Tanais 115

Gwan is bezig de grotten te verkennen en Claude instrueert de achtergebleven brahmanen.

Risha en Chang nemen de jonge Imhotep onder hun hoede en gaan naar het paleis. De colorcopter wordt weer in het bos verstopt en ze gaan met strijdwagens naar Jacuphus. Risha laat zich aankondigen. “De koning is er niet, maar komt u binnen.”
Risha gaat naar zijn kamer en frist zich op. Dan gaat hij naar zijn zus Harati. Hij legt uit wat er gebeurd is, dat de Poort naar het Westelijke Paradijs geopend is en dat er nu een vacature voor de troon is. Dat komt goed uit. Ze ziet Imhotep als een kind en geeft hem een koekje. Die vindt dat niet erg en hij gaat naar de keukens om te snoepen. Ze zegt tegen Risha dat de brahmanen van hier moeten getuigen dat Jacuphus dood is, niet die uit Soul. Risha gaat daarom naar de heilige eik. De priester is bereid om hem te steunen en gaat de kroning voorbereiden. We hebben een paar dagen voordat het zo ver is. Risha maakt in die tijd een groen paard van de kruiden die hier groeien.
We leren kort iets over de buurlanden: In het Noorden ligt Seima, daar woont een bosvolk. In het Zuiden wonen de woestijn- en steppevolkeren van Uruksas, en in het Oosten wonen de paardenvolkeren van Wostas. Er zijn geen ambassades, dus als we contact met ze willen, zullen we er zelf langs moeten of een vrouw uit zo’n volk nemen…
Chang stelt voor om de grootvizier aan te pakken. Diens bed is leeg, hij zag de bui al hangen.

Een paar dagen later is de kroning. Het volk is verzameld voor een feestelijke gebeurtenis. Eerst wordt de dode koning Jacuphus (een mooie pop met daarin de as) bijgelegd in een grafheuvel. In het tweede deel moet Risha in een strijdwagen rijden en laten zien hoe goed hij kan boogschieten en zo. Dat gaat best redelijk, zeker voor een jongen van 15. Maar er is toch enig geroezemoes in het publiek. Het is niet duidelijk waar dat over gaat. Dan is er feest. De kroning is een stuk simpeler dan in Soul, zonder rare paardenrituelen, want hier is Risha de legitieme troonopvolger dus de goden hoeven niet extra gunstig gestemd te worden. Tijdens het feest wordt de nieuwe koning voorgesteld aan de stamhoofden. Chang leest in hun gedachten dat ze meer met hun onderlinge pikorde bezig zijn dan met wie er op de troon zit. Het zijn twee gescheiden werelden. Wel maken sommigen zich zorgen dat zo’n jonge jongen snel door de paardenvolkeren zal worden getest. Er zijn al weddenschappen over hoe lang het zal duren voordat Risha wordt omgelegd.
De volgende ochtend. Imhotep geniet van het weer levend zijn. Hij vertelt dat hij de andere onsterfelijken maar laf vindt, dat ze zijn vertrokken. Maar hij wil wel graag weer eens met ze praten. “En hoe is het met de Siderials?” Chang vertelt dat Chappie de “juice” plannen inmiddels heeft uitgevoerd en dat de Siderials en de Lunars op de nominatie staan. Imhotep biedt zijn excuses aan en legt uit dat het indertijd een goede oplossing leek. Chang zegt: “We hebben je biocomputer nodig.” “Wat weet je daarvan” “Niks, Chappie zei het.” Chang vertelt over de Lost Boys, het snelheidsprobleem, het crisisberaad en de Abyssals.
Imhotep vind het een goed plan om ze in de poolnaald op te sluiten. De kortzichtigheid van de Abyssals is volgens hem ook een probleem. Hij zegt dat hij denkt dat Chappie zich vergist. “Destijds, rond Expulsion, heb ik een plantensoort genetisch gemodificeerd om alle informatie over de oude wereld op te slaan in het ‘junk-DNA’. De planten zouden zichzelf aan kunnen passen aan de veranderende omstandigheden, als een soort biocomputer. Maar het project was bedoeld als levende database met zelflerend vermogen. Niet als probleemoplosser.”

We vertellen kort wat er zoal volgens ons aan de hand is. mogen volgens Imhotep aannemen dat de Lost Boys al op de plek aangekomen zijn, maar dat ze de Abyssals nog niet hebben aangepakt. Voor het snelheidsprobleem heeft hij vooralsnog geen oplossing. Het aanmeer-project van de twee werelden interesseert hem zeer. Het is vergelijkbaar met wat hij rondom Expulsion in gedachten had. “er is een plek waar enorm veel zonium te vinden is,” zegt hij, “de Tempest zit er helemaal vol mee! En Igrot kan het waarschijnlijk helemaal niet schelen of dat aanmeren wel of niet lukt. Hij is zich al aan het voortplanten. Zijn missie is geslaagd. De vernietiging van de werelden is voor Igrot geen doel, maar collateral damage.” Hij weet niet hoe we genoeg zonium kunnen verzamelen, maar op Aarde hebben we genoeg tijd om dat probleem te bestuderen.
Tussen ontbijt en lunch gaan we met de colorcopter naar het eiland van de CHiggs. Daar maakt Chang een zonium pak voor Imhotep. Chang is daar goed in. Imhotep vraagt nog: “Chappie is dus niet het mainframe van de wereld?” “Nee,” zegt Risha, “hij is braaf zijn programmering blijven volgen. het juicen bleef zijn eerste prioriteit. Daar heeft hij de Virtual reality voor gemaakt en de manier om mensen in VR te brengen ontwikkeld, etcetera.”
Na de lunch bezoeken we de Noordelijke Alliantie. We gaan langs bij Celeste van Vixen. Ze is verrast en blij om ons te zien. Shintas is welkom bij de Alliantie. De meeste ambassadeurs zaten in Bronwë en zijn verdwenen in het Gat. Risha en Chang denken dat ze in de bubbel nu wel van ouderdom overleden zullen zijn door het tijdsverschil met de Aarde. Bakram van Silver, Kofkof van Abysquai, Bambi van Sesklo en Platto en Eensteen van Targon zijn wel nog op Tanais. Ze vertelt dat de draak enorm heeft huisgehouden in Sesklo. “Er wordt nog steeds tegen het beest gevochten. Bambi is daar ook. En Waldheim is ook niet meer wat het is geweest. De spullen van die reptielen zijn verdacht. Die enge tovenaars van jullie zijn de reden dat we de restanten van Soul nog niet hebben ingepikt. Maar nu jij er weer bent, is dat maar goed ook. En Euboia is nog steeds gecorrumpeerd door Eenoog. De zonen van Chantal hebben daar de macht gekregen. Maar wie is de demon achter de demonen?” We zijn het met haar eens dat het belangrijk is om goed in beeld te krijgen wie de vijand is. Na dit gesprek gaan we terug naar Shintas, waar we het avondeten nuttigen alsof er niks aan de hand is en dan vroeg naar bed gaan.
Morgen gaan we naar de Aarde.

4xp

Tanais 114

Tanais 114 – 16-02-2017
Terug naar Jacuphus om de dode Lost Boys af te geven. Die lijkt een beetje geïrriteerd dat zijn kleine broertje nog leeft. De grootvizier kijkt neutraal. Met [Mind] ziet Claude dat die er over denkt om Risha een kopje kleiner te laten maken als hij blijft terugkeren. In Jacufus’ gedachten leest hij plannen om het zusje ver weg uit te huwelijken. Risha zegt dat we nog wat losse eindjes moeten opruimen en we nemen weer afscheid.
Met de colorcopter gaan we naar de rand van het steampunk eilanduniversum. Via kroeg en doolhof et cetera komen we in de Valhalla zaal. Op wat vosmannen en ravenvrouwen na is het daar leeg. Chappie vraagt: “Heb je nog de groeten aan Imhotep gedaan?” Claude antwoordt; “Die had het druk. Chappie zegt: “Imhotep zou het nooit te druk hebben om naar mij te komen. Ik geloof je niet. De volgende keer nemen jullie hem mee.” Chang zegt: “De kans is groot dat de Lost Boys Imhotep ook juicen als ze hem vinden. Ze zijn te snel voor ons.” Dit Ωet Chappie aan het denken. “Zij zijn puur zonium, daarom hebben ze geen vertraging. Ik heb ze zo gemaakt dat ze langzaam leeglopen. De enige behoefte die ze nog hebben is zonium. Ik kan geen oplossing voor jullie probleem berekenen. Ik ben maar mechanisch. Hier hebben jullie de biocomputer van Imhotep voor nodig.”
Chang vraagt of Chappie een scanner kan maken waarmee de zoniumlichamen en de pantsers van de Lost Boys kunnen worden gedetecteerd. Dat is geen probleem. Morgen is die af.
Risha stelt voor om de Lost Boys naar de Witte Stad te lokken, dan kunnen ze daar de Abssals opeten. Maar dat gaat volgens Chang niet lukken, de Lost Boys kunnen de Witte Stad niet in. Claude stelt voor om ze met pure zonium te lokken en dan in een zwarte poel te laten verdwijnen. Risha zegt: “We kunnnen ze ook de poolnaald inlokken en dan opsluiten. Die is bedoeld om onsterfelijken vast te houden. En dan kunnen ze daar langzaam leeglopen.”

De volgende dag heeft Chappie e scanner voor ons. Het is een kaart van Tanais waarop concentraties zonium te zien zijn. Onze mijn is duidelijk aanwezig en er is een grote zoniumconcentratie bij de grens tussen Dao en Zhao. Daar zitten 200 Abyssals, die hebben de memo niet gekregen dat de vergadering verplaatst is, en de githyanki die zichzelf hebben uitgenodigd. Er zijn er 2 of 3 die fors meer persoonlijke Essence/zonium hebben dan de rest. Verder zien we een hele hoop speldenprikjes over de wereld verspreid.
Gwan merkt op dat de Lost Boys gamers zijn. Ze kunnen met een spel naar de poolnaald worden gelokt. Als ze de Abyssals en de githyanki hebben gejuiced, kunnen wij een Eindbaas laten verschijnen. Het spel GTA gaat over chicks, wapens en drugs, Zo’n eindaas zou bijvoorbeeld El Chappas kunnen zijn, de grote drugsbaron. Risha kan daar in de bergen met Sorcery een stukje ‘ongeformatteerde spelwereld’ maken met een aanwijzing dat El Chappas in de poolnaald zit.
Chappie vindt het niet ethisch om nog iemand naar Tanais te sturen. Dat hoeft ook niet. Risha kan [met de spreuk Raising the Earth’s Bones] een spelwereld-gletscher met strandhut toveren, waar we een dode dealer kunnen achterlaten, met wat joints met een drupje zonium als beloning en aanwijzingen dat het meisje van de dealer door El Chappas is gekidnapt en meegenomen naar diens hoofdkwartier in de Poolnaald. De grootvizier kan wel dienst doen als dode dealer.

