook om een val met gifpijltjes te ontlopen – een duidelijk teken dat we op de goede weg zijn. Gurkhan zet zijn anima banner aan zodat we zien waar we lopen. Sarina vindt nog een valstrik, een struikeldraad met een firedust bommetje. En nog een paar. In de verte horen we zacht gechant: “Kill for the glory of Sondok.”
Sarina weet nog net Little Shu tegen te houden, die er op af wil stormen. Stilletjeslopen we door tot we bij een schacht met een takelinstallatie komen. Onder ons zien we een dozijn mensen die aan het chanten zijn. Als ze haperen slaan twee bewakers ze met zwepen. Er staat een beeld van een demon en vuurkorven die de geur van een peperige wierook verspreiden. We maken een plan om ze te overvallen.
Sarina gebruikt haar heartstone om te dematerialiseren en ongezien bij een wachter te komen. Ghurkan gooit de charm Irresistable Salesman Charm om de aandacht af te leiden. Hij stapt, met anima banner aan, in zicht. De wachters schrikken op. Atis gooit een dolk naar één van de wachters; hij gebruikt de charm Triple Distance Effect Technique, waardoor hij raak gooit. De wachter schreeuwt het uit van de pijn, want zijn been ligt helemaal open. De andere wachter ziet het en wil alarm slaan, maar Sarina materialiseert en slaat hem met een ijzeren staaf op zijn hoofd “Aaargh!” Sango springt op de takel, grijpt het andere touw en laat zich in bijna-vrije-val tempo naar benden zakken. (Ze heeft een doek om haar handen om brandwonden te voorkomen.) Atis gooit een dolk naar Sarina’s wachter, raak. Die zakt in elkaar.
Uit de gang beneden komt een priester met twee wolf-demonen, die hij op ons afstuurt. Sango gooit, nog in de touwen hangend, de Death of Obsidian Butterflies naar de priester en de demonen. De priester is zwaar gewond, de demonen lijken er weinig last van te hebben. Ze springen over de cultisten heen om ons aan te vallen. Little Shu schiet een Solar Flare af op een demon en verwondt hem; ook de andere verwondt hij. De demonen lijken ook last te hebben van het zonlicht, wat de charm met zich meebrengt. De overlevende wachter schreeuwt: “Voor de glorie van Sondok! Val aan!” en geselt de gelovigen.
De priester is met een spreu begonnen, maar Atis gooit hem een dolk tussen de ogen en hij zakt ineen.
Ghurkan is intussen gestopt met zijn charm en glijdt langs de ladder omlaag. Met zijn Serpent Staff slaat hij één van de cultisten buiten westen. Sarina wordt aangevallen door een demon. Ze heeft haar boog gepakt. De demon bijt zich vast in haar schaduw en begint te sjorren. Tegelijkertijd schiet zij met een Dazzling Flare een pijl in hem, wat hem doodt. Sarinah gebruikt de Ghost Eating Technique en verslindt zijn essentie. De andere demonhond valt Ghurkan aan. Ook zijn schaduw wordt aangevreten (dat kost willpower). Ook één van de kinderen onder de cultisten prikt hem met een giftige dolk, maar raakt niet. Atis’ anima banner staat ook aan. Sango lanceert zichzelf met Monkey leap en slaat de wachter bewusteloos. De demon valt Ghurkan weer aan en vreet aan zijn schaduw. Daty kost Ghurkan niet alleen willpower, maar het geneest de wonden van de demon en verduistert ook het zonlicht van de pijl.
Little Shu grijpt zijn daiklave en springt. Atis gooit de Cascate of Cutting Terror, en een dolk, naar de demon. Zijn aura wordt nog feller. Hij verwondt de demon, maar die leeft nog. Little Shu laat zich naar beneden vallen met de punt van de daiklave omlaag gericht, bovenop de demon. Die wordt gespietst en overleeft het niet. Sango rent naar de twee cultisten bij de priester, die het lichaam in veiligheid willen brengen.
Vijf cultisten geven zich over, de rest vecht door. Sarina schiet met de charm Rain of Feathered Death op de drie cultisten die haar bedreigen. Ze doodt ze alle drie. Sango slaat naar de twee bij de priester. De ene gaat knock-out, de andere niet. Ze gromt: “Geef je over,” en dat doet hij. Sarina loopt naar het lichaam van de priester. Atis zweeft en roept met donderende stem: “Er zijn andere goden om te aanbidden!” De cultisten die zich over hadden gegeven laten zich op de knieën vallen. Alleen tegenover Ghrurkan staat nog een meisje met een giftige dolk. Hij doet de Snake Form charm. Hoe ze ook probeert, ze kan hem niet raken. Hij begint op haar in te praten, weer met de Irresistable Salesman Technique.
De wachters en de cultisten hebben dolken bij zich, ingesmeerd met paddestoelengif. De priester heeft een groter mes, ook met gif. De cultisten zijn gedrogeerd. Ze verkeren in meer of minder ver gevorderde stadia van indoctrinatie. De priester leeft nog. Het blijkt Khodo Fayar te zijn, de ‘lesser drum’. In zijn persoonlijke vertrekken vinden we papieren met gepleegde èn geplande aanslagen. Ghurkan begint de indoctrinatie van de cultisten ongedaan te maken.
Sarina doet Eagle Wing Style, vliegt omhoog en houdt de priester aan zijn enkels vast. Maar dat maakt hem alleen maar standvastiger. Ghurkan overtuigt haar dat dit niet werkt. Sjagrijnig laat ze zich zakken en laat hem een meter boven de vloer los – nog steeds met zij hoofd naar beneden. Gelukkig let Little Shu op, en weet hij te voorkomen dat de priester zijn nek breekt. Ghurkan gaat op hem inpraten, met wat welgekozen social charms. Atis hoort intussen de cultisten uit. Ze hebben een hekel aan Ahlat, en aan de moordende satraap. Na enige tijd weet Ghurkan het adres los te krijgen waar de priesters van Sondok getraind worden. Ze worden gexefndoctrineerd door een buitengewoon charismatische vrouw, die ze recruteert uit de ontevredenen. Zij is bijna even glorieus en verschrikkelijk als Sondok zelf. De trainingen zijn in een villa vlakbij een dorp dat door het 47e legioen is verwoest.
Bij Ghurkan en Sarina blijkt de schaduw ook echt incompleet. Omdat ze exalts zijn, groeit die weer aan als ze willpower terugkrijgen. Dus na een paar nachten slapen, maar intussen hebben ze wel nachtmerries.
We bespreken nog wat we met de priester willen doen. Wel of niet via de Leopard King? We besluiten de cultisten toch uit te leveren aan de stadswacht, ze zijn nog steeds gexefndoctrineerd. Dat doen Ghurkan en Little Shu. Intussen brengen Atis en Sango de priester naar La Refuge. Sarina geeft door aan de wacht waar de volgende aanslagen worden gepland en Ghurkan doet nog een goed woordje voor de gevangenen.
Dan gaan Atis en Ghurkan naar de koning. Die is verbaasd als hij hoort wie het is, Khodo Favar de Lesser Drum (staatssecretaris) van financiën. Hij wil hem overleveren aan de tempel om hem terecht te laten stellen. Maar Ghurkan en Atis overtuigen hem dat hij wijs zal overkomen, dat niemand boven de wet staat, als hij de man overdraagt aan het Realm. Om negen uur ’s ochtends melden we ons, tegelijk met de Leopard King, bij het paleis van de
satraap. De poort wordt geopend. Er staat een haag dragonblooded in vol ornaat. De satraap groet de koning als gelijke. Het is een man van middelbare leeftijd met grijs haar en schubben. Als de koning de identiteit van de demonenpriester onthult, klinkt er een collectieve zucht van verbazing. De satraap kondigt aan hem te zullen ondervragen en hem dan over te dragen aan de tempel van Ahlat. Er klinkt licht gemor onder de dragonblooded, maar daar trekt hij zich niets van aan. Hij zegt dat er ook een beloning was uitgeloofd. Een man komt aan met vijf stukken jade, elk een mina. De stadswacht gaat aan de slag met de lijst geplande aanslagen.
Bij de naborrel vraagt Atis of er een crystal reader is, want hij heeft iets georven. Ja, de sorceror heeft er wel een. Atis kan nu zijn eigen kristallen inzien. Die van de muis van de zon bevat en kaart van Creatie, zoals het was op het hoogtepunt van de macht van de solars. In het Noorden is door de solars een ‘reserve pool’ aangelegd. In het Westen is nog een heel continent, zo groot als de Blessed Isle. Ook de stad Rathess, van de dragon kings, staat er op met de precieze coxf6rdinaten. Sango schetst het zo goed mogelijk over.
Atis leest dat zijn mantel in eerste instantie een valstrik is: wie hem aantrekt, sterft. Als je de code van de eigenaar gebruikt, kun je hem zelf inzetten.

6 Xp

Tanais – 22

Tussendoor avontuur 22 – 8 maart 2012

Het is weer een korte. Veel vechten betekent weinig aantekeningen.

We gaan voor de tweede keer het moeras in: ruimte 2. Als we aankomen zien we net Godefrieds koets door de volgende doorgang verdwijnen. Hij is ons net voor. Hij heeft nu de voorsprong en wij moeten ons door de verschillende ruimtes heen vechten. Een korte rekensom leert ons dat de monsters actief worden op de derde keer dat iemand een ruimte betreedt. Het moeras verandert in een gevechtsarena. Twee hopen stinkende drek komen tot leven. De pegasus, een van de paarden die onze koets trekt, wordt aangevallen en zij zakt weg in het moeras. Risha springt van de koets en houdt het dier met zij hoofd boven water. In een kort gevecht worden de monsters verslagen en Chang geneest zijn paard.

Door naar de volgende ruimte. Alle wonden zijn weer genezen. Ruimte 3, het kampvuur. Er zitten twaalf ogers om een gezellige fik. Claude en Chang schieten er op los. Risha wordt bij de eerste kpal al heel zwaar gewond en houdt zich het grootste deel van het gevecht verder voor dood. Het is echt een heel lang gevecht. Dan maakt Chang een afleidingsmanouvre en kunnen we de ogers passeren en geven we de paarden de sporen. Snel door de volgende poort.

Portaal 4, de bliksem. Claude heeft een idee. Risha heeft zijn harnas in Elsewhere en hij kan het niet tevoorschijn toveren, want onze charms werken niet in deze ruimtes. Claude stelt voor om het harnas tijdens het passeren van de rune op te roepen. Dat werkt! “Hij trok zijn harnas aan en vlammen sloegen uit zijn oksels.” Als we arriveren zien we dat Godefried op ons gewacht heeft. Als hij ons ziet, rijdt hij de volgende poort door. We worden aangevallen door griffioenen. Dit is een ruimte waar onze paarden kunnen vliegen. We stijgen op en Risha springt op het voorste paard. Vanaf die positie kan hij mennen terwijl Claude schiet. De griffioenen voeren een duikvlucht uit en eentje raakt Gwan. We rijden zo hard mogelijk door. Risha stuurt de koets door de rune heen en dan komen we in ruimte 5.

