The RoSE – 55

Achter ons gebeurt iets. Marina kijkt om en ziet dat er een constructie met glazen ballen en lichten uit de grond komt. Als je er te lang naar kijkt krijg je hoofdpijn. We doen onaangedaan en gaan naar binnen. Het helpt dat de wachters afgeleid zijn. Ze springen in de houding. Er komen meer Blood Apes aangesneld, die springen ook in de houding. Misschien één van de Onaantastbaren?
We komen in een grote hal met vier uitgangen en een uitstulping in de vorm van een enorme bijenkorf. We merken dat onze aanwijzingen “rechts, links, …” meerdere interpretaties kunnen hebben. Nu iedereen aan komt rennen, blijken er ook meerdere verborgen gangen te zijn. Marina zoekt naar sporen van mierwezens en leidt ons de meest rechtse gang in. We komen in rustiger gebied. Nu leidt ze ons de meest linkse gang in, maar die komt weer in de centrale kamer uit. Vanuit deze hoek zien we det de bijenkorf met een gang aan de achterwand verbonden zit. Intussen komen de lichtgevende ballen aan. In de gang zijn ze kleiner, in de ruimte wordt het geheel weer groter. Erachter loopt een blote jongen met ravenzwart haar tot op zijn middel. Hij kijkt verward en wat angstig.
De korf gaat open. Op een hemelbed ligt de lelijkste en dikste vrouw die we ooit gezien hebben. Ze heeft sprieterig haar met vlechtjes. Een van de Blood Apes geeft de jongen een por, maar hij wil niet verder lopen.
Marina stoot His aan. Ze wil dat hij er naar toe gaat, maar dat lijkt de rest van ons op dit moment een slecht idee. We blijven in de houding staan.
De Blood Ape sleurt de jongen aan zijn haar het podium op. Hij trilt van angst. De Moeder spreidt haar armen en zegt: “Kom, mijn zoon, geef mama een kusje!” Hij wordt tegen haar aan geduwd. Ze knijpt hem bijna fijn in haar omarming. Eén van de puisten spat open en omhult hem in een lichtgevende groene gelei. Zijn kasteteken (een derde oogkas, met daarin een rookloze groene vlam) licht op. Hij is daarna misselijk en geeft over. Twee van de drie voedstermieren dragen hem weg door de gang die van achterin de bijenkorf verder de koepel in leidt. Intussen worden er gezangen aangeheven over de superioriteit van de yozi’s en hoe ze Creatie terug zullen veroveren op de usurpators. De ceremonie eindigt met een aantal onbegrijpelijke proclamaties. De deur begint dicht te gaan. Wij glippen naar binnen. Als we over de drempel stappen wordt ieders volledige naam uitgesproken. Bij Marina en Tawuz wordt niet “Regenboog” gezegd, maar “van het Vervloekte verbond”. Niemand slaat er acht op.

