The RoSE – 50

De Lunars, nog bezig met hun sacred hunt, voelen dat er iets niet in de haak was. Omdat ze wisten dat deze conjunctie er aan zat te komen, waren ze gestopt om te kijken. Marina denkt dat de zwarte aanvaller niet gebroken is, maar altijd al uit twee aanvallers bestond. Shi Mei Lan denkt dat er ook een aanslag op Luna is geweest, die is mislukt. Misschien wel omdat wij haar gewaarschuwd hebben?
Wij besluiten onze solar mates op te zoeken. Rakshi is weg, dus wij zijn niet meer aan onze spirit form gebonden. We kiezen een snelle vliegende vorm. [Continuïteit: het is volle maan, dus de lunars kunnen hun mensengedaante niet aannemen!]
Als we aankomen treffen we vijf verwilderd kijkende solars aan. Hun anima’s zijn op volle kracht, maar ze zien er anders uit: alsof vanuit het midden een zonnewind ze uit elkaar blaast. Met wat moeite spreken we ze aan. Eye of Autumn spoort ze aan: “Kom op jongens! Uithuilen en opnieuw beginnen!”
We besluiten dat we eerst de queeste hier, het openbaar maken van het Book of Three Circles, moeten afmaken. Eye hakt het hoofd van Rakshi af We zien dat ze opvallend weinig tatoeages heeft. Er zijn ook een aantal tekenen dat ze chimaera was: linker- en rechterhand omgedraaid, slagtanden verkeerd om, dat soort dingen. Als we naar haar stad lopen, vormt zich al snel een processie met blije mensen en bavianen.
We gaan de toren in en vragen aan de AI aan welke eisen een bibliothecaris moet voldoen. “Die hebben we allang niet meer gehad…” “En Rakshi dan?” “Die heeft zichzelf aangesteld.”
Sango brengt een offer aan Wajang. In de schaduwen ontstaat een gestalte. Ze spreekt hem aan: “Rakshi is dood. Er is een nieuwe bibliothecaris nodig, en wij moeten Sol wreken.” Wajang gebaart dat de boon voldaan is. Hij geeft aan dat er in Yu Shan een burgeroorlog is uitgebroken. De Eater of Souls in Yu Shan gevangen zetten was toch niet zo’n goed idee: die heeft de goden van vergeten zaken tot opstand aangezet, en met de val van Sol zagen die hun kans schoon.
We spreken over wie bibliothecaris zou moeten worden. Die wordt normaal door het Deliberative aangesteld, net als de rector. Mnemon? Doe moet vechten. Een god? Normaliter moet het een exalt zijn, en goden zijn alleen bezig met datgene waar ze god van zijn. Wajang zou nog kunnen, maar die heeft werk te doen in Yu Shan. Dan heeft Tawuz een idee: stel oudtante Regenboog aan! Daar kan iedereen mee leven. Ook besluiten we om een interim-deliberative uit te roepen. Sango heeft oudtante nooit ontmoet, dus Written On Water werkt niet. Maar ze kan één van de staven wel laden met de spreuk, waarna Shi Mei Lan hem gooit. Ze krijgt per ommegaande antwoord: tante ziet dringend om nieuw emplooi verlegen.
Ghurkan en Little Shu spreken de gorilla’s toe. Ze doen het goed, hun autoriteit wordt aanvaard. Ze gaan de toren van de orang utans belegeren. Sango is gealarmeerd: ze wil niet dat de bibliotheek beschadigd raakt. (De orang utans zijn de priesters van Rakshi en wonen in de toren van Wijsbegeerte en Theologie.) Ghurkan gaat op de orang utans inpraten om zich over te geven, maar is niet helemaal overtuigend.
De lunars gaan met Luthe oudtante ophalen. Eerst laten ze Ghurkan via de AI contact leggen met de AI van het Deliberative; die laat een oproep uitgaan over over 2 1/2 week, dag 4 van Resplendent Water.

De lunars van Rakshi komen terug uit het bos met een gevangen, gebonden griffioen. Zodra ze uit de Wyld komen, voelen ze dat de onnatuurlijke invloed van Rakshi is weggevallen en komen ze tot hun zinnen. De buizerd vliegt direct weg. We spreken de anderen aan. Eentje moppert: “Als ze echt chimaera was, dan had de raad van Elders haar allang veroordeeld,” Atis wijst erop dat Rakshi door solars gedood is, omdat ze een lunar aanviel, en suggereert: “What happens in Sperimin, stays in Sperimin.” Ze zijn het er uiteindelijk wel mee eens.
Ze willen graag mee vechten tegen de Green Sun Pinces. Little Shu draagt zijn gorilla-leger over aan de lunar die de beste leider is [meeste punten in War].
Als de lunars terugkomen wordt oudtante geautoriseerd. Ze vertelt dat An Teng zeer ordelijk is: geen bedelaars, openbaar vervoer loopt op tijd, nauwelijks misdaad. Doodsaai en bedrukkend. Tawuz en Marina stellen hun solar mates voor. Tante kijkt bedenkelijk: ze zijn een beetje beneden hun stand… “Maar zij is een sorceror en hij is generaal!” “Zo zien ze er niet uit.” “Dat is ook de bedoeling!”, glimlacht Sango.

We nemen afscheid en gaan naar Gethamane. Als we over de plaats vliegen waar Metagalapa hing, schijnt daar zonlicht. Het komt uit de grond, uit het shadowland!
Als we aankomen in Gethamane blijken de dragonblooded terug te zijn van hun queeste. Ze vertellen wat ze allemaal geleerd hebben. Er zijn ook tien weerwolven. Het zijn niet, zoals we eerst dachten, gemankeerde lunars, maar merkwaardig geklede mensen met veel haar en grote zilveren zwaarden.
Ebon Rhime heeft een boodschap achtergelaten: een kist met daarin een groen zwaard met allemaal kleine runes. His bekijkt het met zijn derde oog. Dat doet pijn! Het past bij het harnas van Little Shu. En het voelt goed. De inscripties zijn demonische bezweringen tegen alle mogelijke Perfect Defense-charms. Dit was één van de zwaarden die Sol heeft gedood! Daar kunnen we Sol wel mee wreken. Olric (één van de dragonblooded) zegt dat het zwaard nog van belang kan zijn voor een volgende zonnegod. Er zit nog een briefje bij aan Marina, waarin hij schrijft dat hij diep undercover zit. Er staat een adres in Malpheas bij. Als we de Mouse of the Sun bij het zwaard zetten, kan hij weer praten. Sinds de dood van Sol piepte hij alleen nog maar. We concluderen dat Ebon bij de moord aanwezig geweest moet zijn, dat Sol hem herkend zal hebben en een deel van zin essentie in het zwaard heeft laten overgaan. Diep undercover, inderdaad!
De dragonblooded laten de objecten zien die ze hebben gevonden: een jaden harnas wat gerepareerd moet worden, een Solar Cannon, een Power Mace, de Golden Asp. Sango zegt dat de dragonkings in de factory cathedral dat harnas best kunnen repareren. Olric kijkt heel geïnteresseerd. Hij zou graag mee willen.
Little Shu stelt voor om te overleggen met Kimberi. Die zegt dat de troepen gereed zijn voor een eerste gevecht. Met wat heen-en-weer praten wordt bedacht dat de keizerin ongetwijfeld het Heptagram zal willen aanvallen. Kimberi zegt dat er een obelisk van de Bird People staat. We vertellen haar dat we daar een stam van ontmoet hebben. Ze begint te grinniken, daar kan ze wat mee! Ze is ook blij dat we Metagalapa hebben. Die moeten we vooral bij Rathess laten, we willen niet dat de keizerin er achter komt dat we die hebben. We communiceren via de commandocentrale in Gethamane met  de dragon king in Metagalapa. Die belooft een paar Bird People te sturen.
De dragonblooded vertellen ook over een nieuwe primordial. Kimberi is geïnteresseerd. Het zou inderdaad de reïncarnatie van Vodak kunnen zijn.

Wij willen via de grafheuvel naar de factory cathedral, maar hoe? Luthe moet in Gethamane blijven voor reparaties. Het troepenschip uit Rathess is handig voor de strijd, het zeilschip is te traag. Maar gelukkig kan Sarina ons allemaal meenemen met Cloud Trapeze. Ook de dragonblooded gaan mee. We vliegen via de Heilige Berg, daar is een poort naar de graftombe.
Als we boven het Blessed Isle vliegen, ruiken we dat het stinkt naar zwavel en rottend huisvuil. Het voelt ook alsof je Virtues omgekeerd zijn: je sterkste eigenschap is het gemakkelijkst om tegen in te gaan. De rondweg is nog wit. Veel andere wegen zijn net zo schoon, maar groen. Het is malachiet. Een paar keer zien we grote lichtgevende zegels in het landschap. In verschillende kleuren gewas blijken demonische zegels in het landschap te zijn aangebracht. Er overheen vliegen kan niet, dan worden we misselijk. Rondom het Heptagram zitten een heleboel van dat soort zegels.

Als we bij de Heilige Berg komen, kijken de dragonblooded hun ogen uit. Wat een mooie stad! Een enorm beeld samengesteld uit vier dragon kings! En het uitzicht! Vooral Gar is opgetogen om op de elemental pole of Earth te zijn. We landen helemaal op de top. Er is al een keten aangebracht, nodig voor het opheffen van de Great Curse.
Beneden hebben al een aantal groepen kamp opgeslagen. Er is een kasteel uit de grond aan het groeien. Het is erg druk bij de tempel van Sol. Daar treffen we vijf solars in gouden harnassen die overleggen met de dragon king priester. Het zijn de power rangers, hun uitrusting heeft een upgrade gekregen. De zegels in het landschap zijn volgens hen een natuurlijk onderdeel van het land: het zijn loci van de goden die hier vóór de Primordial War hun zetel hadden. (De power rangers hebben duidelijk bijgeleerd!)
In het gebouw van het Deliberative vinden we neef Wijsheid met een witte kat en een vijftienjarig meisje. We vertellen dat oudtante de nieuwe bibliothecaris van Sperimin is. “Rakshi dood? Dat zullen de elders niet leuk vinden!” De witte kat spitst de oren. Wijsheid stoot het meisje aan, die van gedaante verandert. Het blijkt de Marukhan siderial te zijn. Ze vertellen dat Mnemon ook nog één dag langskomt. En de siderials uit Rathess komen nog, maar die mompelden iets over het laten herrijzen van Sol. De siderial zegt dat hij nog een scroll heeft die ze nodig hebben.

Xar wil de hele berg beklimmen. Dat praten we uit zijn hoofd, het is zeker een maand lopen. We gaan naar de gate onder het gerepareerde beeld van Ghurkan (het lijkt nu op hem en niet meer op zijn vorige incarnatie) en via de graftombe naar Sango’s factory cathedral. In de bomen wonen nu dragon kings. Ze heten ons welkom. Door de kennis uit de kinderliedjes van Gethamane hebben ze zich weer meer herinnerd. Ze hebben allemaal magische voorwerpen en zijn erg gemotiveerd. De oudste vertelt dat hij bezig is aan een interface met het Observatorium van de siderials in Rathess. Het is gemaakt met een blok stermetaal wat hij in de kelder vond, achter een aantal beveiligingen. Het is nu nog een full body suit, maar hij wil het systeem uiteindelijk verkleinen tot een helm. Je kunt alleen kijken, niet ingrijpen.
Sango trekt het pak aan, de anderen kijken mee via schermen. Ze komt in een ruimte die vol hangt met draden. Iedere draad is verbonden met een ster aan het firmament. Ze raakt er één aan en ziet een oude eik op het moment dat die wordt omgezaagd. Als ze de draad  volgt, zien we dat er een tafel van wordt gemaakt verderop zien we de keizerin met een aantal demonen vergaderen aan die tafel. Sango kan die scene ook via andere draden bekijken, maar krijgt nooit een draad te pakken van haar of van een demon. Bij de oude Loom of Fate waren abyssals en demonen ook niet te zien, maar daar zag je ze ook niet vanuit andere gezichtspunten. Via een andere draad ziet ze een oud landhuis op de Oostkant van de Imperial mountain, waar een grote veldslag zal plaatsvinden.
Als ze dichter bij het centrum komt, krijgt ze het gevoel alsof ze zich bijna iets herinnert. De dragon king zegt dat hij op dat punt het gevoel krijgt alsof er iets in zijn ooghoeken beweegt. Olric stelt voor om verschillende types exalts te laten kijken. De dragon king vindt dat een goed idee. Hij zal meer pakken maken, zodat meerdere mensen tegelijk kunnen kijken.
Dan gaat His het proberen. Hij hoort de draden zoemen, en vangt soms ook gesprekken op. Hij vindt een moment van een audiëntie van de keizerin met een ambassadeur. Ze vertelt dat de Imperial Manse bijna klaar is. (Dit is negen maanden in de toekomst.) Als het Sword of Creation gebruikt wordt, levert de ambassadeur tienduizend man. Hun enige doel is sterven, maar dat weten ze niet. His zet zijn demonische oog aan. De zaal is helder verlicht, de troon is een machtig magisch artefact en zij die erop zit is beeldschoon! Waardig om de keizerin van Creatie te zijn, van Malpheas, de Wyld, alles! His is geslagen met aanbidding. Ze kijk hem recht aan, en glimlacht. De dragon king haalt hem uiteindelijk uit zijn trance.
Daarna mag Gar. De dragonblooded ziet leylijnen en magma. Bij hem zit in het centrum een zwaard in de grond, een zwaard wat hij per sé niet wil aanraken. Dat zal het Sword of Creation zijn.
De dragon king zegt dat hij nu weet dat wat je precies waarneemt van je primaire zintuig afhangt. Dus het wordt toch geen helm. Hij moet handschoenen voor de tastzin maken, laarzen om trillingen van de grond te voelen, etc. Dus toch een compleet pak.

De bestelde twee dot artefacten zijn klaar.

The RoSE – 49

We zijn in de bibliotheek spreuken aan het overschrijven. Ghurkan vraagt intussen de Keeper naar zijn bevoegdheden. Na een paar uur krijgen we via onze communicator bericht van Atis dat we geen dingen moeten doen, moeten stoppen met spreuken overschrijven en snel naar buiten moeten komen. In zes uur heeft Sango twee solar circle spreuken overgeschreven, en Sarina drie van de sapphire circle. Ze kijken tegelijk op voor een pauze. Als we zeggen dat we op willen houden voor vandaag, is Raksi teleurgesteld. Ze dringt aan en laat Sango beloven morgen terug te zullen komen. [Het is een social attack.] Aangezien Sango dat toch al wilde, kost dat haar geen moeite. Als we op het punt staan om weg te gaan, vraagt ze of de lunars even willen blijven voor een kleine Moot. Weigeren zou onbeleefd zijn. Zodra de solars weg zijn, nodigt Raksi de lunars uit om morgen op jacht te gaan. Het is volle maan, iedereen in zijn spirit vorm. Dit weigeren zou nog veel onbeleefder zijn, dus we accepteren.

