(Klik er op om de strip te vergroten.)
Auteursarchief: ellahir
De katbus
Nekobasu, de Catbus-song, uit Miyazaki’s My neighbor Totoro
Geluk (de kat van Philippe)
GV 3 – De kraken ontwaakt
Vrijdagochtend. Het waait nog hard, maar het stormt niet meer. De drie demonen uit het Huys Amsterdam blijven nog even napraten. Negentien papt gezellig aan met Aia, Emine praat met Suzette en Suriboy met Mio. De laatste twee hebben een duidelijk doel. Hun chef wil weten waar we hier in Leiden eigenlijk mee bezig zijn (en die chef is niet Lux Eterna, maar Kali). Mio vertelt van de rare dingen die in Leiden gebeuren en dat wij willen weten hoe we daar beter van kunnen worden. Die uitleg pikt Suriboy. Suzette komt er door slim vragen en nadenken achter dat Lux teveel tijd in het andere Amsterdam doorbrengt en dat Kali nu bezig is om een overname voor te bereiden. Wanneer ze weg gaan blijft Negentien nog achter om met Simon te knutselen.
Philippe heeft een map en een laptop vol foto’s voor ons. Op de Noordzee heeft de verzamelde vloot van de NATO last gehad van een kraken. Hij laat foto’s zien van een fregat met een enorme tentakel ernaast. Een paar dagen eerder was er iets dat twee maal zo groot was als een walvis op de sonar verschenen. Daarom was de Noordzee afgezet en de vloot uitgevaren. Nu verschenen er plotseling honderd meter lange tentakels. Twee fregatten waren naar de kelder getrokken! Er waren maar een paar drenkelingen gered. Op de sonarbeelden was het totale monster zo groot als de hele vloot. En van het ene moment op het andere was het weer verdwenen. Er zit daar in de Noordzee vast een gigantisch portaal naar een andere wereld. Is dat waar de tovenaars van ElderG mee bezig waren? Het zit heel diep in de doofpot. De NATO is bezig een bemanning samen te stellen voor een duikboot. Maar het lukt Philippe niet om daar plek op te reserveren voor ons. We maken plannen om zelf een scheepje te charteren en met scuba uitrustingen de poort te gaan zoeken.
Dan gaan we weer terug naar de Leonardo kerk. Die is nu zo goed betoverd, dat Aia er gewoon langs loopt. Mio en Suzette hebben wel door dat hij er staat, maar er is werkelijk helemaal niets bijzonders aan te merken. Binnen is het een bouwput. Simon en Isabel hebben ruzie. Zij wil bovenin een danshal en hij wil onderin een geheim hoofdkwartier. Dus geven ze de werkers steeds tegenstrijdige opdrachten. Negentien maakt zich voor beide kanten ‘nuttig’. Suzette neemt hem apart om op subtiele wijze via hem Lux te waarschuwen. Hij snapt het niet helemaal, het is toch juist leuk dat we onze machtsbasis weer terughebben waar we als goden vereerd worden? Maar hij zal eens met Belle gaan praten.
Mio gaat bij zijn gelovige meneer langs. De gexc3xafmproviseerde kerk zindert van de geloofsenergie. Het doet nog net geen pijn, maar hij beseft dat als hij dit niet goed aanpakt, hij zometeen zelf de kerk van zijn eigen vazal niet meer in kan omdat die man te oprecht in god gelooft. Mio legt daarom uit dat engelen de middelaars zijn tussen de mens en het hogere en dat er geen wonderen meer gebeuren omdat mensen nu naar heiligen en zo bidden. Hij is heel overtuigend. Ze spreken af dat Mio zich aan de gelovigen zal openbaren wanneer die meneer zegt dat die er rijp voor zijn. De macht begint hem blijkbaar al een beetje naar het hoofd te stijgen. Maar dat vindt een demon niet erg. Mio’s commentaar: "Er moeten bloemen komen in de kerk, ik ben tenslotte de engel die ze bedacht heeft." Daar laat hij het bij. Aia speelt op dat moment wat met haar eigen nieuwe volgeling Jason. Het is een afgestompte libertijn en de demon vervult voor hem een onuitgesproken wens. Hij krijgt terug wat hij was verloren: het vermogen om de dingen weer te voelen zoals ze de eerste keer aanvoelden. Wie zou daar niet zijn ziel voor verkopen? Ook Suzette bemoeit zich weer eens met haar vazallen. De ene droomt van een filmcarrixc3xa8re en de andere zoekt politieke macht, maar dan vanuit de coulissen. Suzette helpt ze daar graag mee.
