The RoSE 6

The ROSE sessie 6 – 8 december 2011

We komen binnenkort aan in de stad Arjuf, de één na grootste stad van het Blessed Isle. De heilige berg ligt direct ten Noorden hiervan en het Heptagram ligt in een rechte lijn van daar aan de Noordkust. Dus als we Wijsheid meenemenhebben we een goede reden om die kant op te reizen. Dan moeten we hem in Lordxb4s Crossing verder laten reizen, terwijl wij de berg op gaan.
We spreken de volgende rollen af: His wordt voerman, Marina en Tawuz begeleiden Wijsheid als familieleden, Nancy reist mee als onopvallende vrouw, de Kapelaan der Zee wordt een monnik die we onderweg opgepikt hebben, Eye of Autumn als yeddim om de kar te trekken, Mei Lan als de kat van Wijsheid, White Owl vliegt als vogel door de omgeving om te verkennen en Atis vermomt zich als ingehuurde dommekracht.

Bij de haven moeten we diverse bureaucratische procedures doorlopen. De havenmeester is geen exalt en Bram gedraagt zich als een echte arrogante dragonblooded. His krijgt de papieren en we krijgen de opdracht om het vat voor minstens een talent zilver te verkopen.
His gaat naar de havenmeester. Die laat hem lang wachten en beweert dan dat het stempel van de loods verkeerd is. His zegt dreigend dat kapitein Bam Regenboog van de Merlot et niet leuk zal vinden om te horen dat hij een verkeerd stempel over het hoofd heeft gezien. De ambtenaar snapt dat dit heel vervelend voor hem kan zijn. Misschien kan hij een bijdrage overwegen voor het fonds van de weduwen van havenpersoneel? His stelt voor om dat na de verkoop van de wijn te betalen. Een flesje wijn dan? His loopt naar het schip en wil een kistje wijn meenemen, maar dat mag niet: “Weet je wel hoe udur die wijn is? Had je hem niet gewoon kunnen omkopen?
Tawuz vraagt aan His: “Heb je eigenlijk wel geld?
Als hij terugkomt, is de rij wachtenden vrijwel weggewerkt. Bij hun gaat het veel sneller … Maar in ruil voor een mooie fles, krijgt His wel een aanbeveling voor de douane waarmee hij 10% korting krijgt op de invoerrechten. Daar moeten we de waarde opgeven. Een halve talent vonden we te duur, een kwart dan maar. Tegen de tijd dat we in Lord’s Crossing aankomen, zal de wijn tenslotte goed door elkaar geschud zijn. De invoerrechten hebben we omlaag gekregen tot 6 obolen. De eerste stuurman betaalt tevreden.
Mei Lan koopt een wagen en ’s avonds verandert Eye zich op een onopvallende plek in een yeddim.