Als we aankomen bij Luthe zien we dat er een groot aantal roofvogels — buizerds — omheen cirkelen. Sango gaat direct slapen, die is nog moe van de spreuken een paar dagen terug [ze mist nog veel Willpower]. Atis hangt in de commandostoel. Hij vindt het maar niets dat de lunars beloofd hebben om te gaan jagen, en waarschuwt dat Rakshi vast op baby’s wil gaan jagen. Hij vertelt dat Raksi in de stad, en zeker in de bibliotheek, onkwetsbaar is. Alles zal samenwerken om haar te verdedigen. Alleen buiten de stad is ze kwetsbaar. En we hebben dertigduizend medestanders: de mensen en apen. We overleggen. Raksi doden zou alleen gerechtvaardigd zijn als ze een Chimaera is. Lichamelijk is ze dat zeker niet, over haar geestelijke conditie hebben we twijfels. Marina heeft een charm waarmee ze kan zien of iemands Essence een Wyld-tint heeft.
Vanavond kunnen we een rituaal voor Luna doen, om haar hierover te raadplegen. Op de bovenkant van Luthe zou kunnen, maar daar zwermen nog steeds die buizerds. Als smoes bedenken we dat we teruggaan naar de plaats waar Metagalapa hing.
Daar is een enorm Shadowland, met activiteit van grote ondode beesten. Het lijkt er op alsof ze hun kamp opbreken. We gaan op jacht naar een panter, maar vinden er geen. Sango heeft overal doorheen geslapen. Terwijl we teruggaan overleggen we. Vinden we het de moeite waard om eventueel uitgestoten te worden? Tawuz denkt dat hij indien nodig een Moot wel kan overtuigen. Hij waarschuwt wel voor Raksi’s sociale aanvallen.
In de loop van de nacht is Eye bevallen van zes kleine pegasusjes, beastmen. Ze zijn heel schattig. Little Shu blijft aan boord om een strijdplan te bedenken. Onderweg doet Tawuz de Oration Glance Technique zodat hij aan de bavianen die ze onderweg tegenkomen door kan geven dat Atis zijn contactpersoon de baviaan Habib wil spreken.
Als we terug aangekomen zijn, heet Raksi ons hartelijk welkom, met name Sango. Marina heeft haar charm aanstaan en ziet dat er inderdaad een ‘taint’ aan Raksi’s Essence zit. Sango is gewaarschuwd, en blijft beleefd. Deze keer wil Shi-Mei-Lan het boek van de tweede cirkel bestuderen. Als Raksi haar oog-spreuk doet, kijkt Marina weer goed. Deze keer ziet ze dat Raksi twee verschillende ‘taints’ op haar essence heeft: Wyld en Necromantic.
Intussen overleggen Atis, Ghurkan, His en Little Shu met de bavianen. Die wachten al lang op de aankomst van nieuwe lunars. De aanwezige lunars zijn al door Raksi ingepalmd. Iedereen die langer met haar omgaat, wordt verliefd op haar. Hij heeft tweeduizend mensen die willen vechten en drieduizend bavianen. De orang-oetans zijn de priesters van Raksi, dus daar kun je niet op rekenen. Raksi heeft maar weinig gestalten, maar ze heeft nog een feniks op haar verlanglijstje staan. Beastmen maken heeft ze haar lunars verboden. Atis komt op het idee om Eye in vogelvorm met brandend materiaal in te smeren en zo een feniks te simuleren. Shalgero’s Pride zou als ondergrond kunnen dienen. Eye leert de charm Southern Mastery Technique om vuur te kunnen weerstaan.
Als Raksi bij de boeken weg wil gaan, vraagt Sango of ze haar raad mag vragen. Welke spreuken kan ze nog meer aanraden? Wat vindt ze van het patroon in de solar circle spreuken? Raksi is heel geïnteresseerd in de spreuk Rune of Singular Hate. Ze vertelt dat haar solar mate die gebruikt heeft tegen de dragonblooded die haar doodde. Die had hij eigenlijk moeten gebruiken op Chejob Kejak! Dit was ooit de reden dat ze solar circle wil leren: deze spreuk op Kejak gooien. Sango vertelt dat hij dood is, vermoord door de keizerin. Raksi is blij. Marina stelt voor om er een glaasje Regenboog op te drinken. (Dit alles om haar af te leiden.) Intussen bestudeert Sango ook Technique Mirror. Na zes uur gaat Sango weg.
Bij zonsondergang verzamelen de lunars zich in spirit form bij de bibliotheek. Er is een dalmatiër, een python, een buizerd en een raaf. De vijfde heeft een snoek als spirit form, die heeft dispensatie gekregen: hij gaat als poema. Marina, die een octopus als spirit heeft, mag ook wisselen. Ze kiest tijger. Raksi staat naakt, met een grote jachthoorn. Op het moment dat de zon ondergaat, blaast ze er drie keer op en verandert in een soort reuzenmandril: drie meter hoog en met slagtanden. “We gaan op jacht jongens, op naar de griffioen! We vertrekken door de Noordelijke poort.” De lokale lunars kijken wat verbaasd. We stuiven naar het Noorden. In de stad zijn alle deuren, ramen en luiken dicht en is er niemand op straat.
Op een gegeven moment gaat Eye als brandende vogel de lucht in. Raksi ziet het, maar gelooft het eerst niet. Maar dan gaat de zon op in het Westen. Deze wordt verduisterd door de maan en iets zwarts wat van tussen de sterren kwam. Raksi concludeert dat het toch een èchte feniks moet zijn, die is getriggerd door de conjunctie. Ze gaat er op af. De overige lunars gaan door volgens plan, op zoek naar de griffioen. Dit is de gebeurtenis die de dragonkings eerder voorspelden. We realiseren ons waarom we de afgelopen nacht geen contact met Luna konden krijgen.Tawuz stelt voor om eerst even naar de conjunctie te kijken. Die duurt opvallend lang, hij gaat maar niet over.

1. De ‘stervende feniks’ zit op de grond. Raksi is intussen in een adelaar veranderd en vliegt er op af. Zodra ze daalt doet Little Shu een duikvlucht op zijn windblade waarbij hij haar slaat met zijn reaver daiklave, hij raakt. Raksi activeert een charm, welke is niet meteen duidelijk. Sarina valt aan met haar Dagger of Heaven en raakt. Little Shu raakt weer. De klappen lijken haar weinig schade te doen. Ghurkan slaat met zijn Serpent Sting Staff gecombineerd met de Essence Fans and Skill Technique. Ook hij raakt. Atis gebruikt Accuracy Without Distance, schiet een orichalcum pijl af en raakt. Deze wond lijkt haar als enige echt pijn te doen. Eye verandert Shalgero’s pride in een Dire Chain, om Raksi te verstrengelen, maar mist. Sango concludeert dat alleen onweerstaanbare aanvallen Raksi kunnen deren. En houdgrepen! Ze gebruikt Leaping Mantis Style en grijpt haar vast. Dat lukt!
2. Raksi grijpt in haar haar en en trekt aan een touwtje. Het licht lijkt te dimmen. Daarna vinden we opeens iedereen een vijand. Sango doet als reflex een Sapphire Circle Counter Magic op zichzelf. Little Shu reflecteert de spreuk terug op Raksi zodat ze zelf ook last heeft van het effect. Sarina steekt met twee dolken. Dat lijkt haar weer weinig te deren. Little Shu gebruikt nu ook Accuracy Without Distance en schiet. Dit doet haar duidelijk wel schade. Atis doet hetzelfde en verwondt haar verder. Ghurkan doet een social attack, The Irresistable Salesman Spirit: “Geef je over of we doden je.” Maar door het effect van haar eigen spreuk gelooft ze hem niet. Sango begint met Dragon Coil Technique haar fijn te knijpen. Raksi is nog steeds in vogelvorm. Sango kan haar niet alle acties belemmeren, maar houdt haar wel op haar plaats. Eye probeert de essence draining boeien om de poten van de vogelvorm te doen. Dat lukt, de poten zijn nu geketend. Raksi begint vreselijk te krijsen. Ze weet wat dit voorwerp is.
3. Raksi probeert weer een Spellknot te ontwarren. Sango aarzelt niet en gooit weer Counter Magic. Een pilaar van zwart on-licht verschrompelt.
Op dat moment gebeurt er iets aan de hemel. Het zwarte voorwerp breekt in tweeën, de zon verschrompelt tot een rode dwerg en valt onder de horizon. Elke solar krijgt een visioen: Sol, doorboord door veertig groene zwaarden, spreidt zijn armen en roept: “Wreek mij!” [Elke solar krijgt er 1 punt permanente Essence bij plus tien charms en/of spreuken naar keuze. Maar alle charms die iets doen met ‘creatures of darkness’ werken niet meer.]
Little Shu schiet weer, en Raksi gaat buiten westen. Sarina probeert een mantel om haar hoofd te wikkelen zodat ze geen nieuwe spellknots kan activeren Sango voelt haar verslappen en roept: “Atis, willen we haar dood hebben?” Atis mompelt: “Je vraagt dit aan mij?” en schiet een pijl af. Raksi sterft. De spreuk waardoor we elkaar wantrouwen wordt opgeheven.
Als de lunars terugkomen, vinden ze vijf geschokte solars.

Xp: 6 solars en lunars

The RoSE – 48

We horen Ebon Ryme uit. Het blijkt dat zijn Infernal kameraden nog niet weten dat hij niet meer aan hun kant staat. Hij heeft bericht gekregen dat er iemand door de Gate in het Noorden gaat komen, in het koperen bamboebos. Hij wil erheen om ze uit te horen. Sango doet Disguise of the New Face op hem, zodat zijn anima en kasteteken er weer Infernal uitzien.
Onder ons blijken de Abyssals de belegeringstoren om te bouwen om Metagalapa weer te bereiken. We moeten hier dus binnenkort weg. We schuiven voorlopig maar weer 100 meter opzij.
Dan bespreken we wat we moeten doen met de Green Lady. Atis stelt voor om haar aan de Maidens te geven. Die kunnen de exaltatie en haar ziel misschien zuiveren. Als we haar doden, zoals Tawuz voorstelt, gaat ze terug en versterkt ze de Abyssals. Eye of Autumn heeft de essence-neutraliserende ketenen nog die we in Gethamane verhandeld en daarna weer teruggehaald hebben. We besluiten haar ermee te boeien. Ze stribbelt tegen en net als het gaat lukken geeft His haar een vuistslag. Ze is verder verzwakt dan hij dacht en driegt te sterven, dus hij moet haar snel EHBO verlenen. Marina helpt.

We vliegen naar Luthe, laten de Lunars overstappen en schepen de Dragon Kings in. Ze gaan in hun battle stations zitten. De water Dragon King frutselt wat en opeens komt er een console uit de algen omhoog. De anderen doen hetzelfde. “Zo,” zegt water, “zullen we eens kijken of hij nog in vijf stukken kan?”
Sarina sputtert tegen, maar Sango wil het erg graag zien (en heeft meer vertrouwen in de vaardigheden van de jonge Dragon Kings). Opeens zakken de consoles met de Dragon Kings in de vloer en even later veranderen de schermen in de muur in ramen. Onder ons is een gouden lichtstraal op de grond gericht. Daar is het target van een enorm krachtige zonnestraal. Afvuren doen we maar niet. Ze proberen meer functies. Metagalapa is niet zo snel als Luthe, maar kan nog steeds 100 km/u. Het is 24 uur naar Rathess. Sango hoopt dat het ding een camouflage heeft.
Sango stet Marina voor dat ze toch Luna proberen te waarschuwen voor het voorspelde nieuwe hemellichaam wat binnenkort opduikt. Marina realiseert zich dat dit alleen maar kan als de maan boven de horizon staat. En dat een rituele jacht eraan voorafgaand een goed idee zou zijn. Marina wil op sacred hunt naar een Green Sun Child, maar dat is misschien wat veel gevraagd om vóór de avond afgerond te hebben. Eye of Autumn wil eerst de Green Lady overdragen aan de Siderials. His wil daarmee wachten tot de Solars er zijn. Wie weet ‘turnt’ ze de anderen. Eye betoogt dat ze snel hulp nodig heeft. Shi Mei Lan zegt dat dit wantrouwen, dat de Siderials misschien niet te goeder trouw zijn, een uiting is van de Great Curse. Daar moeten we tegen vechten, en haar dus nu overdragen. Ey of Autumn betoogt ook dat haar nu al overdragen een goede indruk zal maken. Er volgt een druk twistgesprek, maar dan realiseren we ons dat het nog tien uur duurt voordat al haar Essence gedraind is door de !
ketenen.

We gaan op heilige jacht en besluiten een reuzenanaconda als doel te kiezen. In de loop van de nacht vinden we een enorm exemplaar. Na een enerverende strijd verslaan we hem. Marina snijdt het hart uit en heft het op naar de maan. “Luna, aanvaard mijn offer!” en ze vertelt over de profetie. Het hart licht zilver op en ze krijgt een visioen dat er over vier dagen een zonsverduistering gepland staat. Blijkbaar is de boodschap aangekomen en realiseert Luna zich wanneer het plaats zal vinden. We peuzelen de anaconda op (voor zover we hem opkrijgen) en overnachten in het bos.

’s Ochtends komt Metagalapa aankachelen. Hij past niet aan onze aanlegtoren, maar wel aan de andere. De Fae vinden het geweldig. Op Metagalapa hebben de Dragon Kings op verzoek van Sango de Private Plaza of Downcast Eyes aangezet. De spreuk wordt door lokale kleine godjes geworpen.
De Siderials blijken niet echt geïnteresseerd in de Green Lady. Ze sputteren wat tegen als we Little Shu’s idee suggereren om haar te gebruiken als focus voor het opheffen van de Great Curse, maar uiteindelijk geven ze toe.
Eye of Autumn’s buik groeit snel. Dit gaat niet meer lang duren. Ze gaat naar het scheepshospitaal van Luthe. Dat heeft inderdaad een kraammodule. Ze laat zich scannen en blijkt zwanger van een zesling.

We gaan met Luthe en alle Solars en Lunars naar de plek waar Raksi woont – Mahalanka. Onderweg bespreken we onze strategie. Een smoes – we proberen haar steun voor de strijd tegen de Keizerin en de yozi’s te werven – zou een belediging zijn voor haar intelligentie. We komen in zicht. De binnenstad bestaat uit een serie gouden wolkenkrabbers in de jungle. We houden halt zodra we een stratenpatroon in de jungle herkennen. Na enige discussie roept Tawuz een Lunar groet door de luidsprekers. De straat onder ons loopt vol. Er staan onder andere wachters, aapmensen.
Eye blijft aan boord. Ze weigert zich te laten overtuigen, omdat ze gehoord heeft dat Raksi kinderen eet. De andere lunars landen in beastman-vorm en worden geaccepteerd. Als de solars landen kijken de aapmensen vragend. “Mogen we ze afmaken?” “Nee.” “Dan moeten ze inbinden, want de baas houdt er niet van.” Hij kijkt veelbetekenend naar Atis, die geland is in zijn orichalcum harnas met volle anima banner aan. Atis dimt zijn licht.
Ze nemen ons mee naar een groot plein tussen de hoge gebouwen. In elke muur een poort naar één van de gebouwen. In het midden staat de bibliotheek. Alles is van adamant. In de jungle staan her en der porseleinen gebouwen. Het deel dat nog in gebruik is, is smetteloos. Er wonen veel mensen in de stad, het merendeel heeft Wyld-mutaties. Het handwerk wordt gedaan door bavianen. Verder zijn er kleine aapjes – lori, rhesusaapjes en dergelijke. De laatste soort inwoners zijn lunars. Eentje begroet ons en heet ons welkom. Daarna vaagt hij om tribuut. Tawuz en Marina kijken elkaar aan. Raksi beschouwt zichzelf duidelijk als de lokale vorst. Sarina biedt een drietal Essence Capacitators aan. Hij herkent dit niet en zegt twijfelend: “Dat zal onze godin wel beoordelen.”
Hij leidt ons door de College Of Cosmology And Theology. Het wordt bevolkt door orang oetans. We lopen door een bibliotheek met allemaal prachtige boeken va orichalcum en dergelijke. Verder naar achteren staan de minder mooie boeken. We gaan de lift in, naar de bovenste verdieping. Volgens de Solars voelt het hier goed, een Solar Manse.