Terug naar Tanais. De Hoogzetel van Soul. Imhotep is nog steeds als zombie zwarte smurrie aan het oogsten. “Op dit moment kunnen alleen de goden zijn ziel terugplaatsen,” zegt de necromancer. Hij adviseert Claude om toch maar weer in genade te komen bij Souls Pashupati brahmanen in Shintas. We mogen de zombie meenemen. Met [Correspondence en Mind] gaat Claude op zoek naar de vroegere minister van financiën. Hij ziet dat er een conclaaf van 400 brahmanen plaatsvindt in de berg waar ze Mahakrishna wilden offeren. Gwan maakt een Gate naar de eetzaal aldaar. Als we er doorheen stappen ontstaat er een beetje paniek. Claude gaat voor de uitgang staan. Een dappere jonge brahmaan spreekt hem aan: “Baas, u bent terug! U bent net zo angstaanjagend als onze god.” Claude beloont hem voor zijn moed en geeft hem een veldpromotie tot zijn rechterhand.
Als de gemoederen bedaard zijn, kunnen we vragen stellen. De brahmaan vertelt: “Soul is in elkaar gestort en de voorouders hebben ons een taak gegeven. De voorvaderen van koning Risha zijn uit de Barrows gered door hun vrouwen en we zijn nu bezig een leger van hen te maken voor de Eindstrijd. Het offer zou de Portaal hebben geopend waardoorheen de voorouders konden stappen om lichamen van pas-gesneuvelden te betreden. Maar ja, dat hebt u verhinderd. Een andere Shintasta koning moet nu geofferd worden.” Ze kijken even naar Risha. “Het meest simpele zou zijn om de poort te openen met het offer van Jacuphus En dan kunnen de voorvaderen terugkeren voor de Eindstrijd.”
Claude is van mening dat de meeste brahmanen ook weer aan de eredienst voor de goden moeten beginnen. Een kleine groep kan hier blijven voor het offer. “Maar meneer, de brahmanen van hier kijken op ons neer en …” Het eind van het liedje is dat een deel van de brahmanen terug gaat naar Soul om de eredienst aan de goden weer op te starten en een kleiner deel blijft hier om de voorouders te eren. Claude zegt: “Ik zorg dat Jacuphus in jullie handen komt!” De mannen scanderen: “Geef ons Jacuphus!” Er blijven er 30 hier voor het leger voorouders, de rest gaat terug naar Soul.

Chang zegt: “We kunnen de ziel van Imhotep in een nieuw lichaam krijgen met het brahmanen ritueel. Hij is de oudste, de eerste van alle voorouders.” Goed idee. Het is nu drie uur ’s middags, zonsondergang is om half zeven. De brahmanen komen met een jongetje van negen die net is overleden. Met [Correspondence] maat Gwan een portaal naar Jacuphus’ slaapkamer. De koning ligt daar net me een deerne. We grijpen hem in zijn nek. “Kom jij eens mee, broer!” zegt Risha. We stappen weer terug naar de richel die net door de ondergaande zon wordt beschenen. Claude voert het offerritueel uit. “Waarom?” vraagt Jacuphus. “Het was jij of ik,” zegt Risha.
Het ritueel is geen groot succes, maar het volstaat. Jacuphus lichaam verbrandt tot er niets over is dan een schacht geel licht. De poort naar het Westelijke dodenrijk gaat open. Een nieuwe draad ontstaat tussen de twee werelden [Color: Geel]. Een lange stoet heldhaftige koningen uit het verleden knikken goedkeurend. De brahmanen juichen: “Dood en wedergeboorte!” Dit is wel goed voor Claude’s aanzien. Als eerste stapt Imhotep door de poort. Het dode jongetje komt weer tot leven en de zombie van Imhotep valt dood op de grond. “Ik herinner me iets van zwart slijm scheppen, en de poolnaald.” zegt hij. De brahmanen scanderen: “Lang leve Pashupati!” terwijl de stoet dode koningen door de poort loopt. De rij wordt gesloten door Mahakrishna.

4xp

Plannen voor volgende keer:
– Risha gaat de troon opeisen en daarna zichzelf officieel bekend maken aan de Noordelijke Alliantie
– Overleggen met Imhotep en dan naar Aarde voor de hereniging met Chappie
– Claude wil naar Daguerre
– De legers van Soul, Shintas, de Noordelijke Alliantie etc. activeren
– Op de grens van Dao en Jhao moet Risha de gletsher met skihut maken.

Tanais 113

Tanais 113 – 02-02-2017

Dag 3 iii R5
We zitten in een kampementje aan de voet van de berg. Over drie weken is de grote conferentie van alle Immortals. De Lost Boys zouden hier drie weken geleden voor het laatst zijn gezien. Dat is voor hun 20 jaar! Dus de strandhut nabouwen is niet zo’n goed idee. Die gasten zijn daar allang niet meer.
Claude herkent de dode brahmaan opeens: het is er eentje uit Soul waar hij een streek mee had uitgehaald. We gaan naar de hoofdbrahmaan van Pashupati. Het is een eind lopen, maar om 3 uur ’s middags zijn we bij de ‘tempel’, een naargeestig bos waar lijken aan de bomen hangen. Alleen Claude mag naar binnen. De hoofdbrahmaan zit te mediteren. Claude klimt in de taxusboom waar hij onder zit en hangt er de dode brahmaan in. Daardoor komt de man uit zijn trance.
“Jij komt ook uit Soul, hè? En je vindt het nodig om andere brahmanen uit Soul aan te pakken? Wel een goede zet van je.” De lokale Pashupati manifesteert zich. Claude vraagt of de godheid wat weet van de bende. Pashupati kijkt quasi-geïnteresseerd, alsof een kind hem kindertekeningen laat zien. Claude: “Zijn er onlangs nog Immortals uit incarnatie gegaan?” “Ja. In de Zuidwestelijke bergen is drie dagen geleden een nest Lunars uitgemoord. En hun zielen zijn er ook niet meer.” “En weet je waar de bende zit?” “Ik zie snelle, vreemde wezens. Onnatuurlijke creaturen. Ze zitten op veel plekken. Succes met jullie drijfjacht!” De godheid gaat verder: “Ik had toch verwacht dat je meer respect zou hebben voor je eigen brahmanen.” “Ja. Ik had ze ook allemaal kunnen uitmoorden!” Claude probeert zich er uit te lullen, maar Pashupati vindt dat je een goede reden moet hebben om zijn brahmanen uit te moorden. “Je wéét niet eens wat je eigen priesters uitspoken. Je bent een blufkikker en je weet niet wat er gebeurt is. Je was er niet om ze te helpen toen ze je nodig hadden. Jouw taak is om te zorgen dat mijn wil geschiedt en dat mijn brahmanen die kunnen uitvoeren. Nu opdonderen en niet terugkomen totdat je orde op zaken hebt gesteld! En laat dat duidelijk en zichtbaar zijn!”
Claude gaat terug naar de party en vertelt een iets aangepaste versie van wat de godheid hem verteld heeft. Als we horen dat de Lost Boys overal kunnen zitten, willen we een apparaat maken waarmee er een krachtveld om ons heen komt als er tijd-anomaliën in de buurt zijn. Maar dat lukt niet (Botch!).
Dan gaat Risha via een geheime gang met de as van Mahakrishna naar zijn zus. Die is niet blij met de laatste ontwikkelingen. De dode koning moet in het graf worden bijgezet. Ze zoekt een mooie vaas die als urn kan dienen en zegt dat Risha via de hoofdpoort naar Jacufus moet om de as aan te bieden. Zo gezegd, zo gedaan. We gaan ditmaal met z’n allen naar de troonzaal. Jacufus kijkt een beetje beduusd als Risha zijn verhaal doet. De grootvizier zegt dat er een wassen pop gemaakt moet worden als omhulsel voor de urn, om het volk te neppen. En daarna zegt de nieuwe koning: “Broertje, ik wil dat je naar het Zuiden gaat om die bandieten aan te pakken.”
Chang probeert met [Mind] in de gedachten van de grootvizier te kijken, maar dat lukt niet (Botch). Risha accepteert de opdracht. Dat kan ook eigenlijk niet anders als hij met veel getuigen een opdracht krijgt van de rechtmatige vorst. Dan gaan we naar bed.

4 iii R2
Met strijdwagens en een fanfare gaan we naar het Zuiden. Claude heeft de wagens van tevoren in de loop van de ochtend verstevigd en verbeterd. In het kamp van de Siddhu’s vinden we leeggezogen lijken. Sommige zijn tot stof vergaan, andere zijn een lege huls met zuigplekken op armen, hoofd en benen. Risha ziet dat het een mensenbeet is, maar met bijgevijlde tanden. Gwan kijkt terug in de tijd. Hij kan de tijd ook voldoende vertragen om te zien hoe een siddhu door vijf Lost Boys vastgegrepen werd en is leeggezogen. Het proces draagt de resonantie van Chappie’s techniek om Immortals te ‘juicen’. We vinden dagboeken in hun hutjes. Daaruit blijkt dat het bestaan van een celibataire asceet wordt beheerst door gedachten aan seks, veel blowen, door het bos dwalen en in het vuur staren in de hoop op betekenisvolle visioenen. Ze lijken door hun oefeningen veel zielenessentie te hebben gehad, dat wil zeggen, meer zonium dan normale mensen, maar lang niet zo veel als de Exalted. De Lost Boys zijn verder getrokken. Verderop vinden we de restanten van de veldslag. Iedereen is tegelijk afgemaakt met knotsen en messen. Gwan ziet dat de Lost Boys een GTA-achtige buitenkant hebben. Maar hun kleding en pantser is op een onzichtbaar lichaam gestolde Tanais antimaterie. De wapens zijn ook van gestolde antimaterie, maar die kunnen ze wel loslaten. Het is bedtijd. De mensen met [Time] houden wacht, maar er gebeurt gelukkig niets.

5 iii R5
Claude roept Pashupati aan. “Waar zitten de Lost Boys?” “Ik ben de god van de dood. Waar de levenden zitten interesseert me niet. Ergens in het Zuiden, in Haran, zijn Lost Boys dood gegaan van uitputting. Dit was de laatste keer dat ik je antwoord geef. Zorg er eerst maar voor dat jij je taken als hoofdbrahmaan uitvoert voordat je me weer lastig valt.”
We gaan terug en vliegen met de Magic Bus naar Haran.