Arjuf is een grote stad met wel een kwart miljoen inwoners. Het verkeer heeft veel hinder van rondracende jonge dragonblooded op simhatas (leeuwpaarden). Op weg de stad uit passeren we ‘the House of Bells’, de militaire academie. ’s Nachts zie je de anma banners van de studenten mooi. Eén stenen barak staat permanent in brand, daar zitten de vuur-aspect dragon blooded. Onze yeddim snuift en watert tegen de muur.
Twee jonge dragonblooded, de een in marine en de ander in landmacht uniform, racen tegen elkaar. Ze gooien een appelkar om. De mensen zijn er niet boos om, ze zijn niet anders gewend. “Studentenstad, hèx85
De stad is niet begrenst door muren. Hij stopt bij een brede, ongerept witte weg die parallel aan de kust loopt. Onze weg de stad uit, kruist deze heirbaan en gaat van een modderige stadsweg over in een goed onderhouden marmeren weg Noordwaarts. Op die weg zijn wel naden in het marmer te onderscheiden, op de kustweg niet. Op de hoeken staan schrijntjes van de goden van de wegen. Omdat we op het Blessed Isle zijn, houden we ons aan de conventie dat alleen Immaculate Monks met de goden mogen omgaan – dus dat doet de Kapelaan der Zee. Het eerste godje, van de weg uit de stad, kijkt hem met grote ogen aan. Als de bloemen van het offer in zijn handen onder invloed van de abyssal verdorren worden zijn ogen nog groter. Maar hi zegt niets. De Kapelaan legt bij de andere schrijnen maar een muntje neer. De goden van de heirbanen komen niet zelf kijken, die zijn te belangrijk.
Het landschap is groen, glooiend als een Engels parklandschap. Onze yeddim is onvermoeibaar. De eerste stad die we tegenkomen wordt omringd door uitgeputte mijnen waa water in is komen te staan. Hier komt het witte marmer vandaan, maar het is op en de bevolking is straatarm. In de enige herberg krijgt de Kapelaan, als Immaculate, een aparte kamer. De rest mag in de gemeenschapsruimte plaatsnemen. Wijsheid vertelt niet dat hij dragonblooded is, dus hij zit gewoon bij ons. We zijn wel met genoeg mensen dat ze een kip voor ons slachten.
Tawuz luistert gewoontegetrouw de andere mensen af. Wijn aftappen uit ons vat, wordt geopperd. Maar dat wordt niet zo’n goed idee gevonden zolang die wachter (Atis) er naast staat. En het beroven van reizigers schiet ook niet meer op sinds een strijdster van de familie Ledaal de bandietenleiders heeft gearresteerd. Hij ontdekt dat er hier vooral bandieten zitten. We besluiten wacht te houden.
Dat blijkt een goed idee; tijdens Marina’s wacht komen er door een geheime deur vier mannen met getrokken zwaarden binnen. Ze roept: “Wakker worden.
1. Tawuz pakt een knuppel en slaat één van de mannen bewusteloos. Mei Lan, als kat, maakt Wijsheid wakker. Marina wil er eentje slaan met de blote vuist, maar mist. Eén man slaat naar Tawuz, maar die stapt opzij. Marina wordt door de andere twee aangevallen. Eén daarvan raakt, maar verwondt haar niet.
2. Wijsheid gooit de kat (Mei Lan) naar één van Marina’s aanvallers (we hebben hier onderweg nog grapjes over gemaakt). De man raakt serieus gewond van de nageltjes en schreeuwt van de pijn. Tawuz slaat intussen zijn andere aanvaller bewusteloos. Marina schopt nummer vier in het ruis en raakt hem.
3. Tawuz raapt een zwaard op en zegt tegen de man met Mei Lan in zijn gezicht: “Laat je zwaard vallen, dan haal ik de kat van je af.” Dat doet hij. De laatste man rent snel weg door de geheime deur.
4. Intussen merkt Atis in de schuur dat daar ook vier gewapende mannen binnenkomen. Hij roept “Autumn!” waar ook His wakker van wordt. Eye (nog steeds als yeddim) gaat in de aanval. Ze steigert en raakt een man die zwaargewond op de grond achterblijft. Terwijl de anderen verbaasd staan te kijken – op een aanval van een yeddim hadden ze ècht niet gerekend – steekt Atis er eentje neer. His trekt zij wavecleaver en doodt een derde.
5. De vierde gaat er vandoor His rent er achteraan. Atis ook, en die is sneller en steekt hemin de rug. Het zwaard schampt af. Intussen is His er ook bij. En zijn klap is raak – en dodelijk.
Tawuz en His laten de gewonde boef – tot diens verbazing – gaan. Ze verwachten dat de lokale sheriff te woord staan meer tijd kost dan gewoon doorreizen – als die al niet met de boeven bevriend is! De man is allang blij en neemt zijn kornuiten mee door de geheime deur. Marina vraagt aan Wijsheid of hij haar kan verbinden. Dat wil hij wel, en hij blijkt er talent voor te hebben. Volgens hem zitten hier ook spirits, trouwens.
Atis verzamelt de zwaarden van de doden en legt ze op de kar. His drinkt het bloed van één van de doden en gaat de stad in. Hij loopt door totdat hij een café vindt dat nog open is, de Zwarte Jager. Ze herkennen hem en vroegen hoe het ging.
Prima!
Nou die in de herberg hadden minder geluk. Ze werden wakker.
Nu het gelukt is, kunnen we dan direct de wijn proeven?
Nah, niet nu.
Ze zijn aangeschoten en laten zich overtuigen.

Het is al bijna ochtend en we besluiten om vroeg te vertrekken. Als we aankloppen bij de Kapelaan der Zee, is hij een vogelkooitje aan het knutselen. We vertellen over de overval. Hij zegt: “Gebruik de heartstone.
We lopen met Mei Lan naar de stal, ze verandert in mensenvorm en raakt de vier lijken aan met de steen. Ze veranderen is as en de zielen drijven weg naar de Lethe en hun volgende incarnatie. Het kost essence, maar de aura is die van een heartstone dus dat zal voor eventuele observatoren geen wantrouwen wekken omdat er twee dragonblooded in dit gezelschap zijn. De herbergier zegt vriendelijk gedag. De stalknecht heeft schrammen in zijn gezicht, maar zegt niks.

