GV – Jungle avontuur

Na het avondeten verzamelen de kinderen zich in de speeltuin bij molen de Punt. Alleen Ab is verhinderd, die moet met zijn moeder en zijn zusje naar opa en oma. Deze avond willen ze nog zo’n magische poort door en er is een discussie over welke ze zullen nemen. Er is er eentje in museum De Lakenhal en ze kunnen ook naar de jungle die ze achter het poortgebouw van de hortus botanicus van de universiteit hebben gezien. Uiteindelijk wordt er voor gekozen om naar de hortus te gaan. Die is natuurlijk gesloten, maar via een muurtje aan de achterkant klauteren ze de verlaten tuin in. Het is al donker en onopgemerkt door de wetenschappers die in het laboratorium bezig zijn, sluipen ze naar het poortgebouw.

Kees haalt de kris tevoorschijn en opent met behulp van de geest die daar in gevangen zit de poort.  Fel zonlicht straalt erdoor naar buiten, de geur van vochtige humus dringt naar buiten en de kinderen horen vogels en andere jungle geluiden. JungleVoorzichtig betreden ze de vreemde wereld. Er ligt een diepe laag humus op de grond die de voetstappen dempt. Hoge bomen filteren het licht. Snel wordt de poort weer gesloten, voordat de geleerden doorhebben dat er licht vanuit het poortgebouw schijnt. Mio klimt in een boom om te kijken of er ergens iets te zien is, maar op 20 meter hoogte is het bladerdek heel veel dichter en de boom is niet hoog genoeg, zodat
hij niks ziet. Inmiddels heeft Kees zich op de omgeving geconcentreerd en
hij neemt waar dat er twee bovennatuurlijke wezens in de buurt zijn, vlak bij elkaar. Hij beschrijft ze als een groot rood waas en een klein zilveren licht. Simon maakt een baken, waardoor ze de poort terug  kunnen vinden en verbergt dat onder een boomstronk. Dan gaan ze op stap.

De weg is moeilijk, want er zijn planten die als je er langs loopt zich om je heen proberen te winden en als je je lostrekt, blijven er resten aan je plakken. Al snel hebben de kinderen geen camouflagekleren meer nodig want ze zitten onder de plantenresten. Na een tijdje lopen, struikelt Suzette over een boomstronk. Het lawaai alarmeert het hele bos. Alle geluiden stoppen en het woud raakt doordrongen van een boosaardige ‘aanwezigheid’. Ze hebben het gevoel dat er naar ze gekeken wordt. Voorzichtiger geworden lopen ze terug naar de poort. Er lijkt iets met ze mee te lopen, want vanuit hun ooghoeken zien ze af en toe een schim tussen de struiken. 800pxblue_tigerSuzette, Kees en Simon nemen engelengedaante aan en Kees haalt de kris.Mio is de jongste en hij is niet zo dapper. Hij rent alleen maar hard terug.
En dan opeens springt er met een luide grom een enorme tijger uit het bos.
Hij is blauw! En hij heeft grote klauwen en verspert Kees, die achterop loopt, de weg. Als het beest aanvalt, verstopt Mio zich. Maar Kees verdedigt zich met de kris en Simon, die inmiddels een ijzeren reus geworden is, grijpt het dier vast. Bilifor, de engel in Mio’s lichaam, duwt Mio naar de achtergrond en neemt hem over. Ook hij verandert in engelgedaante. Omdat het dier nu rustig is, denkt hij dat het niet langer gevaarlijk is en wil hij de tijger gaan genezen. Tigris, de engel van Kees, denkt daar heel anders over. Het is een stand-off, de engel des levens heeft zijn hand op het beest en geneest hem terwijl de engel des doods er met een magisch wapen in steekt. Ze kunnen elkaar niet overtuigen dus Suzette/Atlothon hakt de knoop door. "Laat hem  maar gaan." Helaas valt het dier opnieuw aan en dan steekt Tigris opnieuw toe en Bilifor geeft de genadeklap. Dit was het eerste gevecht. Voor de kinderen een angstaanjagende ervaring, maar voor de engelen voelde het strijdgeweld vreemd vertrouwd.