3 xp

The RoSE 12

The ROSE sessie 12 – 1 maart 2012

We nemen afscheid van de wacht en gaan op zoek naar La Refuge. Dat blijkt een stadspaleis te zijn met een kleine staf van zo’n 10 mensen. Het blijkt het huis van de Leopard King zelf te zijn. Als we ons de volgende ochtend melden bij het garnizoen, blijken we te laat te zijn: de gevangenen hebben zichzelf vergiftigd. Er zijn bovendien vannacht nog twee aanslagen geweest. Beidde zijn gelukt; bij de ene zijn de moordenaars weggekomen, bij de andere heeft eentje zichzelf opgeblazen. Ze riepen dat ze Salmalin waren. Een van de slachtoffers was een hoge priester van Ahlat. Er wordt op de deur geklopt. Buiten staat de bevolking op trommels te slaan. Het klinkt indrukwekkend. De priesters eisen de lichamen van de verraders op. De stadswachters stemmen toe en de lijken worden door de woedende menigte door de straten naar de tempel gesleept.

Atis hoort de wachters uit. Ook nu weer zwart-rode leren riempjes, granaten sieraden en bruine straathondjes. Dan gaan we naar de tempel. In de menigte op het grote plein zien we een paar mannen die zich verdacht gedragen. Eéntje gooit een projectiel. Sango en Sarina zien dat. Sango rent tegen een muur op en slaat het projectiel opzij. Het landt opzij van het grote vuur, ontploft en verwondt een paar ‘bruiden van Ahlat’. Als het in het vuur terecht was gekomen, was waarschijnlijk iedereen dood geweest. Sarina gaat achter de gooier aan en tackelt hem. Hij klauwt naar zijn vestje, maar daar was Sarna op voorbereid. De omstanders zijn woedend en springen er ook bovenop. Ze proberen hem te verscheuren, terwijl Sarina dat probeert te voorkomen. Om zich heen hoort ze ribben breken. Tegen de tijd dat we de berg mensen van haar af krijgen zijn er zo’n twintig overleden! Sarina drukt een zakje explosief van de bomgordel achterover, en de giftige paddenstoel. Pas als Sango schreeuwt dat de bomgordel er af moet, laten ze Sarina het ding lossnijden. Daarna wordt het lijk op de brandstapel gegooid.

Atis heeft intussen met een bruin hondje staan aaien, maar hij besluit zich op de bruiden van Ahlat te richten. Eén van de tempelwachters herkent Atis van vroeger en hij ‘helpt’ hem om de bruiden in veiligheid te brengen (en voorkomt dat het tè gezellig wordt). Het blijkt dat er te weinig bewaking op het plein is omdat er simultaan een aanslag was op hun kazerne en bij de tempels van drie kleinere goden. Bij de tempel staat een groep dragonblooded tegen de priesters van Ahlat te schreeuwen. Uiteindelijk blijken dat géén troepen van de satraap te zijn, maar ze zijn gestuurd door de Leopard King. Atis praat met zijn oude kennis, Lakwena Oson. Die blijkt inmiddels geen gewone tempelwachter meer te zijn, maar hogepriester. Hij zegt zijn steun toe. Hij weet al dat we met de koning hebben gesproken. Vanavond spreken ze verder en Atis mag de rest van zijn gezelschap meenemen.

Sarina onderzoekt het explosief. Het is fire dust, genoeg voor 20 schoten – en er zitten 10 zulke buideltjes aan één bomgordel. Dat kost veel geld. De bomgordel is met vakmanschap gemaakt. Terwijl de bommengooier echt niet de intelligentie of de welvaart had die hier bij hoort – hij is dus omgekocht, overtuigd, of ge-mind controlled. Eerst gaan we langs één van de kleinere tempels die is aangevallen. Onderweg steelt Sarina een offertje. De dichtstbijzijnde is van de havengod. De priester is dood, het tempeltje is half ingestort, het beeld van de god is in tweeën gebroken. Sarina zet het een beetje recht en biedt haar offer aan. Ze zegt dat ze wraak wil nemen. Met haar charm Spirit Detecting Glance ziet ze dat de god niet echt aandacht heeft. Ze activeert haar heartstone en loopt door de valse deur in de achterwand. Ze komt op een kade. Er zit een tanige zeeman met een ooglapje en eeltige handen. “Wie waagt het om! x85 A, heer solar, welkom.”
Sarina: “Uw tempel is kapot.”
“Ja, dxe0t wist ik.”
“Ik wil er iets aan doen.”
“Wat dan?”
“Ik wil de demon aanpakken, maar we hebben problemen met wie – wat – waar.”
Volgens de god zit de tempel van Sondok in de riolen. Als er meer achter zit dan Sondok, dan is er misschien iemand die Sondok aanstuurt. Dragonblooded sorcerors kunnen geen demonen van de 2e cirkel bezweren, dus dat moet dan een celestial exalt zijn. De enige hier in de stad die dxe0t zou kunnen is ‘boven alle verdenking verheven’. Hem beschuldigen zou een grond voor verbanning zijn. Hij heet Kodo Fayoor en is één van de Lesser Drums (ministers) van dit land. Hij is volgens de god een yozi aanhanger die hun heerschappij terug op aarde wil brengen. En als Sarina de Grote Stier (Ahlat) ooit tegenkomt, moet ze hem vragen om weer eens in zijn stad te komen. Sarina belooft dit en neemt daarna afscheid van de god.
Sango vraagt zich intussen af of er misschien een lunar bij betrokken is: wolvenoren, hondje.

Als we terugkomen bij de tempel van Ahlat, worden we verwelkomd door Atis’ vriend, de hogepriester. Het idee dat de tempel van Sondok in de riolen zit, verbaast hem niets. Dat zou dan in het First Age deel van de stad zijn, onder de oude haven. Atis blijkt gevraagd te hebben of er een geheime route in het paleis van de satraap is. Ja, er zijn geheime gangen en de priester heeft een gids geregeld. Hij suggereert ook dat Ahlat misschien actief verhinderd wordt en hulp nodig heeft. De priester zegt dat hij zichzelf overschat. Atis stelt voor om het grootst bekende ritueel te doen om Ahlat op te roepen. Nou, dat is toevallig. Ene Excellent Ibis blijkt al jaren bezig te zijn bezig te zijn met een 10-voudige versie als voorbereiding op een oorlog tegen de dragonblooded. Daarvoor wil hij 1000 stieren offeren.

De gids neemt ons mee. Hij heeft geen zin om Little Shu de weg naar de riolen onder de oude stad te wijzen. In plaats daarvan lopen we door het aquaduct en kijken uit over de stad. Het is een oude onderhoudsgang met her en der grafitti en noodreparaties. Op enkele plekken zitten jaden zegels. Daar komt essence vanaf, maar we komen er niet achter wat ze doen. Op een gegeven moment nemen we een vertakking en dan komen we bij een bassin. De gids zegt dat het de waterkelder van het paleis is. Hij doet een geheime deur voor ons open. Atis geeft hem een muntje en we nemen afscheid. In de cisterne staat een meter water. Er zijn loopbruggen en een trap omhoog. Sommige zuilen zijn van oude beelden gemaakt, eentje daarvan staat ondersteboven. Atis zet zijn Essence Sight aan. Het blijkt een Demesne te zijn. We lopen wat rond in de kelders om het middelpunt te peilen. Het voelt alsof dat middelpunt onder de top van de berg zit. Van buiten voel je niet dat er een demesne is merkt Atis op – hij heeft hier gewoond. Hij zegt dat we naar gangen moeten zoeken die de berg ingaan.
Sarina vindt iets in het pleisterwerk achter een rij wijnrekken. Er blijkt een dichtgepleisterde deur te zitten. Atis doet de Lock Opening Touch, we horen een klik. Met enig geweld krijgt hij de deur open. Een muffe donkere gang. Ghurkan zet zijn anima aan. De gang is witgepleisterd, maar het is hier en daar afgebladderd en daar zien we dat er een wit metaal onder zit.
We komen op een T-splitsing. Voor ons is een afbeelding van Sol met vier armen. Atis’ gevoel zegt dat we rechtdoor moeten.Sango en Atis inspecteren de afbeelding, maar het is niets meer dan dat: een afbeelding van Sol glorieus. We nemen de gang linksaf. De gang loopt in een grote cirkel met zes zijgangen naar buiten en bij elke splitsing staat een afbeelding van Sol: als draak, bezig om primordials te roosteren; bij een piramide waar een dragonking een mensenhart offert; met zes kleinere goden om zich heen; met solar exalts die voor hem knielen; in transformatie van draak naar mens. Ze staan niet in volgorde. De mouse of the sun mijmert dat het lang geleden was. We inspecteren de afbeeldin g van Sol met de zes godinnen. Dat is inderdaad de deur en omdat we solars zijn mogen we er in. De gang is warm. Er zijn nissen in de wand met beeldjes van mensen, vogels, dragonkings en andere intelligente wezens uit de first age. We komen in de heart chamber. Die is zes meter diameter. Hij heeft vijf openingen. Wij komen door één binnen, de andere vijf leiden naar kamers. In het midden staat een stalagmiet onder een stalactiet. Er tussen in hangt een goudkleurige heartstone. Sango wil hem scannen, maar Atis heeft hem al gepakt. Zij legt uit dat heartstones vaak speciale krachten hebben. Atis geeft de steen, Sango zegt: “Gaan jullie de zijkamers maar verkennen” en gaat zich concentreren.
De andere kamers zijn woonvertrekken, badkamer, hobbykamer, lege bibliotheek. De food replicator blijkt het nog te doen. Het ruikt goed. Ghurkan krijgt wat herinneringen terug van zijn vorige incarnatie.
De resonantie van deze plek is Wet and Orde. Als Ghurkan de steen even vasthoudt voelt hij de resonantie: dit is een eclipse heartstone. Hij wil hem graag hebben ebidt Atis zijn Autochthoonse heartststone Consumption Cog in ruil aan. Atis steekt hem in de tweede socket van zijn harnas. Dat is ook door Autochthon gemaakt, dus de heartstone past perfect. Ghurkan stemt zich af op de steen en Sango probeert de voedselreplicator. De mouse of the sun is intussen op de stalagmiet geklommen en zit nu in meditatiehouding waar eerst de steen hing.
Atis, Little Su en Sarina verkennen de kamers en zijgangen. Sango blijft bij de mediteerders en neemt een douche met first age shampoo, conditioner en zeep. Alos ze helemaal schoon is, heeft het muisje een andere houding aangenomen. In zijn handje groeit een memory crystal. Als het compleet is geeft hij het: “Pak aan, jullie zullen het nodig hebben.”
“Maar we hebben geen reader.”
“Daar zul je zelf voor moeten zorgen.”
Sango krijgt het idee dat deze manse met sorcery gemaakt is, en dat een eclipse nu eenmaal een bibliotheek hoort te hebben. Maar dat de toenmalige solar hem nooit in gebruik genomen heeft.
Little Shu ziet dat Atis’ harnas nog één lege socket heeft. Hij biedt hem zijn Autochthoonse heartstone Assassin’s Widget aan. Hij verwachjt er te zijner tijd wel wat voor terug.