Daarna gaan Suzette en Aia samen een geheim hoofdkwartier regelen. Aia maakt Suzette wat ouder en samen gaan ze naar het Golden Tulip hotel. Suzette doet alsof ze een zakenvrouw is die in Nederland gedetacheerd is. ‘Voor de duur van haar verblijf’ huurt ze een hotelsuite voor haar drie kinderen. De platina card van pa doet wonderen. De kinderen hebben nu een eigen plek om bijeen te komen, te slapen en rare dingen te doen zonder dat iemand vragen stelt. Mio en Suzette gaan thuis eten en Aia bij Philippe in hotel Nieuw Minerva. Philippe heeft nog geen manier gevonden om de Noordzee op te komen. Eindelijk kunnen ze weer eens vroeg naar bed.
Op zaterdagochtend voelen ze tijdens het ontbijt een aardschok. Mio heeft er een heel slecht gevoel bij en hij belt snel de anderen. De schokken blijken beperkt te zijn tot Leiden. De TV noemt ze niet eens, maar heeft het alleen over de engel die boven de Sint Pieter in Rome is verschenen. De journaalbeelden zijn vaag, maar Philippe heeft beschikking over veel beter opnamen. De engel is een kwartier zichtbaar geweest. Het was een streng kijkende jongen van 7 of 8 jaar oud met zwart haar, adelaarsvleugels en volledig zwarte ogen. We herkennen het als een engel van het eerste huis: de boodschappers van god. Het Vaticaan ontkent in eerste instantie alles, maar even later komen ze met een officieel bericht dat Gabriel verschenen is en oproept tot terugkeer naar de moederkerk.
Wij hebben weer een aardschok gevoeld. Simon maakt snel een paar sensoren waarmee we de door stad reizen. De schokken zijn heel onregelmatig. Uiteindelijk – het is heel moeilijk en Simon moet op een gegeven moment betere sensoren maken – weten we het epicentrum te lokaliseren op zo’n 12 meter onder molen De Put. In de tussentijd maken we nog even kennis met het personeel van het Golden Tulip hotel. Dan zijn die maar vast aan ons gewend. Als Simon weet waar we moeten zijn, gaan we er op af. Er zitten scheuren in het fundament van de molen. Binnenin is weinig te merken en er is geen put te zien. De molen is pas 20 jaar oud. Maar diep onder de molen is iets wat de aarde verschrikkelijk doet beven. Mio voelt een portaal naar een andere wereld. Hij voelt iets ontzettend naars, iets ontzettend groots, diep onder zich. Iets enorms probeert de oude poort onderin de gedempte put open te beuken. Mio en Suzette rennen naar de Arsenaalpoort waar hun wapens liggen: Mio’s katana van Musashi en de magische scepter van Suzette. Onderweg krijgen ze een telefoontje: "Opschieten! Het is er! Tentakels in het water! Rijn en Galgewater zijn een kolkende massa, de molen lazert om!"