Raksi is een naakt jong meisje met mooie maanzilveren tatoeages. Ze kijkt wat verveeld. “En, vertel het eens. Groetjes van Leviathan, zeker?” We groeten terug. Tawuz begint nog over de Ebon Dragon, maar Raksi is totaal niet geïnteresseerd. Ghurkan neemt het woord en groet haar. “Ah, een Solar, interessant, lang niet gezien.” Ghurkan herhaalt dat er grote problemen zijn in Creation en weidt uit. Ze is nog steeds niet geïnteresseerd en doet wat cynisch. Ze biedt wijn aan, maar is aangenaam verrast als Tawuz en Marina met een vaatje Regenboog aankomen. Dat is beter dan die autochtoonse batterijen!
De hapjes zijn mensenvlees. Atis eet er niet van. Raksi wordt boos en geeft hem tien minuten om weg te komen. De anderen eten het wel. (Dit kost de Solars een punt Limit.)
Als er wat gedronken is, komt ze los en vertelt ze sterke verhalen over de First Age. Vooral gevallen van extreme wreedheid. We realiseren ons dat dit een vermomde “social attack” is. Ghurkan gaat in de tegenaanval en openbaart zich als de reïncarnatie van de oude hiërofant. “Cool! Kom mee!” ze rent de trappen op tot hoog in de koepel. De kamer waar ze hem (en de rest, waar ze helemaal niet op let) heen leidt, is van oricalcum. Hij heeft drie podiums met gigantische boeken. De podiums zijn van diamant, saffier en smaragd. In het midden is een naald waar zich waarschijnlijk de heartstone vormt. Er staat een orichalcum wachter naast.
“Keeper,” roept Raksi, “mag ik je voorstellen: de voorzitter van het Solar Deliberative!” “Het Deliberative,” corrigeert Ghurkan. De wachter neemt Ghurkan mee naar een geluiddempende nis en vraagt hem om de autorisatiecode. Ghurkan geeft zijn persoonlijke code, die in de Imperial Manse werkte. Deze wordt geaccepteerd.
De Keeper en Ghurkan komen terug. Raksi vraagt of hij de Keeper bevel wil geven om haar toegang tot het boek met Solar Circle spreuken te geven. “Ik heb het al duizend keer gezegd,” zegt de Keeper, “dat mag ik niet.”
Sango stapt naar voren: “Ik wil toegang.” “Bent u ingewijd?” “Ja.” Ghurkan moet nog toestemming geven, wat hij zonder aarzelen doet, en dan mag ze het diamanten podium betreden. Sango aarzelt. Ze ziet dat Raksi een spreuk voorbereidt. Tawuz merkt dat ze een oog losmaakt om mee te kijken. Sango slaat toch maar het boek open en zoekt naar de Incantation of the Invincible Army. Raksi is teleurgesteldld. “Kun je je tegenstander niet ook direct vernietigen?” Sango negeert haar. Ze wil ook Adamant Circle Banishment en Light of Solar Cleansing leren. Iedere spreuk duurt drie uur om te kopiëren en Raksi blijft rondhangen en meelezen. Sarina vraagt of zij uit het boek op het saffieren podium (2e crikel) mag leren. Dat kan.
Ghurkan en de anderen proberen Raksi af te leiden. Sango doet een kort gebed tot de god van de magie. In haar schaduw verschijnt Wajang. “Je bent goed op weg, maar Raksi is nog steeds een barrière.” De afspraak was dat de boeken weer beschikbaar zouden moeten worden.
De anderen proberen Raksi jaloers te maken door over het werk van White Owl te beginnen, en Sarina’s orichalcum tatoeage te tonen. Ze is niet onder de indruk, want White Owl heeft die kunst van haar geleerd. Als iemand vertelt dat White Owl ook een Dragonblooded heeft getatoeeerd, dreigt ze White Owl tot Chymaera te laten verklaren.

4 Xp solars en lunars

The RoSE – 47

We overleggen hoe we het snelste bij Metagalapa komen. Als we met Luthe reizen zijn we het snelste. Als we Dragon Kings mee willen nemen, kunnen we het beste via Rathess gaan. Onze troepen zijn op halve kracht (Magnitude -1) maar 90% heeft het overleefd. De lunars moeten mee om Luthe te besturen. Bovendien weigert Eye categorisch om Malpheas in te gaan vóórdat ze bevallen is.
We nemen afscheid van Nexus. Ze bedanken ons en verklaren zich tot wederdienst bereid. We vertellen dat het nog wel eens zo ver kan komen, bij de grote veldslag tegen de keizerin.
Als we bij Rathess aankomen zien we dat de piramides, de centrale straat en het observatorium er al een stuk beter uitzien. We hebben vooraf een boodschap gestuurd, zodat ze niet in paniek raken als er een kilometers grote vliegende schotel aankomt. We leggen aan bij de luchtschip-toren. De godin van gemechaniseerde luchtvaart staat ons met open armen op te wachten. Ze heeft zelfs de liftmuziek voor ons aangepast. Ze is een beetje verbaasd als we moeten vragen wat het is – het solar volkslied! We bedanken haar voor het aanvullen van onze kennis.
Beneden staan Dragon Kings, de Siderials en zelfs een paar faery ons op te wachten, de gobelin en de edele die we al eerder ontmoet hebben. We leggen uit waarom we langs komen en vertellen over Metagalapa. De faery zegt: “Dat is toch een wild zone?” We vertellen ook van de Abyssals. De Siderials hebben nieuws: er is een nieuwe Siderial geïncarneerd die hun vijftal compleet kan maken, die is in training in het Heptagram. Daar hebben wij connecties. “En er komt een grote conjunctie aan. We hebben een nieuwe ster zien verschijnen vanuit de Magellaense Wolk, die staat normaal voor Nexus.” We vertellen over de nieuwe Maiden. Dat verbaast ze niet, maar “Mind” dat vinden ze wel een rare keuze. Ze vertellen dat er nog twee zwerfsterren zijn verschenen, één uit het Noorden en één uit het Westen. Ze vertellen ook dat die conjunctie is tussen de zon, de maan en een zwart gat. Wat dat laatste is, weten ze niet. Sango wil Sol gaan waarschuwen, maar zo werkt dat niet, zeggen de siderials.
De dragon kings vragen of we misschien mankracht kunnen leveren. Na enige discussie besluiten we dat het wel kan. We laten duizend arbeiders achter, plus nog tweeduizend van onze gewonden en wat verpleging. De dragon kings geven ons twee van elk type mee, een jong mannetje en een jong vrouwtje. Ze worden mooi uitgedost, totems waardig. Marina vraagt wat de fae hier doen. “Die hebben een verbond met ons!” Ze keert zich naar de fae: “Tips voor de Wyld?” “Enjoy!” is het antwoord.

Er wordt in- en uitgeladen. In de tijd dat dit kost, rusten de vermoeide spell-casters uit. Little Shu brengt een offer aan de godin van de luchtvaart en Sango improviseert een heiligdom voor de god van solar circle magie. Ze vertelt dat ze op korte termijn haar belofte om het Book Of Three Circles te halen, gaat inlossen.
Als we bij Metagalapa aankomen, zien we dat het inderdaad een berg is die uit de grond is getrokken. Hij hangt ongeveer 1,5 km boven de grond. Er onder is een grote krater. Een gebied van ongeveer een kilometer diameter is zwart, er brandt Balefire en er krioelt van alles. Marina gebruikt de waarneming van Luthe om het shadowland te scannen. Er zijn ondode mensen en dieren. Het groen van balefire is een andere tint groen dan dat van de demonen, meer lijkenlicht. Shi Mei Lan gebruikt de battle stations om te observeren. Ze ziet dat er een grote toren staat die helemaal tot aan de berg reikt. Tawuz kijkt of hij Metagalapa kan contacteren, maar hij krijgt alleen een testbeeld. Shi Mei Lan en Little Shu kijken naar de klimconstructie. Misschien kunnen we die kapot vliegen met Luthe? Als we beter kijken zien we dat de constructie bijna honderd meter breed is en uit soulsteel bestaat. Dat zou Luthe ernstig beschadigen. We zien ook dat er bovenaan al hevig gestreden wordt. De berg wordt verdedigd door twee types gevleugelde mensen. Eén soort met, en één soort zonder armen. Die laatste hebben ook vogelhoofden. Er zijn er intussen genoeg gesneuveld om daar ook een shadowland te laten ontstaan. We besluiten er in persoon op af te gaan, dus Luthe houden we buiten zicht. Atis en Eye blijven aan boord.
Ghurkan en Little Shu op hun airblades, Shi Mei Lan als vleermuis, His als adelaar, Marina als zilvermeeuw, Sarina en Sango op de rug van Tawuz in beastman-vorm. Als we komen aanvliegen, met de pteroks in de voorhoede, worden we tegemoet gevlogen door zes gevleugelde mensen. “Vrees niet, we komen jullie helpen!” Eén van de ‘engelen’ (de mensen met armen) biedt een orichalcum amulet aan. Ze nemen ons mee naar het strijdtoneel. We spreken hun taal niet, maar we koen een heel eind met gebaren. Little Shu stelt voor om de toren kapot te maken. His denkt dat als we Metagalapa kunnen besturen, we het gewoon honderd meter verderop kunnen vliegen. Maar hoe vinden we de commandocentrale? Little Shu doet een charm om te kijken of hij een constructie kan ontdekken.
De dragon kings willen meevechten. Ze zijn nog jong, dus we zijn bang dat ze niet zoveel kunnen hebben. We proberen ze tot voorzichtigheid te manen, maar dat lukt niet zo. Als we dichterbij komen, zien we dat de toren van een heel vreemd soort soulsteel is gemaakt: er zitten geen gezichtjes in. Little Shu pakt zijn starmetal daiklave, doet een Enemy Castigating Solar Justice charm en probeert met een duikvlucht een deel van de toren stuk te slaan. Hij raakt, maar het construct is ijskoud en zuigt essence uit hem weg. Hij beschadigt de constructie wel, maar starmetal is hier niet het juiste materiaal voor. Hij heeft geluk dat zijn daiklave nog heel is.
Sango en Shi Mei Lan doen samen twee spreuken: Sango de Obsidian Butterflies om de trap schoon te vegen, en direct daarna gooit Shi Mei Lan Hound of the Five Winds. Sarina zorgt dat Tawuz en zijn passagiers beschermd worden.
Little Shu schiet een Dazzling Flare door het gat de trap af. Dat is een Holy attack, hij raakt maar één persoon (die draagt een soort mechanisch harnas gemaakt van botten), maar door het zonlicht verwaaien de geesten en krimpen de ondode beesten ineen. Marina wacht op Ghurkan. Shi Mei Lan begint haar incantatie, maar wacht even om weer met Sango te coördineren. Sarina schiet ook op degeen die eerder door Little Shu geraakt is. Hij valt, zijn harnas splijt open en er wordt een lichaam uitgeworpen. Ghurkan en Marina gaan de berg scannen: Marina merkt met Eye of the Cat dat het shadowland op de berg uitkomt in een piek. Gurkan landt en doet op die locatie Eye and Fingertip Wisdom. Hij ziet dat er meerdere schachten de berg in worden gegraven, één ervan is vlak bij een deur. Tawuz zet een duikvlucht in en doet Claws of the Silver Moon.
Van hoger op de helling staat iemand op en doet een incantatie; er vormt zich een warstrider. Sango aarzelt geen moment. Ze roept: “Vang me op!” en springt met Monkey Leap Technique, zodat ze dichtbij genoeg is om Saphire Circle Counter Magic te gooien. De warstrider ontploft, een regen van gloeiende vonken daalt neer. Dit doet Sango geen schade. Degene die de spreuk gooide heeft er wel last van. Hij heeft een interessante aura: een combinatie van dragonblooded en abyssal, afstervende bloemen en bladeren.
Little Shu gebruikt de Trance of Unhesistating Speed, en schiet meerdere pijlen af. Eén ervan wordt opgevangen door een boekrol die open- en dichtrolt. De andere is raak. Shi Mei Lan’s incantatie is klaar. Ze stuurt de Hound de trap af. Sarina springt van Tawuz’ rug af op de brug, en schiet intussen een pijl af. Ze doodt nog een mannetje in zo’n bottenharnas. Marina doet een Octopus Barrage op één van degenen die de gang aan het graven is. Desondanks krijgt ze hem niet weggetrokken. Ghurkan gebruikt de martial art Snake Form en slaat op de andere graver. Hij raakt. Tawuz doet een duikvlucht om Sango, die naar de grond aan het vallen is, te onderscheppen. Ze slaagt er in om zonder wederzijdse schade weer op zijn rug te komen. Marina en Ghurkan merken dat de gravers erg stinken. Ghurkan draagt een Ashigara Battle Armor en stelt de luchtfilters in. De graver valt Ghurkan aan en raakt. De andere valt Marina aan, maar de klauw schampt af. Ze zien dat de harnassen gemaakt zijn van botten en kleine stukjes soulsteel. His komt vanuit de lucht aanvallen en zet zijn Armor Forming Technique in. Als een grote geschubde slang valt hij uit de lucht, vlakbij Ghurkan en Marina. Hij weet Marina’s tegenstander te raken.
Little Shu mike op de spellcaster. Hij aarzelt even als hij ziet dat het een jong meisje is, maar raakt wel. Tot zijn verbazing werkt zijn effect tegen duistere creaturen niet. Shi Mei Lan neemt haar beastman-vorm aan. Ze schiet met haar slinger, maar mist. Sarina doet Fist Action en schiet ook op het meisje. Zij raakt net. Een tweede perkamentrol ontplooit zich. Tawuz doet Instinctive Essence Prediction en realiseert zich dat dit siderial magie is. Hij roept: “Ben jij de Green Lady?” “Ik ben wie jij wil dat ik ben. Stoer pakje overigens, Green Hornet!” Ghurkan haalt uit en slaat de graver neer. Die wordt door zijn harnas uitgestoten. Even voelt Ghurkan een vreemde neiging om het benen harnas aan te trekken. Marina gebruikt de lunar charm Lightning Stroke Attack. Die kent ze niet, maar ze zet er de extra Essence van Luna voor in. Ook haar tegenstander wordt door zijn harnas uitgeworpen. De sideraal, die eerst een klein meisje leek, is nu een dominatrix in zwart latex en bloedrode nagels. Ze trekt een scheur in haar latex, trekt daar een zweep van slangenruggengraat uit en begint een verdedigend web om zich heen te weven. Santo inspecteert intussen de aanhechting van de belegeringsconstructie op zwakke plekken. Ze realiseert zich dat de zwakste plek in de rots zit. Ze spreekt met Tawuz af dat ze er langs scheren en slaat op het juiste punt met de Sledgehammer Fist Punch. Het dreunt, er klinkt een luid gekraak, tergend langzaam valt een stuk van de berg weg. De trap is niet langer verbonden met de berg.
Little Shu scheert langs de dominatrix en slaat naar haar met zijn daiklave, maar mist: de verdediging met de zweep is te sterk. Shi Mei Lan pakt de hearthstone of Eternal Rest en begint de doden in de omgeving tot rust te brengen. Sarina gooit de Rain of Feathered Death op de sideraal: vijf pijlen. De gestalte wankelt, maar blijft staan. Tawuz gebruikt opnieuw zijn magiedetectie. De ene spreukrol stopt pijlen, één per keer, en de andere bevat iets van antimagie. Ghurkan begint de rest van de rommel in de tunnel met zijn blote handen weg te trekken. Marina camoufleert de ingang met Spider’s Trap Door. De dominatrix slaat met haar zweep en haalt haar hand open. Waar de bloeddruppels de grond raken, begint zich de onderwereld te vormen. Sango doet weer een Saphire Circle Countermagic. Haar aura is in één klap iconisch. Het effect is dat alle ontdoen wegkwijnen. De doinatrix zucht: “Ach wel, ik geef me wel over.” Shi Mei Lan accepteert de overgave.
Ghurkan en Marina graven flink door. De vogelmensen, ‘engelen’ en dragon kings komen er bij. Het zijn er zo’n 150. Al snel bereiken de deur. Ze zien dat de deur ontsloten kan worden met de amulet die de vogelmensen aan de pterok hebben gegeven. Ze roepen hem erbij.
De gangen hebben dezelfde vorm als de dragonking-verdieping in Gethamane. Er is zelfs ruimte voor de earth dragon kings. Het is wel duidelijk voor wie deze citadel gebouwd is.
Ghurkan probeert de Green Lady zover te krijgen dat ze een bindende belofte doet. Ze lacht hem uit en vertelt dat het niet gaat werken – op zich fideel. Ghurkan, Sarina en Little Shu blijven bij haar. Ze merken dat haar persoonlijkheid gefragmenteerd is.
De anderen gaan naar binnen. De kapiteinsstoel is bedoeld voor een solar, de vier andere stations voor vier verschillende types dragon kings. De 25 stations eromheen zijn zowel door dragonblooded als door dragon kings te bemannen. We roepen Luthe op en laten de andere dragon kings overzetten.
We doen een eerste actie met Ghurkan in de kapiteinsstoel, en verplaatsen de berg 100 meter zodat de lader echt niet meer aansluit. Little Shu is zeer gepikeerd, maar moet toegeven dat hij niet kan navigeren. Tawuz stelt voor om Ebon Rhime het commando aan te bieden. Die wil het graag aannemen, maar hij moet eerst even weg. Hij kan niet zeggen waarvoor, maar verzekert ons dat heel Creation er blij mee kan zijn. We besluiten hem te geloven en het aanbod te handhaven tot hij weer terug is. Hij kan ook met de vogelmensen praten. De dragon kings zien hem wel zitten. Het lijkt erop dat we over een week een bemanning hebben.