6 iii R5
Haran is een steppe die we herkennen als de plak waar de Lost Boys aankwamen. Vrij hoog op de Zuidelijke hellingen van de bergketen is de plek waar het allemaal is begonnen. Met [Time en Correspondence] vinden we twee plekken waar een hutje staat met een tijdsanomalie. Met [Color] zien we het nagloeien van de plek waar vroeger het dimensieportaal was. Terwijl we kijken verdwijnt een van de hutten. Bij de andere gaan we voor onszelf de tijd vertragen. Maar dan nog verdwijnt ook dit hutje, we komen magie tekort om dit enorme tijdsverschil te overbruggen. Dan gaan we maar op zoek naar dode Lost Boys. We vinden er eentje, vervaagd onder een doornstruik. Hij is langzaam leeggelopen, zijn eigen zonium, of Juice was op. Misschien dat, als we er weer nieuwe zonium in stoppen, hij weer tot leven komt? Maar we willen het experiment niet aangaan. Deze was een van de pioniers. Hij wist nog niet hoe hij aan zonium / juice kon komen en is verhongerd. Risha onderzoekt waar zijn omhulsel van gemaakt is. Het is een mengsel van plastic en roestvrij staal, Tanaïs antimaterie. Uiteindelijk vinden we er drie. Risha neemt ze mee om aan zijn broer te bewijzen dat we de bende hebben uitgeschakeld.
Met [Spirit Detecting Glance] zie je een dode spirit. De Juice is op, maar ze zijn niet zelf ge-‘juiced’. Met [Time en Mind] voelen we de gedachte: “Shit! Ik moet wel van die gekke lui vinden en leegzuigen. Anders ga ik er zelf aan!” Dus … als alle Exalts op zijn, gaan de Lost Boys vanzelf dood. Geen goed ding. Er is wat tijd over vandaag. We vliegen naar het uitgemoorde Lunar nest. Dit is een plek waar de Weird heel krachtig is. Sprookjes zijn hier werkelijkheid. We vinden een lieflijke boerderij met een Findhorn-achtige sfeer. Er staan enorme kolen op het veld. Het vee loopt een beetje verweesd over het land. Uit wat we hier vinden krijgen we de indruk da het een stelletje pacifisten was, dat zich had afgezonderd van iedereen en alles. We vinden de leeggezogen lijken van de lunars. Het zijn redelijk intacte mummies. Het paadje naar de bergtop, de lieflijke boerderij en de cottage zijn allemaal kort en klein geslagen. Tussen de paperassen vinden we een uitnodiging om naar de grote convocatie te komen, met de lokatie. Dus de Lost Boys weten waar ze moeten zijn. Risha volgt het paadje en komt bij een hoogzetel. Die is ernstig verwaarloosd en moet gerepareerd worden. Momenteel staat hij op Weird, maar het is vergane glorie. De lokale lunars hebben hem blijkbaar al heel lang niet meer gebruikt.
Claude herinnert zich dat we een kristallen bol hebben gekregen van de Siderials. We activeren het ding en krijgen meteen antwoord. “Ja, de vergadering is verplaatst. Raar, dat jullie dat nog niet wisten. Mount Paradise!. En die papieren uitnodiging die je hebt gevonden is het lokaas.
Risha stelt voor om naar de andere wereld te gaan om aan Chappie te vragen ho we de Lost Boys kunnen neutraliseren.

4xp

Tanais 112

19-01-2017
Dag 1 maand 3 jaar Risha 5

Waldheim. Risha heeft gedroomd dat zijn zuster Harati verscheen en dringend om zijn aanwezigheid vroeg: “Het gaat helemaal mis met je broer. Help! Kom!”
Het duurt even voordat hij de anderen heeft overtuigd, maar dan gaan we met z’n allen met de Magic Bus naar zijn thuisland Shintas. Claude kleedt zich als hoofdbrahmaan van Pashupati, Gwan is gekleed als techneut, Risha draagt zijn harnas en Chang is gekleed als generaal. We zetten de bus neer in op een open plek in het bos, ongeveer twee uur lopen van het grote meer. Op het water drijft een dorp van huisboten. Aan de rand van het meer is een driehoekige rotsheuvel waarop waar we de torens en muren kunnen zien van het koninklijk paleis waar Risha is opgegroeid. Iets verderop groeit wat wel de grootste eik ter wereld kan zijn. De top verdwijnt in de wolken. Als we naar het paleis lopen passeren we kuddes paarden, schapen en heilige koeien. Aan het water staan veel bronssmederijen en we zien krijgers oefenen met strijdwagens.

De wachters aan de poort herkennen Risha gemakkelijk. Hier zijn vijf jaar voorbijgegaan, maar Risha is maar één jaar ouder dan toen hij wegliep, dus hij zit er vrijwel hetzelfde uit. Zijn zus wordt geroepen en verschijnt vrijwel meteen. Harati is blij om haar broertje te zien.
“Fijn dat je er bent!. Mahakrishna is overleden. Jacufus is nou troonopvolger, maar hij is zwakzinnig. Al onze andere broers zijn ook overleden. Ik heb je een droom gestuurd en ik ben blij dat je gekomen bent. Het is een chaos hier, in adellijke kring. Onder Jacufus zijn we verloren.”
Ze vertelt dat er een bende in het Zuiden is die het op Siddhu’s gemunt heeft. “Mahakrishna en Ravana organiseerden een kleine strafexpeditie, maar die ging helemaal fout. We kregen wat verwarde verhalen te horen en onze broers hebben een tweede expeditie op poten gezet. Zij zijn ook omgekomen. De bende is er nog steeds en onze clan is bijna uitgeroeid. Een aantal brahmanen heeft de kolder in de kop gekregen. Het lichaam van Mahakrishna moet naar zijn grafheuvel, maar ze willen daar hun eigen rituelen mee uitvoeren. Het is een of andere nieuwe sekte die het einde der tijden aan ziet komen. Ze willen Mahakrishna terug tot leven brengen. Iets met een poort naar een nieuwe wereld met hun als leiders van wat komen gaat. Als je meer wilt weten kan Claude zich melden bij de opperbrahmaan van Pashupati.”
We vinden overlevende Vraj-krijgers van de expedities. Ene Harash vertelt wat hij heeft meegemaakt. “Het was bovennatuurlijk. De Siddhu’s zijn 1 voor 1 uitgemoord. Wij zijn in een hinderlaag gelopen. Ik hoorde geritsel en snelle geluiden. In drie seconden was iedereen dood. Ik heb niks gezien, maar ze hebben wel sporen nagelaten.” Claude kijkt in zijn geest met [Mind en Time] en ziet Chappie’s Lost Boys.

Dan gaan we naar de brahmanen. Eerst maar naar die van Oaken. Bij de ingang van het sanctum van de heilige eik staat een klein huisje. De opperbrahmaan van Oaken heet ons welkom. Hij zegt dat koning Mahakrishna eervol is gestorven en hij is het er niet mee eens dat het lijk wordt gecremeerd in plaats van bijgelegd. Maar de Orakels zeggen dat het zuivere koffie is. Het einde der tijden is nabij en de nieuwe sekte kan redding brengen. Risha mag zelf met Oaken praten. Onder aan de boom mediteert hij, maar het kost veel moeite om contact te krijgen (door een botch op de dobbelsteenworp gebruikt hij de verkeerde rite). Met Spirit Detecting Glance ziet Risha een Krishna-achtige figuur die wacht op de juiste aanspreekvorm. Claude krijgt wel contact.
“Kom boven. Ik heb lang op jullie gewacht.”
De priester lacht: “Nu mag je eindelijk doen wat ik je al die jaren verboden heb, de wereldeik beklimmen.”
We merken een kleine gedragsverandering bij de godheid. Eerst is hij nieuwsgierig, maar als hij ons uitnodigt lijkt het alsof hij ons al had verwacht. Na twaalf uur klimmen kunnen we met [Color] het heiligste der heiligen van de boom zien. Er is net zo’n vlies als tussen onze wereld en de Witte Stad, maar net anders. PLOP! We komen uit een soort put in een grote kamer, ingericht in de technologische stijl van rond 2442. Een vriendelijke Bollywood cowboy begroet ons.
“Er komen hier nooit stervelingen. Nee, ik ben jullie Oaken niet, die zit hier beneden. Ik stuur alle Oakens aan en kijk door hun ogen. Dus jullie kennen de technologie wereld ook? Ik heb al zo lang geen Immortals meer gesproken.” Hij steekt een sigaret op en biedt ons er ook een aan.
“Ik ben een van de metagoden. Ik doe dit sinds 2312 van de Technologische Jaartelling. Op een goede dag keken we de wereld in en we zagen de mensen. Wij waren de reclameborden. Iets keek door ons heen en wij werden daardoor zelfbewust. We kregen het idee dat de wereld zou vergaan. Dat wilden we vóór zijn en we zijn vlak voor Expulsion opzij gestapt in de tijd. Toen we weer terugkeerden zaten we hier in Tanaïs.”
Hij loopt naar een raam: “Kijk eens door dit raam.” We zien de Technowereld. “En nu dit raam.” Daar zien we Tanaïs. “De twee werelden klotsen, maar wij staan daar buiten. Wij wonen niet in Elsewhere, maar aan de buitenkant van Igrot. Maar deze keer vergaan wij ook als Igrot weer klotst.” Hij laat een derde raam zien dat naar buiten uitkijkt. “De heilige plekken zijn doorgangen naar de Outer Space. Maar alleen wij kunnen hier komen. Wij zijn de balancerende factor in het geheel. Mijn naam is Rajpal Wayne, de Marlboro Man.
We laten het op ons inwerken. Rajpal kunnen we zien als de hand in de handschoen die een god is. Maar hij is zelf ook een handschoen voor iets of iemand anders die wij nog niet kennen. Igrot is een soort inktvis. Er zijn twee soorten zuignappen: witte en zwarte. Tussen de werelden zijn ‘speekseldraden’ gespannen van een specifieke kleur: paars, zwart, etc. Er zijn tussen Tanaīs en Aarde ‘planes’ met een specifieke omvang in ruimte en tijd, we weten waar en wanneer ze zijn. De buitenoppervlakte van de Igrot bol heeft gras en atmosfeer. Van Rajpal mogen we daar niet komen. “Off-limits. Die is van ons.”
Claude gooit door het Tanaïs raam een peuk op Euboia. Blikseminslag en een grote bosbrand.

We nemen afscheid en gaan weer terug. Claude wil naar de rare cultus. Die zit “ergens in de bergen”. Gwan zoekt de lokatie van Mahakrishna’s lichaam op met zijn kristallen bol. Het is een plateautje hoog tegen de bergwand. De plek heeft wel wat magisch [Color: eigeel; Prime: kwetsbaar stukje zwakke magie, niet van een echte magiër of sorceror; Entropie: er zit een scheur in de 4D-realiteit]. We gaan er naar toe en arriveren tegen de schemering. De zonsondergang zal die plek zometeen precies met geel licht beschijnen. We horen ritueel gezang en dan zien we een stoet brahmanen met fakkels, die het lichaam van de koning meevoeren. We willen voorkomen dat ze Mahakrishna in een of andere ondode messias veranderen. Chang roept: “Stop deze waanzin!” Er ontstaat een schermutseling. Gwan gebruikt de speciale aura van de Zenith-kaste om de ziel van de koning naar het hiernamaals te brengen zodat hij niet terug in zijn lichaam kan worden gebracht. Het lichaam ontvlamt. De brahmanen vluchten terug de grot in. Claude rent achter hen aan en roept: “Waar zijn jullie in godensnaam mee bezig?” Ze rennen verder, dit is het einde van hun cultus. Risha neemt de as van zijn broer mee.
Die nacht droomt Risha van Narima (de vrouw van Godefried). Ze vraagt, verdrietig en gekweld: “Waarom?” De Poort naar het Westen gaat dicht.

Voor de volgende keer: – Claude wil een dode cultist aan zijn opperbrahmaan geven – Risha moet zorgen dat zijn debiele broer geen koning wordt – we moeten informatie inwinnen over de lost boys, misschien kunnen we hun aandacht trekken door de strandhut na te bouwen.

4xp

Toevoeging

In de serie Tanais bleek ik een aflevering vergeten te zijn.

Tanais 108 bevat nu de juiste aflevering.
Wat er eerst in 108 stond, staat nu in 109, wat in 109 stond, staat nu in 110 en wat in 110 stond, staat nu in 111.
Over twee weken spelen we weer verder.