Als we terug zijn zien we enorme tentakels waar eerst de molen stond. Philippe’s mannen schieten er op. De centrale tentakel is enorm. Maar de wateren zitten vol met kleinere tentakels als alen en een kleine figuur zwemt er snel voor uit, de stad in. Mio slaat zijn vleugels uit en vliegt er achteraan. Als hij ziet dat de tentakels proberen de Burcht neer te halen, landt hij en begint te hakken. Aia probeert de Morspoort te redden, die wordt ook aangevallen. Suzette helpt Philippe’s manschappen en Aia versterkt de pijnsenatie van het dier. De luchtmacht komt eraan met straaljagers. Ze gaan de Put bombarderen. Mio wordt snel teruggeroepen, want hij is de enige die de doorgang kan sluiten waar de tentakels uit komen. Als het engeltje aan komt vliegen ziet hij drie raketten inslaan waar ooit de molen stond. Het is raak, want alle tentakels in het water van de stad vallen opeens leven
loos neer. Vanuit de lucht ziet hij diep onderin de modderige krater een wateroppervlak. Snelheid is belangrijk, de drassige bodem zal het niet lang volhouden. De engel is de 20e eeuw is vergeten, hij is weer de onversaagde strijder uit de oorlog tegen god. Zelfs het jongetje Mio heeft zijn angst overwonnen. Hij geniet van de adrenaline en de intense emoties van de strijd. Het monster is blijkbaar niet dood, want er komt nu alweer een tentakel omhoog. Hij voelt dat de waterspiegel de poort is en duikvlucht laat hij zich naar beneden storten met zijn zwaard in de aanslag. Hij vouwt zijn vleugels op het laatste moment uit zodat hij net boven het water tot stilstand komt en met een wilsinspanning sluit hij de poort. De tentakel steekt er nog doorheen en hij krijgt harde klappen. Met zijn zwaard hakt hij het ding door en dan maakt hij maakt een zegel om de put heen, dat alleen door hemzelf verbroken kan worden. Die is dicht! Maar hij heeft geen gelegenheid om op zijn lauweren te rusten want de spartelende tentakel heeft de weke grond verzwakt en de put is aan het instorten. Hij fladdert omhoog maar hij haalt het net niet. Aia trekt hem uit de modder. Het monster is uitgeschakeld, maar de Morspoort is kapot.
Nog is er geen rust. De mannen van Philippe hebben via de politieradio doorgekregen dat er nog steeds zwaar gevochten wordt bij de Zijlpoort. Iedereen springt in de Hummer van de commando’s. Onderweg geneest Mio zichzelf en hij kan twee van de vier gewonde commando’s genezen en eentje stabiliseren. De vierde overleeft het niet. Een dolle rit door chaotisch Leiden. We horen salvo’s schoten, rijden onder de brandende Zijlpoort door, en komen op de brug tot stilstand. Twee bollen water hangen in de lucht aan weerszijden van de ophaalbrug. Aan de overzijde heeft de politie zich verschanst. Ze vuren continu op de twee bollen. Er zitten een soort zeemeermin en -man in, maar dan met vissenkoppen. Die schieten bliksemflitsen op de politie. Suzette geeft de vlammen van de brandende poort opdracht om minder hard te branden en Aia laat het stortregenen om te blussen. Zodra ze onze krachten gewaar worden, beginnen de figuren ook op onze wagen te bliksemen. Suzette tracht de wezens te commanderen, maar dat lijkt geen effect te hebben. Mio brengt de brug tot leven en laat de ijzeren hefbalk tegen de vrouwelijke figuur slaan. Dat lijkt haar wel iets te verwonden. Ze roept een vloed op en die tegen de auto aanbeukt. Aia verandert in waterdamp en diffundeert de waterbol van de mannelijke figuur in. Door een beroep te doen op haar getormenteerde demonische krachten, verandert ze in een sterk zuur en ze begint het creatuur te verwonden. Deze heeft daar geen verweer tegen en na een tijdje gaat hij buiten westen. Dan valt de waterbol uiteen en ze belanden in het water. Aia, nu een bloot meisje van tien, trekt de figuur aan de kant.
Dan spreekt de meermin. Het is een onaards geluid, dat de kinderen alleen als taal herkennen en kunnen verstaan omdat ze engelen zijn. "Staakt het vuren!" roept Suzette. De politie en de commando’s stoppen met schieten.
"De poort staat nog" zegt het wezen, "en die moet om. Alleen dan krijgen wij hun geboorterecht terug."
"Welk geboorterecht? Wie zijn jullie dan?"
"De oceanen, die zijn van ons. De profetie zegt dat wij ze terugkrijgen als alle poorten gesloopt zijn, dat is gewoon het noodlot. Als de nieuwe goden met hun speeltjes verdwijnen, komen de oude goden weer terug."
