Tanais – 87

De vlucht naar de Mongrel Preppers duurt maar een half uur. Dan gaat het luik open. De andere reizigers gaan als eersten naar buiten. Het vliegtuig staat op een grasveld en daar zijn mensen die hen opwachten, maar wij kennen hier natuurlijk niemand. Er loopt een paadje het bos in en we besluiten daar maar heen te gaan. Als we een eindje tussen de oude knoestige bomen hebben gelopen, ziet Elaine mannen met baarden in de bomen. Ze hebben blaaspijpen. Elaine wordt geraakt. Ze probeert het gif er uit te zuigen terwijl Condoleezza een krachtveld probeert op te werpen. Dat laatste lukt niet. Gwen probeert het mos op de takken te laten muteren zodat het slijmerig wordt en de mannen er van af glijden. Dat lukt ook niet. Helena verschanst zich en trekt haar pistool. De mannen eisen dat we ons overgeven.
Als ze horen dat we researchers zijn, worden ze iets toeschietelijker. Zij zijn met acht, wij met vier. We vertellen waarom we uit de White Collars gezet zijn. “Gaan jullie die Dimensional Science voortzetten?” “Nee, dat denken we niet.” Helena vertelt dat ze kan genezen, Gwenn kan berichten op afstand doorgeven. “Als jullie bereid zijn om een nieuw leven te beginnen en opnieuw geboren te worden, zijn jullie welkom. Herboren in het licht van de enig ware heer. Kom maar mee dames, de bossen zijn gevaarlijk. Ze zitten vol enge mensen en enge dieren.”
We krijgen lunch en dan nemen ze ons mee via het pad. We slaan een zijpaadje in, en na anderhalf uur lopen komen we uit het bos. Voor ons liggen weilanden met in het midden een longhouse. “Hier woont Frank. Kom maar mee.” Ze zwaaien naar de mannen die op het veld werken en we gaan de boerderij binnen. Frank zit op een comfortabele sofa. Hij begroet ons hartelijk: “Welkom, we kunnen vers bloed goed gebruiken.” Frank’s vrouw, Grietje, staat achter hem. Ze kijkt ons venijnig aan. Wat Frank aan ons aanstond, staat haar juist tegen. “Kom maar mee, lichtekooien!”
Onze moderne kleding staat haar niet aan. We krijgen afgedragen, vormloze kleren. “Gaan jullie maar aardappels schillen.” Helena wil ‘unbreathing’ aanzetten, de White Collar techniek om met monotoon werk om te gaan, maar dat werkt niet. Gedurende de dag probeert ze zich Risha’s Sorcery te herinneren. Maar Risha’s herinneringen zijn te ver weg weggezakt. Er komen nog meer vrouwen om te koken. Er worden lange tafels gedekt. Tegen de schemering komen de mannen van het land. Wij moeten helpen opdienen. Vrouwen ‘kennen hier hun plaats’ en eten pas na de mannen. De meeste vrouwen doen wel hun best om het ons naar de zin te maken. Een van de meisjes praat ons bij: “Morgen beginnen we met het gebed, dan moeten de koeien gemolken worden, de tuin gewied, kleding versteld. Enzovoorts. Wij zijn de Vrije Mensen. Technologie werkt hier niet. De Heer heeft ons deze magische plek gegeven. Alleen de geestelijken kunnen magie. Frank is onze voorganger. Boven hem staat nog de religieuze Orde, maar die zijn niet hier. Het verhaal gaat dat hier heel lang jaren geleden een ramp gebeurd is waardoor er geen technologie mogelijk is in een gebied met een straal van dertig kilometer. Precies in het centrum staat een klooster, maar dat is van een andere Orde.”
We gaan vroeg slapen. De bedden zijn niet best. ’s Nachts trekt een kerel Helena van haar bed. Zij is de mooiste vrouw en Frank wil haar. Eerst wil ze tegenstribbelen, maar dan komen de herinneringen aan Risha’s bezoek aan de goblins. Frank is blij verrast. “Dit zou wel eens het begin van een goede vriendschap kunnen zijn.”
Heel vroeg in de ochtend worden we gewekt. Frank trekt zijn priestergewaad aan. De bierhal is inmiddels omgebouwd tot kerk. Vooraan staat Frank achter een altaar met een dik boek, de mannen zitten voor, de vrouwen staan achter. Frank begint een verhaal over “nieuwe ongeboren kinderen in ons midden”. We worden een voor een naar voren geroepen: Helena, Gwenn, Condoleezza, Elaine. Helena wordt door een man bij haar nekvel gepakt en best wel lang ondergedompeld in een bad, terwijl Frank er gebeden boven prevelt. Ze ziet een witte lichtflits en voelt de kracht van een intense goedheid. Dan is ze in de gemeenschap opgenomen en wordt ze weer naar haar plaats gevoerd. Bij Gwen gebeurt hetzelfde. Maar Condoleezza beheerst de Forces Sphere. Als zij het licht ziet, ontploft de tobbe. “We hebben een ware gelovige! Halleluja!” En als hetzelfde gebeurt bij Elaine, is het huis helemaal te klein. Wat een verrassing! De zaal is in rep en roer. “De Allerhoogste heeft ons twee bijzondere mensen gestuurd! De Orde van Paulus is verrijkt met twee nieuwe notabelen!” zegt Frank. Ze krijgen nieuwe kleren, van zachte witte zijde.
De andere twee worden aan het werk gezet. Helena ontdekt een talent voor koeien melken, maar is als wetenschapper meer geïnteresseerd in de vele rare mutaties van het melkvee. Sommige koeien hebben zes of acht poten, enkele zijn oudere variaties die nuttig zijn, andere lijken niet levensvatbaar. Elaine weet zich te herinneren dat er outcasts zijn gaan wonen op plekken waar achtduizend jaar geleden de kerncentrales zijn ontploft. Deze gemeenschap zal hier al die tijd als outcasts hebben geleefd. De radioactiviteit verhindert de werking van leuke gadgets en magitech. Consensus technologie, zoals een windmolen of een vuurwapen, zal waarschijnlijk wel werken. Maar ze hebben het helemaal afgezworen. Gwen vraagt naar de geschiedenis. Er wordt verteld over een grote ruzie tussen de twee kloosters, gewapende conflicten tussen de boeren en de bosbewoners, soms wordt iemand het dorp uitgegooid. De twee ‘nieuwe talenten’ krijgen onderricht van Frank in ceremoniële magie. Elaine en Condoleezza kunnen nu de symbolen van de Orde van Paulus gebruiken.
De volgende nacht is Helena weer bij Frank en de oudste knecht krijgt Gwen. Elaine en Condoleezza zijn de volgende dag fris en uitgeslapen, maar Gwen is diep ongelukkig en Helena ziet het ook niet zitten om de rest van haar leven een bijvrouw van Frank te zijn. We moeten hier weg! Grietje heeft inmiddels een enorme hekel aan Helena. Bij de mis mogen Elaine en Condoleezza assisteren, maar Elaine breekt per ongeluk de gewijde kelk.
In de loop van de dag probeert Helena zich weer de magie van Risha te herinneren. Er is nog geen echt contact tussen de twee zelven. Ze vraagt zich af of de incal een rol kan spelen, maar die is wel heel gevaarlijk want hij zuigt kleur op. Er is in ieder geval zonium nodig om de twee helften te linken.
Elaine en Condoleezza worden verder onderricht. Ze komen er achter dat de Orde van Paulus gebaseerd is op een vorm van christendom. Zij zijn gespecialiseerd in Forces magie. We leven nu in de 100e eeuw. De andere Orde is ook christelijk van oorsprong, maar is gespecialiseerd in Prime en Entropy. Na de les komen ze bij de andere twee en we praten bij. Er is buiten het technocratische paradigma te werken, maar er is een soort van initiatie nodig om ons magisch potentieel te wekken. Misschien kunnen Helena en Gwen het bij de andere Orde proberen.