We reizen nog drie dagen en bereiken Tuchara, een niet zo grote, maar welgedane stad. Veel villa’s, ijzer- en zilvermijnen in de omgeving. De hoofdstraat leidt naar de enige brug over de rivier. Langs de weg is de esplanade met winkels die schilderijen, beelden en dat soort dingen verkopen. Eén winkel verkoopt zelfs jade! Er staat een wachter voor de deur mèt een jaden borstkuras. Er is ook een smidse. Elk huis is uniek. Zelfs de bootjes op de rivier zijn uniek.

De kapelaan der zee gaat de stad in en komt tevreden terug met een fluwelen zakje met tandwieltjes. Tawuz vindt het zonde om de halve wereld af te reizen en dan zonder om je heen te kijken door te reizen. Dus hij gaat met Wijsheid, Marina en Wijsheid’s kat (Mei Lan) rondkijken. De smid met het mooie harnas in de etalage en de zaak met de jaden beeldjes zijn alleen toegankelijk voor dragonblooded. Wijsheid mag dus binnen met zijn entourage.
In de winkel staat een platina schedel bezaaid met diamanten. Dat blijkt een AI te zijn. Hij kost 14 talenten. “Dat heb ik niet,” zegt Wijsheid, “maar mag ik eens proberen?
Het kost twee punten essence om hem te activeren,” zegt de verkoopster.
Wat zal ik eens vragen?
Marina: “Hoe hij heet.
Tawuz: “Wie hem heeft gemaakt.
OK, hoe heet je?
AI 462.
Wie heeft je gemaakt?
Fu Tong.
Waarom?
Om warstriders te maken.
Het meisje kijkt met open mond. Tawuz stoot haar aan: “Hij is slim hè?
Het blijkt dat Wijsheid de eerste is die op het idee is gekomen om zinnige vragen te stellen aan deze winkeldochter. Na enig overleg met de eigenaar van de winkel, wordt Wijsheid’s naam opgeschreven en ze beloven om de schedel voor hem vast te houden (geen moeite, niemand wil hem hebben) voor later als hij een beroemde tovenaar is geworden. Aan de overkant is de Kapelaan een jaden spiraalveertje en een naald van adamant aan het kopen. We hebben hem nog nooit zo tevreden gezien. Mei Lan, als kat, probeert zijn aandacht te trekken voor de AI. Dat lukt.
De Kapelaan kijkt eens en legt er zijn hand op het beeld. Alle diamanten lichten op en de schedel zegt: “Meester, u bent terug.
De Kapelaan wordt nog bleker dan hij toch al is. Hij zegt: “Ik draag je over aan deze jongeman, die Wijsheid heet.” Daarna wendt hij zich tot de verkoopster en zegt: “Jongedame, je kunt de kosten van deze aanschaf declareren bij de Immaculate Order.
Er wordt weer overlegd met de eigenaar en we krijgen de schedel mee. Wijsheid steekt het zonder ceremonieel in zijn rugzak.

His heeft intussen een lokale schoonheid aan de haak geslagen. Ze is de dochter van een kalligraaf. Hij bekijkt het werk van haar vader. Als inwoner van An Teng is hij een kenner van kalligrafie. Hij zegt dat het mooi is wat er in haar winkel hangt, maar dat hij ziet dat haar vader het een stuk beter kan. Daarop neemt ze hem mee naar de salon. Daar hangt een hangrol waar de magie vanaf straalt. Ze zegt dat het een jaar werk is. Ze is onder de indruk en wil His voorstellen aan haar vader. In de kelder, met alleen licht uit het Noorden, zit een oudere man met een buikje. Hij stelt zich voor als Hissianus uit Arjuf. De man is opgetogen dat iemand interesse toont in zijn kunst. Hij laat een schilderij va de heilige berg Meru zien. Hij vertelt dat dit een schilderin is die hij op de 11e dag van de 11e maand heeft gemaakt. Precies om 11 uur 11 minuten 11 seconden op de 11e dag na volle maan zie je de tempel van Luna in een spiegel van maanzilver. En hij heeft hem getekend! Hij vertelt dat hij daarvoor de spiegel van Mori heeft mogen lenen uit het museum. Dat is een fontein van kwikzilver.
His zorgt die nacht dat zijn nieuwe vriendin een paar druppels bloed verliest. Als ze in slaap gevallen is, neemt hij haar vorm aan en gaat naar haar vader e vraagt naar het schilderij – na die dialoog kijkt ze er toch met andere ogen naar. Vader is allang blij met haar belangstelling. De volgende dag zijn het schilderij en His verdwenen.