In de loop van het gesprek ontdekken we dat zij de voorgangers zijn van de engelen van de diepte, oude goden van de vorige schepping. Geen spirituele wezens, maar onsterfelijke wezens van vlees en bloed. De kraken is hun poezelige huisdiertje. Het is een stand off. Ze is bereid om terug te gaan naar haar dimensie en weg te blijven zolang een van ons driexc3xabn op aarde is. Ze kan niet voor de ander spreken en geeft geen garanties. Maar dat accepteren we niet. Mio hakt het hoofd van de bewusteloze elder god af. De andere begint elektrische energie op te roepen voor een gigantische ontlading. Aia dringt weer in dampvorm haar waterbol binnen. Ze weet dat het zuur te langzaam zal werken om de meermin op tijd uit te schakelen, dus ze materialiseert weer als meisje met haar handen om de nek van het wezen. En ze begint de vissenvrouw te wurgen. Mio slaat zijn vleugels uit. In een duikvlucht steekt hij zijn zwaard in haar zij, zodat hij zijn vriendinnetje niet raakt. De meermin sterft aan de gecombineerde aanvallen. Maar daarbij ontlaadt alle energie in een gigantische bolbliksem. Aia zit daar midden in, bewusteloos valt ze naar beneden, ze is stervende. Mio wordt ook geraakt, maar hij overleeft het ternauwernood. Snel duikt een van de commando’s achter Aia en Mio aan en trekt ze aan land. Inmiddels komt de politie over de brug aangesneld. Philippe’s mannen laten pasjes zien en dan mogen ze de gewonde engelen meenemen naar hun ziekenboeg. Onderweg gaat Mio weer genezen. Aia’s verwondingen zijn zo zwaar dat dit vandaag maar een klein beetje lukt. Op de Zijlpoort na zijn nu alle stadspoorten en de burcht kapot. Suzette belt haar vader om een " Redt de Zijlpoort " actie te starten, zodat de ruine niet gesloopt wordt. Want dan komt de profetie alsnog uit. " In de ziekenboeg gaat iedereen uitgeput slapen.
Dit is niet meer in de doofpot te stoppen. Duizenden mensen hebben de tentakels gezien. Tientallen politiemensen hebben engelen en zeemeerminnen met elkaar zien vechten. De veren die Mio in de strijd is verloren, worden voor onderzoek meegenomen naar het politiebureau en enkele agenten drukken er een paar achterover als trofee.
Het is maar een spelletje
Soms zit het mee, soms gaat het echt helemaal mis. Ik speel het White Wolf spel Mage in een campaign, waar ik hier normaal geen verslag van doe. Maar vanavond was redelijk bizar. Mijn Japanse ninja Kaneda, hij is net 16, blijkt door de goden benoemd te zijn tot kroonprins en de orakels noemen hem de generaal die de Jama Koningen (de vorsten van de hel) moet gaan verslaan. En hij is meteen door de priesters uitgehuwelijkt aan de prinses van de Kitsune, de weer- vossen. Ze is heel erg mooi, dat wel, en heel lief ook. Even schuchter als Kaneda.
En dan kom je in een dorp vol vampieren je oud-oom tegen. Die herkent mij, herinnert zich zijn menselijkheid en vraagt of ik hem de laatste dood wil geven. Ja, natuurlijk ben ik bereid om dit voor u te doen, eerwaarde oom. En ik hak, met pijn in mijn hart, zijn hoofd af. Hij glimlacht. Deze vampier is in vrede gestorven maar hoe gaan we de andere duizend redden?
Niet in de Top 2000
Hier is een nummer van de Rolling Stones dat niet in de Top 2000 staat. Het staat ook op geen enkele LP of CD. Er is wel een singeltje van uitgekomen en dat is mij ooit voor f 25,- aangeboden, maar toen had ik helaas geen geld bij me 😦 De VPRO zendt het eens in de 10 jaar uit.
Ask a silly question
Abstruse Goose legt het uit in "Ask a silly question" (klik op de strip om hem te vergroten):
In memoriam Eartha Kitt
Gisteren is Eartha Kitt overleden. Ze werd door Orson Welles beschouwd als ‘de spannendste vrouw ter wereld’. Ze werd beroemd als Catwoman in de ’60-er jaren Batman serie. En ze had vele hits als zangeres, waaronder een aantal samen met Bronski Beat. Eartha Kitt is 81 jaar geworden.