Tanais 111

Tanais 111 – 18-08-2016

We gaan verder naar de hoofdstad. Het is nog steeds bossig, maar de longhouses staan dichter bij elkaar. Bij de baai staan ze zo’n 500 meter uit elkaar. Bij de haven is een ommuurd gedeelte van de stad. Vanaf de heuvels zien we dat daarbinnen een andere architectuur is: luxe rijtjeshuizen en villa’s. We zien twee natuurlijke zuilen in het water staan. Op eentje staat een kasteel en er is een brug tussen de twee.
Dit hier is nu de Bron der Bronnen. Voorheen was dat de Maelstrom van Melek Qart. De githyanki die hier rondlopen lijken op gnumpathi. Dat is hetzelfde soort als we als ‘zaadcellen’ bij de Witte Bron van Terra hebben gezien. De soort die Claude in een parallel-wereld naast Tanaïs heeft gezien, waren van een andere soort. Dat waren ‘afweercellen’. Beide soorten zijn 4D projecties in onze wereld van 5D onderdelen van Igrot.
We komen in een winkelstraat vlak buiten de ommuring. Daar betrekken we een herberg en gaan incognito de markt op. Het doet normaal aan, maar het eten is met minder zorg bereid. Op de markt zijn nuttige magische voorwerpen te koop van inferieure kwaliteit: aanstekers, ovens, weckpotten waar dingen eeuwig in houdbaar zijn, dat soort dingen. Als we met de mensen praten horen we dingen als: “Alles is zo veranderd,” “muur opgetrokken,” “daarbinnen hebben ze een makkelijk leven,” “niet voor mensen zoals jij en ik,” “buitenlanders en mensen die negen maagden hebben ingeleverd,” “worden ze aan de draak geofferd?” “de mooiste houdt hij zelf…”
Wie?
“Prins Adelbert de onuitspreekbare,” “de puntoren? dat zijn niet de buitenlanders, de buitenlanders doen zaken met de puntoren.”
We willen de compound magisch bestuderen en beklimmen daartoe een nabij heuveltje. De CHiggs meetapparatuur wordt geïnstalleerd en we nemen onze vrouwelijke vorm aan. We zien een [Force]-veld in de muur rond het compound. Daarbinnen is heel veel [Color] aanwezig, maar de Zwarte Bron is daar niet. Die zit in de basalten zuil naast die met het kasteel. Daar zit een apart [Force]-veld omheen. De brug is er in inbegrepen.
Helena heeft een paar biefstukken gekocht en charmeert daar drie kwispelende schaapshonden mee. Met [Life en Prime] bloedmagie geeft ze twee van de dieren haar eigen DNA en verandert ze in meisjes. De derde lukt niet. In de verte mist een herder nu zijn honden Miepje en Miesje. Elaine geeft ze met [Mind] een menselijk bewustzijn. Met enig zoeken kunnen we nog zeven leuke boerderijbeesten betoveren. Elaine is iets te succesvol, dus ze worden erg snugger.
Elaine, Claude, Risha en negen maagden mogen de compound in. Binnen is veel bedrijvigheid. We zien veel githyanki van het Gnumpathi-model tussen de mensen lopen. Het zijn vooral ambachtslieden die [Color]-voorwerpen maken. De mensen zijn expats uit het hele Westen van de wereld en een aantal Hobbits. De handelaren hebben hun hele familie bij zich. We komen er al snel achter dat we hier niet zo veel hebben aan goud, want men doet aan ruilhandel. De handelaren uit Dao hebben bijvoorbeeld zijde, parels, jade en specerijen. Soul levert vooral wol, huiden en hout, maar dat hebben ze hier al in overvloed. Soul-technologie daarentegen! Claude en Risha knutselen met [Matter-magie en Craftsman Needs No Tools] enkele prototypes van Claude’s uitvindingen in elkaar: een helikopter en een duikbootje. Claude is de meester (10 successen), Risha de onhandige leerling (1 succesje). Dat is interessante handel. De maagden worden meegevoerd naar het kasteel. Even later krijgen we het bericht dat de meisjes zijn goedgekeurd en wij krijgen een handelsvergunning. We krijgen een toegangsbewijs voor het krachtveld en we krijgen een ingerichte villa toegewezen. Daar staat iets wat wij als CHiggs herkennen als een televisietoestel met heel knullige shows. Maar voor een fantasy wereld heel bijzonder. Claude is goed in het maken, maar Risha is daarentegen weer veel beter in het verkooppraatje. In drie dagen maken we een paar werkende exemplaren.
Maar we zijn hier niet voor de handel. Met een druppel bloed van Risha/Helena heeft Claude een resonantie voor zijn [Correspondence en Life] magie, waarmee hij de maagden kan opsporen. Ze zitten in de basalten zuil onder het kasteel in comfortabele vertrekken. De meisjes zijn zwanger en wat er in hun buik zit, zijn snelgroeiende githyanki’s met voor de helft Risha’s en Helena’s DNA en de andere helft alien DNA. Alle githyanki lijken op elkaar. Ze blijven een paar weken en worden dan afgelost door nieuwe volwassen githyanki. Iedere dag wordt er een bevrucht. We kunnen ze volgen met het bloed van Helena/Risha. Dit hier is het equivalent van een teelbal van Igrot.
Laten we de bevruchter een kopje kleiner maken. Met teamwork: Elaine [Science plus Enigma’s], Condoleeza [Forces magie] en Risha’s [Lock Opening Touch], maken we een sleutel. We vliegen er naar toe en landen op de kantelen van het kasteel. Er is geen bewaking. Het bovenste deel van het kasteel is leeg. Op de begane grond treffen we een zwangere dame. We spreken haar aan: “Hoi.” “U heeft de verkeerde, ik ben al zwanger. Jullie moeten terug naar de kleine zuil, naar de spiegelzaal.”
Elaine doet een memory-download met [Mind en Time]. Deze dame is gisteren over de loopbrug gegaan. Ze is in een spiegellabyrinth gekomen. Daar stak iets een hand door een spiegel heen, wat ze heel eng vond. In het midden an het labyrinth is een bed. Ze gaat slapen want ze is moe. Een aardige vreemdeling komt bij haar liggen. En de volgende ochtend werd ze naar een luxe verblijf hier beneden het paleis geleid.
We gaan de brug over en komen in een klassiek spiegeldoolhof zoals we dat kennen van de kermis. Elke spiegel is een doorgang naar een zwarte bron ergens ter wereld. Elaine volgt de route uit het geheugen en we komen in het midden aan. Daar ligt een meisje te slapen. Een knappe Elsewhereling stapt uit een spiegel. Hij negeert ons. Onze aanwezigheid is waargenomen, maar niet belangrijk bevonden. Zo zien we een deel van de voortplantingscyclus van Igrot: een Elsewhereling bevrucht een vrouw van Tanais, daar komt een Gnumpathi-githyanki uit vort en die bevrucht een Igrot ei. Het is een verrijkingsprogramma voor het genetisch materiaal. De githyankivorm komt waarschijnlijk van de vorige vader-wereld. De volgende generatie is wellicht Rishavormig …
We moeten aan Mollenslijm vragen of die weet van welke wereld de githyanki kwamen en wat hun zwakheid is. Kennis van buiten Igrot kunnen we tegen hem gebruiken. Igrot heeft een doel: voortplanting. Maar we weten nog steeds niet genoeg van de ecologie van Igrot, we missen nog schakels. We denken dat magie, zwarte prut en incals de afvalproducten zijn, datgene wat Igrot niet kan gebruiken.
Claude laat een knoop achter om de spiegelzaal te kunnen blijven scry’en en dan gaan we terug naar de compound.

4xp

Scorpio Rising 20 – slot

Scorpio Rising 20 – Saturn in Scorpio

Wolfgang ziet het burgemeesterschap helemaal zitten: maar hoe aan te pakken. Er wordt wat gespeculeerd over propaganda, debatten en het overhalen van kiezers met goede argumentatie. Coyote, in Wolfgang’s hoofd, levert commentaar op het geheel: ga op zoek naar ‘filth’ en ‘sludge’, de ‘dirty secrets’, want het geheim dat je beheerst is meer waard dan een geheim op straat. Na terugkoppeling geeft Whipsaw wel mee dat er een keuze moet blijven, dus dat de manipulatie van de kandidaten voorzichtig moet gebeuren, na omzichtig onderzoek. Inderdaad. De doodsgraver ‘Bones’ weet te vertellen dat een ‘hoefijzer afdruk’ toch moeilijk weg te werken was bij de vrouw van Roy Jones. Maar zij was toch overleden aan indigestie? Als Rat’s inbreekt bij Roy Jones (spring en klauwwerk om het raam open te krijgen) vindt deze in een nachtkastje een geheim compartiment met het doodscertificaat: trampled by horse. Fishy. Hij mauwt in zijn slaap iets over ‘bad doggie’ en helaas gaat Rat’s ook op een plastic fallusvormig piepspeeltje staan voor een hond (maar hij heeft toch geen hond?). Hij kiepert Jones om en springt door het raam. Doc gaat zoeken in het huis van de oude burgemeester, na wat koetjes en kalfjes met de ex-vrouw Mary Oakley, mag hij de kamer doorzoeken. Het oude bureau is ontworpen om indruk te maken: geen geheime knopjes, Mary zelf mocht niet in de kamer komen en weet niet veel. Als Doc in de stoel zit van de burgemeester, kijkt hij links en rechts van de stoel: de boekenkast heeft wel dikke planken, deze kunnen wel open en hier zit inderdaad een schaduw boekhouding van Moses en Fairweather. Wolfgang wil graag dat de Ieren kunnen stemmen, maar daarvoor moeten ze geregistreerd staan en daarvoor is weer een burgemeester nodig en als die afwezig is kan de sheriff dit doen, mits gemandateerd. Als Wolfgang Belle Starr om raad en advies (dirty secrets) vraagt over de kandidaten weet ze te vertellen dat Roy wel eens in de kroeg zit, maar niet met de meisjes mee gaat. Ze grapt over dieren, maar voegt eraan toe dat er wel eens honden worden afgeleverd: maar dat kan ook zijn om de wapens te testen. De bankeigenaar Felix Fairweather komt wel eens bij de meisjes, maar dat is nooit ‘spectaculair’, er gebeurt niet veel, zelf vermoedt Belle Starr dat hij meer van jongetjes houdt. Starr kan ook helpen met de kiezers: ze zal het aan Vie La Pirelle vragen om de sheriff een mandaat te geven, maar dat zal Wolfgang een medium boon kosten want ze moet de politiek bedrijven met een gouverneur of senator, hij gaat akkoord. De dag later verschijnt Vie en geeft Wolfgang een decree waarin staat dat de sheriff tijdelijk waarnemend burgemeester is en ‘hij er zorg voor moet dragen dat iedereen zich kan registreren.’ De jonge sheriff vloekt binnensmonds: hij moet nu serieus werk gaan verzetten. Whipsaw zorgt dat de documenten in de handen komen van de justitie. Op de registratie dag organiseren Liz en Wolfgang een goede borrel zodat er ook wat te doen is rond de registratie. De overwinning van Wolfgang is dan ook een landslide. Als kersverse burgemeester gaat hij naar SF voor handelscontracten en ook dat lukt verder.