We discussiëren over wat we gaan doen, de satraap opzoeken of achter Sondok aan.

Tanais – 21

Tussendoor avontuur 21 – 23 februari 2012

Chang en Claude genezen Gwan. Dan gaan we naar het Zuiden: ruimte 6. De onderwaterwereld ziet er nog hetzelfde uit. We gaan het scheepswrak in en worden aangevallen door 3 haaien. Gwan wordt gemist, Risha hakt twee keer en schakelt er eentje uit. Claude haalt de wagen terwijl Chang en Risha de haaien op afstand houden. Er komen er steeds meer. Per ongeluk schiet Risha een pijl in Chang’s rug.
Dan vinden we de doorgang naar vak 1 en kan de race eindelijk beginnen.
Als we het kasteel betreden, is iedereen weer genezen. Risha geeft zijn boog aan Chang, die kan daar toch wat beter mee omgaan. Het is mistig in het kasteel, er hangt een nare sfeer. We rijden door. De trap is lastig met zo’n wagen, maar het lukt. Dan wordt de pegasus aangevallen door iets onzichtbaars. Het dier raakt bewusteloos en het monster, een onzichtbare bloedzuiger, wordt zichtbaar als een wolk bloed. We verslaan het snel. Chang en Claude helpen de pegasus. Dan bereiken we vak 2.

The RoSE – 11

The ROSE sessie 11 – 16 februari 2012

Na het Deliberative maken de lunars nog kennis met hun solar mates. We moeten ook nog beslissen op welke queeste we gaan. Naar het Noorden voor de Bull of the North of naar het Zuiden op verzoek van Resplendent Jade.
Onze lunars worden uitgenodigd voor een informele moot. De elders vertellen dat de tempel van Sol ontwijd is door Sol zelf. Als we ooit een dragon king tegenkomen .. die zou hem kunnen herwijden. Tot die tijd kan niemand er binnen zonder de vervloeking van Sol op te lopen, zeker solars niet. De tovenaarsschool hier is maar een dependance, de echte wordt beheerd door de lunar elder Rakshi. Volgens White Owl is dat een aardig mens. Ze neemt ook leerlingen aan, als het lunars zijn. Onze lunars willen graag bij elkaar blijven. Ze zijn nu net een lunar circle, die opbreken zou niet alleen jammer zijn, maar ook ondankbaar. Ze willen wel naar het Noorden, mede omdat onze solars de meeste belangstelling hebben voor het Zuiden.
Ates gaat kennis maken met de andere solars. De anderen vinden hem wel sympathiek en we willen hem een heartstone lenen om zijn harnas mee te activeren (een Autochthoonse Terror Projector). Ook gaan we met hem naar de ruxefnes van het archief (House of Records) om informatie te zoeken over zijn vorige incarnaties. Het dossier is summier, maar dat hebben we eerder gezien bij een night caste. Na onderzoek blijkt het dossier versleuteld te zijn. Ghurkan is daar goed in. Hij ontcijfert het. Het blijt een instructie op te leveren om een bepaald slot te openen. Er begint hem iets te dagen. Er zit ook een ingewikkeld zegel bij wat niet in enige taal of mythologie voorkomt, het zou nog wel eens een wandelroute kunnen zijn.
Als we het uitproberen komen we bij een half abstract beeld van een godin met acht armen. Als Atis drie maal klopt materialiseert er een slot. Naast de instructie moet hij nog een extra handeling uitvoeren, voor het geval iemand hem wellicht gedwongen zou hebben het te openen. Dan zou het geheel exploderen. Atis krijgt hem open zonder de val te triggeren. In de sokkel vindt hij een stapel kristallen documenten, een zwarte mantel en een armband in de vorm van een zilveren slang. Hij doet de armband om en hoort een stem in zijn hoofd. “Welkom. Fijn dat je er bent.”
De mantel mag hij niet aandoen van de armband, dat kan pas als hij meer ervaren is. En hij moet eerst de gebruiksaanwijzing lezen. We bedenken dat het Deliberative vast wel een leesapparaat heeft voor de kristallen. Ghurkan laat hem de schroeiplek zien waar het paleis van zijn eerdere incarnatie stond. Atis is onder de indruk.
Eén van de siderials, he meisje in het rode harnas, komt naar ons toe. Het is tijd om te gaan. Vreemd genoeg vindt ze het niet erg om eerst nog even naar de Roseblack te gaan. Atis had nog een date tegoed met haar. De siderial zegt: “Die moet in topconditie zijn voor de veldslag van morgen.”
Ze verandert in een imposante krijger die een gat in de werkelijkheid slaat. Als we erdoorheen stappen komen we in mooi gedecoreerde vertrekken. Als dit dragonblooded barakken zijn x85
“Je hebt 2xbd uur.”

Atis laat zich aankondigen en wordt inderdaad toegelaten. Hij nodigt ons uit om kennis te maken en stelt ons voor als ‘zijn soort’. Ze knippert met haar ogen en houdt zich goed. We stellen ons voor en xzeggen dat we uit Nexus komen.
“Ik heb het nu te druk, maar als jullie Lookshy bezig houden dan hebben wij rust aan onze Oostkust.”
Daarna wil ze graag even alleen zijn met Atis.
Sango vraagt naar de bibliotheek. Daar zijn twee wanden met boekenkasten, een kristallen ding met een gleuf erin en een drie wandtapijten. Twee zijn abstract en de derde stelt zwarte mensen voor die dansen voor een gebouw met stierenhoorns erbovenop. Sango glipt nog even terug om de kristallen van Atis te halen. Ze probeert hem en Roseblack niet teveel te storen want die hebben er geen gras over laten groeien. Als ze ze in de lezer steekt, bevat één kristal instructies om een spinnenrobot te maken, één voor zingende apen (Treesingers), één voor een gevederde slang (heel mooi) en de vierde voor de Cloack of Death. Deze is gemaakt van geminiaturiseerde patternspiders, ‘devourers’ gemaakt om niet-magische dingen op te eten. Twee manieren om te gebruiken, eentje is om hem door een slachtoffer aan te laten trekken. (WotLA p.108)
De gevederde slang was waarschijnlijk zijn meesterwerk, daarna is hij pattern spiders gaan leren maken, en weer later is hij gek geworden en zingende apen gaan maken.

Sarina houdt het leger in de gaten. Het is een hecht en gedisciplineerd leger van (oorspronkelijk) uitschot dat trots is op hun ‘Red Piss Legion’ en goed samenwerkt, ook mensen en dragonblooded samen. Ghurkan hoort de entourage uit. Volgens hen is Roseblack zeer bekwaam. Alleen de keizerin was ook zo bekwaam. En ja, zij is ook ooit bij het legioen gekomen omdat ze iets had gedaan wat ze niet had moeten doen.

Na een paar uur komt de siderial, weer in de vorm van een krijger, ons weer ophalen. Atis en Roseblack hebben het goed naar hun zin gehad. Zij vertelt ons dat ze de baas van het Heptagram gaat verslaan. De siderial zegt tegen ons: “In het paleis van de satraap ligt een heartstone, waar hij het bestaan niet van kent”
Atis vraagt de siderial om op Roseblack te letten.
“Haar lot staat in de sterren geschreven. Daar blijven wij van af.”
Hij voegt er aan toe dat hij bij de slag om het Heptagram zal zijn. Dan maakt hij weer een gat in de werkelijkheid maar deze keer gaat hij niet met ons mee.

We komen in een warme ochtendzon op een brede, luxe straat met meerdere rijen palmen. Het is vrij druk. Spelende kinderen, vrouwen, dikke mannen in draagstoelen. Aan de ene kant van de weg zien we de lager gelegen oude stad met een haven, aan de andere kant een relatief nieuwere villawijk op heuvels. De weg voert van een krottenstad voorbij de stadsmuren, die tot aan de horizon lijkt te lopen, naar de andere kant van de stad. Daar zijn twee heuvels. Op de ene staat het gebouw wat we op het wandtapijt zagen, op de andere staat een houten palissade. Daar zit de Leopard King op de leopard seat. Wij moeten hem vertellen dat we voor Harmonious Jade komen – en ook niet veel meer dan dat. Atis vraagt een voorbijganger naar het paleis van de satraap. Die wijst naar de bovenstad c.q. villawijk. Daar is op het hoogste punt een stenen palissade, bewaakt door dragonblooded die hun anima banner aan hebben staan. Erachter is een marmeren paleis te zien.

Opeens ziet Atis er uit als een wood-aspect dragonblooded. Hij spreekt een voorbijganger aan. Dan vertelt hij ons dat de lokale god Ahlat zó machtig is dat de dragonblooded Immaculate Order hem niet kan controleren. Dus als er hier een demon rondloopt waar de ze hulp tegen nodig hebben, dan moet die wel erg gevaarlijk zijn.