Met meer zelfvertrouwen gaan ze verder. "OK, we kunnen het aan en we gaan toch door, naar de bron." Ook Mio durft weer uit zijn hoekje tevoorschijn te komen. Nog steeds is er een aanwezigheid in het bos en die probeert voor ze uit te komen. Kees voelt dat er in de verte iemand vermoord wordt, precies bij de twee entiteiten waar ze naar op weg zijn. In een vlaag van verstandsverbijstering houden ze even stil en laten het ding komen. Voor hun ogen groeien allerlei jungleplanten bijeen tot een reusachtige gestalte. "Jullie zijn niet welkom hier. Dit is mijn domein, het domein van Muktquatl!" Als Tigris daar een vrij onbeleefd antwoord op geeft, reageert het monster met "Sterf dan!" en het vuurt een saldo giftige stekels op hem af. "Het ding is veel langzamer dan wij", zegt Mio/Bilifor, "we mnketen z’n baas hebben! Verspreiden, omtrekkende beweging en aan de andere kant hergroeperen, OK?" Maar de anderen gaan daar niet op in. Ze hebben de smaak te pakken en er ontstaat een gevecht. Het creatuur wordt uiteindelijk in brand gestoken en Bilifor geneest nog maar eens de verwondingen van zijn vriendjes.

AztectotLangzamerhand gaat het schemeren en dan komen ze bij de rand van het bos. Ze zien een stad van pyramides in een spiegelend meer liggen, met houten loopbruggen er overheen. Vanaf de hoogste pyramide, die met fakkels verlicht is, klinken vlagen van monotoon gezang in een vreemde taal. Quilm, Tigris en Athloton beginnen te transformeren en krijgen demonischeaspecten, en die zien er afgrijselijk uit: de ijzeren reus Quilm wordtnog groter en krijgt overal messen en weerhaken, Tigris krijgt eendoodse aura en alle plantenleven om hem heen sterft af, Athlotonsheldere vlammen worden donker en rokerig en haar ogen gloeien alskolen. Alleen Bilifor blijft een engeltje. Als de engel en de demonen naderbij komen, voelt Tigris dat er weer iemand sterft, bovenop de top van de pyramide. De trappen zijn al rood en er gutst opnieuw een rode vloeistof vanaf. Op dat moment komt been enorm stenen beeld tot leven. Quilm gaat  het beeld tegenhouden terwijl de rest verder gaat naar het gebouw. Bilifor vliegt en de andere twee rennen over de loopbruggen en laten verschroeide voetsporen na op het hout.

De mensen in de stad lijken niet bang voor de drie. Ze hebben juist eerbied voor ze en stralen geloof uit.  Als ze de top van de pyramide  bereiken gaan de mensen eerbiedig uit elkaar, behalve de priester die klaarstaat met zijn stenen offermes. Op het altaar ligt nog zijn laatste slachtoffer.  Mayan_calendar_stargate300xAchter de priester staat een enorme stenen schijf met een gezicht er op. En die stenen schijf ziet Tigris rood stralen van macht. Inmiddels begint de hogepriester ook te transformeren tot een of ander monster. Tigris en Athloton gaan hun derde gevecht aan en maken korte metten met de priester, maar Bilifor richt zich op de steen. Eerst probeert hij hem van de top van de toren te duwen, maar de geest die er in zit is veel te krachtig. Hij wordt teruggesmeten met een paar gruwelijke wonden en een knallende koppijn. Terwijl hij zich bezig houdt met de steen, gaan de andere twee het bouwwerk in. Daar treffen ze een goed ingerichte kamer aan met een gordijn. Achter het gordijn voelt Tigris het zilverwitte lichtje. Als hij het opzij schuift, zien de twee demonische gestalten een klein meisje weggedoken op een bed, dat bang een popje vasthoudt. Een klein meisje met een metalen halsband, Elise! De twee veranderen snel weer in normale mensengedaante en spreken het meisje voorzichtig en geruststellend toe. "Ken je ons nog? Wij waren er bij op de kermis en wij hebben je toen terug naar Ot gebracht, weet je nog?"

Inmidde
ls is Quilm klaar met het stenen beeld. Hij is zwaar gewond, maar dat weerhoudt hem niet om Bilifor te hulp te komen met het slopen van het afgodsbeeld. Gezamenlijk hakken ze een van de steunen weg onder de stenen schijf en ze zijn bezig met een wig om het gevaarte van de pyramide af te laten kukelen.