We zijn alleen met de Moeder en de laatste mier. His wil haar een verhaal vertellen. “Ga weg!” ze wuift hem weg. Hij gooit de koers om en mime’t dat hij een deur achter zich sluit en een trap afloopt. Ze begint te grinniken. Daarna mime’t hij een aanval, waarbij hij beurtelings aanvaller en aangevallene speelt. Het werkt, ze kraait van plezier. De mier ziet dat Moeder zich vermaakt en gaat weg. His verandert de teneur van zijn verhaal: “O! Ik zit opgesloten!” Ze betrekt: “Ik weet niet of ik dit een leuk verhaaltje vind …” His verandert het thema naar ontsnappen. Ze kijkt wat treurig. “Als je enkels te dun zijn …” His loopt naar een groot poppenhuis, plakt er een Wind Slave Disk op. Nu weegt het veel minder. His maakt er dramatische sprongetjes mee.
We kunnen pas over acht uur weg, als onze dienst er op zit. We besteden de tijd met het bedenken van een manier om haar naar buiten te dragen. Het hemelbed is draagbaar te maken, maar het is zo groot dat het de bochten niet om kan. We zouden alleen de matras kunnen meenemen, dan kan Marina de rest van het bed gebruiken om Moeders’ afwezigheid te camoufleren. His legt, nog steeds in mime, ook uit dat de vier mollusken vermomd zijn en haar zullen helpen en verdedigen. Tawuz zet de helm af en begroet haar met een handkus. Daarna neemt hij een paar heldhaftige poses met zijn daiklave aan.
De sfeer in het gebouw verandert. De pompeuze muziek wordt vervangen door iets rustigers. Waarschijnlijk is de Onaantastbare weg. Aangezien de nieuw geëxalteerde het symbool van She Who Lives In Her Name draagt, was het waarschijnlijk een van haar zielen.
Marina begint met Spider’s Trap Door het bed zó te camoufleren dat het lijkt alsof de Moeder er nog ligt. (Ze leent de Hearthstone van Eye, waarmee je enen overnieuw mag rollen.) Vier successen. Ze zet extra Essence in om het effect permanent te maken. Daarna camoufleert ze ons. We staan in een carré-formatie, elk tilt een hoek van het matras. Door de charm Rats In The Basement Style is de matras onzichtbaar, zolang we in deze formatie blijven lopen. Zeven successen.
Na vijf uur komt er een mier binnen. His begroet die enthousiast. “Is er iets mis met de verhalenverteller?” vraagt de mier. Met gebaren maken we duidelijk dat His haar verveelde en dat de Moeder is gaan slapen. “Als onze dienst er op zit, nemen we hem weer mee.”
Nog eens drie uur later gaan we weg door de ingang aan de achterkant. We lopen in carré met de onzichtbare Moeder tussen ons in. Op de plaats waar de zijgang zou moeten zitten, is alleen een muur. Pas als we de mier erbij halen, kunnen we opeens een opening door. Als we die gang uitlopen, komen we in een bekende kamer. We gaan verder terug. In de grote zaal is een festival bezig, met brandende hoepels en Hopping Puppeteers die een bouwwerk van kaastosti’s maken. Op het goede moment marcheren we naar buiten. We zien de aflossing aankomen, precies op tijd dankzij onze Personal Assistants. De Blood Apes kijken verbaasd: “Moet de verhalenverteller niet hier blijven?” “Ik was niet leuk, ze is gaan slapen.” Mollusk Eye maakt een gebaar dat we hem gaan kelen. De Blood Ape wenst His een pijnlijke dood toe.

In straffe formatie lopen we naar het begin van onze brug. De eigenaar van het pand laat ons ongestoord passeren. De Rode Maan heeft de schijngestalte van de nieuwe maan en dartelt rond de brug. We gaan zonder incidenten door diverse lagen van Malpheas, tot we midden op de brug een grote gestalte met een varkenskop en horens zien staan. Hij heeft een scherpzinnige blik, en de maan gaat op zijn hoofd zitten. Hij inspecteert ons. “Lunars! Leuke illusie. Hoe lang zou dat werken?”
“Hopelijk iets meer dan vijf dagen.”
“Geloof je het zelf? Maar ik kan helpen om te zorgen dat ze vijf dagen niet opletten.”
“Wie bent u eigenlijk?”
“Ik heb vele namen, maar een ervan is de Onstopbare Kracht.”
“Aaah! We kennen u, ja!”
Eye biedt een ‘medium boon’ aan, maar hij wil dezelfde deal als Kimberi. We onderhandelen, leggen uit dat we alleen bemiddeling en voorspraak kunnen bieden. Dat weet hij. Hij is van plan om de Pleasure Dome in te gaan. Hij mag er niet in, maar niemand kan hem stoppen. Contact maken kan bij het Onbeweeglijke Object, het dode lichaam van zijn broer. Gethamane heet het nu. We gaan akkoord. Hij springt van de brug en groeit. In de vorm van een enorm everzwijn landt hij op één van de lagen van Malpheas. Hij plet een paar stadswijken en zakt door naar het volgende niveau.
We lopen verder en bespreken hoe we verder te werk moeten gaan. Onze volgende stop is de karavanserai. We moeten de factor overtuigen om onze vrijgeleides te tekenen en ons alle ‘slaven’ mee te laten nemen, dat hadden we ze beloofd. Opeens komt er een wagen langszij, getrokken door twee vliegende varkens. “Eye of Autumn?” vraagt de figuur op de bok, “hiermee kun je de slaven vrijkopen.” Op de wagen liggen zes grote vaten met op elk vat drie kruisen.