De lokale bevolking is zwart van huid. Qua kleding zijn ze in twee duidelijk verschillende groepen te verdelen. We lopen naar de twee heuvels. Daar aangekomen stelt Atis zich voor als Awufale (tovenaar): “Ik zal zeggen dat er een tovenaar is voor de abominaties!”.
We mogen doorlopen naar de houten palissade. Als we de trap oplopen gaan er bij iedere tree vuurtjes branden. Ze geven aan dat we essence-users zijn. We horen trommels.
Binnen de palissade is een grasvlakte. In het midden staat een baldakijn op een verhoginkje. De zuilen zijn van cederhout. Er staat een stoeltje zonder rugleuning en overal liggen luipaardvellen, de Leopard Seat. Op de stoel ligt een wat gezette jongeman. Hij heeft zenuwtics, zweet en is erg nerveus. Als we de naam Harmonious Jade noemen weet hij meteen wie wij zijn, en hij vertelt dat het land volgens hem wordt aangevallen. Ontploffingen op straat. “En, nee x85 Harmonious Jade is er niet. Die moest naar het Zuiden voor een Orb of zoiets. Ze is een abominatie, een ‘night caste’, maar ja je moet het doen met de allies die je kunt vinden.”
We horen hem verder uit. “Ja, er is een cultus. Ze noemen zich Salmalin. Vroeger waren ze relatief onschuldig, maar ze plegen sinds een maand of drie aanslagen. Het begon met kleine dingen, eens per week een bom, maar nu zijn het er al twee per dag. Allemaal zijn ze te herkennen aan de kleuren rood en zwart, er worden ook vaak granaten (donkerrode edelstenen) gevonden op de stoffelijke resten van de daders. Ze zijn erg fanatiek, de meesten worden gedood tijdens de aanslag, de rest wordt tijdens de arrestatie gedood door de wacht. Een complicatie is dat de satraap, een dragonblooded, geen interesse lijkt te hebben.”
De satraap is afkomstig uit het Realm. Hij heeft een wacht van 100 dragonblooded. Laten we vooral een low-profile houden. De Leopard King heeft een huisje voor ons geregeld, het heet ‘la Refuge’ en ligt aan de Street of Palms. Sango vraagt naar de functie van de koning. Die vertelt dat er vijf stammen zijn. De Leopard Seat is de troon, hij zit op de troon en is dus hun koning. Hij is het nu 30 dagen. De dragonblooded hebben zijn voorganger vermoord. We praten hem moed in.
De satraap heet Cathak Voper, een financieel genie, devoot Immaculate en verliefd op de schoonheid van dit land. Hij wijst Ahlat af, maar kan hem niet bedwingen. De Leopard King adviseert ons om bij de tempel langs te gaan en offers te brengen, want zonder Ahlat’s steun lukt het zeker niet. Zijn zus is momenteel Bride of Ahlat. Een andere stam, de Isalvi van de vermoorde vorige koning, stamt af van Sol en Luna. Sango stelt voor om via zijn zus naar de tempel te gaan. Dan komt het hoge woord er uit: Harmonious Jade is zijn zus. Ze zat vóór haar exaltatie bij de cultus van Sondok, de demon van de 2e cirkel.
We gaan op weg, op zoek naar ons onderdak. Sarina scant de menigte, helaas. De kleuren van Ahlat zijn ook rood en zwart. Granaten zien we ook veel. Terwijl we lopen zien we iemand van een draagstoel overspringen in een andere. Op de daken staan plotseling boogschutters rechtop die op de dragers gaan schieten. De springer trekt aan een lont en ontploft. Grote paniek. De boogschutters schieten op het publiek. De dragers van de lege draagstoel doen tigerclaws aan en beginnen omstanders aan te vallen.
Sarina schiet een boogschutter neer. Atis rent met de Graceful Crane Stance een gebouw op en bedreigt een andere schutter x85 met een tandenstoker. Deze trekt zijn mantel open. Ook hij hangt vol explosieven. Hij trekt, maar Atis doet een Mist On Water aanval waarmee hij het trekkoord doorboort. Atis slaat hem snel knock-out met het plat van zijn zwaard. Sango trekt kinderen weg van de aanvallers met de tigerclaws. Eén wil haar aanvallen, maar glijdt uit. Sango slaat hem, en vanwege de glijpartij breekt die zijn nek. Ghurkan springt er tussen als een andere aanvaller een kind de nek wil doorsnijden. Hij is op tijd.
De aanvallers verdwijnen weer. Sango pakt de tigerclaws (excellent quality: +2) en Atis en Ghurkan dragen de bewusteloze aanvallers mee. Deze ademen moeilijk en raspend. Met Spirit Detecting Glance ziet Sarina dat dit doodgewone stervelingen zijn. Ghurkan onderzoekt ze en ontdekt dat ze rode paddestoelen in de mond hebben. Als ze die door zouden bijten, zouden ze snel dood zijn. Zolang je er op sabbelt voel je geen angst.
De stadswacht is gearriveerd en onderzoekt de lichamen. Inderdaad, de aanvallers hebben granaten oorbellen, of zwart-rode leren riempjes om de arm of zwart-rode schoenen. Sommige moordenaars dragen een halketting met een gedroogd wolvenoor. De draagstoel van het slachtoffer draagt tekenen van het huis Isalvi. Zijn dragers hadden ceremoniële zwaarden. (Het valt nu pas op dat iedereen gewapend over straat loopt.) We krijgen een compliment van de wacht voor ons opgtreden. Atis wil zich aanmelden om met hun mee te trainen, maar dat mag niet omdat hij niet uit het Zuiden komt.
Het valt ook op dat er een grijs straathondje was, wat echt iedereen heeft gezien. Dat zou ook een van de tekenen van de demon Sondok kunnen zijn. Sondok is een deel van de Yozi Ceceline, de oneindige woestein. Sango vraagt of het ook een copycat aanval zou kunnen zijn geweest. Eigenlijk wel, geeft de wachtofficier toe. Er is (behalve het hondje) niets bovennatuurlijks gebeurd. Die vervolgaanval met boogschutters was ook atypisch. En het slachtoffer – die heeft het gelukkig overleefd – is ook niet de eerste de beste. De wacht gaat het incident rapporteren als een aanval die heel wel politiek van aard zou kunnen zijn, vermomd als van de demonencultus. Hij vraagt of Atis wil getuigen. Die zegt ja en stelt zich voor als Iselsi. Hij wil weten waar we logeren. Als Atis vertelt dat we nog maar zó kort in de stad zijn dat we nog geen hotel hebben, vraagt de wachter hem om zich over twee dagen op het middaguur te melden.
Na veel praten krijgen we toestemming om de gevangenen te ondervragen. Ook wil de wacht ons tracteren. Dat gaat er natuurlijk wel in. We raken in gesprek met een jonge dragonblooded, Cathak Ever. Laat op de avond vertelt hij dat ze op expeditie zijn geweest in de jungle en daar de oudste stad van Creation hebben gevonden. Met drie pyramides en acht straten in spaken naar buiten. En een monsters! Reuzehagedissen, die sluw genoeg zijn om valstrikken te zetten. Maar niet echt intelligent, ze praten niet. De runes op de gebouwen lijken een betere, verfijndere versie van Old Realm. We kijken elkaar veelbetekenend aan.

Tanais – 20

Tussendoor avontuur 20 – 9 februari 2012

Het is stil. Alles slaapt. Kevin hangt in een heel oude taxus. Risha wil hem begraven, samen met het zwaard dat Chang van hem gestolen heeft hetgeen zijn dood is geworden. Chang laat het zwaard achter en dan zien we een glimlach rond de lippen verschijnen.
In het Noorden is een bos. Als we het naderen gaat het regenen. De bodem wordt drasssig en de wagen begint weg te zakken. Er is een bloedrode rune te zien, de zandloper op zijn kant die naar ruimte 4 leidt. Als we naar het Oosten rijden gaat het landschap over in weiden, de grond wordt harder en bij een boerderij zien we een rune X, die naar ruimte 1 leidt. Dan nog even naar het Westen om ons idee te checken. De grond gaat hellen, de lucht ook en het landschap gaat over in een Jin-Yang spiraal. Dat is de 9, de uitgang.
We nemen de weg naar het Noorden en komen in de nachtelijke bliksem terecht. Onze weg voert langs een kampvuur met brallende neanderthalers. Ze vallen ons aan. Risha probeert zijn harnas uit Elsewhere tevoorschijn te toveren, maar zijn charm werkt niet. Gwan wordt gemist en slaat er zelf ook eentje mis. Het gevecht duurt maar een paar rondes. Deze tegenstanders zijn gemakkelijk uit te schakelen. Maar Chang raakt gewond. Verderop begint de vegetatie weer door de wielen te groeien en de adem van de nachtmerries steekt de planten weer in brand. Na een korte vuurstorm brandt alles weg tot een troosteloze vlakte. Uche, uche! In het Oosten vinden we de drietand rune Ogis, de eland of elzenboom. Die staat voor vuur. En in het Zuiden de rune die er uitziet als een hoekige B.
We gaan door Ogis en vinden onszelf middenin één grote vuurstorm. Hebben we ieyts dat ons beschermt tegen vuur? Nee, niet nodig. Hier is het net als de water-ruimte. Het vuur doet wel pijn, maar we verbranden niet. De nachtmerries hebben er geen probleem mee, maar de eenhoorn en met name het groene paard moeten gekalmeerd worden. En zelf moeten we ook op pure wilskracht hierdoorheen komen. Ondanks dat alles op elkaar lijkt, kunnen we toch verkennen. In het Noorden de hoekige S rune van de zon, in het Zuiden de Lagus hout/wind rune. Die nemen we.
En dan komen we in een riool. Het blijkt dat wanneer je een ruimte voor de tweede keer binnenkomt, dat dan de bewaker wakker geworden is. In dit geval twee monsterlijke stalagmieten, die enorme zweepachtige tentakels op ons afschieten. Ze vangen Gwan en Risha. Risha wordt vergiftigd maar weet zich los te rukken. Hij raakt het monster met beide zwaarden en doet veel schade, en Chang’s khatars zijn extra effectief tegen steen, maar zelfs daarmee duurt het een tijd voordat het monster ook maar verzwakt raakt. Gwan zit stevig vast en wordt de muil van het monster binnengetrokken. Er wordt stevig op hem gekauwd, hij raakt buiten westen en begint verteerd te worden. Als Risha het monster de genadeklap geeft, verandert het in klei en kunnen we Gwan eruit trekken. Risha stabiliseert Gwan en Chang verslaat het andere monster.

3 xp en 5xp voor Gwan in verband met het éénworden met de klei.

The RoSE – 10

The ROSE sessie 10 – 2 februari 2012

We vergelijken onze boon-tattoos van de draak. White Owl heeft er geen. Zij is een elder en wij zijn een (informele) cirkel waar zij niet in zit. Ze is wel onze mentor. De draak vertelt dat hij Gatharu heet. We klimmen op zijn rug en hij stijgt op. Wijsheid gaat helemaal uit zijn dak. Rijden op een draak!
Het landschap schiet onder ons voorbij. Al snel zijn we in de wolken; we komen er uit. Het is koud. Nog hoger zien we ruxefnes, van de eens grootse stad Meru waar ooit miljoenen mensen woonden. Nog hoger. Hij zet ons af op een plein, vlak onder de top. We nemen afscheid. Als we hem zoeken voor de Sacred Hunt, dan moeten we op een hemelpoort kloppen. Hij heeft belangrijke taken in Yu Shan, maar als een plaatsvervanger van Luna aan hem vraagt om op de summoning van een beginnende lunar in te gaan … Gatharu merkt op dat we een heel gevarieerd gezelschap zijn: “Zelfs een solar! Lang niet gezien. Ik ben blij dat u terug bent! Ik hoop dat jullie gauw orde op zaken komen stellen.”
Atis mompelt wat.