"Od? Kennen jullie die?" deze rare vraag weerklinkt opeens in hun hoofd.

"Ja natuurlijk, die heeft me hier in deze situatie gebracht!" reageert, niet Bilifor, maar Mio. De engel zucht eens. De nieuwsgierigheid van een achtjarig jongetje heeft het overgenomen en het is gedaan met de strijd. Inderdaad. Deze entiteit, Muktquatl geheten, is een zogeheten ‘earthbound’, een oeroude demon die al vele eeuwen geleden in deze stenen plaat is komen wonen en hij is de baas van dit deel van deze wereld. Hij heeft zich over Elise ontfermd omdat hij Ot nog wat schuldig was. En ja, hij geeft toe dat zijn beveiliging niet afdoende was om vier demonen tegen te houden. Maar stervelingen zoals Celestine, die waren er zeker niet doorheen gekomen. Mio is er niet zo zeker van: "Ja maar wij zijn nog maar kinderen. En ik ben bovendien geen demon! En als wij er al doorheen kunnen lopen, wie weet wat grote mensen weten en kunnen?"

Muktquatl stelt voor dat het viertal bij hem blijft. Er zijn genoeg gelovigen voor iedereen en vijf demonen zijn krachtiger dan een. Hij raadt Mio ook aan om Elise eens goed te bekijken. WOA! Opeens snapt Mio het verschil. Bilifor is inderdaad een gevallen engel. Hij kan wel doen alsof hij nog zuiver is, maar het is niet meer zo. Vergeleken bij Elise is zijn vlam maar een armzalig troebel, duister en rokerig lichtje en zijn macht slaat nergens op vergeleken met die van een  echte engel. Elise, ja dat is een engel. En toch is zij machteloos, want de schier oneindige krachten van die engel worden door haar halsband geneutraliseerd – maar dat kan toch helemaal niet?!

Hortus150Uiteindelijk nemen de vier Elise mee en laten Muktquatl achter in zijn rijk. De terugreis door de jungle is rustig, het landschap is ze nu gunstig gezind. Terug in Leiden is het nog steeds pikkedonker. De klok van het Academiegebouw geeft aan dat het inmiddels middernacht is. Alweer te laat! In de boomhut wordt een plekje gemaakt voor Elise en Simon en tegen drieen liggen ze eindelijk in bed.

En als Mio de volgende ochtend voordat hij naar school gaat nog even bij de hut kijkt, ziet hij dat de twee er niet meer zijn …

Statistieken

Er zijn van die statistieken die web-log.nl voor je bijhoudt. Die kun je bekijken en dan krijg je een grafiekje in fraaie tinten te zien. Ik blog nu een jaar en af en toe kijk ik daar op. 

GraphphpWat blijkt, de laatste paar maanden heb ik per dag tussen de 40 en 80 unieke bezoekers. Het lijkt zelfs toe te nemen. Dat verbaast en vleit me, en baart me toch ook best wel zorgen. Als al de mensen die op mijn blogjes reageren drie keer per dag vanaf een verschillend IP adres inloggen, dan nog kom ik niet aan deze aantallen.

Jullie zijn allemaal heel erg welkom hoor. Maar ik word er wel een beetje onzeker van … Wie leest mij ? Wat vinden jullie zo leuk aan mijn weblog ?? Wat kan beter, wat kan weg?

Aan wie dit leest, daarom de vraag: zet alsjeblieft wat over jezelf, je wensen en je dromen in mijn gastenboek.

Postbus

Star Wars’ R2-D2 to collect post

                                                                                    

       

            

            

       

                                   

                            R2-D2 postbox                   

                                                        

US mailboxes are said to be ripe for an R2-D2 makeover

                                                            

                           
                        

                                        

   

   

                            

        Postboxes across the US are to be dressed up as Star Wars robotR2-D2 to celebrate 30 years since the release of the sci-fi series’first outing.

Some 400 boxes will get the new look, including outsideHollywood’s Grauman Chinese Theatre, one of first cinemas to screen thefilm in 1977.

The makeover is part of a post office campaign for the announcement of a surprise stamp on 28 March.