In de karavanserai brengen we eerst de Moeder naar binnen, naar onze slaapzaal. We gebaren dat ze stil moet zijn. Natuurlijk! Ze vindt het allemaal bloedspannend.
We hebben vooraf de taakverdeling afgesproken. Eye en Marina gaan naar het tempeltje van Kimberi. Ze willen haar bedanken voor de hulp. Het tempeltje is half open, daaronder zie je de oerzee kolken, Kimberi. Marina neemt haar beastman- vorm aan en spuwt er wat gif in, met een paar punten Essence. Eye heeft nog een giftige kriss van de demon Sondak. Met een prevelement dat Kimbei mag overwinnen en wat essence gooit ze de dolk naar beneden. De oerzee krult omhoog om de dolk te accepteren. Het offer is aanvaard.

His confronteert de karavaanleider met de vaatjes: “We hebben de slaven verkocht, tegen een heel goede prijs.” Hassan proeft uit een van de vaten en knikt goedkeurend. “Maar we hebben wel uitreispapieren nodig, de koper wil ze buiten de muren van de stad en hij wil zijn naam niet op de papieren hebben.” De Factor gaat het in orde maken. De anderen hebben de ‘slaven’ en ‘bewakers’ ingelicht dat we terug naar Creatie gaan. Van de vijftig bewakers willen er toch wel dertig hier blijven: een carrière in het Gilde is beter dan hun oude leven. De overige twintig kunnen we verantwoorden als bewakers en verzorgers voor het slaventransport.
We vertrekken als karavaan. In een huifkar zit de Moeder, met nog een extra Rats In The Basement Style-charm er op zodat ze er voor niet al te opmerkzame toeschouwers als voorraad uitziet. De enige hindernis is dat één van de Blood Apes aan de poort weer een slaaf wil, en een angstige dikkere man uit de linie wil meenemen. We protesteren dat ze allemaal verkocht zijn, maar hij luistert niet. Eye dreigt, maar Tawuz zet snel de Irresistable Silver Spirit in en overtuigt hem alsnog. De demon neemt genoegen met een obool.

De yozi heeft zijn woord gehouden, we bereiken de Gate naar Nexus zonder tegengehouden te worden. We hebben de ex-slaven gevraagd wat ze willen. De helft wil in Nexus blijven. Die geven we een klein geldbedrag en de namen van een paar personen in de stad. Piet blijft ook hier. De andere helft wil wel mee naar Gethamane.
We realiseren ons we dat we het openen van Gates de laatste tijd aan de solars hebben overgelaten, maar gelukkig is deze poort nog steeds onbekend en daarom niet afgesloten. Aan de andere kant staat een barse hemelleeuw. Als lunars mogen we pas onbegeleid Yu Shan binnen als we zes punten Essence hebben. Onze Rank vier telt niet, en ook het noemen van de naam van Ghurkan maakt weinig indruk. “Wie kan voor jullie instaan?” Pas als Eye, ongeduldig geworden, “De Maiden of Secrets!” roept, mogen we door.
We hebben de Moeder op een draagbaar, en zorgen dat de mensen bij elkaar blijven. His overtuigt ons om niet bij Lytek langs te gaan, omdat er hier gevochten wordt. De mensen kijken hun ogen uit. Eéntje wrikt er een robijnen plavuis los en steekt die bij zich, maar dat heeft geen van ons door.
Eenmaal in Gethamane is het nog een hele toer om de Moeder langs de trapjes naar de priester-zalen te krijgen.

Wat gaan we doen? Hoe zorgen we dat de Green Sun Princes de Moeder niet terug ontvoeren? We besluiten Lytek, de god van exaltatie, alsnog op te roepen. Bij wijze van ritueel bedenken we een mysteriespel dat het sterven van een oude exalt en het exalteren van de volgende verbeeldt, culminerend in een finale waarin we onze anima’s aanzetten en Essence aan hem offeren. “Lytek, we hebben zestien infernale exaltaties!” Het werkt, we trekken zijn aandacht. Hij neemt de Moeder mee en belooft goed voor haar te zorgen.

xp: 7

Volgende keer: Unstoppable Force in contact brengen met Luna, daarna naar het Heptagram.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s