Vlak onder de top van de berg staan zes gebouwen. Het plein waar we zijn geland, ligt tussen een grote koepel en een gouden pyramide. Het plein kijkt uit over een trap die afdaalt langs de Oostzijde van de berg. Onder ons liggen de vervallen paleizen van de 1st Age exalts. Onderaan de trap is de sokkel van een enorm beeld. Het beeld, dat er uitziet alsof het van massief orichalcum is gemaakt, is omgevallen en ligt met het gezicht naar beneden voor zijn sokkel. Het heeft meerdere gebouwen verpletterd in zijn val. Aan de andere kant van de trap is een pleintje met allerhande kleinere standbeelden. Nog een stuk dieper ligt een enorme draak te slapen tussen de ruxefnes. Een eindje verderop is een gigantisch paleis ontploft.
Atis kijkt gexefnteresseerd naar het gouden beeld. White Owl vraagt hem om mee te komen naar de koepel. De anderen willen ook mee. Tawuz fluistert Wijsheid toe dat hij zich gedeisd moet houden. De deur gaat moeiteloos open als White Owl er haar hand op legt. We lopen door een lange gang met standbeelden, daarna komen we in een ronde zaal met drie rijen stoelen en een spreekgestoelte in het midden. White Owl gaat op een stoel op de tweede rij zitten en zet haar kasteteken aan. Atis gaat op een stoel op de eerste rij zitten, maar het is de verkeerde. Mei Lan is slimmer, die gebruikt haar awareness om haar stoel te vinden. Dat lukt niet iedereen meteen, maar na enig zoeken.
Wijsheid kijkt wat sip. White Owl zegt: “Je bent hier in het wetgevende lichaam. Dit is waar jij de ambassadeur van bent.”
Dan zegt ze tegen ons dat we nu Quicksand Skipper wel erg missen. Die wist wat er moest gebeuren om de AI van het deliberative te linken met die in het harnas. Wijsheid haalt zijn diamanten schedel tevoorschijn en vraagt hoe dat moet.
“Je activeert de AI door op het spreekgestoelte te gaan staan.”
Atis doet het. Zonder te hoeven roepen klinkt zijn stem luid door de hele ruimte.
“AI, hoe genees ik de Kapelaan der Zee?”
Er vormt zich een gezicht. “De Kapelaan der Zee is dood. Zijn ziel en zijn exaltatie zijn er nog. Maar hoe je zijn lichaam werkend krijgt weet ik niet.”
Atis plaatst het lichtgevende bolletje uit zijn harnas in de socket van het spreekgestoelte en stelt AI-1 voor. De twee gaan informatie uitwisselen. Het blijkt heel complex te zijn en dit gaat wel drie dagen duren.

We kijken of er nog informatie in de stoelen zit. Er blijken notulen te zijn van alle vergaderingen van het Deliberative. De laatste was twee jaar geleden. Daarin staat dat de volgende een half jaar daarna gepland stond.
Na enige discussie besluiten we om een uitnodiging voor een nieuwe vergadering voor over een week te doen. De agendapunten worden er bij genoemd: 1) De Great Curse. 2) Vertegenwoordiging van dragonblooded in het Deliberative. 3) De opkomst van de Green Sun Princes. Atis gniffelt: “Daar komen ze wel op af” als we hem verbaasd/ontsteld/ontstemd aankijken.

De komende drie dagen hebben we vrij. We oefenen diverse vaardigheden en verkennen de omgeving. Er zijn Wyld zones, door balefire verwoeste plaatsen en shadowlands. We leggende Kapelaan in een shadowland. Daar begint hij langzaam te genezen. Dat gaat heel erg lang duren, meerdere maanden, omdat hij zo zwaar gewond was. Na drie dagen gaan we weer naar het deliberative om te kijken wat er uit het overleg van de AI’s is gekomen.

AI-1 verklaart dat de Great Curse magie is op he niveau van de Primordials. Het kan dus worden opgeheven door Primordials. Gaia of Autochthon zouden het kunnen met de kennis die hier nu aanwezig is. De yozi’s ook, maar die zullen het niet willen. De Incarnae zouden het ook kunnen: Sol, Luna, of de 5 Maidens samen met het Loom of Fate. Hier in de Deliberative is de curse plaatselijk opgeheven door de Quicksand Skipper. Hoe de vloek kan worden opgeheven met het Loom of Fate staat nu ook in AI-1. De AI van de schedel van Wijsheid is niet groot genoeg om ook een kopie te kunnen bevatten.
Eye of Autumn merkt op dat de meeste exalts niet zullen (willen) geloven dat de great curse een probleem is. We moeten dus argumenten en een strategie bedenken om ze mee te krijgen. Lunars kun je nog wel overtuigen door ze met volle maan uit te nodigen. We realiseren ons dat het net volle maan geweest is, en wij hebben nergens last van gehad. Wat zou de siderials overtuigen? Nancy legt uit dat ze normaal altijd meestemmen met Chejop Kejak, de oudste siderial. Maar als je naar de notulen kijkt, zie je dat bij de laatste vergadering sommigen tegen gestemd moeten hebben. Nancy merkt besmuikt op dat ze zich daar niks van herinnert. Een tweede argument is dat in de notulen staat dat ‘Het Masker is gebroken’. Na navragen bij de AI blijkt dit te gaan over de constellatie die zo heet. Het is heel erg geheim! Dat het in de notulen staat kan als tweede bewijs gelden. Het breken vond twee dagen voor de Usurpatie plaats. Nancy en White Owl zullen de resultaten van hun queeste moeten presenteren.
Nancy vraagt aan Atis: “Meende je dat, over de dragonblooded?”
“Nou,” zegt Atis, “lid maken gaat wat ver. Maar vertegenwoordigers uitnodigen lijkt me wel een goed idee. Als ik me de verhalen goed herinner, was het probleem dat men niet meer naar elkaar luisterde.”
Wijsheid zegt dat hij zich verhalen van oma herinnert. “Zelfs de yozi’s waren ongerust over de usurpatie. Als de natuurlijke orde teveel op zijn kop staat kan de Slaper wakker worden. Creation is door de primordials gebouwd als een burcht, bescherming tegen iets waar ze bang voor waren.”

Voordat de vergadering begint, beklimmen we nog het laatste eindje naar de top. Daar staat een marmeren gedenkteken met de namen van alle dragonblooded winnaars van een vierjaarlijkse wedstrijd bergbeklimmen. Daaronder staan de namen van de solars die het deliberative heropgericht hebben. Vanaf hier kun je heel Creation zien. De lucht heeft een speciale eigenschap: het focust als een verrekijker zodat je alles haarscherp kunt zien, hoe ver het ook is. Je kunt zelfs de elementaire polen zien en ver in de wyld kijken. Helermaal in het uiterste Noorden, ver voorbij Creation, is een naaldvormige top die nog hoger is dan deze berg.
His ziet een oude man in rijke gewaden met zevenmijlslaarzen de berg op komen lopen. We heten hem welkom. Hij stelt zich voor als Fokuf. Als hij Tawuz, Wijsheid en marina zich hoort voorstellen met de familienaam Regenboog, betuigt hij zijn deelneming. De vloot van het keizerrijk is op weg om de opstand van hun familie neer te slaan. Hij vertelt dat hij pas twee weken geleden geëxalteerd is. Hij was de sterfelijke regent in afwezigheid van de keizerin, een compromis tussen de grote huizen. Hij blijkt de exaltatie van Quicksand Skipper te dragen. Als eerste daad heeft hij de Wyld Hunt opgeheven – met argumenten. Hij zegt dat hij in de afgelopen twee weken alles heeft moeten heroverwegen wat hij altijd heeft geloofd.
We kijken nog even bij de Kapelaan. Hij herstelt, maar heel langzaam. Een aantal spoken verzorgt hem. Uit het shadowland komen drie abyssals. Een mummie, een man in harnas en een dominatrix.
Uit het noorden arriveert een luchtschip. Er stappen 10 baardige mannen en stoere vrouwen uit. Allemaal lunars, behalve hun chef Bull of the North, dat is een solar.
Vanuit de sokkel van het omgevallen monument komen een aantal solars (onze andere personages: Ghurkan, Little Shu, Sarina en Sango).
Er verschijnt een hemelpoort, een sfinx opent hem en onder bazuingeschal verschijnen er vijf siderials: jong, mooi, te vergeten. In gekleurde harnassen: rood, wit, zwart, blauw, violet. Allemaal jonge meisjes. Atis vraagt of ze de vorige keer bij de stemming waren. “Ja,” dat waren ze.
“En was het unaniem?”
“Ja natuurlijk.”
“Houd dat vastx85”
Degenen die hun solar/lunar mate tegenkomen, merken dat meteen. Eén van Bull’s lunars wordt lijkbleek als ze de mummie ziet. “Wat is er met jou gebeurd?”

Iedereen gaat de zaal binnen en zoekt zijn stoel. De abyssals zitten tussen de solars. De lunars zitten achter hun solar mate. AI-1 zit in een socket en schijnt vanaf het spreekgestoelte, er is een zetel voor Wijsheid geregeld en de zonnemuis zit op de schouder van Sango.

The Deliberative
Vijfde vergadering na de Usurpatie

Y 770, het zevende jaar na de verdwijning van de Scharlaken Keizerin. Dag 6 van Ascending Air.

