Tanais 2 – 8

Tanais serie 2 sessie 8 / 134 – 18 januari 2018

Een paar correcties : – het jaartal was 2442 i.p.v. 4224 ; – de aliens zijn niet op kleur uit, maar op zonium ; – de intelligente schorpioenen, mieren en andere creaturen zijn geen aliens. De Insectoide aliens zijn er niet meer.

We gaan even de Witte Stad uit en gelijk weer naar binnen. In de knopkamer gaan we meteen maar op de computer zoeken. We ontdekken dat er in een gebouw van Dickles aan de rand van de stad een ultrageheime doorgang zit naar ‘schoonmaakvertrekken’. Dat is interessant. Een kwartiertje later arriveren we bij een non-descripte deur met een non-descripte portier. [Mind] Magie is iets moois. In zijn brein lezen we dat er al iemand naar beneden is gegaan. We planten de suggestie dat wij daarbij horen. Hij laat ons door naar een smoezelig gangetje dat eindigt in een mijnlift. We gaan best diep, zo’n 300 meter onder de grond komen we uit in een in het gesteente uitgehouwen gang. Aan weerszijden zijn openingen met kamers vol reserveonderdelen van een of andere enorm ingewikkelde machine. De gang spiraalt langzaam naar beneden. Verderop horen we gebrom en gebubbel. Dat wordt steeds sterker, tot we een doorgang zien waardoor een zilveren gloed schijnt. We komen uit in een koepel zo groot als de hele stad! We komen aan de rand binnen. Er is hier een ommegang, langs de hele rand van de stad. Van hier gaat een trap omlaag. Op dit niveau zien we een meer van zonium, zo ver als de blik reikt, Het zilveren licht komt hier vandaan. Dit is een energietoestand die we nog niet eerder gezien hebben. Even verderop verbreedt de ommegang zich tot een aanlegplaats. daar is ook een uitgebreid instrumentenpaneel. Van ver weg, boven het zonium horen we spreken. Gwan kijkt met [Correspondence] en ziet een man die een beetje op Imhotep lijkt praten tegen een hologram dat een beetje op Chappie lijkt.
“Het is zo ver. Jammer!” Met die woorden duikt de man het zonium in. We gaan het trappetje af. De verdieping lager straalt pure kwaadaardigheid uit. Daar ligt de “Ka” opgeslagen. De twee lagen zijn gescheiden door een extreem sterk krachtveld. We zien dat Imhotep doordrenkt raakt van zonium. Tussen de apparatuur van het haventje zien we een terminal. Het computersysteem is gemakkelijk te hacken. Uit de informatie van computer leren we dat de zonium nodig was voor Expulsion, maar de Ka niet. De mensen hadden geen besef dat de Ka intelligent en kwaadaardig is. Zonder de Ka is Zonium te vluchtig. Dat is de enige reden dat het hier bewaard wordt.
Inmiddels is de zonium steeds heftiger aan het bubbelen en trillen. Risha duikt ook in het zonium. Omdat hij al gefuseerd is met het spul doet het de eerste tien minuten niets. De andere drie gaan naar de beneden etage. Het Ka blijkt helemaal geen zwarte drab te zijn, wat ze eigenlijk verwacht hadden want zo ziet het er op Tanais uit. Nee. Het is wit beendermeel. Dat hebben ze eerder gezien bij de Witte Bronnen op Aarde. Het witte spul is zich aan het organiseren. Ze zien dat er groene vormen in ontstaan en met [Mind] ontdekken ze hoe de hive-mind ontwaakt. Claude ontdekt dat het krachtveld tussen de twee lagen het aan het begeven is, dus met [Forces 5] repareert hij het tijdelijk.
Risha verliest het bewustzijn en komt bij als onstoffelijk wezen in een ongerept Tanais.
De anderen horen een ongelooflijk harde knal. Chang raakt zwaar in de kreukels, Claude en Gwan weerstaan de explosie beter. Zowel het zonium als het Ka-poeder zijn er nog, met de Witte Stad meegevoerd naar Tanais. Dit hier is als het ware het ankerpunt van de ‘speekseldraad’ die door de vijfde dimensie naar Aarde loopt en die we kennen als de Abyss.
Risha komt bij boven de zee, op dezelfde plek als waar we de Witte Stad hebben gevonden. Hij kan vrij door de wereld bewegen. Her en der ziet hij de insectenrassen die er voor de mensen waren. Maar ze zijn ongeorganiseerd. Ook Teleutos hangt aan de hemel. Even later komt hij terug in de Expulsion ruimte in de poel zonium en voelt zich fantastisch. In de ruimte daar onder beginnen de shuragi uit te breken. Ze hebben een sprankje zonium gekregen. Dat is door het krachtveld heen gekwantumtunneld. We gaan snel weer terug naar onze eigen tijd.