In de smidse tegenover de winkel in jade staat de eigenaar achter de balie. Als hij hoort dat Wijsheid haar neefje is, mag Marina de zaak binnen en de magische voorwerpen bekijken. Ze heeft een paar Smashfists op het oog, maar die zijn helaas veel te duur.
Atis vermomt zich als dragonblooded. Hij gaat de wapenwinkel binnen en vraagt naar een wapen. Hij krijgt een wit-jaden reaper daiklave in zijn handen en kan zich erop afstemmen (weliswaar tegen dubbele attunement-cost) zonder door de mand te vallen. Het zwaard kost 2 talenten. Buiten de winkel roept hij de party bij elkaar. Hij wil dat zwaard hebben. Daarom gaat hij informeren bij een wijnhandelaar. Die is gexefnteresseerd in het grote vat. Al is 8000 liter wel veel. Hij test de wijn door er een karbonkel in onder te dompelen en een druppel op de tong van een beeldje te leggen. 8000 liter heeft hij niet meteen nodig, maar het beeldje geeft aan dat het 10 jaar duurt voordat deze wijn op zijn hoogtepunt is. Hij durft het aan en is na lang onderhandelen bereid om er 3 xbe talent voor te betalen.
Van dit geld kunnen het paar smashfists en de daiklave worden aangeschaft. En dan is er nog een heel talent over dat voor Bram wordt bewaard.

De rest van de rit duurt vrij lang. Er zijn kleine dorpjes, maar geen steden van belang. Na twee weken komen we in het zicht van Lord’s Crossing. De Kapelaan is een vogelkooitje aan het bouwen met een mechanische nachtegaal. Het maakt heel mooie muziek als je het opwindt. Tawuz vraagt hem of hij niet wil praten met de AI.
Nee.
Waarom niet?” vraagt Eye of Autumn.
Nou, ik ben loyaal aan mijn Deathlord, de Bisschop. De enige Deathlord die wil samenwerken met de solars, lunars et cetera. Maar ik weet dat de oude solars geen lievelingetjes waren – en ik wil die kennis eigenlijk ook niet. Ik weet hoezeer de jozi’s zijn verraden door de goden. Ik leef liever zonder de kennis van wat mijn eigen rol in dat verraad was. Het zwaarst gestraft is de “Dragon Beyond”, de eerste Primordial, die totaal onschuldig was want hij is altijd buiten de Schepping gebleven. En daarna Malpheas Zelf, de alomtegenwoordige, alwetende, en almachtige heerser van het al. Ze hebben Hem binnenstebuiten gekeerd en gek gemaakt. Alleen Isidorus, de onstopbare kracht is onveranderd. En de meest tragische is de wind. Adrian is zijn stem kwijt. Hij kan alleen waaien waar stilte heerst en de goden hebben bepaald dat waar de stille wind waait, de dood is. Dus overal in de hel maken demonen muziek. Omdat hij zijn stem kwijt is moeten zij de stilte verdrijven. Of wat te denken van het principe van Hiërarchie. Ze had zich overgegeven. Haar aard is zodanig dat zij volmaakt loyaal is aan wie zij boven zich heeft. Toch heeft Sol Invictus haar veroordeeld. Zij werd boos en heeft in haar woede over dit verraad drie van haar orbs gebroken. Hierdoor hield 90% van de Schepping (met terugwerkende kracht!) op met bestaan. Alleen binnen de Wyld en de herinneringen van de overlevende Primordials zijn de verloren concepten bewaard. Om een voorbeeld te geven: wij kennen 5 elementen, maar Malpheas heeft er nog eentje in zijn gevangenis heeft weten te bewaren en men zegt dat de Maker er nog acht heeft wete te redden binnen Zijn essentie. Maar hoeveel elementen er ooit waren, de overleveringen zeggen 144, in plaats van vijf. Dusx85

6 Xp

Advertenties
Dit bericht is geplaatst in Exalted.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s