6 xp

The RoSE – 46

Wij (de Solars) reizen naar Gethamane. Dat is ongeveer een week vliegen. Als we in de buurt komen zien we een kilometers groot vliegend schip vlakbij de berg zweven. De onderkant is beschadigd. Little Shu zet zijn helm op en wordt weer “Green Hornet”. 
We zien dat de legioenen samengevoegd zijn tot één groot kampement, heel ongebruikelijk ingedeeld. Veel tenten zijn vervangen door glimmende bouwsels en er is een monorail. Het is zo ingericht dat je in de val loopt, van welke kant je het ook aanvalt. Het is ook wat groter dan de vorige keer. Het plensregent, maar in het midden is een gedeelte met occulte symbolen die de regen stoppen. Sarina kijkt en ziet dat het magie is van The Sea Who Walks Against the Flame – Kimberi zelf. Little Shu doet een War charm en neemt waar dat er in Luthe zo’n 4000 getrainde manschappen zitten. In het kampement zitten elitetroepen.
In de haven liggen een aantal vreemde schepen. Die zijn van Lintha piraten. Als we er aanleggen, vertellen die ons dat er een grote zeestrijd aan de gang is tussen The Silver Prince, een Deathlord, en de vloot van de keizerin. 

‘Onze’ Lunars begroeten ons hartelijk. We praten bij. 

De volgende arriveert er vanuit het Zuiden een delegatie Lunars, aangevoerd door ene Tammuz. De Lunars behandelen hem nadrukkelijk niet als Elder. Uit Lookshy, Nexus en de Paardenlanden arriveren twaalf Solars, en vanuit Yu Shan vier Siderials. Het zijn vier van de vijf Siderials die de moordpartij hebben overleefd. De vijfde is de Green Lady, maar zij is al eeuwen geleden verdwenen in de Underworld. We besluiten eens bij elkaar  te gaan zitten. De ambassadeur van Autochthon en generaal Ledaal Gras nodigen zichzelf uit. 
Tammuz weet de vergaderzaal van Luthe te vinden. We moeten wel eerst even de bewoners alternatieve woonruimte aanbieden. De Siderials beginnen: De Loom Of Faith is niet bruikbaar. De Grote Knoop is voorbij, maar de Maiden Of Endings is er aan het werk. Zij heeft alleen tegen de Siderials gezegd dat ze hier in Gethamane moesten zijn. Hier komen volgens haar de legers van Creation samen. 
“Ah,” zegt Tammuz, “dat verklaart mijn dromen. Geef me een paar maanden, dan mobiliseer ik alle Lunars en Beastmen uit het Zuiden.” Hij vertelt dat we niet op Rakshi moeten rekenen. Ze is een No Moon, die gelooft in niet ingrijpen. Haar levenswerk is alles over magie leren. Ze wil Solars Circle Sorcery leren. Atis stelt voor om er iets aan te doen, zodat dit voor haar mogelijk wordt. Sango is tegen: de meeste Solar Circle magie is destructief en groot. De anderen vinden het ook een slecht idee. 
Buffy zegt dat de meeste Autochthonians uit Autochthon zijn verdreven. De subroutines gehoorzamen de Mountain Folk. Hun stad is overgezet in een kleiner, mobiel lichaam en is op weg naar The Core. Tawuz mompelt tegen Ghurkan: “Uhm, Ghurkan, herinner je je die autochtoonse kunstmatige lichamen in je opslag? We hebben er eentje uitgeleend…” Ghurkan fronst maar houdt zijn mening voor zich.
Tammuz heeft ook een groep van het autochtoonse volk ontmoet. Ze zijn een nieuwe stad begonnen ten Zuiden van Gem. Hun stad was vermoord door de ambassadeurs van de Realm, twee met groene juwelen in het voorhoofd en groene aura’s, die zich Void Seekers noemen. Wij vermoeden dat het Green Sun Princes zijn. Tammuz heeft de ambassadeur van zijn groep Autochthonians meegenomen, een Moonsilver Caste. Die wil helpen, maar hij wil zelf ook hulp, iemand die met hem meegaat en hem in Yu Shan binnenlaat zodat hij de werkplaats van de Grote Maker kan bezoeken. Onze Solars vertellen dat ze er geweest zijn en laten een paar Hearthstones zien. 
Dan komen de Solars. Zij zijn de overlevenden van de 100 steden. Alleen Nexus en Lookshy houden stand. De dodenstad is ingenomen. De Realm troepen hebben 2nd Circle demonen bij zich. In 2 à 3 weken zullen ze voor de muren van Nexus staan. 
Little Shu vraagt of de visioenen ook tonen waar de eindstrijd gaat plaatsvinden. De Siderials weten het niet. Ook de Loom toont het niet. Alleen weten ze dat het over anderhalf jaar zal zijn. Little Shu vraagt ook hoe groot de legers van de keizerin zullen zijn: ongeveer zo groot als die van ons. 
Kunnen we niet aanvallen? Atis stelt dat we niet achter de feiten aan moeten lopen. Hij stelt voor om wel aan te vallen, maar ook moord- en desinformatiecampagnes te starten. Maar hoe weet je wat je moet raken? Misschien kunnen de Siderials met het astrolabium van de Dragon Kings uit de voeten. Hierin zijn ze inderdaad zeer geïnteresseerd. Wij kunnen ze introduceren bij de dragonking eigenaren ervan.
We kunnen via Yu Shan reizen, daarvandaan zijn alle besproken locaties te bereiken. Atis wil bovendien ook de Celestial Lions aan onze kant hebben. His heeft onlangs via Yu Shan gereisd om het luchtschip uit Rathess op te halen, hij vertelt dat die stad ook brandt. Het was aangevallen.
Tammuz zegt: “Als je echt in het hol van de leeuw wilt aanvallen, moet je in Malpheas zijn.” “Nou,” zegt Tawuz, “daar moesten we toch heen om de moeder van de Green Sun Princes te doden.” We hebben het over tactieken en missies. We kunnen de Solars en Lunars 2nd Circle Banishment leren, en andere spreuken. Met de strategietafel kunnen we de aanval op de keizerlijke legers bij Lookshy en Nexus plannen.
Wat doen we zelf? De queeste in Malpheas is iets voor onze Lunars. Bondgenoten in Yu Shan werven, dat kunnen wij goed doen. Nexus bevrijden willen we ook graag zelf doen, vier van ons komen er vandaan, het in de steek laten vinden we ondenkbaar. Bovendien zouden de yogi ermee veel te machtig worden. We kunnen de troepen naar Nexus en Looksy vervoeren met Luthe, dus de lunars moeten mee om het schip te besturen. Little Shu is teleurgesteld als hij hoort dat het schip echt bedoeld is om door lunars bestuurd te worden, hij was zelf graag kapitein geworden.

De strategietafel wordt aan boord gehaald. Tammuz legt uit hoe we de anti-scrying van Luthe aan kunnen zetten. De Dragon Kings en “Little Shu” (Kimberi  vermomd als Little Shu) worden erbij gehaald. Planning en kennisuitwisseling volgen.

Sango gooit een Carnival Gate, zodat de Siderials via Yu Shan naar Rathess kunnen gaan. Een Pterok uit Gethamane gaat mee om ze te introduceren. 
Ghurkan en His gaan de Celestial Lion aan de gate van Gethamane opzoeken, om hem ons goed genegen te maken. Ze nemen direct de Moonsilver ambassadeur, het Verheven Principe van Gezond Verstand genaamd (bijaam Silver Surfer), mee zodat ze hem naar Autochthon’s werkplaats kunnen brengen.
Het leger wordt ingescheept. Generaal Ledaal blijft achter met 2000 man. 
Eye vraagt aan de lunars of er een manier is om zwangerschap te versnellen. Tammuz zegt dat dit zaken zijn voor vrouwelijke No Moons. Shi Mei Lan gaat bij de No Moons informeren. Die kennen inderdaad praktijken en rituelen: zo kun je snel een stam Beastmen op de wereld zetten. Er zijn ook rituelen om een meerling te krijgen. Eye legt uit dat ze haar ongeboren vrucht wil baren vóór ze naar Malpheas gaat. Ze voert de rituelen uit en voelt de vrucht groeien.

We vertrekken in Luthe. De Solars en de Lunars reizen mee in de commandobrug. Loopings en scherpe manoeuvres kan het schip nog niet aan. De camouflage doet het ook nog niet.
Atis vraagt onderweg aan Buffy wat het Oog van Autochthon eigenlijk doet. Het is volgens haar het zintuig dat Autochthon heeft achtergelaten om contact te houden met Creation. Maar nu hij slaapt, zit je met een deel van een dromende primordial. Het is niet veilig. Alleen Autochthon en zijn subzielen kunnen het zonder gevaar gebruiken. 
We vliegen over wat eens de 100 koninkrijken waren. Het is nacht. De steden zijn hel verlicht, meer dan vroeger. De dorpen zijn ook helderder dan anders. Nexus wordt belegerd. We maken een verkenningsrondje en gaan daarna buiten zicht een tactiek bedenken. Daarna roepen we “Little Shu” erbij en gaan we oefenen. Het blijkt dat zij beter is dan wij allemaal bij elkaar. Maar met z’n allen worden de zwakke plekken gevonden en aangepast. De Wild card is Nexus: zonder steun uit Nexus is de keizerin sterker dan wij. Sarina heeft de rang generaal in de stad, Sango heeft via haar grootvader connecties met de stadswacht. Bovendien kennen we Ouranos, één van de leden van de stadsraad. Sarina kent bovendien de ondergrondse tunnels, waaronder vluchttunnels die ver buiten de stad uitkomen. Die gaan we gebruiken om steun te werven. Sarina trekt haar uniform aan. 
Als we de tunnel ingegaan zijn, worden we staande gehouden. Eén van de bewakers is uit Sarina’s oude bende en kan voor ons instaan. Sango, Ghurkan en Atis gaan naar Opa. Die brengt ze naar het stadsbestuur. Sarina en Little Shu zijn daar op eigen houtje ook heengegaan. 
De stad heeft 10.000 man militie, plus 500 Dragonblooded en kan een beroep doen op de Marukhan (het paardenvolk). We houden contact via walkie-talkies uit Lethe. Little Shu, in zijn gedaante als Green Hornet, wordt de generaal in Nexus, Sarina gaat bij de Marukhan buiten de stad en Kimberi houdt (nog steeds vermomd als Little Shu) het overzicht vanuit Luthe. Opa kan nog martial artists en lokale goden inschakelen. Hij kan bijvoorbeeld slagregens in de vijandelijke kampementen laten neerdalen, maar zegt besmuikt dat dat alleen mag met toestemming van een Solar. Ghurkan geeft de opdracht en bekrachtigt deze. Dat we Luthe hebben en het kunnen vliegen kunnen we niet verborgen houden, maar we besluiten om het schio niet in het gevecht te betrekken. We hopen dat de keizerin zal denken dat het te beschadigd is om als meer dan transportschip te worden gebruikt.

De strijd brandt los. Beide kanten worden door een 3rd circle demon aangevoerd. We zien dat er heel smerige trucs gebruikt worden, aan beide kanten. Wij (de Solars) hebben het er moeilijk mee, maar we verbijten ons. We voelen ons er wel enigszins door bezoedeld (d.w.z.: we lopen ‘limit break’ punten op).
Het eerste uur gaat voorspoedig voor ons. Green Hornet schiet een Essence Arrow om de moraal te verbeteren. Desondanks gaat het tweede uur niet beter dan het eerste. Beide kanten hebben intussen flinke verliezen geleden. We doen extra motiverende acties, het derde uur gaat alweer beter. 
Intussen zijn de legers aan beide kanten een stuk kleiner. Vanuit de heuvels komen Wyld troepen op feral Dragon Kings. Ze vallen ons aan. His verzint een list: hij neemt zijn demonen-vorm aan en probeert ze de andere kant op te sturen. Atis stuurt zijn Pattern-Spider Cloack op een demon af. Sango activeert Battle Fury Focus waardoor ze een vechtmachine wordt. Green Hornet doet een Mob Dispersing Rebuke op een deel van de vijand. Ghurkan schreeuwt gloedvolle slogans. We houden het, maar er staan nog steeds wat Dragonblooded tegenover ons. Shi Mei Lan heeft intussen de spreuk God Forged Champion of War gedaan, waardoor er een enorme warstrider ontstaat. Daarmee winnen we overtuigend.

Het slagveld ligt bezaaid met doden en gewonden, vooral van ons – de tegenstanders waren voor het merendeel demonen, die verdwijnen als ze verslagen worden. We zorgen dat Luthe in de buurt landt, na de troepen van Nexus gewaarschuwd te hebben dat het schip aan onze kant staat. De Dragonblooded aan de kant van de keizerin hebben allemaal iets vreemds. Het lijken wel mutaties, en ze hebben vreemde compulsies – zeuren om bier, schrikken van alles. Het lijkt wel alsof hun Virtues kapot zijn. Ze vechten er overigens niet slechter door.
We hebben nu ook geleerd dat, als beide kanten even sterk zijn, de keizerin wint. 

Tijdens de laatste fase van de veldslag heeft iemand uit de stad de aanvoerder van de vijand, een 3rd circle demon, uitgedaagd. De Emissary is terug! En hij heeft gewonnen. Na het gevecht spreekt hij ons aan en identificeert zich als Ouranos. Hij is langzaam geëvolueerd tot een Maiden, de Maiden of Mind, en met deze overwinning kan hij zijn zijn positie in het firmament aannemen. Hij merkt op dat we één van de Titans (vliegende citadellen) hebben, maar dat we er nog één op de kop kunnen tikken als we heel snel zijn.
We zijn zeer geïnteresseerd en vragen verder. Hij vertelt dat we er vlakbij zullen komen, aangezien we Rakshi willen aanpakken – het ligt er praktisch naast, op de berg Metagalapa.
Verder wil hij een verbond sluiten met Ghurkan, bekrachtigd door hem als Lawgiver. Ghurkan stemt toe. Ouranos schudt zijn hand en zegt: “Ik beloof plechtig dat ik nooit ook maar één enkele zet in de Games of Divinity zal doen!” 
Hij vertelt dat de Games de reden waren dat hij zich verborgen hield in Creation; tot nu was hij niet sterk genoeg om deze gelofte te kunnen houden. Volgens hem zijn de Games dat de reden dat het zo slecht gaat met Creation. Hij overziet nu vanaf de hemel heel Creation en begint zachtjes te huilen. Om ons heen gaat het licht regenen. Eigenlijk begint het in heel Creation te regenen.
Hij vertelt ook dat we Dragon Kings mee moeten nemen naar Metagalapos omdat dat de totems zijn van de lokale stam. En hij herhaalt dat we ons moeten haasten, omdat anders de Abyssals ons te snel af zijn en hem innemen.
Als we er naar vragen, zegt hij dat de dromen niet van hem kwamen. 

Sango stuurt bericht van onze overwinning naar belangrijke bondgenoten. In ieder geval naar Mnemon, the Roseblack en de Dragon Kings en Siderials in Rathess.

8 XP

The RoSE – 45

We staan bij de uitgang van Gaia. We zijn in totaal vier weken in deze wereld geweest. Als we door de uitgang lopen, blijken de simhata’s mee te willen. In de paddenstoelentuin worden we welkom geheten en via brede straten naar buiten geleid. Buiten is het donker, maar er hangt een vreemde schemering. In de lucht hangt een grote rode ster die dof, onaangenaam licht geeft. Het leger is in de hoogste staat van paraatheid. De vliegende citadel is nergens te bekennen. Generaal Ledaal heet ons welkom.