Aanwezig zijn
7 Solars, 15 Lunars, 5 Siderials, 3 Abyssals
1 Mouse of the Sun (genodigde)
1 Animating Intelligence: AI-1 (genodigde)
1 Dragonblooded: Regenboog Wijsheid (genodigde, later lid namens de dragonblooded)

1. Opening door voorzitter Ghurkan
2. Voorstellen van de genodigden
3. De Great Curse.
Lunar White Owl krijgt het woord. Zij gedenkt de overleden solar Quicksand Skipper en meldt dat de Kapelaan der Zee te ernstig gewond is om deze bijeenkomst bij te wonen. Ze meldt dat de verloren kasten van de lunars kunnen worden teruggevonden in de tempel van Luna.
Siderial Nancy Endings herinnert White Owl er aan dat dit punt over de Great Curse gaat en neemt het woord. Na enige aanmoediging presenteert zij de bewijzen.
De overige siderials, allen Gold Faction, nemen dit punt op en gaan het uitzoeken. Omdat gebleken is dat exalts buiten deze zaal de Great Curse weer vergeten, stelt Nancy voor om de tekst op hun huid te tatoeëren. Hiermee wordt ingestemd. White Owl zal het doen.
4. Zetels in het Deliberative voor niet-celestial exalts
Solar Atis verdedigt het voorstel om de ambassadeurs van Creation, de dragonblooded en de goden in het Deliberative op te nemen.
a. De stemming over de ambassadeurs staakt. Na een gloedvol betoog van Atis wijzigt een lunar haar stem van tegen naar onthouding. Het voorstel is aangenomen. Dragonblooded Regenboog Wijsheid wordt verwelkomd als lid en krijgt het woord. Zijn familie levert de ambassadeur van Creation naar Malpheas. Hij weet van drie ambassadeursfamilies: naar Yu Shan, Malpheas en de Wyld. Inmiddels hebben die families allemaal drakenbloed. Hij weet niet of er ook een ambassadeur naar de Onderwereld is.
b. Dan volgt een discussie over het aantal zetels voor Dragonblooded. Als er op gewezen wordt dat dan de keizer(in) c.q. shogun een zetel krijgt, wordt eventueel stemrecht voor Dragonblooded onbespreekbaar.
c. De siderials wijzen er op dat goden laten meebeslissen over Creation gelijk staat aan het teruggeven van het Mandaat van de Hemel. Het voorstel om goden in de Deliberative op te nemen wordt ingetrokken.
5. De Green Sun Princes
Abyssals de Koning van 20 Landen krijgt het woord. Bij het breken van de Jaden Gevangenis zijn 150 solar exaltaties buit gemaakt. 50 exaltaties zijn aan de Yozixb4s gegeven en door hen xb4omgebouwdxb4. De Deathlords kregen er 100 en die zijn bij wijze van spreken xb4binnenstebuiten gekeerdxb4. Hij legt het verschil uit tussen akumaxb4s en green sun princes: een akuma is een exalt die zijn ziel verkocht heeft aan de yozi’s en heeft geen vrije wil meer. Een green sun prince is een solar die ‘omgekat’ is naar een andere zon zoals Ligier. Er waren ooit vijf zonnen. Ze waarschuwen dat de GSP’s de yozi’s dienen en dus ook heel andere doelen hebben dan de Neverborn en de abyssals. De Mouse of the Sun meldt dat Sol niet verwacht had dat de yozi’s zo slim zouden zijn.
6. Wat verder ter tafel komt
a. Lunar Regenboog Tawuz brengt de waarschuwing van zijn grootvader over, de vorige ambassadeur naar Malpheas. “De Ebben Draak heeft de uitgang gevonden.” Solar Fokuf, regent van het Realm, voegt hieraan toe dat de verschillende versies van Broken Winged Crane, een nog niet geschreven grimoire die zichzelf terug in de tijd projecteert, beginnen te convergeren. Het thema van de zwarte draak en de rode koningin wordt steeds belangrijker.
b. Op voorspraak van enkele lunars vergeeft de Mouse of the Sun White Owl voor het inbreken in de smidse van Autochthon en het stelen van AI-1.
c. Tawuz vraagt waar GSP’s aan herkenbaar zijn. Koning van 20 Landen zegt: de kleur van hun aura (groen) en vermogens die alleen een primordial kan schenken zoals bijvoorbeeld het oproepen van twintig demonen tegelijk. De motie dat iedere solar voortaan bij binnenkomst in de zaal van het Deliberative zijn anima aanzet, wordt unaniem aangenomen.
d. Solar Bull of the North meldt incursies van de Fay, gif en sabotage. Hij doet een oproep om hulp. Er zal na de vergadering een groep lunars en solars worden samengesteld.
e. Siderial Bloedzwaard meldt grootscheepse incursies van de Fay in het Oosten. Tientallen lunars zijn gedood. Zij vreest voor een tweede Balorian Crusade.
f. Siderial Zwaardvis meldt dat hetzelfde gebeurt in het Westen. Bronze en Gold Faction werken daar samen. Er zijn al zo’n vijftig lunars gedood. Maar ze hebben goede hoop dat V’neef Bijar de oplossing vindt in de Imperial Manse.
g. Fokuf meldt dat de burgeroorlog in de Realm ieder moment kan uitbreken. De twee belangrijkste partijen zijn Mnemon en Tepet Evaja ‘de Rose Black’. Hij waarschuwt de familie Regenboog dat de oorlogsvloot van het Realm naar An Teng onderweg is.
h. Siderial Sheik Yarbootie beschrijft de aanvallen van de Wyld in het Zuiden en de opkomst van de demonen cultus Sondok. De lokale solar Harmonious Jade kon niet komen en vraagt via haar om assistentie. Er zal na de vergadering een groep lunars en solars worden samengesteld.
i. Tawuz stelt voor om de Deliberative AI te programmeren zodat over een half jaar automatische een uitnodiging rondgaat voor de vergadering. Dit voorstel is bij acclamatie aangenomen.
j. White Owl bedankt de lunars Regenboog Tawuz, Regenboog Marina, His, Shi Mei Lan en Eye of Autumn voor hun inzet. Zij verklaart dat zij hun opdracht goed hebben vervult en ontslaat hen van hun verplichtingen. Zij zijn nu volwaardig lid van het Silver Pact.
7. Sluiting

Het Westen: De siderial bronzen en gulden factie werken (voorlopig alleen in het Westen) samen. Een gecoxf6rdineerde aanval vanuit de Wyld heeft in het Westen alleen al aan meer dan vijftig lunars het leven gekost. Leviathan is niet gexefnteresseerd. 10 nieuw geëxalteerde lunars uit het Noorden zijn door het Zilveren Pact naar dit Deliberative geroepen om hier te worden gebriefd. Eén lunar raakt volkomen in de war als hij er achter komt dat zijn solar maatje een abyssal in de vorm van een verschrompelde Inca mummie is.
Het Oosten: Afgezien van de aanvallen vanuit de Wyld is er in het Oosten weinig nieuws te melden. De lunars vrezen voor een tweede Balorian Crusade. De eerste is 770 jaar geleden afgeslagen door de Imperial Manse, maar zonder de keizerin om die te bedienen is er een probleem. De siderials zeggen hun hoop te hebben gevestigd op V’neef Bijar. Wanneer solars voorstellen om zelf naar de Imperial Manse te gaan, komen de siderials met een ingewikkelde voorspelling over een burgeroorlog en de val van het Rijk, waarna heel Creation in een grote anarchie verandert.
Het Zuiden: De oeroude cultus van 2nd circle demon Sondok is weer in opkomst. Een lokale solar was tot haar exaltatie zelf lid van die sekte. Zij kan niet komen maar heeft aan de Gold Faction siderials een oproep gedaan om hulp. De lunars hebben ook hier last van de Fair Folk, maar ze kunnen het wel hebben. Voor de rest is er niks bijzonders te melden.
Het Noorden: De Bull of the North heeft het Rijk een gevoelige slag toegebracht en dat wordt algemeen gezien als een goede zaak. Maar er zijn veel bandieten actief, die alles verbranden wat ze niet mee kunnen nemen: boerderijen, het graan op de velden, alles. Her en der wordt vergif achtergelaten op de trekroutes van de rendieren. Er dreigt honger, maar de Bull en de lunars hebben het ook hier veel te druk met de aanvallen van de Fair Folk die hun kans schoon zien nu de keizerin afwezig is. Gelukkig zijn hier veel minder slachtoffers gevallen.
Het Deliberative roept, bij wijze van experiment, een gemende groep jonge lunars en solars op om de problemen van het Noorden en het Zuiden op te lossen.

5 Xp ook voor de solars

Tanais – 19

Tussendoor avontuur 19 – 12 januari 2012

Sorceror’s well, de poort is open. Claude zit op de bok, wij springen er ook op. Althans, Risha springt mis. De tweede poging is wel raak, maar Godefried is al weg. In de lucht hangt een bloedrode X, het is de rune die staat voor ‘contract, uitwisseling, gaven die je krijgt en die je geeft – voor wat hoort wat’. We rijden er in volle vaart doorheen. Een knal alsof we door de geluidsbarrière heen gaan. En dan zijn we in een wolkenhemel. Vijftien wolken in drie rijen van vijf. We zien Godefried net in wolk nr. 9 verdwijnen. Risha kiest wolk 2. Als we er in duiken komen we in een moerassig bos in dikke mist. De bomen en de grond zijn van massieve mist.Er is geen pad te zien. Claude ontwijkt de bomen behendig. In de verte zien we fakkels. De wagen kan op een gegeven moment niet meer verder omdat de bomen te dicht op elkaar staan. We horen geluiden in de bomen, apen. Stapvoets rijden we om de verlichte plek heen. Er staat een gebouw, aan de achterkant staan ook fakkels. Maar we komen er met de kar niet dichterbij. We laten Chang, Sandra en Florence bij de wagen achter om de apen op afstand te houden en de anderen gaan te voet verder. Claude laat een spoor achter van gebroken takken zodat we de weg terug kunnen vinden.
Het blijkt een tempel te zijn die gemaakt is van met mos overwoekerde blokken basalt. De fakkels branden onnatuurlijk fel. Het is een hybride hindoetempel – maya piramide. We gaan een trap op en komen bij een opening. Er schiet een slang weg. Binnen lijkt het meer op een donkere grot dan op een tempel. Om de duisternis te verdrijven zetten Gwan en Risha de anima’s aan. Achterin zien we het beeld van een gehurkte man met vier armen, een maansikkel achter zijn hoofd en een enorme erectie. Het is de Shintasta god Pashupati. Voor hem staat een offersteen. Gwan weet gelukkig veel van de rituelen af en weet dat aan deze god zoete witte melk wordt geofferd. Als hij het beeld aanraakt, krijgt hij een schok. Dat is blijkbaar niet de bedoeling.
We gaan terug naar de paarden. Daar worden Chang en de meisjes door apen bekogeld. Hedt is maar goed dat ze gebleven zijn, want anders was de wagen nu leeggeplunderd. De pegasus blijkt een merrie te zijn en ze heeft melk. Claude melkt haar en dat valt nog niet mee. Risha herinnert zich dat er ook slingers van oranje bloemen om de godenbeelden worden gehangen. Verder zijn de juiste mantra’s nodig en er moet een vuur worden ontstoken. Hij gaat bloemen plukken. Sandra kent de mantra’s. “Toch wel handig zo’n brahmaan,” zegt Claude. Een eerste toenadering? Als Risha terug is, leert Sandra hem de mantra’s. Dan voert hij het ritueel uit en dat doet hij perfect (8 successen). Het is maar goed dat hij het doet en niet de brahmaan, want als het beeld tot leven komt realiseert hij zich dat juist dit ritueel hem tot koning maakt (als hij de race wint).