De volgende stop is Teleutis. We gaan naar de Aarde. Risha maakt voor iedereen een ruimtepak, daar doet hij drie dagen over. In de tussentijd halen de andere drie de colorcopter op uit Afrika. Dan gaan we aan boord en vertrekken naar de ruimte. Voordat we bij Teleutis aankomen voelen we het krachtveld eromheen enorm sterk toenemen. We laten al onze magische zintuigen er op los. Er is geen [Life]. Met [Time] [Matter] en [Color] zien we dat er op die gebieden heel wat aan de hand is. [Entropy] geeft aan dat het station feitelijk kapot is. [Mind] geeft aan dat er drie wezens zijn met bewustzijn op dierlijk niveau. Dit zijn alien parasieten. Ze leven niet, maar het zijn quasi-intelligente machinerieën, gebaseerd op schrootmetaal. Het station ligt tegen de rand van Igrot aan, een deel steekt er zelfs doorheen. Daar is een enorme [Time]-barriere. De werelden van materie en antimaterie ritsen hier in elkaar en komen samen bij het ruimtestation. Dat geeft rare effecten: er zijn zelfs plekken waar materie en antimaterie tegen elkaar aankomen zonder te exploderen. Maar het wordt nog vreemder. Met [Correspondence] zien we dat Teleutos een torus is met in het centrum een bol. Die bol bevat een singulariteit, de zwaartekracht van dat zwarte gat levert de gravitatie van het station. Tussen de bol en de torus is een lege ruimte waar twee structuren uitsteken. Er is een soort gedeukte en verbogen uitlaat die richting Aarde/Tanais steekt. Hij is net als de rest van het schip gemaakt van zonium en een mengsel van materie en antimaterie. En er is een machine die door de wand van Igrot heen steekt. Die machine is niet meer intact. Door die lege ruimte heen kun je heel helder de sterren buiten Igrot zien. Die zijn anders dan onze eigen sterrenhemel. We kunnen nagaan dat het schip gemaakt is vóór Expulsion maar de schade is zo’n vierhonderd jaar erna ontstaan.
Er zijn luchtsluizen te zien als we dichterbij komen. Met [Mind] geven we de schrootwezens het idee dat wij en onze copter niet eetbaar zijn. Het is verder niet moeilijk om binnen te komen. De ring heeft een doorsnede van honderd meter en heeft geen verdiepingen. Op de binnenvloer staat apparatuur die voor mensen geschikt is. De rest van de ruimte was voor de aliens, die blijkbaar kunnen vliegen. Ramen kijken uit naar weerszijden, we kunnen hier dus door de [Time] barriëre heen naar het universum buiten Igrot kijken. De sterrenhemel is helemaal gefixeerd. Het tijdverschil is enorm: 1000 jaar voor ons is een seconde buiten. Het schip is leeg geëvacueerd. Met enige moeite logge we in op de computers in het mensendeel. De alien apparatuur is een ander verhaal. We leren dat de aliens Uomi genoemd werden. Zij hebben de bouwplannen geleverd voor dit station. Het was bedoeld om zonium te winnen en naar de Uomi te transporteren. In ruil daarvoor zouden de werknemers van parallax worden geëvacueerd. Het ding is bedoeld om op de buitenlaag te blijven en het zonium door de buitenlaag heen weg te beamen. Zo’n 200 a 300 jaar na Expulsion is de machine kapot gegaan vanwege overload. De Uomi hebben antimaterie-DNA aangeleverd voor insecten die op Tanais een cultus moesten starten om zonium te oogsten en die op Teleutos af te geven. “Vlieg naar de hemel.” In werkelijkheid werden de insecten die op het station aankwamen zelf ook verbrand en geoogst. De ka werd afgevoerd door de buis richting Tanais/Aarde. Door het enorme tijdsverschil hoopte het zonium zich op in de machine die het door de huid van Igrot moest transporteren – de oogst van 250 jaar kon er niet in een kwart seconde doorheen – en daardoor is de machine ontploft. Er zit nog ka-residu in de afvoerpijp.
We vinden een alien communicatie apparaat. De mensen van Parallax noemden het GIN – Galactic Intra Netwerk. Het werkt ook met entanglement, maar GIN is veel geavanceerder dan de apparatuur van Mollenslijm en je kan er de hele melkweg mee bereiken. In de gebruiksaanwijzing lezen welokale tijden enorm kunnen verschillen door relativiteitseffecten. Als je met entanglement communiceert is één van beide tijden dominant en dan geldt die voor allebei de partijen.
Met [Time] kijkt Gwan naar een moment twee jaar voor Expulsion. De Uomi zijn drie meter lang. Ze hebben een chitinepantser en vleugels, iridiserend veelkleurig. Ze zijn bezig om het station in elkaar te zetten. Het materiaal voor de bouw komt van de Aarde, want aanvoeren vaaf een andere wereld is niet te doen. De Uomi wilden een bruggenhoofd hier.
We nemen de GIN mee aan boord van de copter. We vinden ook een materialisatemachine, die we inladen en de mattar-antimatter-merger. Maa alledrie de apparaten zijn beschadigd door de explosie. Uomi- en andere alien-technologie is vo ver geavanceerd voorbij wat wij begrijpen, dat je scores van 6 nodig hebt om ze te repareren.

Volgende keer willen we opnieuw contact opnemen met Mollenslijm, vragen wat zij weten van de Uomi, weer contact leggen met de menselijke onsterfelijken en dergelijke. Risha stelt voor dat als Mollenslijm weer om een pantheon vraagt, we eventueel een setje godlings voor ze kunnen vangen.

+ 5 XP = 37

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s