The public have been urged not to tamper with the droid mail collectors.

A special stamp to commemorate the release of the first film was issued by the US Postal Service in May 1977.

Chief marketing officer Anita Bizzotto said the robot postboxes are a "little teaser" for its announcement later this month.

 

"When you look at a mailbox, the resemblance to R2-D2 is too good to pass up," added Ms Bizzotto.

The USPS website is running a clip from Star Wars in which robot C-3PO asks: "R2D2, where are you?"

In the next shot, someone is seen slotting a letter into the little beeping robot.

During the six films of the Star Wars series, R2-D2 -regarded as a more courageous robot counterpart to C-3PO – wasresponsible for saving his human counterparts.

GV – Frustrerend

Een jongetje van acht, dat pas om zes uur ’s ochtends thuis komt en al om kwart over zeven gewekt wordt door zijn moeder, die heeft echt wel te weinig geslapen. Als hij dan ook nog eens roodverbrand is van het spelen in de tropische zon, dan ligt moeders reactie voor de hand: Mio is ziek. Dat komt vast van die rare kleren! Nog maar een dagje thuishouden dus en de dokter laten komen. Als hij uren later uitgeslapen is, zijn zijn ouders allang aan het werk. Hij kleedt zich aan en gaat naar de dojo voor de woensdagmiddagtraining. De engel voelt dat de meeste leerlingen gewone, cynische mensen zijn, maar de sensei is bijzonder omdat hij echt gelooft.
"Sensei", vraagt Mio, "mag ik leren om met wapens om te gaan?"
"Als je er aan toe bent. Laat eerst je kata maar eens zien."
Bilifor laat een klein beetje van zijn bovennatuurlijke macht door het lijfje van Mio heenstromen. Met de kracht van een volwassen bouwvakker en de elegantie van een olympisch kampioen atletiek gaat het jongetje door de complexe vorm heen.
"Netjes gedaan. Je bent rijp om te leren stokvechten. Doe mij na."
HatandtakaDe meester pakt een stok en begint met een simpele vorm, die Mio soepeltjes nadoet. Dan komt er een kata voor gevorderden, die hij ook foutloos kopieeert. Voor de derde vorm kiest de meester een heel erg moeilijke. Deze gaat een stuk minder soepel, maar zelfs nu kan de achtjarige zijn leraar imiteren. Sensei is onder de indruk en pakt een oude stok uit het rek: "Deze bo mag je mee naar huis nemen, oefen deze vorm. Op vrijdagavond mag je meedoen met de gevorderden." Wat een eer! Mio pakt de stok beleefd met beide handen aan en buigt diep, zoals het hoort.

Ab laat zijn zusje afbellen voor school en blijft ziek thuis. Kees en Suzette spijbelen gewoon. Simon heeft niet geslapen en is doorgegaan met programmeren en hij heeft nu, zoals hij het zelf zegt, het internet gedownload ‘maar dan zonder alle onzin’. Ab gaat weer boodschappen doen voor zijn mevrouw, en daarna gaat hij samen met Kees de stad in om met de kris naar poorten te zoeken waar Ot doorheen verdwenen zou kunnen zijn. Suzette, althans haar engel, bestudeert inmiddels de wereldpolitiek. Als Mio klaar is met trainen, belt hij haar op en samen gaan ze naar de andere twee.

ZijlpoortMorspoortAb en Kees hebben de hele Oostkant van de stad afgezocht naar poorten. Hierbij heeft Kees nog ruzie gekregen met de geest die in de kris woont en hij snijdt zich er gemeen aan. Ze zijn alle waterwegen afgegaan op zoek naar een plek waar Ot’s aak doorheen zou kunnen, maar hebben nog niets gevonden. Wel vinden ze dat de Zijlpoort een magisch portaal is. Het duurt een tijd voordat er geen mensen in de buurt zijn, en in die periode kijkt Mio/Bilifor eens naar Kees’ hand. Zelfs met de genezende macht van een engel kost het hem erg veel moeite om de wond te sluiten en er zal zeker een litteken overblijven. Maar het lukt. Als er dan even geen fietsers zijn, opent Kees de poort. Even is er een rimpeling als van water en dan kijken ze plotseling uit op de andere kant van de stad: er is een directe verbinding met de Morspoort!Dat is niet erg praktisch, want het zijn twee heel drukke punten in de stad met veel terrasjes er om heen. Maar voor een noodgeval is het toch nuttig om een manier te hebben om opeens aan de andere kant van de stad uit te komen.