Na San Francisco is er een tijd van afwachten, trainen en het opnemen tegen de ‘nemesis’: de Souleater, want er wordt besloten dat het goed is om deze alvast uit te schakelen. Ze wekken, met de spullen van Doc, een trance op, en zitten in een geïmproviseerde zweethut gemaakt van de dekens waarop/in Shameful zat. Ze proberen zich af te stemmen op de bane. Ze krijgen contact, hij zit nog op dezelfde plek: bij Furnace Point, zodat ze hem ter plekke (waar Shameful geïnfecteerd werd) kunnen oproepen. Ze verbreken het contact, maar lopen de visioen uit, vooral Rat’s is benieuwd naar Coyote verhalen. Dus als er een horde roze konijntjes voorbij komt huppelen in het visioen (waar men al snel vrolijk op gaat jagen), besluit men de grootste te volgen. Deze wordt als snel een jackrabbit: soms dichtbij, soms ver weg. De jackrabbit begeleidt de party over de zandduinen, waar hoog in de lucht donderwolken samenpakken: er zijn bliksemflitsen, maar geen donder. In het weerlicht, als schaduwen in de wolken is het silhouet van Coyote te zien, die in conflict is met een slangenkop. Het is dus waar, zegt Liz. Daarna ziet men flarden van verhalen: een verhaal waarin de wereld ’s avonds donker is, behalve als de maan er is. De dieren vragen Luna om raad en ze zicht dat ze tekeningen in de lucht moeten maken met de glimmende kiezels van de beek. Coyote wordt niet gevraagd en de dieren gaan de tekeningen maken. Coyote is boos, verzameld ook kiezels, gaat naar de hoogste bergtop die hij kan vinden en struikelt daar. De kiezels uit de zak spatten alle kanten op: botsen tegen de andere kiezels, alle tekeningen gaan door elkaar. De dieren zijn boos, maar Luna zegt: is het nu niet veel mooier? Zo zijn de sterren ontstaan. Dit gaat over in een ochtend beeld van Coyote in een houten roeiboot op ene eindeloze zee. Dagen gaan voorbij terwijl Coyote zich verveelt. Dan is er een Eend. Coyote vraagt de eend om te kijken hoe diep het is en zand mee te nemen. De eens duikt en komt boven met zand van de bodem in zijn bek. Van dit zand maakt Coyote het land, waar hij zijn bootje aanlegt. Dan is het nog steeds saai en er zijn geen andere dieren buiten de eend. Dus hij maakt mensen van steen, daar is hij niet tevreden over, van hout, nee dat is het ook niet, van klei dat gaat goed. Uiteindelijk wordt zijn zoon geboren, en dit wordt (ook) Coyote, Coyote wordt nu Old Man Coyote genoemd. Langzaam vervagen de droombeelden.

Tijd om plannen te maken: in hun eerdere visioen / dream quest bij Oraibi ging Wolfgang dood: dus een goede voorbereiding is de sleutel. Er wordt gewerkt aan harnassen door Wolfgang en zijn discipelen, Whipsaw. Dankzij Rat’s wil Armadillo nog wel een zegening uitspreken over de harnassen. De reis naar Death Valley / Furnace Point verloopt voorspoedig, maar naarmate ze dichterbij komen begint de umbra meer de realiteit in te ‘bloeden’. De kleuren van de rotsen en het zand is hier paarsig, daar grijs, daar, vel oranje, er lijken meer schaduwen te zijn en hier en daar lijken de rotsen oud, gesmolten en vergruisd. De Gauntlet is extreem dun inmiddels en het gebeurt dan ook dat banes meer dan eens ‘per ongeluk’ door de gauntlet heen stappen. Maar omdat de banes geïsoleerd zijn en de Rabbit Chasers veel ervarener zijn de Scrags geen bedreiging meer: vakkundig worden ze naar een andere wereld geholpen. Whipsaw is het aas, want hij heeft het beste harnas en is het snelste. De Soul Eater verschijnt, maar hij is in zijn eind stadium: het Fleshy Collective, een weerzinwekkende grote gestalte van roze vlees met semi transparante plekken lichtgroen (de kleur van Balefire). Door deze plekken ziet men hersenen drijven. Het wezen zend de misère van zijn slachtoffers uit: zijn die hersenen werkelijk nog bij bewustzijn? Het leidt in ieder geval behoorlijk af in het gevecht. Eén van de stemmen van de hersenen wordt herkend: Tsunami Bob, de Silent Strider die inderdaad nooit meer is teruggekeerd. Een paar banes verzamelen zich op veilige afstand. De Souleater zend zijn vangarm uit naar Whipsaw, deze vangt het tentakel op zijn harnas onder luid gekraak. Doc doet een spreuk waarmee de bane rage en wilskracht verliest. Rat’s en Liz hakken op het monster in. Wolfgang slaat toe met zijn kersverse zilveren zwaard en hakt het mond tentakel af. Triomf! Maar nu tijdens het gevecht hebben zich steeds meer banes verzameld aan de periferie en nu moet er ook nog een weg door de banes worden gevochten, banefire elementals beginnen banefire te werpen. De kar van Doc moet even achtergelaten worden: maar ‘we komen toch terug’.

Daarna: rust en bevallen. Ze kiest ervoor om te bevallen in Oraibi, daar hebben ze ervaring met kinfolk. De party wordt onthaald in de Pueblo stad, Little Red Fox is er al: er staan mensen langs de route, andere bidden naar een kachina doll, die de Blue Star Kachina weergeeft. De Rabbit Chasers krijgen nu een betere plek om te logeren en alle spullen die ze nodig hebben, in de weken die volgen wordt verwacht dat ze een steentje bijdragen aan de community: jagen, repareren, dat soort dingen. De bevalling van Liz is zwaar: een dikke 24 uur na de eerste wee, bloed pijn, uitscheuren (in crinos gaan, genezen, waardoor het nog langer duurt) is het kind eindelijk ter wereld. Het lijkt de crinos te hebben opgepakt van de moeder, want het kind wordt in crinos geboren. Het kind, een jongen, lijkt een mengeling van de koperkleurige vacht van de prairiewolven doorschoten met het wit van de Silver Fangs. Ook fysiek wijkt hij iets af van de normale Silver Fang cub: hij lijkt iets atletischer / slanker gebouwd. Na de geboorte is de schrik van het ‘metis’ zin (crinos is de normale staat van de metis behalve bij de geboorte) er af: het kind veranderd terug naar baby-vorm. De Blue Kachina cultus neemt grotere vormen aan. Inmiddels zijn de indianen (Croatan, Wendigo, Uktena) zich aan het verzamelen bij Oraibi, ze nemen kennis van de geboorte en een moot wordt belegd. Er komen geschenken van diverse mensen (zowel garou – ook elders – als Oraibi). Het is even dwalen door de woningen van de pueblo, de wirwar van daken, straten, plateau’s en doorgangen die kleven tegen de wand van de berg. De Caern is in de berg en, hoewel de magiërs er komen, wordt de caern beheer door de garou. Vanaf het plafond van de caern hangen oude stalactieten, een klein beekje kronkelt door de ruimte. Het geheel baadt in een groenachtig, blauw licht. Alle werewolven worden gevraagd om hun voeten te ontbloten en kort te wassen in het beekje. Deze caern is een schone plek, er hangt sereniteit en rust. Theurgen zijn bezig met het plengen van water en er worden maiskoeken uitgedeeld: Rat’s beseft dat dit de openingsrite is. Het programma is duidelijk: het kindje van Liz en de aanval op Death Valley. Liz fluistert nog of ze haar kind mee had moeten nemen, Whipsaw zegt dat deze nog niet geïnitieerd is en dus geen toegang heeft tot de moot.

Hierna neemt Wachese het woord. Er wordt lang, uitgebreid, uitgeweid over de reis en het wedervaren tegen de diverse blauwbloezen en forten. Maar, omdat de meesten dezelfde ervaring hebben, is daarna het punt ook afgesloten. De Rabbit Chasers vertellen hun verhalen en deze ervaringen worden erkend. Het kind, daar zijn ze kort over: felicitaties en het kind moet zich bewijzen, ze blijven opletten. Liz besluit dat het nu wel een goed moment is om een naam te gaan kiezen en denkt hierover na (het wordt Angus). De Death Valley Caern: de Wendigo stellen voor om naar voren te marcheren, alles klop te geven en zo te winnen; Rabbit Chasers en de Uktena zien toch wat haken en ogen bij dit, verder, heldere plan. De Croatan vragen of het stukje tussen naar voren marcheren en alles klopt geven iets specifieker kan. Na een vurig betoog over strijdbijlen en ‘charging the enemy’ merkt Doc op dat zo veel garou doodgaan. De Wendigo wimpelen dit weg, the good death. Na wat heen en weer wordt besloten om een tang te doen. Maar, zo merkt Liluye (Uktena theurg) op, het is handig als de bane die jullie de poppenspeler noemen – de psychomachia – op hetzelfde moment wordt aangevallen en afgeleid, zo kan deze het minste kwaad. Dit is de rol voor de party. De Rabbit Chasers maken een extra plan. Rat’s vertelt dat psychomachia aangetrokken worden door angst en vertwijfeling. Als Rat’s zich laat ontglippen dat hij banes kan oproepen, willen de Uktena hier het fijne van weten. Het plan vormt zich: één van hen, Wolfgang offert zichzelf op omdat hij degene is met de meeste angst (haar, kleding, leven) en gaat de umbra in. De rest blijft uit de umbra en volgt hem, Rat’s kan de umbra in kijken. Maar als hij de umbra in gaat, zal hij bloot komen te staan aan de storm, en zo dicht bij de bron is deze levensgevaarlijk. Hier bedenken de theurgen iets op: een speciale tomahawk, een amulet die om de nek gehangen kan worden. Deze kan beschermen door de klap op te vangen van de storm, maar hij zal door corrosie vervallen: dus de tijd is beperkt. Het volgende probleem wat getackled moet worden is: hoe krijgen ze die bane de umbra uit, want zij kunnen niet in de umbra vechten? Er kan een spirituele harpoen gemaakt worden: Wolfgang gaat deze maken (zodat het afgeschoten kan worden door een geweer), samen met de theurgen. Na wat proeven is het gelukt: een kogel met een priemende punt uit de umbra getrokken kan worden door wilskracht.

