Tanais – 68

12-vi-R2 11.00 uur
Claude vertelt dat hij het kleine meisje dat hij uit het Eenoog-dorpje gered had, heeft afgegeven bij de Brahmanen, voor het geval dat ze nog een grauw-taint heeft. Risha gebruikt de tweede wens van het orichalcum tablet om Chantal ook toegang te geven tot de Witte Stad. Te paard gaan we naar Groath. Tegen het einde van de avond zijn we in Soul. We betrekken herberg Het Dansend Paard.
13-vi-R2
’s morgens vroeg vertrekken we naar Ashscroft, waar we ’s avonds aankomen. Op de paardenmarkt wisselen Chang, Claude en Gwan van paarden. Risha blijft bij zijn magische groene paard.
Op de 14e
’s Avonds komen we aan in Groath. Het werk is net afgelopen en de kroegen gaan open. Groath wordt al echt een stadje, in plaats van het vissersdorp wat het eerst was. De weg er naartoe is mooi bestraat met kinderhoofdjes. (Claude’s fantasie slaat op hol bij dat woord.)
Op de 15e
Chang stelt voor om de Nautilus-onderwaterfietsen uit te proberen voordat we op expeditie gaan. In het ijskoude water van de zee komen we er achter dat ze van zeer verschillende kwaliteit zijn Claude heeft de beste, Gwan’s exemplaar schiet nogal tekort. (Strength+Ride voor snelheid, Dexterity+Ride voor wendbaarheid).
We oefenen ook met de drietanden die Claude heeft gemaakt. Die waren veel te lang, maar nadat hij er een meter af heeft gezaagd kunnen we ze als een soort lans gebruiken. Aan het einde van de dag voelen we ons er genoeg vertrouwd mee om de tocht naar de Witte Stad aan te durven vangen.
16-vi-R2
We vertrekken met twee galjoenen, tien matrozen en tien soldaten. We varen langs de resten van het ontplofte eiland. Rond twaalf uur zijn we bij de plek waar we moeten zijn. We controleren de apparaten nog eens en maken ons klaar om naar beneden te gaan. Er komen twee airhags aanvliegen. Ze cirkelen om onze schepen en gaan weer weg. Vast om versterkingen te gaan halen… We besluiten te wachten tot ze terugkomen.
Om ongeveer 5 uur ’s middags, in de avondschemering, komen er zes aanvliegen. Claude staat op wacht, maar hij heeft het pas op het laatste moment door. Hij slaat alarm, maar vier van de hags snaaien een bemanningslid mee. Eentje probeert Claude te pakken en eentje Risha, maar dat mislukt. Gwan schiet op een hag die een matroos meevoert. Raak, maar ze vliegt verder. Risha schiet op dezelfde, met hetzelfde resultaat. De twee die Claude en Risha gemist hebben, proberen het weer en missen weer. Risha schiet en mist. Claude schiet er één uit de lucht. De snelste is ontkomen met een matroos. De twee die gemist hebben slaan op de vlucht. Risha schiet er nog eentje dood, Claude ook. Er is intussen een hoop bloed in het water, dat zal de zeehags aantrekken! Drie bemanningsleden zijn gered, maar een is er verloren. We houden een rouwdienst voor hem.
17-vi-R2
We gaan met onze nautili de zee in. Op een meter of honderd diepte ziet Claude een cirkel van seahags om ons heen. Hij wijst ons om opzij te gaan, maar de hags houden de kring om ons heen, ondanks de nautili zijn ze sneller dan wij. Als we dieper komen, vallen er negen aan. Ze blijven buiten bereik van onze drietanden en vangen een krijsend gezang aan. Onze oren tuiten (Valor, minstens 3 successen nodig). Gwan krijgt caissonziekte door de drukverschillen van het gezang. Risha weet er eenje aan zijn drietand te rijgen. Die vlucht zwaar gewond weg. De gewonde wordt opgegeten en diens plek in de negen wordt meteen door een andere ingenomen. Chang geneest Gwan, Claude schakelt er intussen nog eentje uit. De hags beginnen weer te chanten en ditmaal worden we allemaal getroffen. Gwan gaat hard achteruit. We gaan naar boven (Stamina+Resistance difficulty 8). Gwan, Claude en Risha herstellen vlot, maar Chang heeft extra aandacht nodig. Als hij weer bijkomt, kan hij zichzelf verder genezen.
We realiseren ons dat we afstandswapens nodig hebben. Claude besteedt de dag aan het ontwikkelen van een pneumatische dieptebom die een heleboel harpoenen in alle richtingen afvuurt. Negen successen op Craft, het is een indrukwekkend ding! Voor Risha maakt hij een harpoengeweer, maar dat is minder goed gelukt.
18-vi-R2
We gooien een dode kip in het water om de hags te lokken. Dan volgt de bom. Die doet zijn werk uitstekend. De hags vreten de gewonden op en wij kunnen ongehinderd door de slachtpartij heen naar beneden afdalen. In de diepte schitteren marmeren tabletten, en we zien een koepel. De stenen liggen rondom de koepel. Risha voelt dezelfde tinteling als onder de draaikolk, maar ditmaal resoneert het op een goede manier, het voelt als thuis! Op tweehonderd meter diepte, dertig meter boven de koepel, zien we de ruïne van een marmeren stad, de koepel is “binnen groter dan buiten”.
We gaan langs de koepel omlaag. Gwan vindt geen openingen. De tabletten liggen half in het zand. Risha raakt de koepel aan, zijn hand gaat er gemakkelijk doorheen. In een opwelling stapt hij er door. De anderen zien hem niet meer. Claude stelt nog even voor om hem maar in zijn sop gaar te laten koen, maar ze gaan er toch achteraan. Elkaars hand vasthoudend stappen ze erdoor. Hoewel je je de voorganger niet meer ziet, voel je zijn hand nog wel.