"Ik wil wel op tijd thuis zijn voor het eten hoor", zegt Mio. Ja, dat vinden ze allemaal wel een goed idee. Wel willen ze nog even naar een ander poortje kijken hier vlakbij: de arsenaalpoort. Arsenaalpoort_1Die is volgens de kris ook een portaal. Leiden zit vol met die dingen lijkt het wel! Het is hier druk, dus er is geen gelegenheid om hem onopgemerkt te openen. Kees en Ab gaan ’s avonds na het eten verder op onderzoek uit. Dan is het een stuk rustiger op de Groenhazengracht. Als het portaal wordt geactiveerd, zien ze een pikdonkere ruimte. Snel maken ze hem weer dicht. Dan gaan ze naar de avondwinkel en kopen kaarsen, lucifers en zaklampen. Derde poging. Voorzichtig schijnt Ab naar binnen. Het lijkt een grote kelder te zijn met brede bogen en her en der staan kratten opgestapeld. Ze gaan snel naar binnen en sluiten de poort achter zich. Dan gaan ze de kelder verder in. Onderzoek wijst uit dat er geen uitgangen zijn. Deze kelder is alleen via de magische poort te bereiken. Op de kratten staan adelaars en hakenkruizen.

"Wat is dat?" vraagt Ab.

"Dat is nog uit de oorlog."

Kees wrikt een krat open en daarin vinden ze blikken met voedsel. Duitse blikken, houdbaar tot 1947. Aan het stof te oordelen, is hier sinds de oorlog nooit meer iemand geweest. Gaaf, een geheim hoofdkwartier! Ze laten de kaarsen en lucifers achter, en een zaklamp naast de ingang. Tijd om naar huis te gaan.

Quilm/Simon gaat na het eten naar Mio’s huis, want hij wil in de boomhut verder werken aan de ‘boom der kennis’. Mio helpt met het timmeren van een afdak, terwijl Simon heel vreemde dingen aan het doen is met broodroosters, oude telefoontjes en andere apparaten. In de loop van de avond valt het Mio op dat Simon er slecht uitziet. Hij heeft wallen onder de ogen en een grauwe huidskleur. Volgens Simon kan het geen kwaad, en hij heeft een bron van Faith gevonden, zodat hij zich gewoon wakker kan houden. Om acht uur wordt Mio binnengeroepen, hij moet naar bed.
"Mamma, mag Simon blijven slapen?"
"Mag dat van zijn ouders?"
"Nou, Simon logeert eigenlijk bij Kees en van hun mag het."
"Goed dan."
Maar Simon wil helemaal niet slapen. "Dat moet toch echt hoor, anders gaat je lichaam er aan onderdoor!" Het blijkt dat hij vreselijke last heeft van nachtmerries. Dus regelt Mio’s moeder een dreamcatcher en voert zij hem camillethee en saliemelk. De twee jongens slapen die nacht heerlijk en Simon is de volgende ochtend voor het eerst helemaal uitgeslapen. Hij wil meteen verder knutselen aan de boom. Mio oefent zijn nieuwe kata.
Dan moeten de kinderen naar school, Simon ook. "Maar mam, Simon hoeft helemaal niet naar school. Hij komt van een andere planeet en daar is het nu vakantie." Verward knippert moeder met de ogen. Het zal wel.

BrueghelDe andere drie kinderen hebben minder geluk. Hun engelen dromen, en die hebben de meest vreselijke nachtmerries. Ze dromen herinneringen aan de hel, waar de onstoffelijke engelen hun oorspronkelijke glorieuze vorm vergeten zijn. Het is een plaats van torment. Als wezens met de meest afgrijselijke vormen proberen ze elkaars lichaam over te nemen. En dat lukt niet. De volgende dag worden ze wakker met het vreselijke besef dat hun engelgestalte niet hun enige vorm is, ze hebben ook nog een demonische, helse gestalte.