Hier is Cha Cha Heels, uit 1989:
En Catwoman’s Dressed to Kill uit 1967
Scheikunde
GV 3 – een nieuw hoofdkwartier
Het is donderdag 2 december 2012. Een komeet nadert de aarde. Het stormt ontzettend: er is kustbewaking, rukwinden tot windkracht 12 en zo. Mio gaat een eindje fietsen. Hij ziet de leegstaande kerk aan de Haagweg en denkt dat dat wel eens een leuk hoofdkwartier zou kunnen zijn. Hij zet zijn fiets tegen het gebouw en loopt er omheen. Een zijdeur klappert. Mio gaat naar binnen, de donkere kerk in. Glasscherven en steengruis knerpen onder zijn legerkistjes. Hij voelt een bovennatuurlijke aanwezigheid. Geen demon, iets anders, iets krachtigs in de nok van de kerk. Als hij zijn vleugels probeert uit te slaan, merkt hij dat hij banger is dan hij had gedacht: zijn angst heeft zelfs gewonnen van zijn hogere zelf. Zijn duivelse natuur neemt het over en hij ontwikkelt een paar benige, gescheurde leren demonenvleugels in plaats van de mooie uilenvleugels die hij in zijn engelengedaante normaliter heeft.
"Ik woon hier, ga weg! Twee is teveel!" sist een stem. Wat hier leeft, is razendsnel afgedaald. Mio voelt dat er wat aankomt en hij bukt. Een balk suist over zijn hoofd heen. En hij hoort het geflapper van een leren regenjas. "Wie ben jij?" vraagt Mio met alle agressie van zijn getormenteerde aard, "Ik ben Bilifor, fell knight of hell."
"Ik ben Troy, een Knight uit New York. Zijn hier ook al demonen … Ik heb dit al eerder meegemaakt, het begint met de fell knights en dan komen de lords of hell. Wil je koffie?"
Dit is zo incongruent, dat Mio kalmeert. Onder de koffie vertelt Troy, een grote zwarte vampier uit de Bronx, over hoe hij gebeten is gedurende de gangwars tussen de Knights en de Bloods. En dat demonen New York nu hebben overgenomen, de meeste vampieren zijn gedood, hij is ontkomen. En hij heeft geen zin in een nieuwe strijd. Als Mio de kerk wil hebben, dan gaat hij wel weg. Nou, dat is een aardig aanbod en Mio biedt hem zelfs de bescherming aan van het Huys Amsterdam. Zijn bovennatuurlijke zintuigen vertellen hem dat Troy dood is, zijn bloed continu wordt afgebroken en dat zijn lichaam desondanks actief blijft. Een ziekte is het niet, hij weet niet wat je hier mee aanmoet (Mio heeft nog nooit een vampier gezien en zijn Lore gaat nog niet ver genoeg om dit te genezen). Troy charmeert Mio. Dan probeert hij het gebouw te animeren zodat het zichzelf repareert. De gaten in het dak trekken dicht, maar hij voelt dat het kerkgebouw geen vriendjes wil zijn met een gevallen engel. Hij belt Isabel om raad te vragen. Isabel stelt voor om de kerk in te wijden met een feestje. Ze zal een en ander organiseren. Daarna belt hij Suzette.
Ab, als Aia in zijn meisjesgedaante, ontbijt met Philippe in het hotel. Philippe is van mening dat de wereld er een stuk beter uit zou zien als niet allerhande bovennatuurlijke wezens steeds in zouden grijpen. De agent blijft een dagje binnen, want het is kloteweer. Maar Aia gaat er op uit. Ze gaat naar Isabel voor advies en voorlichting. Hoe ga je om met je seksualiteit? Je verandert toch in een demon als je daar aan toegeeft? Nee, zegt Isabel, dat gebeurt juist als je er niet af en toe aan toe geeft. Maar het probleem is wel dat je op een gegeven moment niets nieuws meer voelt. Ze vergelijkt het met drugs. En dan is het tijd voor een nieuw lijf. Of je begint een sekte die gelooft in jouw eeuwige jeugd. Dat heeft ze zelf ook een paar eeuwen gehad, maar die gelovigen begonnen dermate bizarre eisen aan ‘hun godin’ te stellen, dat ze er maar weer mee gestopt was. En het ongesteld worden, dat kun je voorkomen door eens in de maand een puntje Faith te gebruiken.