De reis naar Furnace Point gaat voorspoedig, er zijn geen conflicten met indianen stammen simpelweg omdat men reist met de Indianen. Naarmate men verder komt, lekt de umbra weer door in de realiteit. De banes blijven op afstand vanwege de grote groep Garou. Bij Furnace Point is de kar van Doc gereduceerd tot een geblakerd karkas. De banes zijn in Death Valley en wachten af. De groepen Native Americans splitsen zich op, zoals afgesproken en dan beginnen de Wendigo als eerste aan hun mars naar voren, waarop de Croatan en de Uktena de tang laten dichtklappen: het gevecht is begonnen, scargs vallen aan, banefire elementals gooien met hun banefire (dat brandt en muteert), pattern spiders weven garou in webben. Wolfgang gaat de umbra in: de Tomahawk amulet beschermd, maar de paars/groene storm woedt hevig en rijt aan het amulet, de kleren, het haar. Langzaam lost de storm materie op, alleen spirits lijken er geen fysieke last van te hebben. Die vliegen rond en klauwen in het wilde weg, niet in staat om te blijven stilhangen. Wolfgang loopt naar het centrale punt, op zoek naar de Psychomachia en denkt gedachten van harano en desolatie. De rest van de rabbit chasers volgt hem in buiten de umbra, veranderen in Crinos en leveren strijd met Scrags en Banefire elementals. Schakel eerst de banefire elementals uit! Roepen Whipsaw en Rat’s tegelijk. Deze banes kunnen gelukkige niet veel hebben en zijn snel verslagen. De scrags zijn heftiger, maar de groep is nu veel ervarener dan eerst en Doc, Liz, Whipsaw en Rat’s ruimen deze vakkundig op. Wolfgang ploetert verder. De Tomahawk lost op, desintegreert en naarmate hij dichter bij het centrum komt, draait de storm sneller en laat de amulet sneller slijten. De tijd begint te nijpen. Hij hoort stemmen in zijn hoofd, die tasten zijn wilskracht aan: geef op, het heeft geen zin, het is onvermijdelijk. De Tomahawk is inmiddels gereduceerd tot het ringetje waarmee het aan het touwtje hing. De storm tast het vlees aan van Wolfgang, maakt wonden, vernietigt vlees: hij moet in crinos om te genezen. De storm tast het geweer aan, hij moet het moet zijn armen beschermen, dicht tegen zijn lichaam. Het lijkt mislukt, tevergeefs. Zo dicht bij het centrum en niets, denkt Wolfgang als de storm hem op zijn knieën dwingt. En dan verschijnt de psychomachia: groot, donker, vol scherpe punten en een grijnzende kop met lichtende ogen. Snel legt Wolfgang aan, de loop steekt uit en wordt onmiddellijk aangetast door de storm. Hij heeft één kogel en één kans. Hij schiet met wilskracht en focs en de kogel boort zich in een poot van het monster. Rat’s schreeuwt, grijp Wolfgang, trek de bane naar ons toe! Whipsaw duikt de umbra in en werpt zich op Wolfgang, om hem te beschermen tegen de storm: al snel is de rug van Whipsaw een gevilde bloedige massa. Liz, Rat’s en Doc concentreren zich op het spirituele koord tussen hen en de bane. Ze zijn furieus en leggen al hun wilskracht in de schaal en trekken het monster naar zich toe. De bane is sterk, maar zij zijn sterker: ze trekken hem door de ragdunne umbra heen. De psychomachia is snel en maait met zijn enorme zijsachtige uitsteksels. Rat’s, Doc en Liz krijgen een klap: zijn klappen zijn hard en het schild van armadillo (dat als een soort tweede pantser over het pantser lag) begeeft het: maar geen schade komt er door. De bane baalt maar de party is dan en haalt vernietigend uit Liz, Rat’s en Whipsaw slaan allemaal raak en claw-claw-bite (of claw, claive, bite) hun weg door het carapace van de bane. Doc doet de spreuk die de bane verzwakt (razernij neemt af en wilskracht ook). De bane heeft grote moeite om te raken en schade te doen, de garou zijn oppermachtig en maken het karwij af. Grijnzend heft de bane zijn stervende kop op enals Wolfgang er een kogel doorheen jaagt krijgen de Rabbit Chasers nog een beeld in hun hoofd: een van schaken, een koningin die zichzelf opoffert en geslagen wordt door een pion.

De garou hebben de nabens verslagen. Rat’s krijgt het door, de theurgen van de Uktena, Croatan en Wendigo ook: deze storm is de schuld van een bane. Een Stormbane, maar hij heeft zich gebonden met een baen van de weaver. Daarom zijn hier weaver spirits! De Uktena noemen hem Storm Eater. En hij komt eraan om door te breken. Hij is enorm, een frontale aanval zal leiden tot talloze doden, hij zal garou wegslaan alsof het vliegen zijn. Binden! We moeten hem binden! Roepen de theurgen. Rat’s sluit zich aan bij het overleg. Het idee is simpel: de caern is vervuild, daar krijgen we geen energie van, om deze bane te binden is veel spirituele energie nodig en er is niet veel tijd. Vrijwillige zelfopoffering, zegels in bloed tekenen, 13 zijn er nodig is de inschatting. Met deze draconische mededeling komt Rat’s terug bij de Chasers. Whipsaw ontvliegt: seks en masturbatie kan dat ook. Misschien, zegt Rat’s, maar dat is hier niet het paradigma en je zult veel meer garou aan het masturberen moeten hebben dan er nodig zijn voor een opoffering (seks kan per definitie niet): hoeveel sperma heb je nodig om die zegels te kunnen tekenen? Whipsaw zegt: zoek harano patiënten: die zijn er, maar liefst 9. Het kost niet veel moeite om hen over te halen. Doc en Wolfgang willen zich opofferen. Whipsaw eist dat theurgen zich ook opofferen, maar inmiddels is er al een wachtlijst. Veel garou willen een kans hebben om dit te stoppen. Wolfgang trekt zich discreet terug uit zijn vrijwillige opgave, Doc niet. In een cirkel rond de caern gaan ze zitten als de theurgen achter de helden gaat staan en rituele teksten opzeggen. De helden krijgen een zilveren claive om de afgrijselijke daad mee te doen. Het geschiede. De theurgen maken de zegels, zeggen de rites en blauwe, lichtende draden strekken zich uit de grond op, de umbra in. In de hoofden van de garou klinkt gebrul en woede: de bane in gevecht met de oude garou magie. Rat’s moet zich flink concentreren, het zweet staat hem op het voorhoofd…maar…het lukt! De gezamenlijke woede en haat tegen de banes zorgt ervoor dat de bane wordt gebonden aan deze caern, opgesloten achter laylines, zegels en rites. De storm klaart op, maar de umbra is eng dun. De Wendigo gaan Whippoorwill te lijf: deze laat zich eenvoudig wegjagen en voordat iemand iets heeft kunnen doen heeft Coyote zijn plek weer ingenomen.

Maar achter de Storm Eater schuilt een groter gevaar. Een van de koppen van de wyrm, een van de koppen die Roanoke heeft opgegeten. Het valt op zijn plek: de Souleater, de Storm Eater: allemaal aspecten van de Eater-of-Souls. De Eater-of-Souls komt met grote vaart door de deep umbra in de richting van de aarde. Het resoneert door de geesten wereld, de theurgen zien het, andere auspices voelen het. De nemesis van de Croatan komt om dat te eisen dat van hem is, hij komt om te verslinden en te vernietigen. Wachese zegt: dit is ons gevecht, we moeten hem verslaan, dit hoofd van de triumvirate wyrm afhakken. In concentrische cirkels gaan ze rond de caern zitten. De stilte daalt neer. Ze grijpen hun wapens en als ene man doen ze de howl voor de deceased. De theurgen mompelen verbijsterd de rites. Iedereen staat verslagen en met tranen in de ogen te kijken als de Croatan zich opofferen om een kans te hebben om deze kop van de wyrm te verslaan. De reinigende energie stoot van dit massale offer maakt de caern schoon, veegt de umbra schoon en al die zielen strijden in de deep umbra tegen de wyrm. Maar de Eater-of-Souls doet wat hij doet en verslindt, zielen, de essentie, zelfs het zijn van de Croatan dat in kinfolk opgesloten ligt. Maar hij eet teveel, het is te machtig. Hij lijkt aan zijn eigen vraatzucht ten onder te gaan en uitgeteld. In een stupor, ligt hij, een diepe slaap waar hij niet zo maar uitkomt in de diepe umbra. De Wendigo en Croatan helpen mee om de doden te begraven en verlaten dan zwijgend Death Valley. De Wendigo keren niet meer terug naar de ze plek. Wolfgang neemt de zilveren schrijfveer van de gevallen Croatan Galliard ter hand en gaat het verhaal van wat hier heeft plaatsgevonden opschrijven voor de toekomst. Dit mag nooit vergeten worden, zegt Whipsaw.

De uktena zeggen dat deze plek nu een gereinigde caern is, maar dat er nu ook een pack moet zijn om dit te beschermen. Een pack dat hier moet blijven. De Rabbit Chasers offeren zich hiervoor op. Wolfgang gaat zijn ambtstermijn heen en weer reizen. Maar dankzij zijn contacten en de invloed van Liz kunnen ze veel middelen en geld naar de caern halen. Al redelijk snel wordt het een natuurgebied. De Wendigo zijn woedend op de wyrmbringers (behalve op de verschoppelingen, de Bone Gnawers: het offer van Doc heeft daarvoor gezorgd). De uktena blijven lang weg van de Death Valley Caern, maar komen uiteindelijk – door nieuwsgierigheid en hun gezamelijke verelden – weer langs. Langzaam maar zeker vormt zich weer een commune rond Furnace Point. De wyrm was een slag, zegt Rat’s, deze caern is machtig, de uktena bedonderd (en ook dat is een soort slang), de Indianen in de nabijheid waren van ratelslang en deze zijn verdreven of verslagen. Coyote heeft in zijn strijd tegen Rattlesnake gewonnen, maar hij voorzag niet de plots-achter-de-plots. Ook hij was een speelbal. Liz merkt op dat hij dit voorzien heeft, hij zei ‘we hebben een fout gemaakt.’ Wisaketjak (Whiskey Jack) bedoelde iedereen, andere geesten en zichzelf. Maar op dit moment kan men alleen maar vooruit kijken, te meer omdat terugkijken zoveel pijn doet. Bij deze caern groeit Angus op. Het verhaal is opgenomen in de silver record, de renown van de Rabbit Chasers, en van Doc is enorm gestegen. Maar de prijs was hoog en het begon allemaal met één beïnvloedde garou.

Scorpio Rising 19

Scorpio Rising 19 – New Moon

Er worden zaken afgehandeld in Turquoise. Wolfgang is druk bezig met de burgemeester verkiezingen. Whipsaw zit – ondanks het idee om deputy te worden – toch op hete kolen om te reizen en dingen te zien, iets waar Doc niet op tegen is. Liz heeft nog dingen af te handelen in San Francisco. Rat’s rommelt wat met de mijn en vraagt zich af of ze de Paiute natie niet moeten helpen, dat is relatief dicht bij de caern van Death Valley? Na wat over en weer (de twee Get gaan vechten en dat zou betekenen dat de Rabbit Chasers in combat tegenover de Get komen te staan…en eerdere overeenkomsten worden dan opgeheven). Tijdens dit gespeculeer is er ineens commotie in de hoofdstraat. ‘Indianen!’ Het blijkt Little Red Fox te zijn die verveeld naar de menigte kijkt die geweren en revolvers op hem richten. Liz komt tussen beide: stop! Wij kennen deze Indiaan! Jones, de gunstore eigenaar, roept: laat de roodhuid weggaan anders pompen we hem vol lood! (wat op wat ‘yeahs’ kan rekenen)

De party neemt hem mee naar de plek waar men eerder spirits heeft opgeroepen, dicht bij de mijn. LRF is vooruit gereisd om door te geven dat de expeditie is vertraagd: Wachese geeft door dat men pas in het voorjaar (eind maart) bij de Death Valley kan zijn. Dit omdat er oponthoud is: er moeten legerkampen en forten geplunderd worden, want er zijn schermutselingen met het leger. Iets wat de party kan beamen, na het getuige zijn van de plunderingen van soldaten op een indianen kamp. Is dit niet gevaarlijk? vraagt men in koor. De bane kwam toch. Ik ben geen theurg, zegt LRF, maar de theurgen zeggen dat Scorpio pas opkomt in waar-hij-dan-ook-in-opkomt rond begin april. Als dan de tijd is dat de bane er is, heeft het minder zin om er te zitten want hij is er nog niet. Maar de banes die er dan zitten? Vraagt Liz. LRF zegt, tja, dat is dan wel een dingetje. Daar kunnen we natuurlijk altijd op jagen. En jullie souleater mag je alvast afmaken. Liz merkt op dat dit misschien ook wel zijn goede kanten heeft, want in maart is ze al bevallen en het geeft meer tijd om nog dingen te doen.
Men praat en drinkt wat als er muziek klinkt vanuit de mijn. Een banjo en Iers gezang, de ierse arbeiders vinden het geweldig, de native opzichters weten niet goed wat ze er mee aan moeten. Tijdens een uithaal in een lied, verwerkt hij een howl of introduction. Rat’s loopt, menselijk, op hem af: Nog een liedje en dan weer aan de arbeid. Vanavond in de saloon is er tijd voor meer. Is dat een uitnodiging? Vraagt Ronan de bard. Ja, beaamd Rat’s. Als de arbeiders afdruipen wordt er kennisgemaakt. Ronan, een Fianna Galliard, blijkt op de verhalen te zijn afgekomen van de ierse arbeiders die hier zitten. Hij is een stuk meegereisd met een ander garou…maar zij zit nog vast in het dorp, het is een Child of Gaia. De party voelt nattigheid en gaat kijken, LRF neemt afscheid en gaat naar de Hopi.