TaffehDe donderdag is een gewone schooldag. Na school komen de kinderen weer bij elkaar voor krijgsberaad. Simon heeft op het internet twee verwijzingen gevonden naar poorten in Leidse musea: er is er eentje in het Rijksmuseum voor oudheden en ook eentje in de Lakenhal. We gaan naar Oudheden. In de Taffehtempe
l, die daar in de hal staat, haalt Kees de kris uit zijn binnenzak. "Deze poort mag ik niet openen." Da’s jammer. Er is in de tempel een tekst in lichtgevende rode letters. Op een paneel in de achterwand staat iets geschreven wat we niet kunnen lezen. Mio tekent het na.

Het is inmiddels kwart voor vijf en als we het lief vragen mogen we van de portier het museum nog eventjes in zonder dat we een kaartje hoeven te betalen. Bovenin de afdeling Romeinen vinden we de poort die Simon bedoelde, maar volgens de kris is dit nog geen bestaande poort. Hij kan hier wel als we dat willen een poort maken. Dat is een goed idee. We willen een poort tussen hier en de boomhut. Dan kunnen we ’s nachts dit museum in als er geen bezoekers zijn. Museum06Op de weg naar beneden komen we door de mummiezaal. En daar zien een paar van ons het hoofdje van een heel enge kindermummie bewegen! Hij volgt ons! De kinderen die het gezien hebben schrikken enorm, maar
Kees/Tigris, die een engel des doods is, is minder bang. Hij spreekt de mummie aan.

"Op last van Jovis, Augustus Caesar, het is verboden om de poort te openen." luidt het antwoord. Daar hebben we niet veel aan, maar het is een begin. En eenmaal op gang gekomen kost het weinig moeite om met hem te converseren. Na al die eeuwen is hij blij weer eens met iemand te kunnen spreken. Marius is niet de mummie, maar een spook die de mummie als voertuig kan gebruiken. Hij was 2000 jaar geleden een generaal in het leger van de Romeinse keizer Augustus, die een incarnatie was van de god Jovis. Deze poort gaat naar het rijk van ene Amoenis, die de verborgen god van de Egyptenaren was en een vijand van Jovis. Het sluiten van de poort was de daad die er voor zorgde dat Egypte zijn goden kwijt raakte. Boeiend. Mio had graag langer gepraat, want hij wil meer weten van deze Jovis en Amoenis, maar het is laat en we moeten weg. Zijn vermoeden is, dat dit speelde tijdens de oorlog van de engelen en dat Jovis een engel met lichaam was en Amoenis er eentje zonder was.

Op de weg naar huis, gaan we nog even langs de Koeliekerk: "Hic domus dei est et porta coeli" – Dit is het huis van god en de poort van de hemel, weet Mio. Daar moet wel een poort zitten. En ja hoor: "Gaan jullie nu al vechten?" vraagt de kris. We kunnen er wel binnenkomen, maar de sfeer is zeer bedreigend en vijandig. Dit is echt geen fijne plek voor ons. Inderdaad, hier zit de poort naar een hemel, waarschijnlijk die van Celestine. Snel weer weg.

De Lakenhal is al gesloten. Volgens de kris zit hier een poort naar andere werelden, maar hij is vaag. Alleen Mio voelt er voor om in te breken, de rest is bang voor alle drieluiken. Het Von Sieboldhuis is schoon. De universiteitsmanege heeft een prachtige boogvormige poort. Er zit hier niets, maar de kris zegt dat hij hier wel een portaal van kan maken. Handig!

Het academiegebouw heeft wel een poort: het tunneltje naar de hortus is er eentje. Kees opent de doorgang en we zien een tropische jungle. Bingo! Daar gaan we een vanavond naar toe! Maar eerst naar huis om te eten.

1000 zwarte gaten

070313blackholes March 13, 2007xe2x80″Imagine how the night sky might appear if you had x-ray vision, and it might look much like thisxe2x80″a field of black with more than a thousand glowing spots as bright and colorful as Christmas lights.

But those aren’t stars; they’re supermassive black holes churning away at the centers of distant galaxies.

This image, taken by a suite of space- and Earth-based telescopes, is the largest sample ever of the mysterious, light-swallowing giants, which are hundreds of millions of times more massive than the sun.