Zes weken eerder in Lookshy.
De solars hebben hier enkele dagen doorgebracht en diverse dringende en minder dringende dingen gedaan. Op een gegeven moment komt er een wachter naar ons toe. “Ik zoek Ghurkan!” “Dat ben ik.” “Er is iets voor u aan de poort en we laten het NIET binnen.” We gaan mee.
Bij de stadspoort is het druk. Diverse tovenaars staan spreuken te gooien. Er staan meerdere dragonblooded met laaiende aura’s. Buiten staan Mountain Folk en die willen naar Ghurkan, door de deur heen. Ghurkan neemt zijn windblade en stijgt op. Aan de andere kant staat een draak die steeds een straal blauwe essence op de deur afspuwt. Atis kondigt hem aan: “Mountain Folk! Hier is Ghurkan!”
De draak stopt met spuwen en draait zijn kop naar boven. De ogen blijken glazen koepels te zijn, met in elk oog een mountain folk krijger. “Ghurkan? Meekomen!”
“Waarheen?”
“Meekomen! Moet van Artisans!”
Ons schip werkt niet onder de grond, horen we. We kunnen wel een lift krijgen. Er gaat een luik open in de buik van de draak. Als we op de trap stappen, begint die automatisch omhoog te gaan. De werkers die Ghurkan begroeten vragen wie die anderen zijn. “Dat zijn mijn circle-mates”. Ze kijken twijfelend, tot eentje mompelt: “Solars”.
In de draak is het interieur ruim, functioneel en zonder enige opsmuk. Als we vragen of we naar buiten mogen kijken, maken ze een paar schubben transparant. De draak is naar beneden aan het tunnelen, op meer dan natuurlijke snelheid. We reizen een hele tijd door de aarde omlaag. Soms zien we verlichte ruimtes. In één ervan wonen oogloze wezens met tentakels. De dwergen leggen uit dat dit “Lost Ones” zijn, eerder geschapen wezens die de primordials beu waren geraakt.
We zijn op weg naar de kern. Als we daar aankomen, blijkt het een enorme holte te zijn. In het midden hangt een lichtgevende bol, ongeveer zo helder als de maan. Daar draaien meerdere bollen omheen, in verschillende tempo’s. Van één van de bollen maakt zich een schotelvormig voertuig los. Het reist best wel lang, waardoor we een indruk krijgen van de grootte van deze ruimte. Volgens de mountain folk kijken we naar de schepping in de baarmoeder van Gaia.
Uit de schotel stapt een artisan. Hij begroet Gurkan en vertelt wat ze hebben geleerd over de great curse en wat er aan gedaan moet worden. Het komt er op neer dat de curses van alle celestial exalts op één zondebok worden geconcentreerd. Dat hoeft geen vrijwilliger te zijn. Het moet wel een geëxalteerde zijn. Als die een natuurlijke dood sterft, stopt de vloek. De vloek van de goden wordt daar overigens niet door opgeheven. Het vermoeden is dat hun verslaving aan de Games of Divinity deel uitmaakt van de vloek. Hij waarschuwt ons om zelf niet naar het spel te kijken als we er ooit in de buurt komen. Stervelingen kunnen er niet tegen, zelfs solars niet. Hij geeft een koperen boekrol mee waar een ritueel in beschreven wordt waarin 1 solar, 2 lunars, 3 mountain folk, 4 dragon kings en 5 siderials moeten samenwerken.
Onze gesprekspartner moet terug naar de Maker. Ze zullen een delegatie van een artisan, een werker en een krijger naar de Imperial Mountain afvaardigen om te zijner tijd te helpen met het ritueel.
Inmiddels is de bemanning van de draak afgelost. Ze bieden ons een enorm stuk vlees aan (dino-dij formaat), met wat aardappels. Er zijn slaapvertrekken ingericht. De volgende dag worden we weer afgezet bij Lookshy. We gaan snel naar buiten, voor de stadswacht weer overspannen kan raken, en zeggen onder dankzegging gedag tegen de mountain folk. Zodra de draak weer de grond induik, ontspannen de bewakers. Hij laat overigens de grond ongeschonden achter.
Little Shu wil direct deelnemers aan het ritueel voor het opheffen van de vloek gaan verzamelen. De anderen vinden dat te snel van stapel lopen. Atis’ argument is dat we het Deliberative erover moeten laten beslissen – juist omdat wij vanwege de vloek de neiging hebben om alles zelf op te willen beslissen.

We slaan proviand in en zetten koers naar Chiaroscuro. Na een week komen we aan. Het is een heel vreemde stad, vooral bestaande uit glazen torens. Onderweg zien we troepenbewegingen, het lijkt er op dat de keizerin de troepen weer uitzendt. We zetten, met een bocht om de stad heen, koers naar de opgegeven coördinaten. De woestijn verandert in rots en dan in een vlakte van bergkristal met een kilometer diameter. In het midden staat een fort van zwart kristal. Alle vormen zijn vreemd van de kristalgroeisels. Er lopen geen wegen naar deze plek en het voelt ook onaangenaam. Als we naderen voelen we dat de magie van het luchtschip afneemt. We gaan snel terug, voordat we stranden, en zetten het iets buiten de kristallen vlakte neer zodat het weer kan opladen. De vlakte sluit ons ook af van de essence-stromen van Creation. Het ziet er vreemd uit. Er ligt een glazen vogel, glazen kikkers en iets wat lijkt op een kristallen palmboom. Laten we maar voorzichtig zijn…
We zetten koers naar het fort en belanden bij de rand van een krater waarin het staat. Als we goed kijken, zien we dat het los in de krater hangt, zonder bruggen. Er zijn wel deuren. We bekijken of het Windblade van Little Shu werkt. Ja het werkt, maar het kost hem wel essence, want dat lekt hier weg. Little Shu vliegt naar één van de ingangen en maakt een touw vast. Het is hier doodstil. Sarina rent over het koord en maakt een tweede touw vast. De rest loopt daarna zonder problemen naar het fort.
Binnen is het een driedimensionaal doolhof van obsidiaan. Af en toe lijkt het of we in de muren iets zien bewegen. Atis gebruikt de Keen Sense Technique om zijn gehoor en gevoel te verbeteren. Hij hoort de wind. Als hij het glas aanraakt, voelt het alsof er dingen door het glas heen bewegen, kleine rimpelingen. Ghurkan kent de Eye and Fingertip Wisdom, een lunar charm die hij heeft geleerd van Tawuz (als Eclipse Caste kan hij dat). Hij voelt nu de plattegrond en weet dat er een centrale kamer is. Met de charms van Atis en Ghurkan lopen we de goede kant op. Atis voelt dat er iets op ons af komt en waarschuwt ons dat we op onze hoede moeten zijn.
1. Er komt iets uit de muur! Een draak van rozenkwarts. Hij kijkt heel vals en valt aan. Atis gebruikt zijn Smashfist en God Kicking Boots om een paar klappen en schoppen uit te delen. Sango slaat met haar ijzeren staaf en raakt nèt. De draak is boos, klauwt naar Atis en raakt. Ghurkan slaat met zijn Serpent Sting Staff en raakt ook. De kristallen draak spat uit elkaar. Terwijl we het slagveld bekijken, komen er weer twee uit de muur. Sarina was waakzaam en slaat er naar eentje. Zij heeft ook een ijzeren staaf. Ze verwondt er één.
2. Atis wervelt om zijn as en slaat en schopt in één vloeiende beweging, maar mist. Sango gebruikt nu haar Tiger Claws en beschadigt de andere draak. Ghurkan activeert Essence Claws and Fangs Technique en slaat op de draak die net door Sango geraakt is. Deze draak spat uit elkaar. Little Shu gebruikt de Trance of Unhesistating Speed en schiet een pijl. Hij raakt en de andere draak valt in scherven uit elkaar. Atis en Ghurkan leiden ons snel door, maar zodra we de bocht omgaan, staan er drie op ons te wachten. Sarina doet Rain of Feathered Death en schiet op elke draak een pijl af. Twee van de drie gaan kapot.
3. Atis heeft het idee om via een rechte lijn naar de centrale ruimte te gaan, en begint op de muur te slaan. Hij slaat er brokken uit. Sango slaat op de laatste draak, maar mist. Little Shu schiet en raakt. De derde draak valt in scherven uiteen. Ghurkan roept: “Rennen! Links, rechts, en dan schuin omhoog!” We rennen en laten de draken even achter. De centrale kamer bevat een bal in het midden, zwevend, met allemaal hendels. Maar voor ons verschijnen vier kristallen draken. Eén draak probeert Sango aan te vallen, maar faalt zó erg dat het lijkt alsof ze een kopje krijgt. Een andere bijt Little Shu, die de Solar Counter Attack doet. Eentje mist Ghurkan. De vierde spuugt hagelstenen naar Atis, die snel zijn luchtfilter activeert, maar toch geraakt wordt. Little Shu haalt snel uit en slaat de draak die aan zijn arm hangt. Het wezen verpulvert. Ghurkan slaat en ook zijn draak valt uit elkaar. Atis roept: “Laat er een over!” Little Shu schiet op een van de twee overgebleven draken, raakt, maar doet niet genoeg schade. Sarina springt op de draak bij Sango en probeert hem te berijden.
4. Atis zet zijn harnas op de vliegstand en wil snel naar het object in het centrum van de kamer. Maar het lukt hem niet om te versnellen. In plaats daarvan stijgt hij langzaam op tot boven het voorwerp, en laat zich dan vallen. Sango dekt Atis’ rug en valt niet aan. De draak waar Sarina op zit, dematerialiseert. De andere valt Ghurkan aan, maar mist. Sarina heeft een Autochthonian Heartstone om te dematerialiseren. Ze gebruikt die en zit dus, gedematerialiseerd en al, nog op de rug van de draak. Ghurkan activeert Snake Form om zijn draak een doelwit te bieden, maar verdere aanvallen te ontwijken. Little Shu ziet dat de zaak onder controle is en gaat naar de centrale bol.
5. Atis valt op het voorwerp en blijft er op hangen. Sango gebruikt Monkey Leap Technique om zich aan de bol vast te houden. Ze inspecteren samen de bol. Atis ziet één knop die gezekerd en ingedrukt is. Hij drukt er op. De bol houdt plotseling op met zweven. Atis weet te voorkomen dat hij valt. Sango laat los en breekt haar val. Little Shu helpt de bol op te vangen.
Sarina zit met een heel boze draak die in zijn element is. De draak valt haar aan, maar mist. Sarina slaagt er in om te blijven zitten. Ze ziet dat de anderen de bol pakken en besluit weer te materialiseren. De draak volgt haar niet.
De bol is inderdaad het Oog van Autochthon. We lopen ermee naar buiten.

We besluiten om naar de Heilige Berg te gaan, om de scroll over de Great Curse veilig op te bergen. We moeten hoog vliegen om niet op te vallen. We zien onderweg dat de structuur van het Blessed Isle continent flink veranderd is. Her en der is Balefire te zien, groen vuur dat alles verteert. Tijdens de reis bestuderen Sango en Atis het Oog. Het geeft al hints als je aan een knopje dènkt. Sango denkt dat de magie van hetzelfde niveau is als Solar Circle Sorcery.
Als we tegen de berg omhoog vliegen zien we dat de demonische invloed ophoudt waar Meru begint. De orichalcum beelden staan weer op hun plek en zijn gerepareerd en aangepast. De eerste stelt nu Ghurkan voor, met zijn naam op de sokkel. De tweede is nu van twee parende beastman: een satyr en een swanmaiden. De derde is van drie mountain folk die aan het smeden zijn: een werker, een krijger en een artisan. De vierde is een totempaal van vier verschillende dragon kings op elkaars schouders. De vijfde zijn vijf stokfiguren: eentje die spint, eentje die meet, eentje die knipt, eentje spant de draad op het weefgetouw en de vijfde weeft. Op de berg ontvangen we de boodschap van de lunars: “We hebben Luthe en gaan naar Gethamane.” We besluiten om daar ook heen te gaan.

Solars 7 xp
Dragonblooded 3 xp voor het beëindigen van een verhaal.