In het dorp staat, weer, de hoofdstraat vol. Nu kijkt met naar de naakte vrouw die op een paard zit. Dit moet de vrouw zijn waar de bard het over had. Er is een fikse discussie over gekleed zijn, behoorlijkheid, schaamte bedekken maar niemand geeft haar iets om zich te bedekken. De vrouw ziet ook wel mooi uit, ze is wit (niet rood, verbrand, of wat dan ook, maar echt wit) en blond. Ze betoogt dat het haar recht is om te lopen hoe ze wil, dat niemand haar iets op hoort te leggen, en hoewel in de Bijbel staat dat Adam en Eva de schaamte bedekken, kun je er dus ook voor kiezen om dat niet te doen. Als de party haar mee neemt blijkt dat zij Thieving Magpie heet, Child of Gaia ragabash, een lupus (ze verandert terug naar wolf vorm)…het een en ander valt op zijn plek. In haar zadeltassen heeft zij geweren, Beecher’s bijbels, zij is van de Underground railroad. Ze kwam af op de verhalen van de witte slavernij en ze kwam kijken naar het werk van Whipsaw. Ze krijgt een rondleiding in de mijn, ze is blij dat het goed gaat.

Die avond is het gezellig in de saloon, al wordt Thieving Magpie aangeraden om kleren aan te doen. Rat’s wil graag contact leggen met Badger, aangezien hij en Coyote geschiedenis hebben. Op de plek waar hij eerder Turtoise en Coyote heeft opgeroepen, voert hij weer een ritueel uit. Das verschijnt en blijkt een down-to-earth type te zijn. Are you fighting the right fight, or are you fighting out of pure stubbornness? Think about it. Aldus opent hij. Rat’s vraagt info over Coyote. Stop je te verstoppen in de schaduwen, sta in de zon. Wat Coyote heeft gedaan, zou een spirit niet moeten kunnen doen. Misschien is hij daarom zo machtig. Waarom is zijn vrouw dood? Coyote is in staat om gedeeltes van zichzelf af te splitsen. Is zijn vrouw dood? Of is het een stuk van hemzelf? Rattlesnake is momenteel de machtigste spirit die je kunt hebben, een spirit van leven en herboren worden. Maar Rattlesnake heeft de vrouw van Coyote gedood, of een aspect van Coyote. Coyote is geen grappenmaker. Tricks are for friends, pranks are for enemies. Pranks kill. Coyote gaat wraak nemen, als hem dat lukt dan verslaat hij Rattlesnake en wordt hij de machtigste spirit hier. Hij zit niet achter de banes, maar hij zal ze wel gebruiken. Je bent betrokken in een spirit oorlog waar je de vijand nog nooit van gesproken hebt. Rat’s vraagt of hij Rattlesnake moet oproepen. Gek hoe jij mijn woorden uitlegt, zegt Badger, je past bij Coyote. Maar goed, Vecht je het goede gevecht of vecht je uit koppigheid? Dan verdwijnt hij.

Er wordt besloten om na de aanstaande burgemeester verkiezing te vertrekken. [Red: Wolfgang moet dit nog uitspelen] Men gaat naar SF te gaan, misschien kan Wolfgang nog wat extra verdragen sluiten met de handelaren en geldmagnaten aldaar? Dat zou zijn positie als burgemeester zeker vergroten [mocht hij de burgemeester zijn]. Whipsaw gaat de Paiute nation waarschuwen (Ze hebben een slang als totempaal) en dan vertrekken ze. De rit is lang en een gedeelte van de reis trekt een coyote naast de party mee. Ze trekken door de bergen langs de zilver en goud mijnen Californië in. Het is onveilig in de bergen, met alle goudzoekers, lokale ruige saloons en alles wat daar op af komt. Er zijn highway men en bandieten: maar met loden kogels begint men weinig tegen de garou.

Het regent in SF, het is een zompige modderpoel. Er zijn veel mensen en er is armoede. Er lopen veel chinezen rond. Liz en Whipsaw houden zich bezig met de upperclass. Rat’s en Doc met de straat en de kroegen. De bar eigenaren zijn machtig. Eentje valt in het bijzonder op: Matron Moriana een gespierde vrouw (type Xena warrior princess) die een aantal bordelen heeft. Het blijkt dat ze Black Fury is, rijk, machtig en lesbisch. Ze wil wel helpen met het opzetten van een kroeg (al laat men achterwege dat er ook een vampier bij gemoeid is). Ze stelt als naam: The Irish voor, daar komen dan in ieder geval de Ieren op af.

Ook wordt contact gelegd met een railroad prospecter, Whipsaw wil graag de raad van Mr. Raven opvolgen en een pakket service gaan opzetten via de train: dus een standaard train wagon die heen en weer rijdt over het traject. De man in zijn blauw pak, met monocle, kale, snor en bakkenbaarden heet Manly Likewise en is Iron Rider. Hij houdt van pokeren. Whipsaw komt tot een afspraak met hem.

Tanais 109

We hebben met zijn allen besloten terug te gaan naar onze plaats van Macht, Bronwë. We stappen in de Magic Bus en reizen door de kleurdimensies naar de hangars van Claude in het priesterdomein onze hoofdstad; denken we. We komen bedrogen uit en komen terecht in een grijs stukje techwereld met kapotte wolkenkrabbers bewoond door hongerige menshoge kakkerlakken. Het is een bubbel techwereld in Tanais. Bronwë zal dus in een bubbel in de techwereld zitten. De shift zal na onze veldslag in de Burrows plaats hebben gevonden. Het duurt niet lang voor we in dit mistroostige oord door 6 kakkerlakken worden aangevallen. Tegen vier solars zijn deze creaturen echter niet bestand en vier worden door rondvliegende messen gefileerd; twee komen met de schrik vrij. Ze zijn nog niet weg of een helikopter vliegt boven ons: “Sta stil, wie zijn jullie?” Het lijkt MRA 27, maar het is slechts eentje uit de MRA 27 serie. MRA 27 was minder uniek dan we dachten, op zijn exaltatie na dan. in de helikopter blijken acht overlevende bionics te zitten, de mensen zijn dood. Alles wat hier rest zijn kakkerlakken…… Claude stelt voor de acht met de magic bus in veiligheid te brengen en terug te brengen naar Joe Klef in de tech wereld; dit zijn immers de crème de la crème van de bionics aangezien ze zo lang wisten te overleven. De rest van de party valt bijna flauw van zo veel goedheid … is Claude wel goed bij zijn hoofd??? Hoofdschuddend gaan ze akkoord. De acht worden teruggebracht. Joe klef is verbaasd: waar zijn jullie die twee en half jaar geweest??
(Dammit weer tijd verloren!!!!!!!!$^&^$&&@&^*&@&$@)
We gaan de zalf verbeteren, die Chappie is toch een beetje een prutser. Maar met zo veel geniën bij elkaar lukt het om een beter recept te maken.

Met deze nieuwe zalf gaan we terug naar Archet. De plek in Tanais waar het allemaal begon. Alleen ligt dit nu aan een groot stuwmeer, veroorzaakt door de bubbel. De bubbel om Bronwë en Soul heeft de loop der rivieren verstoord. De Hoogzetel ligt nu in een meer … We laten de bus achter en gaan Archet binnen. Gwan ziet allemaal oude bekenden en we komen twee bedelende boeddhistische nonnen tegen die Gwan zeggen te kennen. Gwan daarentegen heeft geen idee wie dit zijn. Claude helpt hem uit de brand: “Dit is jouw vrouw”.
Gwan bied zijn nederige verontschuldigingen aan. Zijn vrouw dacht dat we dood waren gegaan in de veldslag en is daarom maar non geworden. Daar komt Gwan goed mee weg, hij is weer vrijgezel. We vragen naar éénoog. Die is weg. Eerst was er grote boei van zijn aanhang, maar na een tijdje veranderde al zijn volgers in zwart slijm. En de demonen? Die zitten in Euboia, nu een machtig rijk. Soul is gereduceerd tot een rustige achtertuin van Vixen en Selene. De wyld is weg. De magie is heftig geworden en is verslavend. De mensen in Valdheim maken er een groot succes van (het nieuwe Melecarte). Het hoofdklooster in Shearton zegt dingen over dimensie reizen, dat is wel interessant voor later. De brahmanen zijn met Bronwë verdwenen en het volksgeloof is nu sterk. De nonnen beseffen niet dat voor hun vier hoofdbrahmanen staan. Gwan biedt zijn pottenbakkerswerkplaats aan de nonnen om als klooster om te dopen. Zij nemen het aanbod graag aan. Tijd voor bier en naar de kroeg dus. Daar besluiten we naar de toren van de siderials te gaan. Daar aangekomen kloppen we aan. De meid doet open en zegt dat Vrouwe Chantal de nieuwe eigenaar is; ze is afwezig en in de lunar stad New Salish. Mogen we naar binnen? Nee. Maar tja 1 meid tegen 4 solars is niet genoeg. We gaan naar binnen. Chantal blijkt een nieuwe vriend te hebben (Arme Risha!!). Wat is dat toch met die vrouwen, ben je even weg … Claude denkt ‘gelukkig is daguerre een hoer en ben ik er niet mee getrouwd’; en Chang straalt alleen maar rust uit. We doorzoeken de toren en vinden een glazen bol waarmee je contact kan maken met siderials. Erg handig en Chantal weet hier niks van. Na deze vermoeiende zoektocht besluiten we de dure wijn van Chantal op te drinken en lekker onze roes uit te slapen. Heerlijk om solar te zijn.