"We’re trying to get a complete census across the universe of black holes and their habits," said Ryan Hickox of the Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics (CfA), which coordinated the project, in a press statement.

"We used special tactics to hunt down the very biggest black holes."

NASA’s orbiting Chandra X-Ray Observatory captured much of this panorama, which covers a swath of night sky in the constellation Bootes some 40 times larger than the full moon (inset).

The telescope made the image by detecting x-rays emitted by the black holes as they draw in material around them. These invisible rays give scientists clues as to how large, strong, and fast the objects are. (In this image, blue represents high-energy x-rays, green medium energy, and red low energy.)

This unusual group picture will give scientists plenty of material for future study into supermassive black holes, astronomers added.

"We found well over a thousand of these monsters and have started using them to test our understanding of these powerful objects," CfA’s Christine Jones said.

xe2x80″Blake de Pastino

Slak in harnas

Ik ben blijkbaar niet de enige met een harnas fetish 😛

031107_seasnail

Armor-Plated Snail Discovered in Deep Sea

John Pickrell
for National Geographic News
November 7, 2003

Researchers have found perhaps the world’s most unusual snail. The as-yet-unnamed creature bears a mass of interlocking, iron-based plates on its body and the base of its foot. Like a suit of medieval armor, the snail may use its metal scales as a defense against predatory attack.

Klik hier voor het hele artikel.

Sessie dertien

Zeer diep in de nacht komen wij weer terug in het hotel. De twee dragonkings nemen plaats in de gelukkig ruime badkuip, de lunars gaan op de grond liggen en de overige exalts slapen lekker in een comfortabel bed. Pas rond de noen wordt men weer wakker en, hoewel Fa’an liever de straat op was gegaan, er wordt op de kamer geluncht. Tijdens het eten wordt strategie besproken. Die zogenaamde ‘Leider’ van de dieven is wel heel gevaarlijk, wantDyjab en Raine hebben allebei het gevoel dat die namelijk de tijd kanmanipuleren! We zijn het er over eens dat we Raine naar voren willen schuiven als nieuwe aanvoerder van het dievengilde, maar dat heeft niet onze allerhoogste prioriteit. We waren namelijk hierheen gekomen om handelscontacten te leggen en we hebben twee karren met handelswaar die kunnen bederven. En we moeten ook nog de dragon kings helpen tegen iets dat Lintha piraten heet. Om op het eiland van de dragon kings te komen hebben we de sterrenpoort nodig en die ligt in dieventerritoor, dus de dragonkings komen op drie. En o ja, we hebben bovendien niet veel tijd, want over een paar weken staat Cesus Gustav met een delegatie abyssals voor onze deur.
Spice_marketGoed, eerst de handel dus. Nette kleren aan en naar de handelshuizen. Bij de Alchemisten & Apothekers kunnen we een wagonlading kruiden en specerijen kwijt, en de kwaliteit is goed genoeg voor de handelaar om ons een handelscontract aan te bieden. Bij de Dieren & Planten handelshallen verkopen we de andere wagonlading. Deze bestaat uit gedroogd fruit van wat mindere kwaliteit, maar nadat  we daar enige korting voor aanbieden levert dit ook een handelsbrief op. Terwijl wij daar bezig zijn, wordt de handel even onderbroken voor een bericht uit de Doema: "Let op! Er is extra activiteit van dieven en beurzensnijders." Bij de Fijnsmeden gaan we op zoek naar contacten voor magische materialen. Er is wel iemand die Stermetaal  bewerkt, maar het lukt niet om daar handel mee te drijven. Ma Si Tamuz heeft meer geluk bij de Grofsmeden. Voor een maanzilveren harnas wordt ze verwezen naar een voorstadje, Selena. OboolUiteindelijk hebben we in een middagje handelen 1 jaden obool per persoon verdiend. Voor Ster is dat niet veel geld, hij heeft net de dag tevoren twee artefacten gekocht voor ieder 2 talenten en een talent is meer dan duizend obolen. De anderen apprecieren hun nieuw verworven fortuin beter: een obool, daar moet een gewoon mens maanden voor werken.
Na de middag gaan we dineren in een sjiek restaurant aan het  Kreml. Hier komen de grote handelaren om zaken te bespreken. Het kost wat overtuigingskracht om de twee Lunars mee naar binnen te krijgen, maar Sluiers, Ster en Dyjab zien er deftig genoeg uit en barbaarse lijfwachten zijn niet geheel ongewoon. Om ons heen hebben veel mensen het over de verhoogde activiteit van de onderwereld en hoe vervelend dat is. Inmiddels is Dyjab bezig om een zeer nichterige groothandelaar intextiel te verleiden. Deze heer Lodewijk is genegen om met eencompagnon naar onze jaarmarkt te komen. Tijdens het eten komt Gerard, het diefje in bruine en paarse kledij, opeens uit de schaduwen. Hij fluistert: "De leider van het dievengilde wil weten hoe het er voor staat." We spreken af om hem die avond te ontmoeten en dan verdwijnt hij weer achter een gordijn.
Na het eten besluiten we om via de Sterrepoort de paarden en wagens terug naar onze eigen stad te brengen. Om met wagens en paarden de riolen in te komen, is in de drukke stad niet te doen. Gelukkig weten we dat er een wijk is waar niemand meer woont vanwege de Overgrowntemplewurglianen. Met twee houten en een stalen wagen, en vier echte, drie stalen en een bronzen paard, rijden we door de straten. De vervallen stadwijk Parko Llano is dreigend. Er is geen geluid, her en der liggen skeletten van honden en katten en als iemand stilhoudt, dan zien we de lianen bewegen. Bij de ingang van een park houden wij halt. Met vuurkracht en zwaarden worden de lianen op afstand gehouden terwijl we ons een opening banen naar het grote hoofdriool en als die af is, rijden we snel de karren naar binnen. Gerard wacht ons met een paar andere dieven op. Hij spreekt Raine aan:
"Jij wordt onze nieuwe leider?"
"Ja" luidt het zelfverzekerde antwoord.
"Prima. Zoals je weet is er met het heengaan van Tepet Jarad een machtsvacuum ontstaan en dat heeft voor veel onrust in de stad gezorgd. Wij hebben de vier aanstichters voor je gevangen genomen en ze staan daar. Overigens, wat zijn jullie met de sterrepoort van plan?"
"Die gaan we onderzoeken."
"OK, geen probleem."
Gerard wijst ons naar een ondergronds zaaltje, waar een twintigtal dieven drie mannen en een vrouw bewaken die aan de muur vastgeketend staan. "Ga je gang."