The RoSE – 44

Néré merkt op dat Phoenix goed is in het doorhakken van knopen. Als ze ooit eens een snelle amputatie op het slagveld moet uitvoeren weet ze aan wie ze het moet vragen.
Olric vraagt of de nornen hem zeldzame spreuken willen leren en wat hem dat gaat kosten. “Wat denk je wel? We zijn geen handelshuis!” We besluiten dat we alle informatie hebben.
“Nu moeten jullie je queeste nog vervullen.” Ze geven Olric een flesje water uit de bron.
“Wat doet dat?”
“Daar kom je nog wel achter.”
“Hoe heet die bron?”
“Hij heeft nog geen naam.”
“Wat denken jullie van Urth?”
“Dat klinkt goed.”
Boven ons is de eekhoorn in gesprek met een arend. Dan vraagt hij: “Komen jullie mee?” We lopen mee, de tak waar hij op zit wordt steeds groter. Achter ons is de boom opeens een paar kilometer ver weg. Dan begint de eekhoorn ons uit de horen over de boodschap aan Gaia. We vertellen na enige aarzeling dat we een boodschap voor Gaia hebben. Na nog meer doorvragen vertellen we dat die van Autochthon is. De eekhoorn wil de boodschap naar Midgard brengen. Gaia heeft daar alle goden weggestuurd. Hij denkt dat ze iets aan het uitbroeden is, een nieuwe wereld. Daar zou hij de boodschap afleveren. Wij mee gaan? Dat is wel gevaarlijk, zeker nu er geen goden meer zijn. We vragen waarom we de boodschap aan hem mee moeten geven, terwijl de nornen ons net allemaal informatie hebben gegeven over het wekken van Gaia en Autochthon. Als we goed terugdenken aan de conversatie realiseren we ons dat Gaia wekken niet nodig was om de boodschap af te geven, maar om Autochthon te redden. We besluiten met de eekhoorn mee te gaan. Hij leidt ons via een stenen trap in een rotspartij naar beneden.
Het hol komt al snel uit op een vlakte. In de verte zijn bergen. We staan onder een prachtige beuk, enorm oud en enorm groot. Hij is gesnoeid, er hangen slingers in, de grond is bedekt met aangeharkt grind. We komen uit een houten gebouwtje. Er zijn nog meer van dat soort gebouwtjes. In de verte is een grote lelijke stad, vol vierkante vormen. Hij maakt zoveel herrie, dat we het hier horen. (Het is een moderne Japanse stad.)
Waar moeten we heen? Dat kunnen we het beste aan de priester vragen.
“Luid de bel even.”
Olric doet het. Er komt een oudere man tevoorschijn. Hij aait het eekhoorntje, dat opeens klein is. Olric spreekt hem aan. Hij schrikt. Hij had ons niet gezien. Ratatosk spreekt met hem in een vreemde taal. Olric doet Language Learning Ritual en hoort de eekhoorn uitleggen dat wij pelgrims uit Bali zijn.
“Waarom kan ik ze dan niet zien?”
“Uhm … ik denk dat we ergens een verkeerde afslag hebben genomen.”
Ratatosk legt ons uit dat we hier spirits zijn. De priester vraagt of we stoffelijk willen worden? “Nee, dit heeft wel voordelen.” Zijn wierook voedt ons. De priester wil ons naar Amithaba brengen, zijn naam voor Gaia. We gaan met hem de berg af, naar de bushalte. Een van de kinderen die daar staan te wachten ziet ons. Als we zwaaien schrikt zij. Olric tolkt voor ons, tot de priester een charm doet. Opeens hoort en ziet hij ons. Hij is onder de indruk van de leeuwpaarden. Hij spreekt nu opeens Old Realm.
Na tien minuten komt er een enorme kat aan, de katbus. Hij laat ons instappen. De simhata’s krijgen kopjes en mogen er ook in. De katbus neemt een aanloop, springt via de draden van de trolleybus naar de wolken en rent over een enorme oceaan naar een andere continent. Onderweg passeren we nog een mechanisch vliegend voorwerp dat mensen vervoert. Er reist nog een dame in een paarse jurk met een bezem met ons mee. Via de bovenleiding van een tram komen we in een park. Hier is onze halte. (We zitten in San Francisco.)
Ratatosk spreekt een man met lange zwarte strengen haar aan. Hij rookt goede kwaliteit wiet en noemt het dier Eekhoorn. Eekhoorn vraagt naar Big Fat Mama. De man gaat ons voor naar een houten huis, wat verveloos. Hij klopt op de deursponning.
“Ja, kom maar binnen.”
In de keuken staat een heel oude, dikke, donkere vrouw in een kamerjas met roze sloffen.
“Zo Prof Noon, wie heb je meegenomen?”
“Eekhoorn en vijf mensen op … leeuwen of zoiets.”
We laten ons van de simhata’s afglijden en gaan naar binnen. Het voelt als thuiskomen. Ze geeft ons soep, eekhoorn krijgt nootjes, Prof Noon krijgt een bak popcorn en gaat in een hoekje zitten lezen.
“Zo, dat is lang geleden dat ik bezoek uit Creatie kreeg! Het moet wel belangrijk zijn.”
We vertellen dat we een boodschap van Autochthon hebben en geven het cache egg. Ze opent het en bekijkt het kristal er in. “Hm. Ze denken zeker dat ik hier een kristallezer heb. Prof Noon, ga naar William Blake en laat dit ontcijferen. Het is waarschijnlijk in Old Realm of Autochthoons. En zorg dat de Technocracy het niet onderschept!”
Daarna praat ze met ons. Ze vertelt dat deze wereld een experiment is, een wereld zonder goden en zonder magie. Maar zonder magie bleek niet te kunnen. Prof Noon komt terug met een man in een blauwe broek en een heel kort tuniekje. Hij doet een ijzeren boek open en vraagt naar ‘het artefact’. Het boek blijkt knopjes te hebben en een scherm. Hij typt wat, sluit het kristal aan en boven het boek verschijnt een projectie van het hoofd van Buffy, de ambassadeur van Autochthon.
Het hoofd begint te praten, zegt dat het een boodschap van Autochthon heeft voor Gaia alleen en verzoekt alle anderen om weg te gaan. We gaan naar de veranda. Prof Noon laat een joint rondgaan. Dat voedt ons net zoals de wierook van de monnik. Olric krijgt er zijn essence van terug. Prof Noon pakt een kartonnen doos met flesjes. Hij mompelt een toverspreuk en dan kunnen wij ze ook drinken. Er blijkt bier in te zitten. William Blake blijkt ons niet te kunnen zien, en gelooft zelfs niet dat we bestaan.
Gaia komt even later ook naar buiten en komt er bij zitten. Ze neemt ook een fles bier. “Nou dat is me ook wat. Dat de Great Gease is opgeheven waardoor de Autochthonians verbannen worden, dat de yozi’s op uitbreken staan, de Blight (de ziekte van Autochthon) is erger dan ze dacht èn de Void Seekers zitten in Autochthon! Dat zijn techno-magiërs van hier.”
We vertellen dat er ook nornen zijn van een nieuwe primordial. “O, zitten die ook al bij jullie? Dan begint de tijd te dringen.” Ze geeft een boodschap mee voor de ambassadeur van Autochthon. Die moet weten van de Void Seekers. En ze stuurt een bende weerwolven om ons te komen helpen. Dat zijn shapeshifters, mens-wolf alleen. We zeggen dat we lunars en solars kennen. En dat we volgende de nornen haar Jou-Ten moeten wekken. “Dat zou handig zijn, maar die ben ik kwijt.”
“Ze hebben ons coördinaten gegeven. Het is in de Wyld, maar daar kunnen de lunars heen. En hoe zit het met de yozi’s en de dakloze Autochthonians?”
“Zoveel … die yozi’s daar heb je solars voor.” Ze wil ons wegsturen, maar we hebben nog wat vragen. Xar vraagt haar om magie, maar dat is specifiek voor elke wereld. Phoenix vraagt naar wapens. ja, die werken wel. De heftige net iets anders, maar het heftigste wapen gaat ze ons niet meegeven. Ze vertelt ook nog wat Mountain Folk zijn. Ze zijn gestolde Wyld. Wyld bevat bewustzijn, Faery nemen gestalte uit dromen aan. De bewustzijnseenheden die zaten waar Creation gevestigd werd, werden in jade gevangen. Toen Autochthon daar wezens uit ging maken, bleken die volmaakt ordelijk te zijn. Nu ze in Autochthon zitten, maken ze de Blight erger, ze doden het creatieve in hem. Onvolmaaktheid is wat Autochthon definieert. Voor we vertrekken vraagt Néré om Gaia’s zegen. Die geeft ze ons. We voelen onszelf puurder (buitenspels: Breeding 5). Verder vertelt ze ons dat, als alles misloopt, de eerste cirkel van Vanagard een thuisland is voor de dragonblooded, de tweede cirkel is voor de dragonborn en de derde cirkel voor de draken. We vertellen dat we een dragonborn kennen. “Probeer die te overtuigen naar Vanagard te komen.” Gar vertelt dat hij door een appel daarvan is geëxalteerd.
“Dan ben jij het dichtstbij qua afstamming.” Gar is verguld – een paar weken terug was hij nog gewoon mens, nu is hij meer dragonblood dan zijn hele familie! Ze zegt ook nog dat ze het fijn vond om weer eens dragonblooded te zien. Ratatosk heeft een goede beslissing genomen door ons mee te nemen. De monnik zegt dat we nú weg moeten om de bus te halen. Bij de bus krijgen we kaartjes van een klein meisje. Achterin zit een oude Japanse tekenaar. We kletsen wat over verhalen.
Daar is onze halte. Ratatosk zegt dat we het kaartje moeten bewaren. Er staan nog ritten op en je weet maar nooit wanneer je weer eens een halte tegenkomt. Wie weet is er een in de hel. (Gaia had ons verteld dat de doorgang naar Malpheas hier veel poreuzer is dan bij ons.) De priester neemt afscheid van ons. We willen hem bedanken, maar er is niets wat hij begeert. Hij prevelt een spreuk en we staan weer in Vanagard.
Ratatosk stelt voor om nu op de benen fluit te blazen, want dan is Sobek er als we bij de waterkant arriveren. De reis terug verloopt zonder opmerkelijke gebeurtenissen. Als we bij Sobek aan boord gaan, gaan de simhata’s mee. Deze keer besluiten we om wel bij de dwergen langs te gaan.
Ze zijn klein, breed (bijna vierkant), harig en gekleed in metaal. Olric doet een charm en ziet dat ze grote waardering voor creativiteit hebben. Hij vraagt aan Gar om een kristallen plaquette te maken met inscriptie, als douaneformulier. Daardoor komen we zonder problemen binnen. “Welkom in de ambassade van Niflheim.” Ze bieden ons een drankje aan. Het bier is zwart, de wijn ook, de mede is geel. Het smaakt allemaal voortreffelijk.
Gar vraagt naar een jaden mantel. Ze laten en kleermaker komen. Die doet het, in rood en zwart, in ruil voor de goremaul. Olric ruilt zijn skycutter voor een spreukenboek. Hij krijgt een koperen boekrol met ruimte voor nog 20 spreuken. De vijf ‘standaard’ spreuken staan er al op, en de Purifying Flame spreuk. Xar wil ook zo’n spreukenboek, versie celestial circle, maar dat is te duur. Met maar één spreuk erin is het goedkoper: drie artefacten. En de Second Circle Banishment geven ze voor één artefact. Phoenix wil een stootplaat voor zijn daiklave en levert daar de houten reaver daiklave voor. Néré ruilt haar spidersilk gewaad voor een boek over de geneeskundige eigenschappen van mineralen. Phoenix offert zijn spidersilk gewaad (nivo 2) op voor een set chirurchisch gereedschap +2. Gar geeft zijn spidersilk nivo 3 op zodat Xar ook de Second Circle Banishment kan leren.
Aangekomen bij de kluisjes kleden we ons aan. Gar maak de dichte open. Naast de dingen die we al hadden gevonden (Armor of the Immaculate Dragons en een Fiery Solar Cannon) zijn er nog een orichalum slangenarmband (Golden Asp) en een Power Mace.

XP: 5

The RoSE – 43

Gor, ons aarde type, wil iets maken van het glas van de zee. Omdat we best vaart maken, levert dat een wolk van splinters op. Maar met wat gebaren (en een Stone Shaping charm) maakt hij twee lenzen. Als we achter ons kijken, zien we twee grote voren in het glas.
Als we bij de steiger aan land gaan, zegt Sobek vriendelijk gedag. Al mopperend over de onbetrouwbaarheid van lunars vaart hij weg. We groeten de man in het groen, hij groet terug maar is verder niet zo spraakzaam. Als we er naar vragen, legt hij uit dat hij gewoon met bamboe en touw vist. Hij vraagt wat we komen doen. We hebben een boodschap en een vraag. Die kunnen we ook aan hem stellen. Hij is de Green Man, een jachtgod. Vissen doet hij in zijn vrije tijd. Hij heeft beet: een glazen snoek. Hij geeft hem aan Gar: “Dat lijkt me wel wat voor jou.” Gar bedankt hem.
Olric vertelt dat we komen omdat Autochthon ziek is. “Vroeger,” zegt de jachtgod, “kreeg hij dan appels van Lysande. Dat is een dochter van Gaia, maar ze is al jaren zoek.” Op onze vragen vertelt hij dat Gaia zo’n tien tot vijftien dochters en zonen van de derde cirkel heeft. De elementaire draken bijvoorbeeld. De dragonborn zijn hun kinderen, de tweede cirkel. En wij zijn eerste cirkel. Als we meer willen weten, moeten we verder reizen.
We vragen naar die drie vrouwen die recent opgedoken zijn. “Ja, die horen hier niet echt. Maar misschien is Gaia reserve-maidens aan het maken.” Heeft hij nog tips? “Ja. Vang een stel simhata’s.” We moeten naast de witte glazen karper ook nog een zwart exemplaar uit levend water halen. Wat we hier maken, ruilen en buitmaken is van ons, maar moet hier blijven als we vertrekken. Iets van buiten wat we hebben buitgemaakt, hij kijkt naar de zilveren voorwerpen, mogen we gebruiken, mits we het weer mee naar buiten nemen als we weggaan. Heeft hij iets voor ons? Als wij iets voor hem hebben. Wat wil hij? Een boogpees van glas. Gar gaat de uitdaging aan. Néré wijst hem op de structuur van touw, met allemaal kleine draadjes. Gar gaat aan het werk en na een uurtje is het hem gelukt. De Green Man is onder de indruk. Hij pakt een benen boog en bespant hem. Dan schiet hij een pijl af. Met een welluidende ‘ting’ vliegt de pijl weg.
In ruil voor de boogpees geeft hij ons een routebschrijving. “Ga niet naar het dorp, laat dat rechts liggen. Ga het zwarte woud niet in, laat dat links liggen.”
Néré complimenteert Olric nog even dat hij laatst het lef, en het vertrouwen in ons, zijn circlemates, had om toe te zeggen dat we de Bone Golem zouden verslaan.

We volgen de route die de Green Man suggereerde. Gar oogst onderweg bamboe en maakt met de twee lenzen een kijker. In de velden bij het dorp zien we een soort vogelverschrikker. Tweeëneenhalve meter hoog, zwarte skelethanden, een blauw licht in zijn kap. Wij willlen onze afstand bewaren, maar Xar wil hem groeten. Opeens staat het wezen naast ons en kijkt Xar doordringend aan. Xar verbleekt, en realiseert zich dat ze in haar leven wel een aantal regels verbroken heeft. Maar blijkbaar zijn haar overtredeingen niet al te ernstig. Olric doet de Thoughtful Gift Technique. Hij realiseert zich dat dit wezen niet om te kopen is. Je kunt wel je respect betonen door een bepaald soort wierook te branden. Gelukkig blijkt Néré daar een klein beetje van in haar voorraad medicijnen te hebben. “Uw begroeting is aanvaard.” “Mooi, laten we gaan!” roept Gar. De gestalte kijkt naar hem. Gar herinnert zich opeens de ‘vriendendiensten’ die hij heeft gedaan met nooit-opgehaalde wapens. Hij voelt zich heel schuldig. Als verder niemand iets zegt, gaat het wezen terug naar het veld om kraaien weg te jagen.
We bereiken een rivier. Néré klimt in een populier met Gar’s kijker. Ze kijkt eerst naar de wereldboom. Daar ziet ze een enorme eekhoorn, Als ze naar de wortels kijkt, ziet ze een andere wereld van nevels. In de takken ziet ze weer een andere wereld, een houten kasteel in de wolken met een regenboogbrug. Daarna verkent ze de route. Boven het zwarte woud ziet ze een vuurkolom en een enorme vliegende gedaante erboven. Een draak? Dichterbij is een vlakte met allerlei dieren, waaronder een vijftal simhata’s zonder jongen. Ze onthoudt de route daarheen zoveel mogelijk. De simhata’s zijn een tapir van yeddim-formaat aan het verscheuren. Voorbij het bos is nog een prachtig meer. Intussen kijkt Xar of er misschien een zwarte snoek in de rivier zit. Gar probeert de kijker ook uit. Vanuit het rivierdal kan hij alleen de kruin van de boom zien, maar ook hij ziet het houten paleis. Hij ziet ook een man in een strijdwagen die getrokken wordt door brandende bokken. Volgens hem is het één van de goden die sinds de Primordial War niet meer is gezien.
We nemen de verkorte route naar de vlakte met dieren. Achter de heuvels (vanuit de populier niet te zien) staat een versterkt huis met een stompe toren. We zijn toch wel wat nieuwsgierig, maar houden ons in en lopen verder. Vrij plotseling verandert het landschap. Een savanne-achtige vlakte met parasolvormige bomen. Er zijn giraffen en reuzentapirs. Néré klimt weer in een boom. Ze kijkt eerst terug naar de vesting. Ze ziet twaalf kleine mannetjes. Kind-formaat maar serieuzer. Ze zijn bezig honden op te zadelen, gaan blijkbaar op jacht. Wat later komt nummer dertien naar buiten. Die rijdt op een grote kat. Hij draagt een kroon en heeft puntoren. Na rondkijken ziet ze het afgekloven karkas. Verderop liggen een paar volgevreten simhata’s uit te rusten van de maaltijd, zoals katachtigen dat doen.
We gaan die kant op. Als we in de buurt komen, zetten we onze aura’s aan. “Mrauwww!” Gesnuffel. De besten komen op ons af en geven kopjes. In de verte klinkt hoorngeschal. Zodra de simhata’s de hoorn horen, verstarren ze. We vermoeden dat we weten wat de jachtbuit moet worden, en verkennen de omgeving. Gar doet ‘Strength of Stone’ op ons. Xar doet voorbereidende charms en Phoenix ook. Olric klimt op ‘zijn’ simhata. Als de jachtpartij over de heuvel komt, zien we dat ze allerlei rare wapens hebben zoals een lasso van bliksem en een rokend zwaard. Olric gebruikt weer de Thoughtfull Gift Technique en realiseert zich dat deze wezens een feestmaal wensen. Néré houdt de oren van een van de simhata’s dicht. Dat helpt, hij kalmeert. Ze maakt snel oorproppen van klei en leidt de dieren naar de achterkant van de rots.
Olric spreekt de wezens aan en claimt dat deze leeuwpaarden van ons zijn. De leider spreekt hem tegen: sinds ze hier gevestigd zijn hebben zij de jachtrechten van deze vallei gekregen. Phoenix gaat naast Olric staan om diens punt te helpen maken. De leider loopt naar voren en spreekt Olric aan: “Jij bent de leider?” “We zijn een broederschap. Ik doe het woord.” “Ah, primitieven!” Hij past onmiddellijk zijn taal aan: “Wij kleine wezens …” Olric antwoordt in perfect Old Realm dat wij mogen houden wat we oogsten. “Ja, maar het is van ons als wij het van jullie afnemen!”
Néré speurt met de verrekijker en ziet gazelle’s, zebra’s en eetbaar fruit. En ze heeft ook kruiden bij zich. Dat roept ze naar Olric. Die biedt aan dat wij een feestmaal voor ze maken. De leider wil dat wel eens zien. We mogen zelfs hun keuken gebruiken. De mannen rijden terug, de leider blijft om te kijken wat wij uitspoken.
We gaan voedsel bij elkaar zoeken. Néré realiseert zich dat ze blijkbaar roofdieren lekker vinden, dus die gaan we vangen. Plus een antilope voor onszelf. Als we genoeg hebben gaat de koning ons voor naar zijn burcht. Op de binnenplaats zijn hondenhokken. Er lopen allemaal gangen de heuvel in. Gar maakt een tajineschaal, met decoraties. Xar bedenkt hoe we het serveren. Phoenix helpt met het uitbenen en Olric met kruiden. We hebben bloederige steak, tajine met fruit, gefrituurde vogels, gebraden hyena en bloedworst.
Terwijl de ouders onze heel redelijke poging bespreken, probeert één van de kinderen de tajine met vruchten. Binnen de kortste keren is die schaal leeg. De bloedworst is ook lekker, maar de zwezerik vinden ze saai. Het maal gaat helemaal op, en de koning verklaart dat de simhata’s van ons zijn. Hij nodigt ons uit om nog eens terug te komen. Hij vertelt ook dat hij al eerder wezens zoals wij langs heeft gehad. “Die hebben we opgegeten omdat ze niet beleefd waren. En onlangs waren er drie vreemde vrouwen, een heel oude, een jonge die dood was en één ertussenin met borsten zoals een hond. Toen we hen uitdaagden lachten ze. Toen we hen probeerden aan te vallen gaven ze een cadeau: ze hebben de levensdraad van de patriarch doorgeknipt. Dat was méér dan tijd, hij was kwijlend dement. Het is beter om in de strijd te sneuvelen.” Olric stelt voor om strijdevenementen te organiseren. Dat vinden ze meer iets voor Asgard, de wereld hierboven. Dit is Vanagard.
Gar vraagt naar het verstarrende effect van de bazuinen. De koning vindt dat ze ons wel genoeg terwille zijn geweest. Bovendien, de bazuinen zijn van het element metaal; hij vindt het al heel wat dat Gar, als steen-type, het element kristal beheerst. Ze bieden ons wel overnachting aan. Dat nemen we aan. Zij vertrouwen op de wet van de gastvrijheid; wij ook.