Risha komt in een ruimte met lucht. De binnenkant van de koepel is begroeid met algen. Hij verrast kikker-zeehond-achtige wezens, die verschrikt reageren. Hij steekt zijn open hand op en zegt “Ik kom in vrede!” Dan komen Claude en de anderen. De wezens roepen: “Help! Aliens!” en vluchten weg, “Voor je het weet wordt je meegenomen voor experimenten!”.
Vijftig meter verderop zien we nog een koepel. De wezens bewonen een radioactieve ring van 50 meter breed. In de buitenring zijn veel algen en gebouwtjes van gestapelde marmeren platen. Risha veegt de algen van een plaat. De bewoners reageren verschrikt als hij over het slijm wrijft. Er breekt een vliesje open en daar komt een embryo uit. Daaronder vindt hij een tekst van 500 jaar geleden over elf-achtige wezens die megalieten bewonen. Vanwege de paniekerige reactie van de bewoners laten we de stenen verder maar met rust, en gaan we naar de volgende koepel. We stappen er samen doorheen.
We zijn even gedesoriënteerd. Er gaan allemaal alarms af. We staan in een kamer met vijftien andere mensen in 21e eeuwse pakken. Het lijkt alsof wij ook deel uitmaken van die groep. Iedereen draagt formele kleding. Chantal is er ook. Gwan en Chantal houden elkaar angstig vast, als een verliefd stel dat steun zoekt bij elkaar. Claude heeft de uitstraling van een ‘herbalife’-verkoper. Risha is sjiek gekleed. Chang draagt de uitrusting van een sjamaan, een verfomfaaid generaalsuniform versierd met totems en dergelijke. Hij heeft net op een Grote Rode Knop gedrukt. Blijkbaar was dit totaal onverwachts, gezien de enorme consternatie onder de aanwezigen. Gwan rukt zich los en drukt nog eens op de knop, in de hoop dat het lawaai daardoor weer ophoudt, maar dat werkt natuurlijk niet. We hebben allemaal een horloge om onze pols met “48 uur” er op, maar het staat stil. Alle klokken staan stil. We zien de mannen en vrouwen op hun polshorloges drukken en ze zakken in elkaar. Risha kijkt of er iets uitgezet kan worden, maar hij begrijpt niets van het bedieningspaneel. Diverse beeldschermen geven een kaart van de wereld. Bijna de hele kaart is grijs, op een paar plekken na. Kleine speldeprikjes op afgelegen plaatsen, onbewoond door mensen, hebben nog kleur. Heel de rest is donkergrijs tot zwart. Het zwart zit niet op de plaatsen waar Risha die verwacht (Soul, Melek Qart, Euboia).
Claude onderzoekt de mensen. Ze zijn heel snel aan het sterven. De armbanden blijken een compartimentje met gifnaald te hebben. Claude en Gwan doen die van hun af, maar Risha laat de zijne om. We stappen over de lijken heen richting een deur. Een van de doden was blijkbaar de secretaresse, ze heeft notulen bij zich. We kunnen het lezen: “Genodigden: een select aantal Techno-Verhevenen en Verhevenen van inferieure rangen, plus op voorspraak van de priesteres een paar wezens die onvermoede kanten hebben en waarvan zij denkt dat ze een oplossing kunnen zijn voor het Iggroth-probleem.” Instinctief weten we dat wij die laatste ‘wezens’ zijn. We lezen dat er nogal wat protest was tegen onze aanwezigheid in termen als: “kwakzalvers”, “oplichters”, “uit achterstandsbuurten” en dergelijke. De reden voor deze bijeenkomst was; “een uit de hand gelopen ziekte, na pogingen tot contact onzerzijds waar iets op afgekomen is.” De aanwezigen worde verdeeld in ‘Superieure Verhevenen’ oftewel Technocratie, ‘Inferieure Verhevenen’ of Mages en ‘Hedge Wizards’ met onbegrepen, onvermoede krachten. Dat zijn wij, onze namen staan achter. Wat wij volgens deze aantekeningen kunnen, lijkt op rudimentaire Solar-krachten. Het wapen, de Rode Knop, waar Chang op drukte is “een experimentele extradimensionele technologie om de wereld in stasis te brengen, te zuiveren door Iggroth uit deze dimensie te gooien en iets nieuws te laten ontstaan”. Maar in dat proces is deze wereld wel vernietigd. We hebben de eerste achtenveertig uur na het indrukken van de Rode Knop om alles nog terug te draaien. Daarvoor moet contact worden opgenomen met “de andere haard van beschaving” aan de Oostelijke baai, voorbij waar in onze tijd Satem ligt. Daar moet dan op de Groene Knop worden gedrukt.
De weg naar buiten is makkelijk te vinden. We bevinden ons op de eerste etage. Er zijn roltrappen naar beneden. Het alarm was alleen in onze zaal, niet in de openbare delen van het gebouw. De klokken staan stil, maar de wereld gaat door. Het baliepersoneel beweegt nog en op straat zijn ook nog mensen. Buiten is veel groen en we horen straatgeluiden. Op het gebouw staat “WernerVolker Instituut”. We hebben onze eigen kennis, niet die van de personages uit dit verleden. We bedenken dat de informatie die we nodig hebben wel binnen zal zijn. We moeten experts gaan zoeken.

4 xp

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s