Ieder jaar krijgen we van de dierenarts voor de katten een oproep voor de grote beurt: prikje, ontwormen, effe in de bek kijken. Bij mekaar is dat meestal drie minuten werk. Behalve vorige week bij kat Shiva. Het beest is als de dood voor de dokter en hij verstijft van angst als’ie de kattenmand ziet. Dat maakt het vangen wel wat gemakkelijker. Dus ik met een klaaglijk miauwende mand achterop de fiets door de regen. Ik ben expres iets te vroeg gegaan en ik was dus als eerste aan de beurt.
"Wat mag het zijn? " "Kattenziekte en niesziekte, graag." Alsof je een halfje gesneden donkerbruin bestelt bij de bakker. En dan de poes uit de doos proberen te krijgen. Het beestje zit te bibberen en te trillen op de tafel en de dokter probeert een praatje te maken.
"Hij is al oud he?"
"Ja, Shiva is een schrikkelkat, 29 februari."
"Nou, in dat geval valt het wel mee, dan is’ie pas twee. Ik ga nog even in zijn bekje kijken." … stilte … "Eet hij wel goed?"
"Ja, hoezo?"
"Nou hij heeft nogal wat ontstoken kiezen, kijk maar."
Het arme beest mocht gelijk blijven en ik mocht de volgende dag om tien uur bellen hoe het met hem ging. Van de weeromstuit vergat ik zijn inentingsboekje af te geven, dus halverwege de terugtocht kwam ik daar achter en ben nog even teruggekeerd. Klokke tien belden we de volgende ochtend hoe het met hem ging. Hij had nog wat moeite met bijkomen uit de narcose, dus ze wilden hem nog even houden. Toen ik om vijf uur belde, had hij net wat gegeten en ik mocht hem komen ophalen. Dus kwam ik de poes halen en de antibiotica kuur. Ze waren overigens wel zijn inentingsboekje kwijtgeraakt, maar dat zou worden opgestuurd als ze het vonden.
En nu hebben we een slechtgehumeurde oude baas die twee maal per dag gepild moet worden. De eerste paar keer ging dat gepaard met bloedende wonden, maar mijn benedenbuurman heeft een stevige leren werkhandschoen en inmiddels genoeg ervaring met de pillenschieter om dit karwij zonder blijvend letsel te klaren.