Als we vertrekken, krijgen we nog een cadeau: een doos met een zwart jaden helm, mensenformaat. Olric vertelt het nieuwsgierige meisje hoe we de zebra en de antilope hebben klaargemaakt en welke vruchten we hebben gebruikt. Als we eenmaal vertrokken zijn, inspecteert Gar de helm. Die is niet magisch, maar wel enorm oud. We gebruiken de rit om (beter) te leren rijden.
Tegen de middag komen we bij het meer. Xar, als water-type, gaat op zoek naar een snoek. Omdat ze op water kan lopen, probeert ze van achter-boven te naderen en de vis vast te grijpen, met haar Martial Arts techniek. Het lukt! De vis ligt op het droge naar adem te happen. We herinneren Xar er aan dat het beest volgens de Green Man moest blijven leven. Xar houdt hem onder water, maar dat is een heel geworstel. Gar maakt snel een stenen tobbe. Snoek erin, water erbij. Na enig aandringen (van Néré) zet Gar de glazen karper erbij. De twee vissen gaan om elkaar heen zwemmen. Af en toe komt er licht vanaf. Na wat experimenteren, blijken we de tobbe goed op een simhata te kunnen vervoeren, zolang het dier in stap loopt. (Simhata’s hebben veel meer gangen dan een paard: stap, telgang, draf, tult, galop en een jachtluipaardachtige supersprint.)
We zijn al onder de uiterste takken van de boom, die hangen zo’n honderd meter boven ons. Dan komen we langs een enorme mierenhoop. Het blijkt een soort waanzinnige mini-burcht te zijn met wachters in rode harnasjes. Een eind verder is er nog één, deze in het zwart. Boven ons verschijnt de reuzeneekhoorn. Olric moppert dat hij zich de naam niet herinnert. “Ratatoskr!” zegt het dier.
“Dag Ratatak!”
“Dag dragon blooded!”
“Wist ik nu maar iets slims om te vragen…”
Néré vraagt snel: “Wat moeten we met die karpers doen?”
“In de bron gooien! En doe me een lol, als je jullie vraag aan de nornen hebt gesteld, vertel mij dan ook het antwoord. Ik ben heel benieuwd wat ze zeggen. Nee, ik ga niet meelopen. Denk je dat ik in de buurt van de nornen wil komen? Ik ga een noot zoeken. Tot later!”
We lopen door. De grond wordt transparant. We zien de gangen van konijnen, wormen en dergelijke. Na een tijdje komen we weer op een stabiel eiland, waar de boom op staat.

De boom blijkt helemaal niet zo groot als hij van veraf leek. Drie meter doorsnee, dertig meter hoog. Er is een bron van waaruit een riviertje ontspringt. Er zitten drie oude besjes te kibbelen. Ze hebben samen één oog, waar ze heel de tijd om vechten. Ze hebben ons gezien. Néré stelt voor om af te stappen.
“Ze willen afstappen.”
“Ja, laat ze afstappen.”
Olric doet weer zijn Thoughtful Gift Technique, maar de nornen zijn te nieuw om te kunnen weten wat ze willen. Gar en Xar laten de snoeken de karper los in de bron.
“Waarom doe je dat?”
“De eekhoorn suggereerde het.”
“Weet je waarom?”
“Nee.”
“Waarom doe je iets waarvan je niet weet wat het doet?”
Néré begroet de nornen. “Ha, ze groeten ons. Wat is jullie vraag?”
“Nou, Autochthon is ziek…”
“Foute vraag. Waarom zetten jullie deze vissen uit?”
“Wat is het effect van het uitzetten van deze karpers?”
“Jin en Yang zijn losgelaten in de wereld, nu zijn de nornen compleet. Wat is jullie geschenk voor ons?”
“Nou, de karpers dus.”
“OK. Daar krijgen jullie vijf vragen voor. Drie is normaal.”
Ze vertellen dat we Autochthon en Gaia moeten wekken en bij elkaar moeten brengen. Dan vogelen ze het zelf samen wel verder uit.
Gaia kunnen we wekken door haar Jin-Tao te vinden, haar aanspreekbare vorm. Die is verloren, ergens in de Wyld.
Eén vraag wordt verspild doordat Xar vraagt hoe de Scarlet Empress verslagen kan worden. (“Niet.”)
Als laatste vragen we wat we echt moeten weten. We krijgen de coördinaten van Gaia’s Jin-Tao, en de code om Autochthon te wekken. Daarna verwijten ze ons dat we niet hebben gevraagd wie zij zijn. Voor nog een vraag is een offer nodig. Olric probeert nog wat te onderhandelen, maar Phoenix zegt: “We kunnen er lang omheen draaien, maar hier komt het op neer.” Hij pakt zijn zwaard en hakt zijn linkerhand af. “Ik offer mijn schildhand!”
De nornen vertellen dat ze een gereïncarneerde primordial zijn. Ze zijn het lot van alle werelden, niet alleen van Creation. Als we ooit op de rokende puinhopen van Creation staan, moeten we hen roepen. Zij kunnen helpen.
Ze zijn heel blij dat de vraag gesteld is. Ze zeggen aan Phoenix dat dit offer voldoende is om Sorcery te leren. Phoenix kijkt twijfelachtig, dat was hij helemaal niet van plan. Één van de nornen reikt in de bron, haalt er een linkerhandschoen uit en geeft die aan hem. “Als je ons ooit nodig hebt, steek deze in het water. En als je Sorcery wilt leren, vind je dat in jezelf.”
Olric wil ook een vraag stellen. Hij offert zijn potentiële mogelijkheid om Martial Arts te leren. Hij vraagt hoe het zit met die reïncarnerende primordial. Ze vertellen over de eerst gedode primordial, die onlangs de kans heeft gekregen om via pure chaos te reïncarneren. Zij zijn niveau drie subzielen van een nog te ontstane primordial van het Lot. De vijf Maidens van Creation zijn niveau twee ‘voorafschaduwingen’. Tijd is niet liniair. Ze laten ons ook een visioen zien van de negen wereldden.
Olric leert Sorcery van de nornen, met runen (de Silurische school). Xan wil Celestial Circle Sorcery leren en offert een oog. Haar perception daalt een punt, en het maximum dat ze ooit zal kunnen bereiken ook. En er zal één keer een beroep op haar worden gedaan.

XP: 6

The RoSE – 42

Sobek vaart met ons langs een ijzerhoutboom. Deze is wat groter, dus we kunnen er meer wapens van maken. Néré krijgt een goremaul met een setting voor een hearthstone, Olric een skycutter en Xar een daiklave. Sobek vertelt over de Bone Golem. Hij is drie keer zo hoog als wij, heeft zeven hoofden en zeven armen, twee bogen, een hamer en twee daiklaves. Hij doodt alles waar hij bij kan, tot aan  grassprietjes aan toe.  Olric wil graag papier, voor aantekeningen. Sobek stelt berkenbast voor. Néré gaat dan direct mee, die wil wat bast als medicijn. We bespreken de optie om een schild te maken. Na enig nadenken besluiten we een schildpad te vangen. Daar kunnen we leer, schild, pezen en dergelijke van maken. Xar en Phoenix nemen ieder een schild. Néré maakt een slinger en verzamelt kiezels.

Als we het eiland naderen doet Gar een Strength of Stone op het gezelschap. We hebben ook graspollen verzameld in de hoop de Bone Golem daarmee af te kunnen leiden. Zodra we hem in zicht krijgen, doet Gar ook de Flaw Finding Technique. Het monster is qua constructie broddelwerk, maar de magie erachter is solide. Sobek wil buiten bereik van de pijlen blijven. Hij kan ons wel op de andere kant van het eiland afzetten, de golem is niet zo snel. Xar gaat tussendoor aan land (ze kan over water lopen) en verspreidt pollen waterplanten. Ze doet ook een charm waardoor ze sneller en sterker wordt: Five Dragon Form. Het wier leidt de golem even af, maar hij heeft al snel door dat de bron van leven  vlakbij is. Hij schiet, en één van zijn pijlen is raak.
Intussen gaan de anderen verderop aan land. Ze naderen de golem van achteren. Xar doet een rennende aanval waarbij ze met haar schild wegrolt. Ze raakt! Phoenix doet Dragon Graced Weapon. Hij slaat met de botte kant van zijn daiklave. Misschien dat hij daarom mist… Gar slaat met zijn goremaul, en raakt precies één van de zwakke punten die hij eerder met zijn charme gedetecteerd had. De golem slaat terug, maar de arm is beschadigd, waardoor hij mist. Als hij naar Phoenix slaat, slaat hij zó mis dat de daiklave uit zijn hand vliegt. Ook Xar wordt gemist. Néré slaat met de Traveler’s Staff, maar mist. Ergens vanuit het midden van het monster klinkt wolvengehuil. Olric kijkt nog eens goed, hij heeft verstand van magitech. Als er een wezen in zit, is het geen golem maar een warstrider! Hij valt niet aan maar gaat de constructie eens goed bekijken.
Xar doet weer een rennende aanval, nu eentje die eindigt met een achterwaartse salto. Deze keer mist ze. Phoenix slaat opnieuw, maar mist weer. Gar slaat ook, en raakt. Olric ziet nu dat er in alle oogkassen gloeiende puntjes zitten. Het lijkt echt alsof het een golem van zeven skeletten is; je ziet van buiten niet dat er in het midden één wezen zit. De golem slaat naar Gar met zijn goremaul: een ruggegraat met een schedel eraan. Hij raakt. Twee andere armen schieten op Olric, mis! Néré wordt ook geraakt. Ze begint een enorme tirade tegen het wezen, noemt het een abominatie van Gaia en vervloekt het. Ze zet ook haar anima aan. Ze weet zich zó boos te maken dat ze raakt. Hoewel de klap niet hard aan komt, breekt de arm waarop ze mikte toch af. Ze voelt zich ook gesteund.
Phoenix zet ook zijn anima aan en slaat. Het vuur doet niet echt schade, maar zijn klap wel. Xar valt aan en raakt de golem goed in de ribbenkast. Nu klinkt er een kreet van pijn; het is geen menselijk geluid.
Olric’s nieuwe theorie is dat er een lunar in zit. Hij vermant zich – hij heeft tot nu toe nog nooit gevochten! – en besluit zijn staf zo in één van de voeten te zetten, dat het monster er over struikelt. Gar gaat nu mikken op de arm met de daiklave. De golem wordt gehinderd door de staf van Olric, wat Phoenix de kans geeft om nog eens te slaan. Hoewel hij nauwelijks raakt, doet zijn aanval toch schade. Néré is intussen blijven vloeken en schelden; af en toe fluistert Olric haar wat nieuwe frasen in (ze is niet zo’n groot redenaar). Haar aanval mist wel.
Olric zegt in Old Realm: “Geef u over!” Het monster keert onmiddellijk naar hem en schiet met beide bogen. Eén pijl mist, de andere ketst af op Olric’s schild. De golem slaat naar Phoenix. Diens charm Aura of Invulnerability is daarmee opgebruikt. Xar slaat opnieuw; dwars door de ribbenkast, dat is goed raak! Het monster is intussen ernstig verzwakt. Phoenix slaat opnieuw raak, en het wezen valt onder luid gekraak om.
Na een moment scheurt de borstkas open. Erin zit een vleesmassa met ogen, klauwen en bekken. Het heeft een zilveren borstplaat en zilveren tijgerklauwen. Olric herkent het als een chimaera, een anathema van het type lunar, helemaal volgens het tekstboekje. Het wezen leeft nog. Néré slaat, maar het wezen duikt weg. Olric roept, nog steeds in Old Realm: “In naam van Luna, geef je over!” Het monster antwoordt, slecht verstaanbaar: “Ik pis op Luna!”
Xar slaat, en raakt: “Eet dit!” Phoenix’ aura is inmiddels een laaiend vuur (10+). Hij slaat, maar mist. Gar slaat, hij krijgt extra kracht door zijn afschuw. Hij raakt en verwondt het wezen dodelijk. We vertrouwen het niet en slaan erop in tot we zeker weten dat het dood is. Dan pellen we de zilveren borstplaat en klauwen af. Sobek komt aan land en feliciteert ons. Hij herkent dit wezen en zegt dat het inderdaad een chimaera is. Sinds de usurpatie zijn de lunars gek geworden en kunnen ze hun vorm niet meer beheersen. Ze zijn ook niet meer welkom. Hoe deze is binnengekomen weet hij niet. Als we er ooit een tegenkomen, doodmaken!
Het eiland is akelig leeg, er leeft niets. Olric plant zijn Travellers Staff, die onmiddellijk uitgroeit tot een mooie boom. Néré geneest Xar op haar verzoek. De wonden sluiten zich tot er alleen blauwe plekken over blijven. Xar pakt één van de bone daiklaves. Néré weigert de andere bone daiklave, hout past haar beter. Gar legt stenen in een mooi patroon rondom de appelboom. De eerste slijkspringers kruipen het eilandje op en zaadjes waaien aan. Gar pakt de tijgerklauwen, Phoenix het borstkuras.
We reizen verder. Sobek vertelt over wat we in de derde cirkel kunnen verwachten. Er is onlangs iets raars gebeurd: onder de levensboom in het centrum zijn drie vrouwen verschenen, en er is een bron ontstaan. Hij verdenkt Luna. Alles is fout gegaan sinds Gaia verliefd werd op Luna.
Waar we nu zijn, is de tuin van Gaia, Vanagard. De boom in het midden verbindt de negen werelden (hij noemt er een aantal: Midgard, Asgard, Jotunheim, Niflheim, Elfheim). Vroeger woonden de goden daar, voordat ze naar Creation gingen. Hij is één van de weinigen die is gebleven, heel slim. Af en toe krijgt hij gebeden door uit Yu Shan, ook een heel onaangename plaats.
In de derde cirkel zijn dorpjes, er wonen onder andere rassen die verbannen zijn, maar waar Gaia medelijden mee kreeg, zoals de dienaren van het Oogloze Gezicht. (Olric verbleekt – hij weet dat er een spreuk bestaat om die vreselijke creaturen op te roepen.) En honderdarmige reuzen. En, heel nuttig maar je moet beleefd tegen ze wezen, die wezens in zwarte kappen, met handen als verbrande skeletten en een blauwe vlam onder de kap. (Olric herinnert zich vaag dat er ook een spreuk bestaat om die mee op te roepen, iets met Rechters die je op overtreders af kunt sturen. Hij begint te overwegen om Sorcery te gaan leren.)
We varen nu op een heel gladde zee, geen water. Volgens Sobek is het silicium – ook wel glas genoemd. Als het ondieper wordt zien we waterplanten, die ook van glas zijn. De reis duurt een week. Al die tijd zien we in de verte een enorme boom die langzaam dichterbij komt. We passeren een helemaal bebouwd eiland. Volgens Sobek zijn hier dwergen. Schepselen van Gaia, behorende bij het element aarde. Ze probeerde het idee ‘Autochthon’ in leven in te bouwen. Een prima idee, maar ze horen hier niet. Sobek maakt er een grote bocht omheen. Gar (aarde type) wil er wel heen, maar de rest niet. Sobek babbelt verder: “Gaia is niet zo creatief. Nee, dan Ouroboros! HIJ heeft de Primordials bedacht!”
In de loop van de week leren we heel wat. Gar vraagt naar de solars. Die zijn net zo gek als de lunars, maar dan de andere kant op: ze zijn te star. Zij zijn volmaakt, en willen Creation ook volmaakt maken. Maar daatris het helemaal niet voor bedoeld! Creation is bedoeld als speeltuin van de Primordials. Phoenix ziet dat niet zo zitten. Volgens Sobek is zijn perspectief veel te eng, als sterveling met maar één ziel.
We komen aan bij het eiland van de boom. Het heeft een steiger, het derde niet-natuurlijke object wat we in deze wereld zien. (Na het bankje met de kluisjes en de dwergenstad.) Sobek geeft ons een benen fluit en doet de melodie voor waarmee we hem op kunnen roepen. Hij is er dan binnen twee dagen, want de melodie gaat vijf dagen terug en vooruit in de tijd. Die limiet hebben de yozi’s opgelegd gekregen en de primordials hebben zich er vrijwillig aan onderworpen. Daarom geldt hij nu ook voor de goden.
Op de steiger zit een man in groene kleding te vissen.
XP: 7