Het beeld groet hem plechtig. “Namasté!” Risha offert de melk. Het beeld vraagt wie zijn gezellen zijn. Hij kijkt indringend naar Claude en er schiet een vuurstraal naar hem toe. Claude ontwijkt het behendig. De god knikt goedkeurend en gebaart dat hij mag knielen. Gwan knielt ook.
Voor wat hoort wat, bedankt voor de prasaat,” zegt Pashupati, “Neem zelf ook wat. Het is lang geleden zo’n wedren. Sinds Godefried is er nog maar één geweest. Hoe gaat het eigenlijk met hem?
Risha neemt beleefd een slokje van de aangeboden melk. Hij weet dat er zeven generaties vóór hem een broederstrijd is geweest, dus dat zal de vorige wedren zijn geweest. En nu snapt hij waarom zijn broer iedereen heeft willen vermoorden voordat hij gekroond werd. Hij vertelt over Idris. De god is hier niet blij mee. “Dan heeft Godefried een andere god/tempel om zijn zegen gevraagd.
Het beeld opent een portaal boven in de grot en zegt: “Breng voortaan meer offers. Haal de wagen en stel mij alsjeblieft de juiste vragen.
Gwan: “Hoe houd je het vol?
Pashupati geeft een uitleg over hoe het is om een Shintasta god te zijn.
Risha: “Hoe kunnen we Godefried verslaan?
Door de juiste route te kiezen. Houd het goed bij! Er zijn portalen waar je doorheen moet, dit is een soort voorportaal. Hierboven kom je in een ruimte met doorgangen naar de andere ruimtes in het magische vierkant.
Claude: “Kunnen we u weer bereiken?
Ik ben overal waar je een beeld van me tegenkomt.
Gwan: “Wat zijn de zwakke plekken van Godefried?
Hij is niet meer zo geliefd onder de goden. Wij gunnen Risha de overwinning. Idris mag niet winnen. Maar Godefried is wel de ongeëvenaarde wagenmenner. Dus doe je best,” en hij voegt er aan toe: “O ja, dat kind. Als jullie die kunnen x85 Wij goden zijn op korte termijn machtiger dan de oude siderials, maar die zijn beter met de lange termijn. Ze zijn ouder dan wij.
Risha: “Wat vind je van solars?
Omhoog gevallen sukkels. Maar soms zit er een Shintasta tussen. Eénoog, die is wel heel gevaarlijk. Hij is ouder dan wij. Eénoog is een transcendent wezen, hij kan in meerdere mensen tegelijk manifesteren. Idris is er zo eentje, dat is nog een jonge man.

Dan gaan we de wagen halen. Het ding kan vliegen, daar hadden we eerst niet aan gedacht. In de tunnel komt hij even klem e zitten, maar dat lossen we snel op. Als we door het gat zijn, sluit het zich achter ons. We zijn in ruimte 1. Dit is een bekende plek. Gangen met halfvergane wandtapijten en overal groene geesten met pestbuilen. Maar ze zijn nu tastbaar en echt. We vechten ons een weg door het kasteel van Bronwë. Achter ons is de trap naar de bron, voor ons uitgangen naar Oost, West en Zuid. We verkennen lopend en laten Chang en de dames even achter. Chang vindt op het Oostelijke raam in de koningskamer de ‘Nood’rune. “Als het vuur uitgaat en weer aangemaakt moet worden, is er een zuiverende periode maar ook een periode van gebrek. Begeerte moet worden aangestoken.” We rapporteren en halen de wagen. Er zijn ook sporen van Godefried, maar die heeft een andere doorgang genomen. Als Risha de rune aanraakt, trekt er een energie door hem heen, het geeft hem kracht. We slopen de muur en de rune wordt groter om het gat op te vullen. En dan kunnen we er doorheen.

Grauw, harde tegenwind. Natte sneeuw. De nachtmerries briesen stoom, de eenhoorn trilt. Het is een troosteloos oord, weer een voorportaal. Als we aankomen groeien er meteen takjes en wilg twijgen door de wielen. Het groeit allemaal heel snel. Terwijl je er een weg hakt, groeien je voeten vast. Een wilgenblaadje kijkt door het raam van de wagen. “Hallo.” Claude vraagt of ze ons los willen laten. Nee dus. Risha zegt: “Nachtmerries briesen vuur. Misschien kunnen ze het wegbranden?
Florence praat tegen ze en “Whoosh!” het vuur brandt ons vrij. Het perspectief verandert en we staan op een berghelling. Achter ons is de boomgrens, voor ons een gletscher. Dit vak heet De Berg. Een chinees element, één van de acht trigrammen. In het vak Lucht kon de wagen vliegen, maar hier niet. Eerst maar eens naar de top. Vlak onder de top is aan de Noordzij een donkere koude plek waar de zon nooit schijnt. Daar in de vrieskou is in een poel (!) water een runde zichtbaar. “Hout, maagd, berk.”

De volgende ruimte is onder water. We zakken erdoorheen naar beneden en komen gelijk in de eigenlijke ruimte. Risha denkt dat het komt omdat we een maagd bij ons hebben en dus automatisch aan de ‘maagd’-voorwaarde voldoen. Nu kunnen we weer in drie dimensies bewegen. Dit is een oceaan. Boven ons is de schaduw van een enorme vis, In het Westen is koraal, In het Noorden wordt het snel dieper, Het Oosten is de open zee en in het Zuiden ligt een scheepswrak. We onderzoeken het wat grondiger. In het wrak is een rune X, die kennen we al. Nu even naar het koraal. Daar vinden we de rune ‘De Profeet’ en in het Norden vinden we in een diepe kloof de rune ‘Noodvuur’, die hebben we ook al gehad. We kiezen de profeet.

Nachtyelijke hemel. Het bliksemt. We komen Godefried tegen, die met hoge snelheid naar het Noorden rijdt. Hij groet ons niet. We volgen hem. Faar gat hij door de rune Lagus ‘De Rivier en de Wet’. We belsuiten verder te verkennen. In het Zuiden is geen rune, In het oosten vinden we veel bliksem en de rune ‘Taxus en de Gehangene’. Het Westen heeft ook niets. We gaan naar de Taxus en de Gehangene.

In de omgeploegde zwarte aarde groeit een grote taxusboom en er hangt een halfvergaan lijk aan. Zijn kleding is die van Archet. Er zijn een paar raven. Hij draagt een insigne van Eénoog. We herkennen hem als de vooralige eerste liefde van Chantal.

3 xp

The RoSE – 9

The ROSE sessie 9 – 19 januari 2012

We staan in een krater op de maan. In het midden is een klein bergje waarop ene schijf staat. De ene zijde is lichtgevend zilver en de andere in-en-in zwart. De sterren in de lucht zijn enorm. His doet zijn nieuwe knack, op de plaats van zijn kasteteken heeft hij opeens een groen, lichtgevend oog. Als we vragen wat hij doet, legt hij uit dat hij hiermee magie, aura’s en onzichtbare dingen kan zien.
Marina vertelt dat ze met Luna heeft gesproken. Ze is niet alleen priesteres nu, maar mag ook nog drie wensen doen. Eerst aarzelde ze om het te vertellen, maar nu we een first age circle vormen wil ze ons vertrouwen.
Tawuz kijkt rond of hij iets waarneemt. Hij ziet dat er achter de rand van de krater essence-activiteit is. De rest is aan het discussiëren, dus hij sluipt die kant op. Hij ziet twee enorme hoofden met kanten kragen die met elkaar lijken te praten. Het maakt geen geluid. Hij probeert de lippen te lezen maar het is een taal die hij niet kent. Hij wenkt Mei Lan. Die kijkt en denkt dat het old realm is. Maar zij kan het niet begrijpen. Tawuz is beter in liplezen en bouwt het na: “Het lichaam van de Heer is erg onrustig vandaag.” “Ja, maar dat is vaker zo tegenwoordig.
Intussen zijn de anderen ook aangekomen. We besluiten er op af te stappen.
Geraldine,” zegt het mannelijke hoofd, “ik zie mensjes.
Dan geven zijn ogen groen licht. “Nee geen mensjes, demonen!
Eye roept: “Nee, wij zijn lunars.
Nee! Jullie zijn demonen.
Het licht wordt rood en er schiet een straal naar His. Hij wordt geraakt.
En nu weg!
His druipt af. Met de anderen willen de hoofden wel spreken. Ze vinden ons erg klein. Ze vertellen dat zij maanlingen zijn, hun Heer is Monos, de koning van de maanlingen. Maanlingen hebben een los hoofd en een los lichaam. Hun lichamen zijn momenteel aan het koken, respectievelijk de liefde aan het bedrijven, zodat zij tijd hebben voor beschaafde conversatie. Monos is volgens het mannelijke hoofd geen god, maar een ‘god-je’; dat klinkt een beetje denigrerend dus ze noemen hem Heer. Alleen Luna, Sol en de vijf zijn “echte” goden. His’ groene licht is volgens hem het licht van Ligier, de groene zon. Het gebruik ervan maakt je tot demon (volgens hem in ieder geval). Ligier is/was de ziel van de Koning van Alles, Malpheas.
Marina vraagt naar de Ebbenhouten Draak. Die is volgens de maanlingen ‘al een tijdje niet meer gezien.’ Vroeger had hij hier een verblijfplaats, een ondergronds paleis aan de donkere kant van de maan. We vragen naar de ingang. Die is niet dichtbij. Maar volgens Eye is alles dichtbij als je van de aarde komt. Het mannelijke hoofd vraagt hoe snel onze diervormen kunnen en berekent dan dat het, als we dag en nacht reizen, een maand rennen is. De maanlingen zouden er veel sneller kunnen komen, door te denken.
Maar waarom willen jullie daarheen?” vraagt de vrouw.
Om over hem te leren.
Maar,” leggen ze ons uit, “de primordials en hun zielen heten de ‘Unquestionables’, omdat je geen vragen hoeft te stellen.
Uiteindelijk zeggen ze dat we dan maar met de Heer moeten spreken. Als we knikken, staan we opeens tegenover een oud en wijs hoofd met een lange witte baard.
Jullie moeten goed begrijpen,” zegt Monos zonder introductie, “dat de Ebben Draak geen god is, maar iets wat goden geschapen heeft. Geen natuurkracht, maar iets wat de natuurkrachten mede ontworpen heeft, …” en zo gaat hij nog even door. “Iets wat zich zo weinig van causaliteit hoeft aan te trekken, dat het zichzelf geschapen heeft.
Maar hoe bestrijd je het dan?” vraagt Eye.
Hoe bestrijd je het tegenovergestelde van licht, deugd en goedheid?” vraagt Monos.
Eye of Autumn aarzelt, “Met licht, deugd en goedheid?
Het oude hoofd heeft een zweem van een glimlach. We begrijpen het nu. Naar het verblijf van de Ebben Draak gaan heeft geen zin. We doen er geen kennis op, we worden er hooguit gecorrumpeerd. Het zijn de duistere kanten van Luna, die zij weggestopt had, die de Ebben Draak destijds aantrokken. De verhouding tussen Luna en de draak, de wederzijdse verachting, is iets kleiner dan tussen hem en Sol.
Verder praten we over de Games of Divinity. Sol speelt continu, Luna en de vijf nemen af en toe even pauze en Gaia, de laatste primordial, is niet verslaafd. Als er een methode is om ze los te weken van het Spel, dan kent Monos die niet. Ook had hij niet verwacht dat de Ebbon Dragon als eerste de uitgang zou vinden. Hij had dat verwacht van Oramos, de Dragon Beyond. We praten nog wat over het opsluiten van de primordials. Sommige zijn heel erg veranderd, andere nauwelijks tot niet.