Suzette SMS’t intussen met haar vriendinnen. "Het schijnt dat je vader je van school heeft gehaald, klopt dat?" Vreemd verhaal … ze belt haar pa. "Ja, dat leek me wel handig," legt hij uit, "We doen gewoon alsof je op een dure prive school zit, dan heb jij je handen vrij. En nu we het daar toch over hebben, heb je nu even je handen vrij?" Pa heeft een klusje voor zijn dochter. Er is een bouwproject en het zou hem niet slecht uitkomen als dat enige vertraging oploopt. Met dit weer kan er allicht wat omvallen en een brandje ontstaan … Suzette krijgt een platina creditcard in ruil, en als ze er behoefte aan heeft mag ze een beroep doen op de Joegoslaven van haar vader, als ze hun maar niet alles vertelt. Ze gaat naar de bouwplaats en daar krijgt ze het telefoontje van Mio. Ze nodigt hem uit om mee te doen en hij fietst snel naar de winderige bouwplaats. Ze stichten samen een brandje door een olietank lek te maken en een bouwlamp op de olie te laten vallen. Mio is een beetje onhandig, hij opent per ongeluk een klein portaaltje naar Fantasia, zodat de vlammen daar ook naartoe overslaan. Met ‘control flame’ gaan de bouwkeet en de hijskraan in de fik.
Daarna gaan ze eens kijken hoe het er voorstaat met de voorbereidingen van het feest. Mio heeft nog een wens, hij wil graag een crypte met een onderwaterdoorgang naar de Rijn, Simon zal kijken wat hij kan doen. Isabel en Ab hebben een heleboel studenten en kunstenaars uitgenodigd en een heel studentenhuis is met kratten bier op weg naar de kerk. De zaal wordt volgezet met kaarsen. Er arriveert een DJ met een goede verzameling gothic muziek, twee draaitafels en de nodige boxen. Het feest komt al snel op gang, er wordt gedanst en gedronken.
Isabel had nog een vriendje met een lange leren jas meegenomen, ze noemt hem een kadootje voor de troy. De nieuwe jongen heet Ulver en hij blijkt een weerwolf te zijn. De vampier en de weerwolf staan op het punt om elkaar aan te vallen en dan grijpt Suzette in. Met de Voice of Heaven spreekt ze de twee toe. Meteen vergeten ze hun animositeit en samen keren ze zich tegen de gemeenschappelijke vijand: de duivel zelf! Isabel’s grapje lijkt verkeerd af te lopen. Gelukkig kan ze het nog sussen door Ulver af te leiden en Aia ontfermt zich over de vampier. De studenten denken dat het allemaal een show was en er wordt geapplaudiseert.
Als het feest al aardig op gang is, komt Simon langs met zijn technici. Hij heeft een idee om een het gebouw aan te kleden met op Giger gexc3xafnspireerde ornamenten. De ramen worden dichtgemaakt met houten luiken en hij plaatst een ijzeren kruis waar tentakels uit groeien op het podium. De gekraakte kerk wordt betoverd, zodat het van buitenaf niet kan worden gezien wanneer er bovennatuurlijke dingen gebeuren. Er worden vuurschalen geplaatst, een bar ingericht en zelfs een indoor barbecue.
Naarmate het later wordt, wordt het publiek eigenaardiger. Isabel heeft zwaar ingezet om dit feest onvergetelijk te maken, al haar vrienden zijn uitgenodigd en er komt zelfs een delegatie Lords en Overlords van het Huys Amsterdam. Buiten is het aan het stormen en onweren. Het feest wordt steeds heftiger. Spirituele energie bouwt zich op, het lijkt naar een climax toe te werken. Op het hoogtepunt slaat de bliksem in de kerk. Er is een implosie. In een klap is alles donker, de muziek valt uit, de monstrans licht op.
Het feest is over. Simon sluit de electra weer aan, er wordt zachte muziek opgezet. Er wordt nog wat gechilled en nagepraat. De Lords hebben de betoveringen op de kerk versterkt en Ab mag een vazal van Isabel overnemen in ruil voor het adres van Lilith.