The RoSE – 41

We bespreken de logistiek van het schip. We kunnen het niet bemannen met de legers van Kimberi, want dan gaan we tegen de bedoeling van Leviathan in, en beledigen we ze potentieel allebei. We willen het schip laten repareren door Autochthonians en Mountain Folk, maar als we informeren blijken er spanningen te zijn. De Autochthonians voelen zich gekleineerd door de Mountain Folk. Die vinden zich de ware kinderen van Autochthon en vinden eigenlijk dat alle mensen weg moeten. Als we aan de ambassadeur vragen of er Mountain Folk zouden kunnen helpen, zegt hij dat ze dat niet zullen willen. Ze vinden dat ze lang genoeg dingen voor ons gedaan hebben. We vragen of de subroutines kunnen bemiddelen, maar dat werkt niet zo. De subroutine van smering ziet dat waar de Mountain Folk komen alles schoon wordt en soepel loopt. De subroutine van oorlog vindt dat de twee partijen het uit moeten vechten. Eye informeert of we Autochthon zelf om zijn mening kunnen vragen, maar die slaapt. Dat komt doordat hij ziek is. Alleen de acht oorspronkelijke exalts weten waar de Core is en die zijn nu de hoofdsteden. Als de ziel van één van de steden naar de Core van Autochthon vertrekt, moet de bevolking worden geëvacueerd. En dan is het nog de vraag of ze ooit terug kunnen, want  het kan goed zijn dat de Mountain Folk het lichaam van de stad dan in hebben genomen. En wat ze daar mee doen is nog maar de vraag.
Bemiddeling door ons zal ook niet goed vallen. Een van ons stelt voor om Gaia er bij te betrekken. Misschien kan zij helpen? De ambassadeur is even stil. Dan zegt hij dat de stad gaat onderhandelen met de Mountain Folk over de evacuatie. Ze moeten dan wel een warstrider voor de stad maken. Kunnen we aan grote hoeveelheden adamant komen? Nee, maar wel aan witte jade. Shi Mei Lan vertelt dat Ghurkan een Autochthoons kunstlichaam heeft, heel groot, in het troepenschip dat nog op de Heilige Berg staat. Die zou perfect zijn! Hij is zelfs geschikt voor het bewustzijn van een primordial, dus een stad kan er zeker in.
We spreken af dat Shi Mei Lan en His via de poort naar Yu Shan naar de heilige berg gaan en dan het schip hierheen vliegen. Dat gaat een paar weken duren. In de tussentijd gaan Tawuz en Eye de Traitor Spawn op hun gemak stellen en voor hun opleiding zorgen. Intussen zoeken we ook Dragonblooded die op expeditie willen naar Gaia. We vragen het aan generaal Ledaal. Die vraagt het aan zijn dochter Néré. Zij is al mee geweest naar Paragon, en kent de lunars en solars dus al. Ze weet wel een aantal mensen. Uiteindelijk vinden we:
– Nellens Olric (air) – huis Nellens
– Phoenix of Tears (fire) – geen dynastiek huis
– Realgar ‘Gar’ Grossular (earth) – huis Cesus, maar pas geëxalteerd door het eten van een appel
– Xar Rosalin (water) – geen dynastiek huis
– Ledaal N’er’e (wood) – huis Ledaal
Dragonblooded
De generaal roept ons bijeen. De lunars Tawuz, Eye en Marina zijn er bij. Ook Buffy, de ambassadeur van Autochthon is er. Een aantal van de ons kijkt met wantrouwen naar Marina, ze herinneren zich haar transformatie in een monster met tentakels tijdens de belegering. De generaal stelt de lunars voor: “Wat vroeger anathema was, waarvan we nu weten dat ze beschermers van Gaia zijn.” Hij legt uit dat er in de berg een poort naar Gaia is. Maar de poort ligt in de stad, en alleen burgers van de stad mogen erbij. Gar is door het eten van een appel kind van de dragonborn en daardoor burger van de stad. Wij moeten een Sworn Brotherhood vormen om burgers te worden. Een aantal kent elkaar al, dus dat doen we. We krijgen een Cache Egg mee met een boodschap van de ambassadeur van Autochthon. We mogen het niet openmaken. Ook krijgen we een gids mee, een jongen van 12. Hij stelt zich voor als Timothy. Voor we de berg ingaan, drinken we op initiatief van Olric een toast en introduceren we ons aan elkaar.
Olric is een jonge man, lucht aspect. Heel bleek en blond, noordelijk uiterlijk. Zijn haarpunten zijn blauw. Hij is rustig en vriendelijk. Hij kent de regels, maar denkt mee. Hij zit bij het Red Piss Legion en doet daar het regelwerk.
Néré is zwart met een grote afro, 28 jaar, 1m80 en slank. Ze heeft een camouflageharnas en een skycutter. Ze is primair genezer.
Gar is van het huis Cesus, het oorlogshuis. Zijn vader is aanvoerder, dus hij moest ook mee. Hij kan vechten, maar wilde het liefst pottenbakker worden. Hij heeft zich gespecialiseerd in architectuur. Hij is ook al 55 en net geëxalteerd. Hij ontwierp gebouwen en onderhield het arsenaal. Hij draagt wit jaden superheavy plate en heeft een enorme goremaul. Hij is gebronsd met bruin, deels grijs haar.
Phoenix is de aanvoerder van een Wing van 250 man. Ze gaan voor hem door het vuur. Hij zit in het Red Piss Legion en The Roseblack is zijn grote voorbeeld. Hij is ongeveer 30, heel gebruind, pezig en gespierd, best groot. Houdt zich rustig tot het nodig is. Hij heeft een hekel aan dynasts die zich superieur voelen (de meeste dus).
Xar is een vrouw van een jaar of 40. Ze heeft een zwart jaden breastplate en een Dire Lance. Ze heeft lelijke littekens in haar gezicht van Tiger Claws. Op haar voorhoofd zit in het grootste litteken een zwart jaden heartstone. Olric vraagt naar haar verhaal. Ze werkte op het Blessed Isle en moest tegenstanders van de keizerin het leven bureaucratisch zuur maken. Bij sympathieke personen werkte dat soms anders uit en dat werd opgemerkt. Ze werd naar het heptagram gestuurd. Een anathema bood haar aan om iets aan haar uiterlijk te doen. Die heeft de heartstone geplaatst. Dat heeft overigens wel geholpen.
Tim is een wees. Zijn ouders zijn opgegeten door Vodak en de oude boomman heeft hem een appel gegeven. Sindsdien kan hij alles met planten. Hij heeft groen haar.
Hij neemt ons mee de tuin in. Het is een enorme grot met paddestoelen. Diverse wood-aspecten zijn aan het werk. Een van hen vraagt: “Familie?” Gar knikt als eerste, dan de anderen. Blijkbaar detecteert hij dat we de waarheid spreken. Olric hoort hem uit over de paddestoelen. Néré vraagt naar medicinale. Dan leidt Tim ons door de tuin, door steeds hoger wordende zwammen. Het wordt steeds warmer, onaangenaam warm, tot we bij een moeras staan. We zijn door de gate heen. Er is geen zon, alleen diffuus licht. Gekleurde wolken, apengekrijs. Tim vertelt dat hij ons tot Sobek kan brengen, een grote krokodil. Die kan ons vervoeren, als we zijn prijs betalen; die verschilt per keer. En als we langs een heerlijk geurende witte roos komen, er niet naar toe gaan! Die valt je aan. Blijf ook uit de buurt van de Snakebud Tree, die heeft giftige slangen als bloemen.
Tim rent vooruit: “Hier is een soort pad!” Rondom de grote bundelzwam waar we uit komen, staan stenen bankjes met daaronder een soort kastjes. Tim vertelt dat je er dingen in kunt leggen. Als je het deurtje dan dicht doet, kan niemand anders het open maken. Er zijn dan ook een paar kastjes die niet open gaan, waarschijnlijk van dragonblooded die al overleden zijn. Gar gebruikt de Stone-Carving Fingers Form. Het kluisje gaat open en hij vindt een stokoud jade battle armor, waarschijnlijk nog uit de primordial war. Het vakmanschap is vreemd en het is van diverse soorten jade. Er is alleen wat achterstallig onderhoud. We overtuigen Gar om het terug in een kluisje te leggen. Hij wil de andere gesloten kluisjes ook open gaan maken. Maar de anderen verliezen hun geduld en Phoenix sleurt hem uiteindelijk fysiek mee.
We horen een diep gezoem. Er vliegen hier bijen van een halve meter groot met vleugels van pure essence. Ze  vliegen van en naar een struik met witte rozen af, die inderdaad heerlijk ruikt. We zijn gewaarschuwd, dus we houden ons in. Zeker Tim loopt er met een grote boog omheen. Hij waarschuwt ons ook voor de essence spiders. Die zijn heel slim, daar kunnen we ook de weg aan vragen. We moeten ze niet belazeren. Hij laat ons zijn zijden tuniek zien.
We komen bij vier enorme spinnen, zo groot als tijgers. “Dag Tim, wat heb je voor ons meegebracht? Eten?”
“Dag mevrouw! Nee, deze mensen zijn op zoek naar Gaia!”
“Tsk! Weten jullie dan niet hoe je te werk moet gaan?”
“Nee, het ging niet verder dan: ‘Ga door die poort!’ “.
De spinnen leggen uit dat ze vragen beantwoorden in ruil voor essence.
Olric vraagt wat de goede route is. Dat kost zes motes. Olric geeft ze. De spin zegt dat we niets mogen dragen wat niet van Gaia is. Onze kleren, harnassen en wapens en zo kunnen we in de kluisjes achterlaten. De precieze route kennen zij niet, maar Sobek kan ons er naar toe brengen. Ze kunnen spidersilk kleding voor ons weven, ook in ruil voor essence. voor 5 essence weven ze een tuniek die 3L / 5B tegenhoudt. Kleding meer bescherming kan ook, maar dan heb je ook wat minder bewegingsvrijheid. Kost ook meer. Olric bestelt de lichte vorm. Gar de zwaarste (15 motes). Phoenix koopt de middelvorm, Xar en Néré ook de lichtste.
Olric vraagt, voor 1 essence, hoe je hier essence terugkrijgt. “Heartstones helpen, die mag je houden. De Immaculate Fern heeft witte bessen, die genezen wonden en als je helemaal genezen bent, geven ze je essence. Ze hebben ook rode bessen. Als je die plant, groeit er een nieuwe varen. Als je in Mother’s Moss slaapt krijg je ook essence terug. En er zijn nog bloodberries, geneeskrachtige kruiden met een soort druiven. Die zijn ook lang houdbaar. Het is een soort klimplant. Verder heb je de Traveller’s Staff. Een rechte stok van de appelboom plukken als wandelstok. Aan het eind van de dag planten, dan groeit er een nieuwe appelboom uit met veel dood houd waar je een vuurtje mee kunt stoken en appels die je op kunt eten. De volgende dag kun je weer een tak plukken. De honing van de Bees of Zarlat geneest mensen die hun stem kwijt zijn, geeft +3 op social attacks en maakt ijzerhouten wapens sterk als staal. Zarlat was een solar uit de First Age.” Als Olric over ‘cold iron’ begint, vertellen ze over de Iron Bush, het sap daarvan is giftig voor de Fae. In Creation groeien ze alleen op de heilige berg, maar hier kom je ze in het wild tegen. Op een vraag van Tim vertellen ze dat er een ijzerhoutboom 100 m verderop te vinden is, voorbij het meer van zwavelzuur. Je bewerkt het hout met pure wilskracht. Néré en Xar kunnen er overheen lopen (Nere als ze haar uitrusting aan heeft), maar willen voorlopig hun motes en wilskracht sparen.
We gaan terug naar de kluisjes, trekken onze uitrusting en kleren uit en stoppen alles in kluisjes. Gar maakt snel nog één van de al afgesloten kluisje open. Hij vindt een vergane leren uitrusting en een antiek vuurwapen met een roodjaden loop. We inspecteren elkaar. Gar heeft een gewatteerd pak, Phoenix een dikke tuniek en een broek (soort judopak) en de andere drie hebben een knielange tuniek. Tim leidt ons om het zwavelzuurmeer heen, naar de Ironwood Tree. Gar wil het liefst een Grand Goremaul maken, maar dan is er nauwelijks hout over voor de anderen. Xar, Olric en Néré doen het met de Travellers Staff, Phoenix krijgt een Reaver daiklave en Gar een ‘gewone’ Goremaul. Dat duurt een paar uur. De anderen gaan planten kijken. Ze vinden wel Mother’s Moss, maar geen besjes. Ze gaan uitrusten in het mos terwijl Gar bezig is. De honing van de bijen is alleen te krijgen door de korf als Wood type dragonblooded met volle aura te benaderen. Het aura doodt de bijen wel, dus we houden ons in. We nemen maar drie porties, twee voor de wapens, een voor Olric. (Vijf was het maximum, langer blijven voor meer had de hele kolonie gedood.)
Als de wapens klaar zijn, lopen we door. Het landschap lijkt wel én niet op Creatie. Veel dingen die ons op willen eten. Planten met de giftige aura van een wood dragonblooded. Elementalen van onbekende elementen zoals metaal, kristal, licht, liefde, schoonheid en dergelijke. Alles leeft, brengt dingen voort, eet dingen op.
Tim loodst ons in twee dagen door het moeras. Dan bereiken we een grote grasvlakte. Er zijn hier kuddes van grote draakachtigen met veren in felle kleuren (dinosaurussen). Daar ergens ligt een grote groene draak / krokodil. Hij ziet er uit als een schip, met een holle rug met vleugels als zeilen. Een levende drakar!
“Heil Sobek!”
“Hallo, ik ken jou niet. Dag Tim!”
“Nou, dag allemaal. Dit is zo ver als ik  ga. Ik ga nu terug.”
We bedanken Tim. Gar biedt aan om ooit iets voor hem te bouwen.
Olric vraagt om Sobeks advies en wijsheid. Daar zullen we weinig aan hebben. Maar hij biedt ons transport, in ruil wil hij dat wij iets van onszelf geven. Hij waardeert dat we braaf onze spullen van Creation afgelegd hebben en de giften van de eerste cirkel hebben aanvaard. Nu gaan we de tweede cirkel in. De duur van onze reis hangt van ons persoonlijk af. Als Néré een genezende charm aanbiedt, vraagt Sobek of ze die echt kwijt wil. “Nee!” Xar en daarna Olric spreken persoonlijk met Sobek. Daarna zegt hij dat hij ons wel wil vervoeren als we de Bone Golem, die hier niet thuishoort, willen verslaan. Die is gemaakt door de lunar die na de primordial war als eerste necromantie leerde. Het is geen creature of darkness, want het is gemaakt voordat Sol necromantische creaturen als zodanig definieerde. Sobek vertelt ook dat hier in de tweede cirkel betere wapens en wapenrusting te krijgen zijn, maar tegen een hogere prijs. Als we willen kan hij ons er langs brengen.
We besluiten aan boord te gaan. Onderweg kan hij ons meer informatie geven over de Bone Golem en over mogelijke wapens en wapenrusting.
Dragonblooded 7 xp
Lunars 2 xp