Leg1Raine moet nu dus tonen dat hij de nieuwe baas is. En dat doet hij met overgave – en helaas zonder veel eergevoel. Hij laat er twee losmaken "Ik geef jullie een kans." Eentje gaat er direct vandoor. Hij krijgt een dolk in zijn rug geworpen en is op slag dood. "Jammer, hij was niet snel genoeg." De andere grijpt een mes uit de riem van een omstander en vliegt Raine aan. Dat overleeft hij natuurlijk niet. De twee andere gevangenen krijgen ieder een orichalcum dolk en mogen tegen elkaar vechten. Ze denken dat de overwinnaar in leven gelaten zal worden en vechten daarom vol overgave. Maar Raine maakt de overlevende ook af. Wij hebben beloofd dat we niets zouden doen om zijn gezag te ondermijnen, maar dit laatste vinden de andere exalts toch wel heel eerloos. Waar zou die slechte naam van Solars toch vandaan komen?
Gerard staat er onbewogen bij. "Zo en dan gaan we het nu eens over geld hebben. Hoe vaak wilt u dat we schatting afdragen?" Na enig onderhandelen wordt afgesproken dat er iedere vier weken betaald moet worden, te beginnen over een maand.

TricerexNu gaan we naar de sterrepoort. Inmiddels kennen we vier codes: Die van onze eigen stad Porto Libre, die van Mos Kovia, die van het eiland van de Dragon Kings en die van de verloren poort in Autochthon. We gaan eerst terug naar huis om de paarden en wagens af te leveren en een paar problemen te regelen. En dan gaan we direct door naar het eiland. Op aanraden van Fa’an gaan we met lichte bepakking, want het eiland heeft geen wegen. De twee familiars, Ster’s bronzen paard Anastacia en Hoogheid de luipaard van Dyjab, kunnen natuurlijk wel mee.