Wat is ons plan? We willen in elk geval zoveel mogelijk lunars en solars waarschuwen. Naar de top van de heilige berg. De maanlingen kunnen ons daar afzetten! We staan met de mond open. Maar, we hebben nog reisgenoten en Eye of Autumn mist haar daiklave en kleding.
O, als het om kleren gaat. We hebben hier nog een Shalgero’s Trots liggen.
Ik zeg geen nee,” reageert Eye en opeens ligt er een blob kwikzilver ter grootte van een forse badkuip voor haar. Ze steekt er haar hand in en pompt er essence in. Bij 14 punten verandert het in een zilveren band om haar pols.
Hoe ziet je daiklave er uit?” vraagt Monos.
Eye concentreert zich en heeft een zilveren daiklave in haar hand.
En je harnas?
Opeens heeft ze het aan, maar dan van maanzilver.
Zullen we jullie dan nu op de top van de berg afzetten?
Nee, we willen toch naar de pronaos van de tempel van Luna.
En hop x85 we staan er.

Eye pakt haar harnas. Tawuz wil de daiklave van Quicksand Skipper wel gebruiken. Mei Lan biedt aan om His te genezen. Met haar vingers duwt ze de wonden dicht alsof het vlees klei was. Gelukkig doet het geen pijn.
White Owl kijkt naar de zilveren armband en zegt tegen Eye: “Kijk daar maar mee uit. Maanlingen zijn niet vertrouwen. Ik heb van dat artefact gehoord. De meeste zijn vernietigd. Waarom weet ik niet, maar we zullen er vast een goede reden voor hebben gehad.
Eye probeert hem af te doen en dat lukt niet. “Ik denk dat ik zojuist één van de nadelen ontdekt heb.
Als we buiten komen, staat de volle maan recht boven ons aan de hemel. We vliegen in dezelfde dierengedaantes weer terug. Vlak bij de schaapskooi horen we wapengekletter en geschreeuw.
Nee! Ik wil niet!
We zien vier gedaanten die omsingeld zijn door een stuk of twintig grote, roodharige gorilla’s. Nancy vecht met een martial arts wapen, een stok met twee maansikkels aan de uiteinden. De Kapelaan der Zee is zijn favoriete Magma Tentacles aan het oproepen, maar dit kost veel tijd. Atis heeft zijn harnas geactiveerd. Wijsheid en de Kapelaan lijken het het moeilijkst te hebben. Marina en Tawuz duiken op de aanvallers van hun neefje.
1. Marina stort zich op een aanvaller – het zijn demonen, Blood Apes – en transformeert vlak voor ze aankomt in haar beestvorm. Puur door haar gewicht doet ze schade. Nancy doet iets heel ingewikkelds en trekt een stuk van de sterrenhemel naar zich toe. Er valt een ster, maar die mist helaas. Eén van de apen raakt Atis, maar gelukkig werkt het harnas goed. Het is maar een kleine wond. De apen raken ook de Kapelaan. Die zijgt ineen. Ook Nancy wordt geraakt. Mei Lan activeert de scepter en gooit een Death of Obsidian Butterflies over de Blood Apes die de Kapelaan willen gaan verscheuren. Vier vallen er dood neer en dematerialiseren in een rode mist. Tawuz verandert in zijn duikvlucht ook in zijn beestman vorm, landt op één aap en haalt met de daiklave uit naar een andere. De slag is helaas mis, degene op wie hij geland was is wel gewond. Atis schopt en schiet tegelijk met een wapen in het harnas. Dat blijkt een schokgolf te produceren, Ook hiervan gaan vier apen dood. Eye transformeert in de lucht boven Nancy naar yeddim-vorm. Ze schreeuwt nog een waarschuwing naar Nancy en komt dreunend neer. His verandert ook in beestman en suist met zijn wapen omlaag naar de laatste aap die nog bij de Kapelaan staat. Hij bijt ook nog, de aap is dood. Wijsheid vecht met een dolk en mist.
2. Marina doet de Wasp Sting Blur zodat ze twee aanvallen kan doen. Ze wurgt de aap waar ze op staat en slaat naar een endere. De aanval doet weinig schade maar leidt de aandacht wel af van Wijsheid. Ondanks de slachting zijn de apen niet gedemoraliseerd. Ze zijn gewoon te dom. De aap slaat Marina en doet schade, maar niet veel. Wijsheids anima banner gaat aan. Het begint te regenen. Zijn dolk trekt sporen. Daarvan schrikken de apen wel, drie slaan er op de vlucht. Een andere slaat naar Wijsheid, maar doet geen schade. De vijfde raakt hem wel. Tawuz valt weer de aap aan waarop hij geland was, maar de slag ketst af. Mei Lan buigt zich over de Kapelaan en stelpt het bloeden. Hij is bewusteloos en was aan het doodbloeden. Atis gooit een tandenstoker en doet Cascade of Cutting Terror, waardoor het in een hele zwerm naalden verandert. De aap stort krijsend ineen en dematerialiseert in een wolk bloedmist. Er zijn nog maar twee apen over: bij Tawuz en Marina. Die worden ook gedood. De drie vluchtende apen rennen naar het gekkenhuis. Eye rent er in mensvorm achteraan en gooit een Dire Chain. Die raakt een aap en die wordt daar zo boos van dat hij omdraait en Eye weer aanvalt. His rent er ook achteraan. In het voorbijgaan haalt hij uit naar de aap die zich omdraaide. Die wordt onthoofd. Wijsheid werpt zijn dolkje en raakt één van de wegrenners.
3. Eye of Autumn rent langs de aap met Wijsheids dolk in de rug en onthoofdt hem met een Grimscythe. Alle wapens komen uit de armband. Ook deze aap stgort dood neer. His haalt intussen de laatste aap in en slaat die ook dood. Marina gaat op zoek naar Nancy. Die is kreunend aan het opkruipen. Ze heeft de vallende yeddim maar deels kunnen ontwijken en is zwaargewond. De apen waar ze mee aan het vechten was zijn allemaal dood. Het blijkt dat alle schade van de demonen ‘aggravated’ is. Dat wil zeggen dat het moeilijk te genezen is en littekens achterlaat. Tawuz hecht de wond van Wijsheid en probeert diens aandacht van de pijn af te leiden door te vertellen dat littekens eervol zijn. Hoeveel jongens van 14 zijn er die een Blood Ape demon hebben verwond en het kunnen navertellen? Mei Lan zet de gebroken botten van Nancy. We blijken de Kapelaan der Zee niet te kunnen genezen.
Opeens duikt White Owl op. Volgens haar zijn de Blood Apes opgeroepen door een tovenaar in de kliniek. Ze heeft voorkomen dat er meer kwamen. Hij is volgens haar te gevaarlijk om aan te vallen. Hij heeft de demonen opgeroepen als personeel. En hij denkt dat hij één van de ‘good guys’ is. Iemand die twintig demonen op kan roepen, is geen gewone tovenaar. “Vast een siderial!
Nancy schudt haar hoofd. Nee, gewone siderials kunnen dat ook niet. Het is waarschijnlijk een akuma, een gevallen siderial.
Maar wat doen we met de Kapelaan? Hij reageert niet eens meer op vers bloed van Tawuz en ook niet op pure essence. Als we het lichaam onderzoeken is het dood. Maar dat was het al x85 en zijn ziel en exaltatie zijn nog in het lichaam aanwezig. Mei Lan en Marina herinneren zich dat hij eens gezegd heeft dat regenereren moeilijk was buiten de onderwereld of een shadowland. Atis vraagt het zijn AI. Die zegt dat Golem-technologie niet werkt als er nog een ziel in het lichaam aanwezig is. Hiervoor moet je necromantie leren. We halen de AI van Wijsheid er bij. De twee AI’s communiceren even.
His stelt voor om de Kapelaan der Zee aan Lytek, de god van exaltatie te geven. Dat zou kunnen, maar we vrezen dat hij daarna geen abyssal meer zal zijn. Dan zijn de AI’s klaar met hun uitwisseling. Ze weten meer, maar nog steeds niets over zombies. Eye vraagt wat ze van de armband weten. AI-1 herkent het en zegt dat ze er mee uit moet kijken. Vooral rond volle maan. Maar ze ken geen details, de oude lunars waren niet zo mededeelzaam.

Tawuz gaat een baar maken voor tussen twee paarden, maar White Owl houdt hem tegen. Ze wil opschieten. Als het aan haar ligt snijden we de Kapelaan de keel over en dan vliegen we de berg op. Maar hoe nemen we Wijsheid mee, en Nancy?
Mei Lan gaat een lucht-elementaal oproepen. Dat duurt vier uur. White Owl en Nancy willen graag assisteren. Ze vinden het ambitieus en prijzen het initiatief. Tegen de tijd dat de zon opkomt, wordt de lucht kalm. We zien de zon opkomen – vreemd want we zitten aan de westkant van de berg! – en er komt een wezen van veertjes en wolkenflarden op ons af. Een diepe, donkere stem zegt: “Lunar, je hebt me geroepen. Daar heb je vast een reden voor en die ga je me nu vertellen.
Na wat gepraat blijft de draak ons vragen waarom hij ons zou moeten helpen. Hij vertelt dat de god van de maanlingen hem gevaagd heeft om deze oproep te beantwoorden, maar wat zit er voor hem aan? Op een gegeven moment zegt hij: “Als je naar me kijkt, wat zie je dan?
Opeens kijkt hij Eye of Autumn recht aan en antwoordt op haar onuitgesproken gedachten: “Een doel voor de sacred hunt? Jij durft! En je hebt nog gelijk ook. Als één van jullie me als boon geeft om mij te doden in een rituele jacht, dan hebben jullie een deal!
We kijken verbaasd.
Ik sta op het punt om een greater elemental dragon te worden. En dat wil ik niet, want dan word ik gek. Als jullie mij ritueel doden, dan kom ik terug als gewone elemental en moet ik weer heel veel essence verzamelen.
Eye zegt “Ok!” en schudt hem de hand. We krijgen allemaal een tatoeage voor deze boon. En dan mogen we allemaal plaatsnemen op de rug van de draak.

6 Xp
(+1 voor Eye of Autumn vanwege de Falling Yeddim Attack.)