De volgende dag vliegen we langs de Hoogzetel (Risha is zijn eigen zaken aan het regelen bij de magiërs). Aan de rand van het massief bij het water staan huisjes. De bergen en de zetel zitten echter onder het zwarte slijm. Het lijkt organisch te zijn en het zonium is eruit. Het lijkt vergane spirit. Als je genoeg zonium verliest, zo blijkt, dan ga je dood. De Hoogzetel straalt prime uit. Claude roept met Forces een vortex op om het zwarte slijm op te zuigen en weg te gooien. Terwijl een straal zwart slijm door de lucht wordt geslingerd komt onze necromancier aangevlogen. Erg boos schreeuwt hij: “Houd daar in godesnaam mee op, oelewapper!!!!”
Claude laat de vortex in tegengestelde richting werken en stort het slijm terug. Het slijm blijkt veel waard te zijn, het versterkt magie. Euboia is in oorlog met Sesclo en is aan de winnende hand. In Euboia zitten de zonen van Chantal. Gwan scried Euboia. Er drijft zwart slib in het water van de rivieren van Euboia; Er is ook kleurloos slijm, het voorstadium van het zwarte slijm. De demonen zijn abyssal achtig (m.a.w. the realy bad aliens).

De Hoogzetel is interessant. Met de zombie Imhoteb is alles goed volgens de necromancier. We besluiten dat het beter is als we Imhoteb nog niet naar Chappie brengen, die is nu in de veronderstelling dat hij unbreathing is; ipv undead 😉

4 xp

Tanais 108

Tanais 108 – 07-07-2016

We zitten nog op het steampunk eilandje in het niets. De e-warriors komen hier aan op de top en vertrekken daar ook weer, maar sommigen ‘vertieren’ zich in het stadje.
Na een BOEM zien we drie figuren in high-tech armor door de stad lopen. We spreken hen aan. Ze vervelen zich en zijn op zoek naar bier. We zeggen dat de mensen hier thee drinken. “Geen bier? Dan gaan we maar weer naar boven. Van welke bende zijn jullie?” “De Bandito’s” “Komen jullie mee?” We gaan met ze mee. Op 50 meter onder de top voelen we het dreunen. Daar treffen we twee deuren aan weerszijde van de straat. De e-warriors komen uit de ene, en het is de bedoeling dat ze doorlopen en de andere binnengaan. Daar hangt een bierlucht. Er zit een kroeg. De knallen komen niet overeen met mensen die van de ene kant naar de andere gaan. Voordat we naar binnen gaan, willen we eens kijken bij de top. Die is niet via de straten te bereiken. Risha vliegt en de anderen klimmen over de daken van de huizen.
Voorbij de huizen is een rotsachtig bos. De top van de berg is een dichtgevallen krater vol zand en rotsen. Ieder kwartier is er een knal. Dan trillen het zand en de kiezels, maar ze blijven in de krater. Met [Correspondence] leert Condoleeza dat er op 100 meter diepte een lege ruimte is, daarboven is massieve rots, maar van een ander gesteente dan de bergwand. De energie van de knallen wordt naar boven afgeleid zodat het stadje geen last heeft van de effecten van de explosies. Heeft dit iets met Chappie te maken?
[Color] magic leert dat de constructie van vier flinterdunne leegtes die we bij de Hardware Legacy hebben gevonden, vacuüms, doorgangen zijn van Chappie’s mini-dimensie naar deze plek. De twee realm’s zitten als het ware aan elkaar ‘vastgeschroefd’ via de Prime Material. De knallen zouden een soort van wrijving kunnen zijn tussen de twee realms. Voorbij dit realm is het Niets, en er komt een mist op. Verder onderzoek levert op dat de lege ruimte het gevolg is van de knallen. Er zit geen machinerie of zo. En de knallen zelf zijn het residu van hevige [Color] effecten.

Dan gaan we naar de e-warrior kroeg. We nemen onze solar-gedaantes aan en gaan stoer en elkaar op de schouders kloppend naar binnen. Het inetrieur doet aan een fantasy setting denken. De bediening bestaat uit een soort vossenmensen. Het publiek bestaat uit de bekende gepantserde hooligans van GTA. Een vossenmens begeleidt ons beleefd naar de bar. Voor ons drinkt iemand een glas bier, maar het stroomt aan de onderkant weer uit hem. Hij vloekt en haalt uit. De beweging gaat door de barman heen. De luid protesterende man wordt naar een ruimte achterinde bar gebracht, waar stro ligt en gedruis klinkt. Risha neemt een slok van zijn bier en dat blijft wel binnen. De barman trekt een wenkbrauw op. Als we kijken wat er in de hoek met het stro gebeurt, zien we dat daar de e-warriors met elkaar op de vuist gaan. Met Spirit Detecting Glance zien we dat het spoken zijn, zonium-wezens met daaromheen een harnas. Maar ze hebben het zelf niet door. Ze zijn van dezelfde essence als wij, maar dan een factor tweehonderd a driehonderd zwakker. Eigenlijk een soort sandmen.
Als ze beseffe dat het hier ook saai is, worden ze door de vossenmensen weer verder geleid, die net als NPC’s in een spel, niet door de e-warriors aangetast kunnen worden. We spreken zo’n vossenmens aan: “Waar zijn wij hier?”
“De wereld. Wij leven hier goed.”
“Maar er gaan hier toch mensen in en uit?”
“Ja. Dat is Chappie. We werken hier al lang. laat ik het zo zeggen, vecht nooit met de draak!”
“En die gasten?”
“Ze komen binnen van de overkant van de straat, van de andere wereld. Heel af en toe is er eentje gek geworden teruggerend. Roepend over de draak en weer terug naar de andere wereld. maar dat is niet echt de bedoeling.”
Op dat moment komen er weer twee harnassen binnen. Ze kijken onwennig. Ze bestellen bier. Er gebeurt hetzelfde als bij de man voor ons. Frustratie. Ze worden verder geleid.
De vos heeft de stellige indruk dat die draak Chappie zelf is. “Ons doel is,” zegt hij, “af en toe zo’n gast een duister klusje voor ons op laten knappen. Chappie’s doel? Dit is een doorgang, een noodzakelijke tussenstop op weg van A naar B.”
Met [Correspondence] zien we dat voorbij de knok-zaal een gang is met een heleboel kleine kamertjes en een doorgang verder. Er zit [Life] in de eenpersoonskamertjes. Risha gaat er naar toe en de rest volgt. De cellen hebben geen deuren, maar smalle doorgeefluikjes voor voedsel. Een vossenman die staat te vegen zegt: “Er ziten monsters in die worden losgelaten in het doolhof. Als je pech hebt kom je ze tegen en haal je de uitgang niet.”
Hij laat ze zien. Het is een heel D&D bestiarium. “Aan de andere kant hebben ze portcullissen die uitkomen in het labyrinth. De monsters worden door Chappy vanaf andere eilanden aangevoerd. Volgens ons eindigt het labyrinth bij de draak. Maar de schoonmaak van het labyrinth is geautomatiseerd.”
Volgens de veegvos lopen er op dit moment wel wat monsters rond.
“Wat kost het om te voorkomen dat jullie aan Chappie vertellen dat wij hier rondlopen?”
“Snuisterijtjes, magische dingetjes die we aan de bevolking kunnen verkopen.”
Risha verandert in Helena en maakt met [Prime en Matter] een magisch zwaard. We mogen van de verbaasde vos doorlopen. Met [Correspondence en Life] komen we door het doolhof zonder monsters tegen te komen. We passeren wel een versufte GTA-man, die opstaat nadat hij doodgegaan is. “Beholder! Waar is’ie? Ik wil hem weer slaan!”
Bij de uitgang van het labyrinth is een Portaal te zien met ernaast een Autochthon/steampunk koffie machine. Hij heeft één rode knop en een grote beker. Het portaal is dicht. Risha plaatst de beker en drukt op de knop. Pruttel. Maar er komt niets. In plaats daarvan zien we een hologram. Een siderial die uitgeperst wordt boven een beker. Drup, drup, drup. Een minieme hoeveelheid Color verschijnt in de beker. Een beloning voor de overlevers om aan te sterken. Jum. En dan gaat de poort open.
Daar voorbij is het donker en de gang gaat de bocht om. Als we naar binnen gaan, gaat de deur achter ons weer dicht. We lopen inde richting van het epicentrum van de knallen. Met [Forces en Mindlink] zorgt Elaine dat we in het donker kunnen zien. Twee oranje drakenogen gaan aan. We zien een opengesperde muil.
“Welkom helden. Treed binnen.”
Het zijn dezelfde drakenogen als in het visioen. Metalig. We lopen de muil binnen. In de keel voelen we een nieuwe aanwezigheid in onze [Mindlink] : Smaug/Chappie, die op dit moment voornamelijk nieuwsgierig is. “Welkom…”
“Dag Chappie.”
Het blijft stil, maar we voelen dat we doorgelicht worden. Een gevoel van verassing. Er gaan deuren open naar een rre feestzaal met raven en vossenvrouwen. GTA-strijders die genieten van het Valhalla. Een robot-Chappy ontvangt ons vriendelijk.
“Ik heb me vergist in jullie. Wat fijn dat jullie mij op deze vergissing wijzen. Jullie zijn bevriend met Imhotep. Ik wil graag herenigd worden met Imhotep. Ons gezamenlijke doel is Igrot te verslaan. Als ik met Imhotep herenigd word, dan winnen we allemaal. Ik was mij van jullie bewust vanaf dat jullie in Autochthon aankwamen. Jullie zien mij als de slechterik. Maar tijden veranderen. Ik wil een heleboel met jullie. Laten we informatie uitwisselen. Laten wij deze ‘helden’ even verlaten.”
Chappie-robot doet een [Plane-shift]. We staan bij een enorm steampunk apparaat. Een GTA-type neemt plaats als menselijke kanonskogel. BOEM. De wapenrusting valt op de grond.
“Hij is nu afgeschoten naar Tanais. Mijn plan was om alle supernaturals daar op te ruimen Maar daar komen ze niet aan. Wil je kijken naar waar ze aankomen?”
Chappie toont ons een telescoop die gericht is op Tanais. Hij geeft [Spirit]-vision, dus materie is niet in focus. Claude kijkt en met 9 successen ziet hij ongeveer 100 van die figuren in een heet steppelandschap. De e-warriors materialiseren langzaam naar een fysieke vorm. Er komt een gazelle voorbij in extreem slow-motion. De e-warriors bewegen met onze snelheid. We zien MRA27 er ook rondlopen.
We beloven dat we onze best zullen doen om Imhotep met Chappie te herenigen. We mogen de plannen van dit kanon bestuderen. Voor zichzelf heeft Chappie een 1-op-1 zalf ontwikkeld om de tijd hier en daar gelijk te trekken.
Risha vraagt of de e-warriors nog omgeprogrammeerd kunnen worden zodat ze wel abyssals vangen, maar geen solars, lunars en siderials. “Het oude plan is nu veranderd,” zegt Chappie. “Jullie zijn niet 100% goed. Maar zolang jullie met mij zijn, zijn jullie geen probleem. Hier is een pot met 1-op-1 zalf. Het is genoeg voor één bezoek. Ik zou zeggen, kom nu binnen in de feestende hal der helden.”
Het blijkt dat Chappie een ondode Imhotep ziet als ‘in staat van unbreathing’.
Risha stelt nog voor om een VR-wargame te maken van de oorlog op Tanais, zodat we in Aarde-tempo allerhande strategieën kunnen laten uitproberen.
Na een paar dagen studeren op de plannen is Chappie trots op ons (veel successen). We kunnen naar Tanais.
4 xp