De tijd verstrijkt. Gwen en Helena worden steeds ongelukkiger. Elaine en Condoleezza worden steeds beter in de magie van de Orde. Na tien dagen hebben ze alles geleerd wat Frank hun kan leren, en ze kunnen alle Spheres die ze beheersen nu zowel via het technocratische paradigma als via de Paulinische symboliek activeren. “Het is tijd voor een bezoek aan het klooster van de Paulus Orde,” zegt Frank, “jullie zijn mij voorbij gestreefd”. De twee weten hem over te halen en hij geeft Helena en Gwen mee ‘als persoonlijke knechtjes’.
Onderweg bespreken we de opties: Helena en Gwen kunnen het bos in vluchten, of naar het centrale klooster van de andere Orde gaan. We kiezen voor de laatste optie. Precies in het midden staat het andere klooster en vijfhonderd meter dichterbij staat het Paulinische klooster, waar ze ons verwachten. Als we er bijna zijn, zet Helena een sprint in naar het andere klooster. Buiten adem bonst ze op de poort.

[De rest van het verhaal is jammer genoeg in de volgende sessie door de verteller teruggedraaid.]

[De rest van het verhaal is in de volgende sessie door de verteller teruggedraaid.]

Gwen rent achter Helena aan. Het klooster is een groot, imposant gebouw. De deur gaat open en een sereen kijkende vrouw ontvangt de twee vluchtelingen. Op de vraag wie we zijn en wat we willen, antwoordt Helena dat we ex-White Collars zijn die asiel willen aanvragen. We worden naar de gastenverblijven geleid. De nonnen zijn een stuk vriendelijker en hartelijker dan de boeren. Na een uurtje komt er een jonge zuster aan. “Bij hoge uitzondering is besloten dat de Sybille zelf over jullie lot zal beslissen.”
We worden geblinddoekt door lange gangen gevoerd. Als de blinddoeken worden afgenomen zitten we op houten banken in een koepelvormige ruimte met neon-kleurige dampen die uit een gat in de grond komen. Op een kruis-constructie boven het gat zit een stokoude vrouw onverstaanbaar te brabbelen. De kleuren en de orakelpraat ontwaken iets in Helena. [Ze kent de Prime Sphere.] In een flits van inzicht realiseert ze zich dat de Orde van Paulus het helemaal fout heeft. De Orde van de zusters Maria Magdalena heeft er een nieuwe ingewijde bij.

3 xp

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s